Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
1
Jaarverslag
Partner
Jaarverslag
Van gastransportbedrijf naar
energie-infrastructuuronderneming
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
2
Inhoudsopgave
Managementsamenvatting 7
Van gastransportbedrijf naar energie-infrastructuuronderneming 7
Financiële resultaten 11
D I R E C T I E V E R S L A G
01 Over Gasunie 17
Onze rol in de energieketen 17
Hoe we georganiseerd zijn 18
Visie 2030 20
Onze strategie 28
Hoe wij waarde creëren 30
Wat we om ons heen zien 31
Wat vinden onze stakeholders belangrijk? 32
02 Optimaliseren infrastructuur 34
We faciliteren onze klanten maximaal met onze gasinfrastructuur 34
We minimaliseren onze kosten met behoud van onze licence to operate 38
03 Europees verbindend 53
We versterken onze positie in ons kerngebied via partnerschappen en nieuwe initiatieven 54
We adviseren hoe leveringszekerheid en een liquide gasmarkt te behouden en faciliteren om
de Groningengasproductie zo snel als mogelijk te verlagen
56
04 Versnellen van de energietransitie 60
We nemen een leidende positie in op het gebied van waterstof en groen gas 60
We spelen een actieve rol bij de ontwikkeling van infrastructuur voor warmtetransport en
transport en opslag van CO
68
05 Organisatiefundament 74
We creëren een medewerkersbestand met de juiste omvang en vaardigheden 74
We creëren een werkomgeving en arbeidsvoorwaarden gericht op het verhogen van focus,
prestaties, zingeving en werkplezier
76
We verbeteren onze besturing, processen en samenwerking continu 79
06 Onze dilemma's 88
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
3
07 Governance 89
Governance 89
Verslag van de Raad van Commissarissen 99
Remuneratiebeleid Raad van Bestuur 106
Samenstelling Raad van Commissarissen 110
Samenstelling Raad van Bestuur 112
Bestuursverklaring 115
08 Interviews 116
Aardgas en waterstof in de energietransitie in Duitsland 116
Duurzame financiering voor onze energietransitieprojecten 119
NortH2 versnelt de energietransitie en versterkt het noorden 121
Samen naar een gntegreerd klimaatneutraal energiesysteem 123
Talent krijgt energie van de energietransitie 125
J A A R R EKEN I N G
09 Geconsolideerde financiële overzichten 128
Geconsolideerde balans per 31 december 2020 128
Geconsolideerde winst-en-verliesrekening over 2020 130
Geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat over 2020 131
Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen over 2020 132
Geconsolideerd kasstroomoverzicht over 2020 133
10 Toelichting op de geconsolideerde financiële overzichten 135
Toelichting op de geconsolideerde financiële overzichten 135
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
4
11 Nadere toelichting op de geconsolideerde jaarrekening 151
1. Significante aangelegenheden en gebeurtenissen in 2020 151
2. Bedrijfscombinaties en nieuwe entiteiten 152
3. Financiële informatie per segment 152
4. Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen 156
5. Materiële vaste activa 159
6. Investeringen in joint operations 163
7. Investeringen in joint ventures 164
8. Investeringen in geassocieerde deelnemingen 167
9. Overige deelnemingen 168
10. Uitgestelde belastingvorderingen 169
11. Voorraden 171
12. Handels- en overige vorderingen 172
13. Vennootschapsbelasting 173
14. Liquide middelen 173
15. Eigen vermogen 173
16. Rentedragende leningen 174
17. Leaseverplichtingen 177
18. Contractverplichtingen 178
19. Uitgestelde belastingverplichtingen 178
20. Personeelsbeloningen 180
21. Overige voorzieningen 183
22. Kortlopende financieringsverplichtingen 183
23. Handels- en overige schulden 184
24. Financiële instrumenten 184
25. Niet in de balans opgenomen verplichtingen 190
26. Netto-omzet 191
27. Personeelskosten 193
28. Overige kosten 196
29. Financiële baten 196
30. Financiële lasten 197
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
5
31. Belastingen 197
32. Aantal werknemers 198
33. Verbonden partijen 198
34. Honoraria externe accountant 199
35. Gebeurtenissen na de balansdatum 199
12 Vennootschappelijke financiële overzichten 200
Vennootschappelijke balans per 31 december 2020 200
Vennootschappelijke winst-en-verliesrekening over 2020 202
13 Toelichting op de vennootschappelijke financle overzichten 203
Toelichting op de vennootschappelijke financiële overzichten 203
14 Nadere toelichting op de vennootschappelijke jaarrekening 205
36. Materiële vaste activa 205
37. Financiële vaste activa 206
38. Vorderingen op groepsmaatschappijen 208
39. Geplaatst kapitaal 209
40. Herwaarderingsreserve 209
41. Wettelijke reserve 210
42. Overige reserves 211
43. Onverdeeld resultaat 211
44. Voorzieningen 212
45. Handels- en overige schulden 212
46. Schulden aan groepsmaatschappijen 213
47. Netto-omzet 213
48. Personeelskosten 213
49. Overige kosten 214
50. Financiële baten en lasten 214
51. Belastingen 215
52. Overige posten 215
53. Overzicht groepsmaatschappijen en deelnemingen 215
15 Ondertekening 218
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
6
16 Overige gegevens 219
Statutaire regeling omtrent de winstbestemming 220
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant 221
Assurancerapport van de onafhankelijke accountant 235
B I J L A G E N
17 Bijlagen 239
Verslag van de OR 240
Overige informatie medewerkers 242
Overige informatie stakeholders 242
Overige data veiligheid en milieu 244
Product- en leveranciersinformatie + MVI 251
Verslaggevingsprincipes 254
Managementagenda 2020 260
Connectiviteitstabel 262
GRI index 264
Begrippenlijst 268
Disclaimer 275
Contact 275
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
7
Managementsamenvatting
Van gastransportbedrijf naar energie-infrastructuuronderneming
Terwijl de COVID-19 pandemie het leven van ons allemaal beheerste,stond 2020 bijGasunieook in het
teken van 2030. In het begin van het jaar lanceerden wij Visie 2030;een vertaling vanonze bestaande
strategie voor de komende tien jaar. In deze periode transformeren wij van gastransportbedrijf naar
energie-infrastructuuronderneming.
De Europese Unie wil door middel van een energietransitie in 2050 klimaatneutraal zijn. Bij Gasunie
denken we dat dit kan lukken. Als infrastructuurbeheerder en daarmee verbinder tussen vraag en
aanbod van energie verkeren we in een unieke positie om de energietransitie te versnellen. We voelen
die verantwoordelijkheid ook.
Moleculen
De energie die we met zijn allen gebruiken,
wordt ofwel in de vorm van elektronen
(elektriciteit) of in de vorm van moleculen
(brandstoffen of warm water) getransporteerd en
ter beschikking gesteld. In een klimaatneutrale
samenleving zal energie voor 30% tot 50% uit
moleculen bestaan. En wij beheren een van de
meest fijnmazige transportnetwerken voor
moleculen in Noordwest-Europa. Over dertig jaar
vervoeren we geen aardgas meer, maar
waterstof, groen gas, warmte en CO. Zonder
concessies te doen aan betrouwbaarheid en
veiligheid.
Investeringsplannen
We zijn ambitieus in onze plannen. De komende tien jaar willen we, alleen en met partners, miljarden
investeren in de energietransitie. Niet alle plannen zijn al in steen gebeiteld. Maar in alle denkbare
transitiescenario’s zijn wij als publieke open access dienstverlener onderdeel van de oplossing. En die
oplossing is geïntegreerde energie-infrastructuur waarbij elektronen en moleculen elkaar versterken.
Groningen’ op stand-by
In de tussentijd doen we waar we al vanaf de jaren ’60 goed in zijn: zorgen voor toegankelijk en
kostenefficiënt transporten opslagvan aardgas. Ook hier hebben we de komende jaren een uitdagende
taak. Het Groningenveld, lang de centrale bron van ons gasnetwerk, gaat in 2022 opstand-bymet
uitzicht op definitieve sluiting inde periode2025-2028. Ook gaan er mogelijk een of meerdere
gasopslagen in Nederland dicht.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
8
COVID-19
Net als de gehele samenleving werd ook Gasunie op de proef gesteld door COVID-19. Het virus trof een
aantal collega’s en hun naasten hard. Onze collega’s in het veld hebben doorgewerkt, zo veilig als
mogelijk was. De omslag naar thuiswerk werd door onze mensen op kantoor relatief snel en soepel
gemaakt. Onze klanten konden rekenen op een ononderbroken levering. We zijn enorm trots op alle
collega’s die dit samen mogelijk hebben gemaakt.
Door de economische stagnatie en de warme winter daalde de Noordwest-Europese vraag naar aardgas
licht. In combinatie met een wereldwijd overaanbod van LNG waren de gasprijzen laag en zaten de
gasopslagen vol. Gasunie transporteerde in 2020 1.085TWh, een daling van 1,9% ten opzichte van 2019.
Onze gastransportnetten in Nederland en Duitsland zijn omzetgereguleerd. Dit betekent dat de omzet
voor het lopende jaar wordt bepaald door de geboekte capaciteiten in dat jaar tegen de daarvoor in de
regulering vastgelegde tarieven. Als de geboekte capaciteiten in een jaar hoger of lager zijn dan in de
regulering aangenomen, verrekenen we het resultaat van dit verschil in latere jaren. Omdat het
getransporteerde volume geen 1-op-1 relatie heeft met de geboekte capaciteit, heeft een lager
getransporteerd volume geen evenredig effect op onze omzet.
De rol van aardgas verandert
De afgelopen jaren is de wereld waarin Gasunie opereert fundamenteel veranderd. In Nederland is het
beeld over aardgas sterk gewijzigd, onder meer vanwege het maatschappelijke debat over de
energietransitie. De binnenlandse vraag naar aardgas ligt in 2030 een kwart lager dan nu, zo denken
we. We verwachten dat de rol van aardgas deels ingevuld gaat worden door groen gas en waterstof. Een
goede prestatie en daarmee goede reputatie in het veilig, betrouwbaar en duurzaam transporteren van
aardgas is nodig in het verkrijgen van een rol in het bouwen en beheren van nieuwe energie-
infrastructuur.
In Duitsland is de positie van aardgas duidelijk beter dan in Nederland.Hier is aardgas nog steeds
uitstekend gepositioneerd. De ‘Kohleausstieg’ en de ‘Atomausstieg’ zorgen de komende tien jaar voor
een lichte stijging van de vraag naar aardgas, zo verwachten wij. Er is momenteel brede politieke steun
in Duitsland voor investeringen in LNG-infrastructuur. Dat komt door de groeiende aardgasvraag en de
noodzaak tot diversificatie van leveringsstromen, onder meer vanwege de sluiting van het
Groningenveld.
Dienende rol in de transitie
Gasunie ziet in deze wijzigende omgeving veel kansen en ziet voor zichzelf een belangrijke dienende rol
weggelegd in de energietransitie. Gasunie heeft decennialang kennis en ervaring opgebouwd rondom
het transport en de opslag van aardgas. Deze kennis zetten we, in nauwe samenwerking met andere
partijen, in voor vervoer en opslag van andere moleculen. Dat zijn waterstof, groen gas, warm water en
CO. We kunnen er ook een deel van onze bestaande infrastructuur voor gebruiken, zeker nu de
gasvraag langzaam gaat teruglopenen de noodzaak van een dubbel gasnet (voor Groningengas en voor
hoogcalorisch gas) in de huidige omvang afneemt.
Zo willen we stapsgewijs een nationale hoofdtransport- en opslaginfrastructuur voor waterstof bouwen,
met vertakkingen naar toekomstige waterstofnetten in onze buurlanden. Deze waterstofbackbone
bouwen we kostenefficiënt: een belangrijk deel van de backbone zal bestaan uit aangepaste
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
9
aardgasleidingen. In Zeeland laten we zien dat dit al kan, veilig en betrouwbaar. Het invoeden van groen
gas in ons gasnet gaan we de komende jaren opvoeren. In Rotterdam en Amsterdam als
transportleidingbeheerder deel aan consortia die industrieel afgevangen CO willen gaan injecteren in
lege gasvelden in de Noordzee. In Zuid-Holland willen we WarmtelinQ bouwen, een groot regionaal
warmtenet dat restwarmte uit de Rijnmond naar Den Haag en Leiden brengt.
Innoveren en initiatief nemen zitten verankerd in onze bedrijfscultuur. Zo zijn we het afgelopen jaar
begonnen met de oprichting van een virtuele waterstofbeurs. Onze gashandelsplaats TTF is de grootste
virtuele beurs voor aardgas in Europa. Een waterstofbeurs kan dezelfde aanjagende werking hebben voor
de marktwerking van waterstof. Onze dochter Vertogas geeft Garanties van Oorsprong af voor groen
gas. Dat gaat Vertogas straks ook doen voor groene en blauwe waterstof. Intern hebben we in 2020 het
fundament gelegd voor ons hernieuwde MVO-beleid, waarmee we onze activiteiten willen
verduurzamen voor een zo positief mogelijke impact op de samenleving.
Voor de markt uit investeren
We hebben in 2020 al veel voor elkaar gekregen. Met de kennis en projecten die we nu hebben, kunnen
we de transitiekansen voor Nederland en Noordwest-Europa gaan benutten. De snelste en meest
effectieve en meest kostenefficiënte energietransitie is er een waarin we systemen voor elektriciteit en
gassen slim op elkaar laten aansluiten. Onze aanpassings- en uitbreidingsplannen zijn wat dat betreft
financieel aantrekkelijk.
Gasunie is financieel gezond en draagkrachtig, maar de investeringscriteria die wij hanteren maken
subsidies en andere vormen van overheidssteun noodzakelijk. Als netwerkbeheerder moeten we voor de
markt uit investeren, terwijl de omvang en timing van de toekomstige kasstromen uit deze nieuwe
projecten nog lang niet altijd duidelijk is.
Gasunie kan deze risicos niet alleen dragen. Een deel hiervan moet door de overheid worden gedragen in
de vorm van subsidies. Een ander deel zal van consortiumpartners komen, en een ander deel van ons
zelf. Hiervoor is vertrouwen in elkaar nodig. Dit vertrouwen hebben we het afgelopen verslagjaar
onmiskenbaar zien toenemen. Waterstof staat aan de top van de politieke agenda. Belangrijke
commerciële partners treden toe tot het NortH2-waterstofproject. De SDE++ subsidie is opengesteld voor
CO-opslagprojecten. Europese steunfondsen komen beschikbaar.
Vertrouwen
Uit het Nederlandse Klimaatakkoord blijkt dat zowel de politiek als de markt het belang van moleculen
voor de toekomstige Nederlandse energievoorziening inziet, net als het belang van integratie van de
energiesystemen voor elektronen en moleculen. Desondanks moeten er nog flinke inspanningen
worden geleverd om voldoende brede steun te krijgen, zowel op nationaal als op Europees niveau. Onze
plannen zijn niet in beton gegoten, maar ademen mee met de bereidwilligheid en overtuigingen van
onze stakeholders. We hebben er vertrouwen in dat overheid, markt en maatschappij ons in staat zullen
stellen om een aanzienlijk deel van onze investeringsvoornemens uit te voeren. Hoe meer wij hierin
slagen, des te groter worden de kansen om Nederlandse en Europese klimaatdoelen op tijd en
kostenefficiënt te halen. En hoe groter de economische vruchten worden die onze Europese regio van de
energietransitie kan plukken. Op naar 2030!
Han Fennema, Janneke Hermes, Bart Jan Hoevers en Ulco Vermeulen
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
10
Han Fennema Janneke Hermes
Bart Jan Hoevers Ulco Vermeulen
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
11
Financiële resultaten
In € miljoenen 2020 2019
Gerapporteerd
Opbrengsten 1.372 1.278
Totale lasten 513 775
Bedrijfsresultaat
859 504
Financiële baten en lasten 68 81
Resultaat deelnemingen 62 94
Resultaat voor belastingen
853 517
Belastingen 253 105
Resultaat na belastingen
600 412
Opbrengsten
Gasunie heeft haar omzet in 2020 met €94 miljoen zien stijgen. Deze stijging is voor een groot deel het
gevolg van de ingebruikname van de eerste leiding van het EUGAL-pijpleidingproject en van
veranderende gasstromen in Duitsland, wat leidt tot een grotere vraag naar transportcapaciteit bij
Gasunie Deutschland (GUD). De omzet uit gereguleerde activiteiten in Duitsland is ruim60 miljoen
hoger dan in 2019.
De omzet van Gasunie Transport Services (GTS) is ruim €20 miljoen hoger dan in 2019, ondanks dat er
minder transportcapaciteit is geboekt. Dat heeft te maken met gestegen tarieven ten opzichte van 2019,
met name als gevolg van een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven.
De omzet uit niet-gereguleerde of (deels) van regulering vrijgestelde activiteiten bedraagt €149miljoen
en is iets gestegen ten opzichte van vorig jaar.
De methode van regulering in zowel Nederland als Duitsland bevat diverse reguliere nacalculaties.
Wanneer de werkelijke omzet afwijkt van de toegestane omzet, wordt het verschil verrekend in de
tarieven van volgende jaren. Ook voor een deel van de energiekosten voor het gastransport geldt een
mechanisme van nacalculatie. Voor de effecten hiervan verwijzen we naar de paragraaf “Gereguleerde
omzet en tarieven".
Bedrijfsresultaat
Het bedrijfsresultaat is 355 miljoen hoger dan vorig jaar. De belangrijkste reden voor de stijging is een
terugname van een in het verleden verantwoorde bijzondere waardevermindering van 300 miljoen.
Deze terugname is met name het gevolg van een lagere IFRS-disconteringsvoet. Exclusief deze
terugname is de stijging €55 miljoen. Om een goede vergelijking te kunnen maken tussen onze
prestaties in 2020 en 2019, zijn hieronder genormaliseerde resultaten weergegeven. De genormaliseerde
resultaten zijn gecorrigeerd voor het eenmalige effect van het hiervoor genoemde waarderingseffect.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
12
In € miljoenen 2020 2019
Genormaliseerd
Opbrengsten 1.372 1.278
Totale lasten 813 775
Bedrijfsresultaat
559 504
Financiële baten en lasten 68 81
Resultaat deelnemingen 62 94
Resultaat voor belastingen
553 517
Belastingen 178 105
Resultaat na belastingen
375 412
De operationele kosten zijn €21 miljoen hoger dan vorig jaar. Dit is met name het gevolg van
personeelsgerelateerde kosten en toegenomen activiteiten in het kader van de energietransitie.
De energiekosten voor gastransport zijn €26 miljoen hoger dan vorig jaar. Het energieverbruik van met
name de stikstofinstallaties is toegenomen als gevolg van een hogere inzet. Daarnaast hebben we de
conversie-installatie in Wieringermeer uitgebreid en is een nieuw stikstofcontract met een externe
leverancier in werking getreden. Ook is er sprake van een stijging van de energieprijzen.
Onze afschrijvingskosten zijn8 miljoen gedaald ten opzichte van 2019. Enerzijds resulteren de effecten
van het (tijdelijk) buiten gebruik stellen van installaties in 2019 in lagere afschrijvingskosten in 2020.
Anderzijds leidt de ingebruikname van nieuwe activa, zoals de EUGAL-leiding in Duitsland, tot een
toename van de afschrijvingskosten.
Resultaat na belastingen
Ondanks een hoger bedrijfsresultaat, is het genormaliseerde resultaat na belastingen €37 miljoen
gedaald ten opzichte van 2019. Het saldo van de financiële baten en lasten is 13 miljoen gedaald als
gevolg van de herfinanciering van twee obligatieleningen eind 2019 tegen een lagere rente. Het resultaat
van deelnemingen is 32 miljoen lager. Dit is het gevolg van een eenmalig effect in 2019. In 2019 was de
dividenduitkering van Nord Stream eenmalig hoger vanwege een verschuiving van 2018 naar 2019.
De genormaliseerde belastinglast is €73 miljoen hoger dan in 2019. Een belangrijke oorzaak hiervan is
dat zowel in 2019 als in 2020 de belastinglast aanzienlijk is beïnvloed door de effecten van de
aanpassingen van de tarieven voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Een ander effect is het
hoger genormaliseerd belastbaar resultaat in 2020.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
13
In € miljoenen 2020 2019
Balans
Vaste activa 10.143 9.817
Eigen vermogen 6.341 5.935
Balanstotaal 10.386 10.126
Gnvesteerd kapitaal 9.876 9.494
Kasstroomoverzicht
Kasstroom uit operationele activiteiten 816 658
Kasstroom uit investeringsactiviteiten 354 418
Kasstroom uit financieringsactiviteiten 489 222
Netto kasstroom 27 18
Ratio’s
ROIC genormaliseerd 5,2% 5,1%
ROE genormaliseerd 6,1% 6,9%
FFO / interest ratio 11,0 8,5
Netto schuld inclusief garantiestellingen/materiële vaste activa 39% 42%
Investeringen
De totale investeringswaarde in het pijpleidingproject EUGAL bedraagt voor GUD circa €475 miljoen,
waarvan circa €360 miljoen was uitgegeven ultimo 2020. De verwachte investeringen voor de
stikstoffabriek in Zuidbroek bedragen circa €500 miljoen, waarvan circa €325 miljoen was uitgegeven
ultimo 2020.
De investeringen op het gebied van duurzame energie bedroegen in 2020 circa20 miljoen en betroffen
onder meer WarmtelinQ (warmtenet in Zuid-Holland), Porthos (CCS) en een aantal groen gas-
initiatieven.
Financiële vooruitzichten
Naar verwachting daalt het bedrijfsresultaat de komende jaren tot het genormaliseerd bedrijfsresultaat
2020, met name vanwege dalende gereguleerde omzet. Daarnaast nemen de energiekosten voor
gastransport naar verwachting toe vanwege een stijgende trend in energieprijzen en een toename in
energieverbruik door de installaties als gevolg van de inzet.
Voor de komende twee jaar verwachten we een investeringsniveau van circa €300 miljoen per jaar.
Hierbij houden we nog geen rekening met investeringsbesluiten over grote energietransitieprojecten.
In 2020bedroeg het investeringsniveau circa €400 miljoen.
Regulatoire verrekeningen
De reguleringsmethodiek kan verrekening in volgende jaren veroorzaken. Onder de huidige IFRS-
boekhoudregels is het niet toegestaan om regulatoire verrekeningen als vordering of schuld in de balans
te verantwoorden. Als gevolg hiervan verantwoorden we regulatoire verrekeningen onder IFRS niet in
het jaar waarin ze zijn ontstaan, maar in het jaar waarin de verrekeningen in de tarieven plaatsvinden.
Dit leidt tot timingsverschillen tussen IFRS en het regulatoire verdienmodel die periodieke
waardeveranderingen tot gevolg kunnen hebben.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
14
In de Duitse regulering is bepaald dat netbeheerders tijdens de bouwfase van een
uitbreidingsinvestering al een investeringsvergoeding krijgen. Na ingebruikname van de investering
moet deze investeringsvergoeding terugbetaald worden over een periode van twintig jaar. Deze
terugbetaling vindt plaats door middel van verrekening in de tarieven. Nominaal is deze regeling
neutraal, echter door het naar voren halen van de investeringsvergoedingen ontstaat een positief effect
op de netto contante waarde. GUD heeft in de afgelopen tien jaar grote uitbreidingsinvesteringen
gedaan en heeft hiermee forse investeringsvergoedingen ontvangen. Het zwaartepunt van de
terugbetaalverplichting ligt in de periode vanaf 2023 met een aanzienlijke opbrengstendaling tot gevolg.
In onderstaande overzichten is de omzet gecorrigeerd voor regulatoire verrekeningen, als gevolg van
afwijkingen tussen de toegestane en werkelijke omzet en energiekosten (ENF), weergegeven. De omzet
van GUD is gecorrigeerd voor ontvangen investeringsvergoedingen. Bijzondere verrekeningen, zoals
verrekeningen als gevolg van beroepsprocedures, laten we in onderstaande overzichten buiten
beschouwing.
Gasunie Transport Services 2020 2019
In € miljoenen
Opbrengsten op basis van IFRS grondslagen 946 921
Dit jaar betaalde regulatoire verrekeningen ter compensatie van
voorgaande jaren
5 5
Toekomstig te ontvangen verrekening voor behaalde omzet/ENF
(versus toegestane omzet-ENF) voor dit jaar
36 10
Investeringsvergoedingen - -
Opbrengsten gecorrigeerd voor regulatoire verrekeningen
986 936
Gasunie Deutschland 2020 2019
In € miljoenen
Opbrengsten op basis van IFRS grondslagen 311 247
Dit jaar ontvangen regulatoire verrekeningen ter compensatie van
voorgaande jaren
25 19
Toekomstig te betalen verrekening voor behaalde omzet/ENF (versus
toegestane omzet-ENF) voor dit jaar
41 21
Investeringsvergoedingen 20 29
Opbrengsten gecorrigeerd voor regulatoire verrekeningen
225 220
De genormaliseerde EBITDA gecorrigeerd voor bovengenoemde regulatoire verrekeningen (het
onderliggende resultaat) bedraagt in 2020 €832 miljoen (818 miljoen in 2019), bestaande uit EBITDA
(€877 miljoen), regulatoire verrekeningen GTS (5 miljoenen €36 miljoen) en regulatoire verrekeningen
GUD (€-25 miljoen, -41 miljoenen €-20 miljoen).
In de tarieven van 2020 is een bedrag verrekend van20 miljoen vanuit voorgaande jaren. Dit bedrag
bestaat uit een negatieve verrekening van €5 miljoen voor GTS en een positieve verrekening van25
miljoen voor GUD.
In 2020 bedraagt de afwijking tussen de toegestane omzet en energiekosten en de werkelijke omzet en
energiekosten €5 miljoen. Voor GTS bedraagt dit verschil 36 miljoen en voor GUD €41 miljoen. Deze
bedragen worden verrekend in de tarieven van de volgende jaren.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
15
GUD heeft in 2020 een bedrag van circa 21 miljoen aan investeringsvergoedingen ontvangen en €1
miljoen terugbetaald. Het ontvangen bedrag zal in toekomstige jaren weer moeten worden
terugbetaald.
De onderstaande overzichten tonen het verloop van de te verrekenen regulatoire vorderingen en
schulden die niet in de balans op basis van IFRS-grondslagen zijn opgenomen. In de onderstaande
overzichten laten we ook de bijzondere verrekeningen buiten beschouwing.
Overzicht van te verrekenen regulatoire bedragen 2020 2019
In € miljoenen
Gasunie Transport Services
Te verrekenen op 1 jan. 21 6
Dit jaar betaalde regulatoire verrekeningen ter compensatie van
voorgaande jaren
5 5
Toekomstig te ontvangen verrekening voor behaalde omzet/ENF
(versus toegestane omzet-ENF) voor dit jaar
36 10
Investeringsvergoedingen - -
Te verrekenen op 31 dec.
61 21
Gasunie Deutschland
Te verrekenen op 1 jan. 45 47
Dit jaar ontvangen regulatoire verrekeningen ter compensatie van
voorgaande jaren
25 19
Toekomstig te betalen verrekening voor behaalde omzet/ENF (versus
toegestane omzet-ENF) voor dit jaar
41 21
Investeringsvergoedingen 20 29
Te verrekenen op 31 dec.
131 74
Ultimo 2020 moet regulatoir een bedrag van €70 miljoen worden verrekend (schuld). Dit bedrag bestaat
uit een te ontvangen bedrag voor GTS van61 miljoen en een terug te betalen bedrag voor GUD van €131
miljoen, op basis van een schatting. De definitieve verrekeningen worden uiteindelijk door de
toezichthouders vastgesteld. In het onderstaande overzicht splitsen we dit bedrag naar de perioden
waarin de bedragen in de tarieven, en in de jaarrekening op basis van IFRS-grondslagen, worden
verrekend:
Te verrekenen bedragen naar looptijd ultimo 2020 Totaal 0-1 jaar 2-5 jaar > 5 jaar
In € miljoenen
Gasunie Transport Services 61 25 36 0
Gasunie Deutschland 131 26 41 117
Totaal te verrekenen
70 51 5 117
waarvan te verrekenen investeringsvergoedingen 139 1 22 117
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
16
Belastingafdracht
Gasunie heeft in 2009 een zogenoemd ‘handhavingsconvenant’ gesloten met de Nederlandse
Belastingdienst, waarin onderlinge afspraken zijn vastgelegd. In lijn met dit convenant is intern een Tax
Control Framework (TCF) ingericht, op basis waarvan het fiscale beleid, de fiscale processen en de
beheersmaatregelen zijn opgesteld en worden uitgevoerd.
In de volgende tabel geven we voor de belangrijkste belastingen weer hoeveel belasting we hebben
afgedragen of terugontvangen.
Belastingafdrachten 2020 2019
In € miljoenen
Nederland
Vennootschapsbelasting 26 45
Omzetbelasting 48 48
Loonheffingen 57 102
Dividendbelasting 43 34
Totaal
78 133
Duitsland
Vennootschapsbelasting 33 26
Omzetbelasting 2 29
Loonheffingen 12 11
Totaal
47 8
Onze loonheffingafdracht was in 2019 hoger vanwege een eenmalig effect als gevolg van de vrijwillige
vertrekregeling en de afkoop van een aantal arbeidsvoorwaarden in dat jaar. De afdracht omzetbelasting
in Duitsland was in 2019 negatief vanwege de uitgaven aan het EUGAL-project. De relatief lage afdracht
in 2020 is eveneens een gevolg van de uitgaven aan het EUGAL-project.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
17
01 Over Gasunie
Onze rol in de energieketen
Gasunie is een infrastructuurbedrijf voor energie. In Nederland en Noord-Duitsland beheren we de
infrastructuur voor grootschalig transport, opslag en conversie van gas. Nu is dat nog vooral
aardgas. Met de energietransitie verschuift dit steeds verder naar groen gas en waterstof. Daarnaast
werken we aan de aanleg en het beheer van netwerken voor warmte en CO.
Onze taak is het verzorgen van veilige, betrouwbare, betaalbare en duurzame energie-
infrastructuurdiensten. Zodat iedereen altijd over energie kan beschikken. Dit is van essentieel belang
voor de economie en maatschappij. Met onze infrastructuur, dienstverlening en geografische positie
bevinden wij ons in het hart van de Noordwest-Europese (gas)markt.
Gasunie heeft twee hoofdactiviteiten:
Gasunie is een verbindende factor in de waardeketen voor energie
het verzorgen van gereguleerde, open access transportdiensten via het gastransportnet in
Nederland en Duitsland
het aanbieden van energie-infrastructuurdiensten; al dan niet in samenwerking met andere
partijen
Onze transportdiensten en infrastructuurdiensten verbinden producenten met (eind)gebruikers van
energie. We verlenen non-discriminatoir toegang tot onze diensten aan derden.
We beheren en ontwikkelen energie-infrastructuur en energiehandelsplaatsen:
gastransportnetwerken, internationale transitleidingen, gasopslag,gasconversie, LNG-infrastructuur
en virtuele energiehandelsplaatsen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
18
Onze infrastructuur fungeert als internationaal knooppunt in de aan- en doorvoer van gas. We dragen
hiermee bij aan een liquide, competitieve, betrouwbare Europese energiemarkt.
Wij zetten ons in voor de versnelling van een klimaatneutrale energievoorziening door het ontwikkelen
van transitie-energieketens en duurzame energieketens. Dat doen we door middel van nieuwe
samenwerkingsverbanden en nieuwe businessmodellen. We investeren in projecten op het gebied
vangroen gas, waterstof, warmte,CCUSen LNG.
De Nederlandse staat is onze enige aandeelhouder. Onze medewerkers werken verspreid over ruim
dertiglocaties in Nederland en Noord-Duitsland en met vertegenwoordigingen in Brussel en Moskou.
Ons hoofdkantoor bevindt zich in Groningen; onze hoofdvestiging in Duitsland bevindt zich in
Hannover.
Hoe we georganiseerd zijn
Gasunie heeft drie business units, waarvan er twee een gastransportnet beheren. In Nederland is dit
Gasunie Transport Services (GTS) en in Duitsland Gasunie Deutschland (GUD). Deze netbeheerders
bieden hun diensten aan op een transparante manier. Zij verkopen de beschikbare capaciteit tegen
non-discriminatoire voorwaarden.
Op entrypunten kan het gas in het netwerk worden ingevoed en op exitpunten kan een klant het gas
uit het netwerk halen. De klanten sluiten contracten af waarmee ze capaciteit boeken op bepaalde
entry- of exitpunten in het netwerk, gedurende een bepaalde periode (jaar, kwartaal, maand of dag). De
tarieven die GTS en GUD aan klanten in rekening brengen en de omzetten die daaruit voortkomen [zie
kader], worden vastgesteld door de Autoriteit Consument & Markt (Nederland) en de
Bundesnetzagentur (Duitsland).
Onze derde businessunit, Participations, is verantwoordelijk voor de verkoop en levering van energie-
infrastructuurdiensten. Deze diensten zijn niet tariefgereguleerd.Klanten kopen capaciteit waarmee
ze de betreffende infrastructuur gedurende een bepaalde periode kunnen gebruiken. De diensten zijn
open access. De tarieven hiervoor zijn non-discriminatoir en worden in belangrijke mate door vraag en
aanbod bepaald. In de businessunit Participations liggen de risico’s en de rendementen hoger dan in
GTS en GUD.
De activiteiten van Participations ondersteunen de werking en liquiditeit van de energiemarkt. Ze
positioneren Nederland en Duitsland als knooppunt in de internationale gasstromen. Daarmee dragen
ze bij aan de benutting van onze gastransportnetten in Nederland en Duitsland. Van sommige
deelnemingen zijn wij volledig aandeelhouder, van andere gedeeltelijk.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
19
De transportnetten van onze businessunits GTS en GUD en de belangrijkste dochters van onze businessunit
Participations
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
1. EnergyStock (100%)
EnergyStock (100%) is een installatie voor
ondergrondse gasopslag, die
kortetermijnverschillen tussen vraag en aanbod
van aardgas kan opvangen. Ze is daarmee
belangrijk voor het in balans houden van de
portfolio’s van de EnergyStock-klanten.
Daarnaast wordt EnergyStock gebruikt door
handelaren die gebruik willen maken van
prijsschommelingen in de energiemarkt. Via de
handelsnaam HyStock wil EnergyStock ook actief
worden in ondergrondse waterstofopslag.
2. BBL
BBL (60%) is een bi-directionele gasleiding die
loopt van Balgzand (Nederland) naar Bacton
(Verenigd Koninkrijk). Hiermee verhoogt BBL de
leveringszekerheid in beide landen en
ondersteunt het de integratie van de Europese
gasmarkt en versterkt het de positie van
Nederland als toonaangevende Europese
gasspeler. Daarnaast verbindt BBL de virtuele
handelsknooppunten TTF en NBP met elkaar.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
20
3. Nord Stream
Nord Stream (9%) is een dubbele aardgasleiding
door de Baltische Zee. Door deze verbinding
heeft het Europese leidingnet een extra
aansluiting gekregen op gasstromen uit
Rusland. Nord Stream zorgt sinds 2012 voor extra
gasaanvoercapaciteit richting de Noordwest-
Europese gasmarkt.
4. Gate
Gate (50%) terminal staat op de Rotterdamse
Maasvlakte en is de enige importterminal voor
vloeibaar aardgas (LNG) in Nederland. Voor zijn
klanten ontvangt Gate LNG, slaat het op, maakt
het weer gasvormig en brengt het vervolgens in
het gastransportnetwerk voor distributie naar
huishoudens en industrie. Een ander deel wordt
geladen in bunkerschepen of vrachtwagens, die
het gas naar de afnemer vervoeren.
5. HyNetwork Services
HyNetwork Services beheert in Zeeland de
waterstofleiding tussen chemiebedrijf Dow
Chemical en kunstmestproducent Yara. Voor
Dow is waterstof een restproduct, Yara heeft het
nodig voor haar productie. In oktober was deze
leiding twee jaar in bedrijf. Al die tijd vond het
transport plaats op een veilige, duurzame en
betrouwbare wijze.
6. Vertogas
Vertogas fungeert in opdracht van het
ministerie van Economische Zaken en Klimaat
als certificeringsinstantie voor groen gas.
Vertogas geeft certificaten (Garanties van
Oorsprong) uit waarmee de duurzame herkomst
van groen gas wordt bevestigd. Vertogas gaat in
de toekomst op verzoek van het ministerie ook
‘blauween ‘groene’ waterstof certificeren.
7. Gasunie New Energy
Gasunie New Energy ontwikkelt -samen met
partners- duurzame-energie-infrastructuur voor
derden. Dit gebeurt onder andere in
WarmtelinQ (restwarmtetransport), Porthos
(CO2-transport en -opslag), Biogas Netwerk
Twente (groen gas-invoeding in een regionaal
netwerk) en SKW Assets (superkritische
watervergassing in een aan derden ter
beschikking gestelde demo-installatie).
8. Gridwise Engineering & Services
Gridwise Engineering & Services biedt
commerciële diensten aan voor organisaties
met een ondergronds gastransportsysteem,
zoals netwerkbedrijven, industrieën en
(semi)overheidsinstellingen. De expertise die
binnen Gasunie aanwezig is, huurt Gridwise
daarbij in. Tot de diensten behoren het
beoordelen van ontwerpdocumenten, het
maken van veiligheidsberekeningen en
kostencalculaties, het toetsen van offertes en
het geven van tracéadviezen.
Visie 2030
Begin 2020 heeft Gasunie haar strategie vertaald in een doorkijkvoor de komende tien jaar. Onze
ambities zijn helder. In 2030 zijn we van een gastransportbedrijf getransformeerd naar een brede
energie -infrastructuuronderneming. We bergen en transporteren dan aardgas, groen gas, waterstof,
CO en warmte op een veilige, betrouwbare, betaalbare en duurzame manier. We spelen een
belangrijke rol in het realiseren van de ambitieuze klimaatdoelen van Nederland, Duitsland en de
Europese Unie.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
21
Dit is hoe Gasunie over tienjaar de wereld ziet:
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
1. In 2030 faciliteren we de energiemarkt
zoals we altijd de aardgasmarkt hebben
gefaciliteerd
2. In 2030 zijn we een brede energie-
infrastructuuronderneming geworden
3. In 2030 is de aardgasproductie in
Groningen gestopt
4. In 2030 is de totale binnenlandse vraag
naar aardgas met 25% afgenomen
5. In 2030 brengen pijpleidingen en
schepen steeds meer buitenlands
aardgas naar onze regio
6. In 2030 brengen we dankzij onze N-
fabrieken voldoende aardgas op
Groningen-kwaliteit
7. In 2030 zijn de Nederlandse
aardgasbergingen nog steeds belangrijk
8. In 2030 is de nationale markt voor
waterstof gerealiseerd
9. In 2030 beheren we in Nederland onze
open access gereguleerde
waterstofbackbone en hebben we
hiervoor bestaande aardgaspijpleidingen
geschikt gemaakt
10. In 2030 sluit deze nationale
waterstofbackbone aan op soortgelijke
netwerken in omringende landen
11. In 2030 bieden we opslagcapaciteit in
de vorm van waterstofcavernes
12. In 2030 hebben we bijgedragen aan de
ontwikkeling van elektrolyse-fabrieken,
waar de markt waterstof kan produceren
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
22
13. In 2030 zijn we eigenaar van een
succesvolle waterstofbeurs
14. In 2030 injecteren marktpartijen
aanzienlijk meer groen gas in ons net
15. In 2030 spelen we een actieve rol in
transport en opslag van CO
16. In 2030 spelen we een actieve rol in
warmtenetten
Dit zijn de bedrijfstakken waarin we in 2030 actief willen zijn:
Als we al onze energietransitieprojecten
daadwerkelijk kunnen gaan uitvoeren en de
tarieven van onze waterstof- en
warmteactiviteiten worden vastgesteld door
toezichthouder(s), dan is in 2030 75-80% van
onze activaportefeuille gereguleerd en 20-25%
ongereguleerd. Op dit moment (2020) is die
verhouding 85-15%.
Waarom tien jaar vooruitkijken?
Tien jaar klinkt ver weg, maar voor een bedrijf als Gasunie is het een logische periode. In ons werk
hebben we te maken met lange doorlooptijden. Voor de aanleg van infrastructuur is veel tijd nodig voor
bijvoorbeeld engineering, vergunningen en wet- en regelgeving. We moeten nu al beginnen met wat
we over vijf tot tien jaar nodig hebben. Ten tweede is 2030 het jaar waarin de tussendoelen van de
Europese klimaatdoelen gehaald moeten zijn.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
23
Gasunie committeert zich aan het ambitieuze Nederlandse en Europese klimaatbeleid en is een actieve speler in de
energietransitie
Onze Visie 2030bevat grootschalige energietransitie-projecten in lijn met onze strategie waarvoor we
in de komende jaren een investeringsbeslissing willen nemen. We verwachten dat het overgrote deel
van deze projecten meteen of gaandeweg een gereguleerd kader krijgt; dat wil zeggen dat we deze
activa tegen gereguleerde tarieven en onder gelijke contractvoorwaarden aan de markt zullen
aanbieden. Voor de projecten die niet onder regulering zullen vallen, dekken we onze risico’s af door het
aangaan van langetermijn-afnamecontracten met marktpartijen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
24
Wat willen we gaan doen?
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
1. Djewels-1
Samen met Nobian onderzoeken we de
mogelijkheden voor grootschalige conversie (20
MW) van duurzame elektriciteit in groene
waterstof op het Chemie Park Delfzijl.
Opleveringsjaar: 2023. Djewels 2 en Djewels 3
vergroten deze elektrolyse-capaciteit vervolgens
verder.
2. WarmtelinQ
Met Havenbedrijf Rotterdam investeren we in
WarmtelinQ, een hoofdwarmtenet dat
restwarmte uit het havengebied transporteert
naar afnemers in Zuid-Holland. Dit doen we op
verzoek van het ministerie van Economische
Zaken en Klimaat.
3. LNG Duitsland
Duitsland heeft behoefte aan LNG-
importcapaciteit. Met partners Vopak en Oil
Tanking nemen we in 2021 een besluit over de
bouw van een LNG-terminal in Brunsbüttel in
Noord-Duitsland. Andere partijen willen ook een
LNG-terminal bouwen in Stade. Deze terminals
moeten door GUD worden aangesloten op het
gasnet.
4. Waterstofopslag
We onderzoeken of het haalbaar is om waterstof
grootschalig ondergronds op te slaan, in vier
nieuw te ontwikkelen cavernes in onze
opslaglocatie Zuidwending. Wereldwijd zijn er
vier locaties waar waterstof al ondergronds
wordt opgeslagen in zoutlagen. Een eerste
waterstofgevulde caverne zou rond 2026 in
gebruik kunnen worden genomen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
25
5. Porthos
In het Porthos-consortium willen we, samen
met partners EBN en Havenbedrijf Rotterdam,
afvoer en opslag van CO mogelijk maken in lege
gasvelden diep in de zeebodem. In 2021 nemen
we een investeringsbeslissing over Porthos.
6. SKW
Gasunie is partner in SKW Assets Alkmaar, een
superkritische watervergasser die duurzaam gas
en herbruikbare grondstoffen produceert uit
natte biomassa. In 2020 zijn voorbereidingen
gestart om projectmatig toe te werken naar de
start van de 18 MW fabriek in de zomer van 2021.
7. Duitse waterstofbackbone
GUD is betrokken bij de ontwikkeling van de
Duitse waterstofbackbone, die via GUD-
pijpleidingen met Nederland en Denemarken
wordt verbonden. De Duitse waterstof-backbone
wordt een belangrijk onderdeel van het
toekomstige Europese waterstofnetwerk.
Daarnaast is GUD actief lid van diverse regionale
waterstofprojecten en -
samenwerkingsverbanden.
8. Magnum Power Station
Met Vattenfall en Equinor studeren we op het
grootschalig maken en afnemen van CO-
neutrale waterstof in de Eemsdelta-regio. In
2020 hebben de consortiumpartners verdere
studies uitgevoerd naar de haalbaarheid van het
project.
9. Athos
In het Athos-consortium willen we, samen met
partners EBN, Tata Steel en Haven Amsterdam,
de afvoer en opslag van CO mogelijk maken in
lege gasvelden diep in de zeebodem. In 2023
nemen we een investeringsbeslissing over
Athos.
10. Waterstofbackbone
Wij willen waterstof van verschillende
toekomstige aanbieders ontsluiten en via een
gefaseerd te ontwikkelen backbone
transporteren naar de grote industriële clusters
in Nederland. In 2030 kan dit netwerk, zoveel
mogelijk gebruikmakend van onze bestaande
infrastructuur, een capaciteit hebben van 10 tot
15 GW.
11. North Sea Wind Power Hub
Samenwerking tussen TenneT, Energinet en
Gasunie met als einddoel het afvoeren van
grootschalige windenergieproductie op de
Noordzee. Een deel hiervan wordt op zee
omgezet naar waterstof of andere gasvormen.
De waterstof kan vervolgens aan land verder
getransporteerd worden door onze beoogde
waterstofbackbone.
12. NortH2
Een megawindpark op zee moet 4 GW (voor
2040: 10 GW) groene elektriciteit gaan
produceren voor elektrolysers in de Eemshaven.
De groene waterstof wordt via onze
waterstofbackbone getransporteerd naar de
belangrijkste industriële centra van Noordwest-
Europa.
De totale investeringsagenda van Gasunie voor de komende tien jaar kan oplopen tot zo’n €7 miljard. In het
bovenstaande overzicht staan de belangrijkste investeringen die we op dit moment voorzien, en hun waarschijnlijke
volgorde. De meeste projecten worden uitgevoerd met partners. Alleen het investeringsaandeel van Gasunie wordt
weergegeven. Ieder project doorloopt een apart besluitvormingstraject.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
26
We zijn goed gepositioneerd
Gasunie investeert al bijna zestig jaar in aardgasinfrastructuur en ruim een decennium in
energietransitieprojecten. De kennis en ervaring die we daarbij hebben opgedaan, geven ons nu de
gelegenheid om op te schalen en een materiële bijdrage aan de energietransitie te leveren. Onze
mensen kunnen het verschil maken in de nieuwe energiewereld.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
27
Bestaande energieprojecten geven ons de kans om op te schalen
Onze kernmarkten Nederland en Noord-Duitsland hebben een unieke ligging, waardoor ze geschikt
zijn voor de ontvangst van grote hoeveelheden op zee opgewekte windenergie. Hiermee kan waterstof
worden gemaakt. Van overzee kunnen tankers waterstof en LNG aanvoeren. Onze gasnetten verbinden
zowel in Nederland als in Duitsland grote industriële centra met elkaar. Naarmate de vraag naar
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
28
aardgas de komende jaren afneemt, kunnen we ze fasegewijs ombouwen van aardgas naar waterstof.
De bestaande gasleidingen zijn ook geschikt voor invoeding van groen gas. En tot slot maakt onze
kennis van transport en opslag van gasmoleculen ons een interessante partner voor het aanleggen en
beheren van transportnetten voor warmte en CO.
Wat hebben we nog nodig?
Om op te schalen moeten we zorgen voor toezeggingen op lange termijn van zowel overheden in de
vorm van subsidies en aanvullend beleid als van afnemers (industrie, energiebedrijven,
tuinderscollectieven) in de vorm van co-investeringen en afnamecontracten. Hierdoor kunnen groene
energiedragers concurrerend worden met fossiele energiedragers.
We weten niet of we alle bovenstaande energietransitieprojecten zullen realiseren, maar het
momentum is het afgelopen jaar alleen maar groter geworden. COVID-19 leidt tot toenemende
Europese steun voor economisch herstel door middel van investeringen in hernieuwbare energie, met
name waterstof. Het waterstofbackbone-project is de belangrijkste brug tussen heden en toekomst en
de grootste strategische uitdaging waar Gasunie vandaag de dag voor staat.
Hoe financieren we het?
De meeste projecten financieren we samen met klanten en andere partners, ondersteund door
overheidssubsidies voor aanlooprisico’s en onrendabele toppen. Ons eigen aandeel in de benodigde
investeringen begroten we op een totaalbedrag van €7 miljard, verdeeld over de periode 2021-2030. De
capaciteitsreserveringen op ons Duitse netwerk nemen de komende jaren toe. In Nederland dalen ze,
maar daarentegen mogen we vanaf 2022 van de toezichthouder onze gedane netinvesteringen sneller
terugverdienen in de vorm van hogere tarieven. Ook zijn we van plan (groene) obligaties uit te geven en
projectfinancieringen te arrangeren.
Op dit moment keren we 70% van onze (genormaliseerde) winst na belastingen uit aan de Nederlandse
staat. We hebben afgesproken met onze aandeelhouder om deze pay out ratio in de komende maanden
te evalueren met het oog op onze ambitieuze investeringsagenda en de uitkomst van het nieuwe
methodebesluit van de ACM.
Onze strategie
Visie 2030 is een vertaling van onze strategie. In de tussentijd blijven we zorgen dat het aardgas dat
de maatschappij nodig heeft door onze leidingen kan blijven stromen.
Strategische pijlers
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
29
We hebben 3 strategische pijlers, die ondersteund worden door ons organisatiefundament:
Uit het organisatiefundament en de pijlers halen we negen strategische doelen, ofwel focusgebieden.
In dit jaarverslag bespreken we de resultaten en vooruitzichten vanuit deze negen focusgebieden:
Optimaliseren infrastructuur
Zorgdragen voor een veilige, betrouwbare, betaalbare en duurzame gasinfrastructuur in ons
kerngebied
1.
Bijdragen aan efficiënte gasinfrastructuur en diensten voor een goed functionerende Europese
aardgas- en LNG-markt
2.
Versnellen van de transitie naar een CO-neutrale energievoorziening3.
Europees verbindend
Versnellen energietransitie
Organisatiefundament
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
30
Hoe wij waarde creëren
Ons waardecreatiemodel
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
31
Visie
Wij geloven in een duurzame toekomst met een
uitgebalanceerde energiemix en een blijvende rol
voor gas dat afkomstig is uit verschillende
bronnen. We geloven dat we onze klanten het
best bedienen met innovatieve oplossingen op
het gebied van (gas)infrastructuur.
Missie
Gasunie is een leidende Europese energie-
infrastructuuronderneming. Gastransport en
gasopslag vormen de kernactiviteit. We dienen
het publiek belang en faciliteren de
energietransitie door geïntegreerde
infrastructuurdiensten aan te bieden. We richten
ons op waardecreatie voor onze aandeelhouder(s)
en andere stakeholders en hanteren de hoogste
veiligheids- en businessstandaarden die in de
sector worden toegepast.
In ons waardecreatiemodel laten we zien welke middelen we inzetten om onze strategische doelen te
realiseren. Ook wordt zichtbaar welke waarden wij met onze kernactiviteiten creëren en wat de
impact hiervan is voor de maatschappij. Dat laatste zal de komende jaren een steeds prominentere rol
krijgen in onze externe rapportages, zoals het jaarverslag.
Wat we om ons heen zien
We zagen in 2020 steeds meer erkenning van politiek en markt voor het belang van moleculen voor
de toekomstige energievoorziening. Dat geldt ook voor systeemintegratie: de toekomstige
samenwerking van elektriciteitsinfrastructuur, gasinfrastructuur en warmte-infrastructuur. In
Nederland verschenen de Kabinetsvisie op waterstof en de Routekaart groen gas. Duitsland
publiceerde een nationale waterstofstrategie. De European Green Deal van de Europese Commissie
voorziet in een routekaart om de economieën van de EU duurzaam te maken. Europese elektriciteits-
en gasnetwerkbeheerders delen hun scenarioplanning met elkaar en stemmen hun
investeringsvoornemens steeds vaker op elkaar af.
De druk op Europese energienetwerkbeheerders om een snelle energietransitie te faciliteren, is het
afgelopen jaar toegenomen. In september publiceerde de Europese Commissie een voorstel om de
Europese broeikasgasreductiedoelstelling voor 2030 van 40% te verhogen naar ten minste 55% (ten
opzichte van 1990). Dit is volgens de Commissie nodig om in 2050 klimaatneutraliteit te bereiken en de
doelstellingen uit het Parijsakkoord te behalen. Het Europese Parlement wil een doelstelling van 60%.
De COVID-19 pandemie heeft in 2020 gezorgd voor een wereldwijde economische recessie, die heeft
geleid tot lagere aardgasprijzen en lagere prijzen voor CO-emissierechten, met name door een afname
van industriële activiteit.Later in 2020 stegen de CO-emissierechtenprijzen weer. De vraag naar
aardgas in Noordwest-Europa heeft onder dit allesrelatief weinig onder te lijden gehad. Door onze
Nederlandse leidingen stroomde 4% minder gas, door onze Duitse leidingen juist 6% meer. Er was een
overaanbod van LNG in Europa, veroorzaakt door het gereedkomen van nieuwe LNG-
productiefaciliteiten en achterblijvende LNG-vraag in Azië. Dit drukte de gasprijzen in Europa. De
prijsconcurrentie tussen aardgastransport via pijpleidingen en LNG-transport per schip is toegenomen.
Aardgasbergingen in Europa haddenvanwege de lage marktprijzen een historisch hoge
bezettingsgraad.Eind 2020en begin 2021 was er sprake van stijgende gas- en LNG-prijzen gedreven
door economisch herstel in Azië.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
32
Wat vinden onze stakeholders belangrijk?
Gasunie heeft een groot aantal stakeholders, met uiteenlopende belangen. Dit varieert van klanten,
leveranciers en strategische partners tot overheden, medewerkers en omwonenden. Met deze
externe en interne belanghebbenden zijn we als bedrijf continu in dialoog. We vinden het van grote
waarde om te weten welke thema’s zij belangrijk achten voor Gasunie. Dit toetsen we om het jaar
met een enquête. De resultaten van deze toetsing verwerken we in onze materialiteitsmatrix. De
uitkomsten helpen ons bij het bepalen welke thema’s belangrijk zijn in ons jaarverslag.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
1. Energietransitie: het versnellen van de
transitie naar een CO-neutrale
energievoorziening door het inzetten van onze
infrastructuur en kennis voor groen gas,
waterstof, warmte en opslag van CO.
2. Leveringszekerheid: het waarborgen van een
betrouwbare en continue energievoorziening.
3. Veiligheid van het netwerk: het beheren en
onderhouden van ons netwerk en het
minimaliseren van de kans op het ongewenst
vrijkomen van gas door leidingbeschadigingen.
4. Relatie met stakeholders en omgeving: om
onze missie, strategie en activiteiten goed uit te
kunnen voeren, willen we de belangen van onze
stakeholders kennen en deze zo veel mogelijk
meenemen in onze besluiten. Daarnaast
kunnen verschuivingen in die belangen impact
hebben op onze strategie en activiteiten. We
zijn daarom voortdurend in dialoog met veel
verschillende stakeholders.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
33
5. Sterke marktpositie: het versterken van de
positie van Gasunie in de Nederlandse en Duitse
gasmarkt ten behoeve van een liquide Europese
gasmarkt, onder andere in samenwerking met
partners.
6. Klantgerichte en transparante samenwerking
7. Milieu-impact eigen organisatie 8. Naleven en beïnvloeden van wet- en
regelgeving
9. Gezondheid, veiligheid en ontwikkeling van
medewerkers
10. Financiële prestaties
11. Cybersecurity
Wat valt op?
In onze meest recente uitvraag (eind 2019) zien we een duidelijke top-3, waarvan Energietransitie
(nummer1) en Leveringszekerheid (nummer2) ook in onze vorige matrix, die was opgesteld in 2017,
onderdeel waren. Dat Energietransitie, Leveringszekerheid en Veiligheid van het netwerk hoog scoren,
verrast ons niet: dit zijn de thema’s waarmee we de meeste maatschappelijke impact maken. Ook de
nummer1-positie van Energietransitie is geen verrassing, gezien de maatschappelijke en politieke
discussies die hierover momenteel gevoerd worden.
Het thema Sterke marktpositie (nummer5) hangt sterk samen met de top-3. De Relatie met
stakeholders en omgeving (nummer4) was in de vorige analyse niet als specifiek thema benoemd,
maar neemt nu een hoge positie in de matrix in. De milieu-impact van onze eigen organisatie is een
aantal plaatsen gedaald. Milieu-impact is al meerdere jaren een breed erkend thema waardoor het voor
veel stakeholders wellicht ‘genormaliseerdis. Omdat dit onderwerp zowel voor ons als voor de
maatschappij belangrijk is, blijven wij hier wel over rapporteren in dit verslag. In de bijlage
Verslaggevingsprincipes geven we een nadere toelichting op het opstellen van de materialiteitsanalyse.
In de bijlage Connectiviteitstabel laten we de samenhang zien van de materiële thema’s met de trends
en ontwikkelingen die we om ons heen zien, onze strategische pijlers en onze strategische doelen, de
risico’s waar we mee te maken hebben, onze stakeholdergroepen, onze KPI’s en onze resultaten, de
maatschappelijke impact die we maken en onze duurzaamheidsdoelen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
34
02 Optimaliseren infrastructuur
Optimaliseren infrastructuur
Zolang er nog niet voldoende duurzame initiatieven zijn, speelt aardgas een cruciale rol in de
energievoorziening, zowel in onze eigen regio als in Europa. We beheren en onderhouden een
veilige, betrouwbare, betaalbare aardgasinfrastructuur in ons kerngebied, Nederland en Noord-
Duitsland. Dat is de eerste pijler onder de strategie van Gasunie:
We faciliteren onze klanten maximaal met onze gasinfrastructuur
Onze gasinfrastructuur met zijn hoge betrouwbaarheid vormt het platform waarop wij onze diensten
aan marktpartijen verlenen. Om deze kerntaak uit te voeren zijn we adequaat gefinancierd.
We minimaliseren onze kosten met behoud van onze licence to operate
Onze stakeholders (overheid, klanten, maatschappij) verlenen ons een mandaat om ons bedrijf te
voeren. We kunnen deze licence to operate alleen behouden als we onze diensten kostenefficiënt, veilig
en betrouwbaar, en in combinatie met een voortdurende verlaging van onze milieu-impact uitvoeren.
We faciliteren onze klanten maximaal met onze gasinfrastructuur
Leveringszekerheid in 2020: 100%
In Nederland en Duitsland hebben onze dochters Gasunie Transport Services (GTS) en Gasunie
Deutschland (GUD) in 2020 100% leveringszekerheid gerealiseerd. Dit betekende dat het gastransport
het gehele jaar ononderbroken heeft plaatsgevonden. Onze interne eis is dat het aantal
transportonderbrekingen per jaar nooit hoger is dan zes. Aan deze KPI hebben we dus voldaan. Ook bij
onze businessunit Participations hebben er afgelopen verslagjaar geen ongeplande onderbrekingen in
de dienstverlening plaatsgevonden.
GTS: afname getransporteerd gas
In 2020 was het wederom warm; volgens het KNMI (Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut)
het zevende zeer warme jaar op rij en passend in de trend van een veranderend klimaat. Kenmerkend
was de start met zeer zachte wintermaanden, een zachte en zonrijke lente en een warme en relatief
droge zomer. De gemiddelde effectieve temperatuur in De Bilt was 9,3°C; wat 0,3°C hoger was dan in
2019.
Het gastransport door onze netten betrof in 2020 835TWh (78,7miljard m ) ten opzichte van 870TWh
(81,8miljard m ) in 2019. Een daling van bijna 4%. Als we het transport uitsplitsen naar binnenlands
verbruik, opslag en export zien we dat de daling van het gastransport voornamelijk is toe te schrijven
3
3
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
35
aan het verminderde transport naar het buitenland. Het binnenlandse verbruik bleef nagenoeg
onveranderd; een daling bij de kleinverbruikers van 6% werd grotendeels gecompenseerd door een
hoger verbruik door gascentrales.
Het gastransport voor de ondergrondse bergingen nam in 2020 wel toe. Enerzijds is dit te verklaren
doordat 2019 een heel rustig jaar was voor de bergingen (weinig inzet in de winter van 2018/2019 en
navenant weinig vulling nodig) en anderzijds doordat het vullen van de NAM-berging in Norg nu via het
Gasunie-netwerk, met geconverteerd H-gas, uitgevoerd wordt.
COVID-19
2020 stond wereldwijd in het teken van COVID-19. De invloed
van dit virus op het binnenlandse gasverbruik lijkt echter zeer
beperkt: de daling bij de kleinverbruikers is niet groter dan
voorgaande jaren en is te verklaren met de hogere
temperatuur en de trend van energiebesparing. Ook het
verbruik door de industrie is binnen de bandbreedte van wat
normaal beschouwd kan worden.
Meer kwaliteitsconversie
De productie uit het Groningenveld is in 2020 verder afgenomen. Om de G-gasmarkt te kunnen
beleveren, heeft GTS meer conversie ingezet dan voorgaande jaren. Dit was mogelijk door uitbreiding
op onze conversie-installatie in Wieringermeer in combinatie met een nieuw stikstofcontract met een
externe leverancier. De hoeveelheid geconverteerd H-gas is daarmee in Nederland met ruim 15%
gestegen van 325TWh (29,0miljard m ) in 2019 tot 376TWh (33,3miljard m ) in 2020. De bijbehorende
hoeveelheid ingezette stikstof is gestegen van 2,7miljard m naar 3,4miljard m in 2020.
3 3
3 3
Binnenlandse productie, import en export
De hoeveelheid buitenlands H-gas dat de netten van GTS binnenkwam, is nagenoeg onveranderd en
betreft voor het derde jaar op rij afgerond 44miljard m . Hierbij is ook het aandeel van het uit het
buitenland afkomstige LNG voor het tweede jaar op rij hoog. Het gaat om respectievelijk 6,7 en
7,3miljard m voor 2020 en 2019 tegenover 2,5miljard m in 2018. Ook de kleine-veldenproductie
(inclusief offshore) is nagenoeg ongewijzigd gebleven. De afname van de productie uit Groningen is
gecompenseerd door H-gas te converteren, waardoor er uiteindelijk 22% minder H-gas geëxporteerd is.
De (pseudo-) G-gas export nam met 13% af.
3
3 3
Pieklevering en noodlevering
Pieklevering en noodlevering zijn twee belangrijke publieke taken van GTS voor de kleinverbruikers in
Nederland. Pieklevering is aan de orde als de gemiddelde effectieve etmaaltemperatuur lager is dan
-9,0°C. GTS zorgt voor alle voorzieningen op het gebied van gasinkoop, flexibiliteitsdiensten en
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
36
gastransport op het landelijke gastransportnet die nodig zijn om vergunninghouders de pieklevering te
laten verzorgen. In 2020 is er geen pieklevering geweest. Noodlevering treedt in werking als een
vergunninghouder geen aardgas kan leveren aan kleinverbruikers, bijvoorbeeld door een faillissement.
In 2020 is ook noodlevering niet nodig geweest.
Nieuw investeringsplan GTS
Op 1 oktober heeft GTS haar eerste investeringsplan vastgesteld, het IP2020. Het investeringsplan
beschrijft de uitbreidings- en vervangingsinvesteringen van GTS op de korte en lange termijn*. Het
investeringsplan vormt de onderbouwing van de nut en noodzaak van investeringen. Het IP2020
beschrijft de ontwikkelingen in de energiemarkt, inclusief een analyse in de vorm van scenario’s tot
2030. Het plan geeft een knelpuntenanalyse van het netwerk en beschrijft de benodigde investeringen
in het transportnetwerk.
Er komen dit decennium veel ontwikkelingen op ons af, waar we met ons netwerk rekening mee
moeten houden. Onze infrastructuur moet in goede conditie blijven, terwijl we ons inzetten om de
goede werking van de gasmarkt te behouden en de leveringszekerheid te borgen. Ook kijken we
vooruit hoe ons netwerk kan bijdragen om de energietransitie te versnellen. Een grote verandering is
dat de gaswinning in Groningen al sterk is gereduceerd en de komende jaren volledig afgebouwd wordt.
Omdat de vraag naar aardgas in deze periode op een vergelijkbaar niveau zal blijven, verandert
Nederland in snel tempo van een grote exporteur naar een grote importeur van aardgas. In het
investeringsplan heeft GTS gekeken of er voldoende mogelijkheden zijn om meer gas te kunnen
importeren naar Nederland. Ook brengen we het belang onder de aandacht om in Nederland over
voldoende bergingen te beschikken om de leveringszekerheid te waarborgen. En welke kansen
systeemintegratiebiedt.
Daarnaast moet er vaart worden gemaakt om de klimaatdoelstellingen te kunnen halen. Ons netwerk
kan daarbij een belangrijke rol spelen, bijvoorbeeld met het transport van waterstof en groen gas door
onze leidingen. Zoals ook in het Klimaatakkoord is afgesproken, zal het aanbod van deze duurzame
moleculen richting 2030 fors moeten groeien en moet een landelijke infrastructuur worden ontwikkeld
om vraag en aanbod met elkaar te verbinden. Onze activa kunnen de basis vormen voor deze
infrastructuur.
GTS stelt voortaan elke twee jaar een nieuw investeringsplan vast. Het eerstvolgende
ontwerpinvesteringsplan, het ontwerp-IP2022, willen we op 1januari 2022 publiceren.
* Voorheen deed GTS dit in het Kwaliteits- en Capaciteitsdocument. IP2020 wordt door EZK en de ACM getoetst
voordat GTS overgaat tot definitieve vaststelling.
Integratie van overgenomen hogedruknetten
GTS heeft per 31 december 2020 de ZEBRA-gasleiding en de EHD-hogedruknetten in Zuidwest-Nederland
overgenomen. Met de verkopende partijen hebben we de fysieke integratie van ZEBRA en EHD in het
GTS-netwerk afgerond. Vanaf 2021 zijn vervolgwerkzaamheden in het netwerk gepland. Zowel de
ZEBRA-gasleiding als de EHD-netten zijn daarmee integraal onderdeel van het TTF-marktgebied.
Shippers kunnen sinds eind 2020 capaciteit boeken op de 'nieuwe' netwerkpunten.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
37
GUD: meer transport
Bij GUD steeg het totale getransporteerde gasvolume van 236,1TWh (24,2 miljard m ) in 2019 naar
250,2TWh (25,6miljard m ) in 2020. Deze stijging werd vooral veroorzaakt door een verdere groei van de
gasstromen op het entrypunt van Nord Stream in Greifswald (en Lubmin II). Verder waren de
capaciteitsboekingen op de grenspunten in Emden (met Nederland) en Dornum (met Noorwegen)
aanzienlijk hoger dan in voorgaande jaren doordat er nu sprake is van één tarief in het marktgebied
GASPOOL.
3
3
Balgzand-Bacton Leiding: dynamiek
Voor BBL was 2020 het eerste volledige kalenderjaar waarin de leiding niet alleen aardgas naar het
Verenigd Koninkrijk kon laten stromen, maar ook omgekeerd naar Nederland. Met deze reverse flow-
dienst kunnen klanten van BBL beter inspelen op kortetermijn-prijsverschillen tussen de virtuele
gashandelsplaatsen TTF (Nederland) en NBP (Verenigd Koninkrijk). BBL wordt hiermee een
aantrekkelijkere vervoersoptie voor shippers.
Er zat in 2020 veel dynamiek in de prijsvorming op de gasmarkten van Nederland en het Verenigd
Koninkrijk, onder andere door een groot LNG-aanbod, de dalende productie uit het Groningenveld en
economische ontwikkelingen rondom COVID-19. Dit leverde, nu reverse flow mogelijk was, veel
capaciteitsreserveringen op. In 2020 heeft BBL 11TWh gas (2019: 17TWh) naar het Verenigd Koninkrijk
vervoerd. Via reverse flow werd 25TWh gas (2019: 1TWh) naar Nederland gebracht.
Met ingang van januari 2021 heeft het Verenigd Koninkrijk de Europese Unie verlaten. Deze Brexit kan
op de lange termijn van invloed zijn op ons bedrijf. De meeste bedrijven die aan beide zijden van het
kanaal in de energiesector werkzaam zijn, zijn bereid hun manier van werken, zoals voor Brexit, voort
te zetten. Er is cruciale wetgeving ontwikkeld om te voorkomen dat de wetgeving niet wordt nageleefd
of de gasstroom wordt onderbroken. Vanuit regelgevend oogpunt is er vanaf 1januari weinig veranderd,
behalve de wijzigingen met betrekking tot douaneaangiften. BBL is voorbereid op de vereiste
douaneaangiften aan Britse zijde. Aan Nederlandse zijde zullen de shippers verantwoordelijk zijn voor
de douaneaangiften. Commerciële veranderingen zijn tot op heden niet opgemerkt.
Gate wint aan belang
Door de grote doorzet van aardgas naar het GTS-net blijft Gate een belangrijke bijdrage leveren aan de
leveringszekerheid van aardgas in Nederland, de positionering van het Gasunie-netwerk in de
internationale gasstromen en aan de marktwerking voor aardgas in onze Noordwest-Europese regio. In
2020 zagen we opnieuw een stijging in het aantal bunkertankers en containertrucks dat bij Gate
kwamen laden. Dit laat zien dat LNG als relatief schone brandstof voor industriële toepassingen en de
transportsector aan belang wint.
Voor schepen op stookolie vormt LNG een schoner brandstofalternatief. Vrachtwagens die op LNG
rijden, zijn stiller, hebben een lagere uitstoot van COen veroorzaken vrijwel geen luchtvervuiling door
fijnstof, stikstofoxide of zwaveloxide. LNG is daarom een veelbelovende keuze voor de transitie naar
schoner vervoer. LNG in containers wordt geleverd aan industrieën die niet op een aardgasnet zijn
aangesloten en toch de voordelen van deze brandstof kunnen benutten.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
38
2020 2019
Invoeding van LNG in GTS-netwerk in miljard m3 6,7 7,3
Aantal grote tankers 90 103
Aantal kleinere tankers 125 69
Aantal geladen trucks en containers 5.409 3.466
Van de grote tankers kwamen er in 2020 84 lossen en 6 laden. Van de 125 kleinere tankers kwamen er in 2020 7 lossen en 118
laden. Alle laad- en losacties betreffen vloeibaar aardgas. LNG dat vanuit Gate in het GTS-netwerk wordt ingevoed is eerst
gasvormig gemaakt.
EnergyStock: vrijwel volgeboekt
Net als in de afgelopen jaren is EnergyStock er in 2020 in geslaagd om haar capaciteit vrijwel geheel te
vermarkten. Dat is bijzonder, omdat de markt voor flexibiliteit in Noordwest-Europa een structureel
overaanbod kent waardoor de tarieven voor opslagdiensten al jaren onder druk staan. De installatie van
EnergyStock onderscheidt zich van andere gasopslagen door zeer snelle cycli van input en output
waardoor ze aantrekkelijk blijft voor shippers.
Nord Stream: ontheffing voor regulering
In 2020 heeft Nord Stream 59,2miljard m aardgas getransporteerd, nagenoeg gelijk aan de twee
voorgaande jaren 2019 (58,5miljard m ) en 2018 (58,8miljard m ).
In mei 2020 heeft Nord Stream een ontheffing gekregen van de Duitse Bundesnetzagentur voor
toepassing van de Europese reguleringsmaatregelen. Na een wijziging van de Europese Gasrichtlijn
gelden deze maatregelen ook voor pijpleidingen tussen de EU en derde landen, zoals Nord Stream. Voor
deze interconnectoren kan een ontheffing worden aangevraagd. Omdat de wettelijke kaders in de EU
en Rusland niet op elkaar zijn afgestemd heeft Nord Stream een ontheffing aangevraagd. Zodoende
hoeft bijvoorbeeld de aandeelhoudersstructuur van Nord Stream niet aangepast te worden en blijven
contractuele afspraken over het toekennen van capaciteit in de pijpleiding ongewijzigd. De ontheffing
voor Nord Stream is toegekend voor de volledige capaciteit van de pijpleiding en beslaat de maximaal
mogelijke periode van twintig jaar.
3
3 3
We minimaliseren onze kosten met behoud van onze licence to
operate
Risicogebaseerd Assetmanagement
Om de leveringszekerheid te kunnen borgen is professioneel asset management essentieel. Onze
assets worden risicogebaseerd onderhouden. We brengen onze risico’s in kaart met behulp van een
risicomatrix. Alle knelpunten in het systeem krijgen een risicobeoordeling op het gebied van veiligheid,
transportzekerheid, duurzaamheid en (financiële) schade.
We gebruiken deze risicobeoordeling om vervangingsinvesteringen goed te keuren. Op deze wijze
nemen we op een kostenefficiënte manier zoveel mogelijk risico’s weg en voeren we geen onnodige
werkzaamheden uit. Jaarlijks wordt een deel van de installaties opnieuw op risico’s geanalyseerd en
beoordeeld.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
39
Onze risicogebaseerd asset managementmodel
Risico-reducerende maatregelen nemen we in principe alleen als de kosten daarvan significant lager
zijn dan de contante waarde van het risico. Grote vervangingsprogramma’s worden jaarlijks
geëvalueerd. Daarbij krijgen we steeds beter inzicht in de risicos die aan de te vervangen systeemdelen
verbonden zijn en door de vervanging worden gereduceerd, onder andere door de inspectie van
vervangen materialen.
De programma’s worden naar aanleiding van de bevindingen uit de evaluatie bijgesteld. We zien
daardoor in de afgelopen jaren de investeringen binnen ons vervangings- en onderhoudsprogramma
sterk afnemen. We verwachten dat de ongeplande vervangings- en onderhoudsinvesteringen daardoor
de komende jaren licht gaan stijgen.
Verder worden de risicoanalyses regelmatig gebruikt in het overleg met de toezichthouders (ACM,
Staatstoezicht op de Mijnen, inspectie Leefomgeving en Transport, inspectie Sociale Zaken en
Werkgelegenheid, Agentschap Telecom en vergunningverleners).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
40
Veiligheid van het netwerk
Aantal ongevallen en verzuim
Het aantal ongevallen monitoren we met de Total Reportable Frequency Index (TRFI, het aantal
ongevallen gevolgd door verzuim, medische handelingen, vervangend werk of fataliteit per 1miljoen
werkuren). In 2020 hebben zich 29 (2019: 27) ongevallen voorgedaan waarvan 10 (2019: 9) reportable
ongevallen. Dit geeft een TRFI van 2,0 (2019: 1,7). Bij 5ongevallen was er sprake van verzuim (2019: 5). Als
doelstelling hebben wij een TRFI die lager of hooguit gelijk is aan 2,7.
Het totale aantal gewerkte uren door Gasunie-medewerkers en medewerkers van derden is gedaald van
5,37miljoen naar 4,88miljoen uren. De stijging van de TRFI wordt dus veroorzaakt door meer reportable
ongevallen in 2020 in combinatie met minder gewerkte uren.
Het aantal reportable ongevallen bij zowel Gasunie in Nederland (7) als Gasunie in Duitsland (3) blijft
laag. We zijn tevreden met deze prestatie. Dit laat onverlet dat we ook in 2021 onverminderd aandacht
blijven besteden aan het verbeteren van onze veiligheidsperformance.
3,5
3,2
3,4
1,7
2
1,5 2,0 2,5 3,0 3,5 4,0
2016 2017 2018 2019 2020
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
41
Uncontrolled events
Uncontrolled events is een nieuwe KPI, die de oude KPI Leidingbeschadigingen vervangt. Uncontrolled
events zijn incidenten met gasuitstroom ((aard)gas, waterstof, stikstof, lucht) van meer dan 14.000m
uit een door Gasunie beheerde drukhouder met een ontwerpdruk van 8bar of hoger. Er heeft zich in
2020 geen uncontrolled event voorgedaan (2019: 1). Gasunie hanteert de eis dat het aantal uncontrolled
events jaarlijks lager ligt of hooguit gelijk is aan 3.
3
19
16
17
9
10
8 10 12 14 16 18 20
2016 2017 2018 2019 2020
3
4
2
1
0
0 1 2 3 4 5
2016 2017 2018 2019 2020
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
42
Europese benchmark leidingincidenten
Europese gastransportbedrijven registreren hun leidingincidenten op eenzelfde manier, waardoor de
prestaties onderling goed te vergelijken zijn. De registratie vindt plaats binnen de European Gas
pipeline Incident data Group (EGIG), waar zowel leidinglengtes als leidingincidenten met gasuitstroom
worden geregistreerd.
Met deze EGIG-gegevens wordt een zogenoemde faalfrequentie bepaald. Dit is de frequentie (per km per
jaar) van leidingincidenten met gasuitstroom door onder andere graafwerkzaamheden, corrosie,
constructiefouten en materiaalfouten.
Ten aanzien van leidingincidenten met gasuitstroom scoren wij iets beter dan het Europese
gemiddelde. De laatste jaren zijn de prestaties in de sector steeds verder verbeterd. De gemiddelde
score komt voor Gasunie in 2020 rond de 0,07incidenten per 1.000kilometer per jaar uit.
Vijfjaars voortschrijdend gemiddelde van de faalfrequentie. Het EGIG-gemiddelde van het jaar 2020 was nog niet bekend op
het moment van het uitkomen van dit verslag.
Inspecties
Om de integriteit van de leidingsystemen te borgen, inspecteren GTS en GUD jaarlijks een deel van hun
leidingsysteem. GTS voerde in 2020 drie pigruns uit, waarmee in totaal 32kilometer aan leidingen
inwendig werd geïnspecteerd. Daarnaast inspecteerde GTS 24kilometer leidingen bovengronds in de
vorm van ECDA-surveys.
Adequate en robuuste financiering
Voor het minimaliseren van onze kosten kijken we naast onze operationele bedrijfsvoering ook naar de
wijze van financiering. Om onze taken voor onze klanten te kunnen uitvoeren en noodzakelijk geachte
investeringen te kunnen doen, willen we toegang tot de (internationale) geld- en kapitaalmarkt. Het
0,17 0,17
0,16
0,14
0,16 0,16 0,16
0,17 0,17
0,16
0,13
0,14 0,14 0,14
0,13 0,13
0
0,25
0,2
0,17
0,14
0,17
0,12
0,08
0,11
0,13
0,1
0,11
0,12 0,12
0,11 0,11
0,1
0,07
2004 2006 2008 2010 2012 2014 2016 2018 2020
0,00
0,05
0,10
0,15
0,20
0,25
0,30
EGIG Gasunie
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
43
hebben van adequate credit ratings is hierbij essentieel. Gasunie voert daarom een conservatief
financieel beleid dat gericht is op het handhaven van een sterke A-credit rating. Dit beleid wordt
gesteund door onze aandeelhouder, de Nederlandse staat.
Daarnaast is ons financiële beleid gericht op het reduceren van financiële risico’s tegen minimale
kosten. Afgeleide financiële instrumenten worden alleen ingezet om risico’s te verkleinen en zijn
uitdrukkelijk niet toegestaan om speculatieve posities te creëren.
In 2020 hebben wij geen obligatielening uitgegeven. Wel hebben we gebruik gemaakt van kortlopende
deposito’s op de geldmarkt en van ons Euro Commercial Paper (ECP) programma. Ultimo 2020 staan
kortlopende deposito’s en ECP leningen uit ter hoogte van €225 miljoen (ultimo 2019:395 miljoen).
De nominale rentedragende schulden inzake de obligatieleningen en de onderhandse leningen
bedragen ultimo 2020 3.102 (ultimo 2019: €3.124). Hiervan is ultimo 2020 een bedrag van €733 miljoen
als kortlopende schuld gepresenteerd. Dit bedrag ziet toe op de aflossingsverplichting voor twee
obligatieleningen in 2021. De balanspost liquide middelen bedroeg ultimo 2020 €18 miljoen (ultimo 2019:
€45 miljoen). Onze netto schuldpositie (nominale rentedragende schuld minus kasmiddelen)nam in
2020 af met €154 miljoen tot €3.309 miljoen.Gasunie’s solvabiliteit is eind 2020 uitgekomen op 61%,
tegen 59% eind 2019.
Gedurende 2020 is onze gecommitteerde kredietfaciliteit vernieuwd en zijn er duurzaamheidscriteria
aan toegevoegd. De faciliteit bedraagt nu €600 miljoen. In 2021 moeten twee obligatieleningen van in
totaal 733 miljoen worden afgelost. In 2022 zijn er twee obligatieleningen van in totaal €494 miljoen
die moeten worden afgelost.
Credit Ratings
Onze credit ratings zijn in 2020 ongewijzigd hoog gebleven. De belangrijkste redenen voor onze goede
ratings zijn: het solide financieel profiel, de Nederlandse staat als aandeelhouder, duidelijkheid ten
aanzien van het Nederlandse en Duitse reguleringskader in de komende jaren en de belangrijke rol die
Gasunie speelt in het behalen van de Europese en nationale energietransitiedoelen.
Langetermijn-creditratings 2020 2019
Standard &Poors AA- AA-
Moody’sInvestorsService A1 A1
ESG-rating
Naast creditratings heeft Gasunie sinds enkele jaren ook een rating voor maatschappelijk verantwoord
ondernemen (MVO), afgegeven door Sustainalytics. 2020 was het eerste jaar dat Gasunie actief
medewerking heeft gegeven met het opstellen van deze zogeheten ESG-rating. ESG staat voor
Environmental, Social & Governance.
De ESG-rating voor 2020 kwam uit op 24,4. Dat is een goede verbetering ten opzichte van 2019, toen we
op 29,0 uitkwamen. Hoe lager de score, hoe beter Gasunie milieu-, sociale en governance-risico’s
beheerst. Hiermee nemen we, binnen een groep van 67gasbedrijven, dit jaar een 7e plaats in als het
gaat om maatschappelijk verantwoord ondernemen. Een ESG-rating lager dan 20 komt in onze
peergroup niet voor.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
44
Voor Gasunie is de ESG-rating belangrijker geworden, omdat we de komende jaren veel willen
investeren in de energietransitie. Deze investeringen kunnen interessant zijn voor ‘groene
investeerders. Zij letten nadrukkelijk ook op de MVO-prestaties van de bedrijven waar ze hun geld aan
uitlenen. De komende jaren willen we onze ESG-rating elk jaar verbeteren.
ESG Risk Rating 2020 2019
24,4 29,0
Gereguleerde omzet en tarieven
Ongeveer 90% van onze jaaromzet komt uit activiteiten waarin wij -bij wet geregeld- monopolist zijn.
Toezichthouders zien erop toe dat wij deze activiteiten uitvoeren tegen zo laag mogelijke kosten. De
tarieven die de gereguleerde onderdelen van onze business units GTS en GUD aan klanten in rekening
brengen, worden jaarlijks vastgesteld door de betreffende nationale toezichthouder. Ze worden bepaald
door de toegestane omzet voor het desbetreffende jaar te delen door de geschatte omvang van de
capaciteitsvraag.
De door de toezichthouders toegestane omzet bestaat uit een vermogenskostenvergoeding voor het
geïnvesteerd vermogen, een vergoeding voor de jaarlijkse afschrijvingskosten (berekend op basis van de
door de toezichthouder vastgestelde afschrijvingstermijnen en activawaarde) en een vergoeding voor
de operationele kosten. Wanneer de behaalde omzet afwijkt van de toegestane omzet, wordt het
verschil verrekend in volgende jaren.
De toezichthouders stellen elke drie tot vijf jaar de methode van regulering opnieuw vast. De huidige
reguleringsperiode loopt in Nederland van 2017 tot en met 2021 en in Duitsland van 2018 tot en met 2022.
Regulering GTS
Op 31 augustus 2020 heeft de ACM een ontwerp-methodebesluit gepubliceerd voor de periode 2022 tot
en met 2026. In aanloop naar dit ontwerp-methodebesluit heeft de ACM onderzoek gedaan naar de
benutting van het gastransportnetwerk en de ontwikkeling van de toekomstige transport-tarieven en
naar het wijzigen van de schattingsmethode voor de efficiënte kapitaalkosten. Dit onderzoek is
uitgevoerd om de regulering beter te laten aansluiten bij ontwikkelingen als gevolg van de
energietransitie. De uitkomsten van de onderzoeken zijn meegenomen in het ontwerp-
methodebesluit.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
45
Daarnaast heeft de ACM in het ontwerp-methodebesluit gebruik gemaakt van een vergelijking van de
kostenefficiëntie van GTS met die van andere Europese gastransportbedrijven (kostenbenchmark). Tot
slot heeft de ACM ter voorbereiding van het ontwerp-methodebesluit (online) klankbordgroepen
georganiseerd voor belanghebbenden (zoals GTS en organisaties die de klanten van GTS
vertegenwoordigen).
Na publicatie van het ontwerp-methodebesluit volgde een consultatieperiode van zes weken.
Belanghebbenden hadden in deze zes weken de tijd om hun zienswijze op het ontwerp-methodebesluit
zowel schriftelijk als mondeling kenbaar te maken aan de ACM. GTS heeft via een schriftelijke
zienswijze en een hoorzitting gebruik gemaakt van beide mogelijkheden.
Op 1 februari 2021 heeft de ACM het methodebesluit 2022-2026 gepubliceerd. GTS mag kosten van
historische investeringen in het netwerk eerder in rekening brengen bij netgebruikers. Op die manier
wordt rekening gehouden met de toekomstige afname van het gasgebruik als gevolg van de
energietransitie. Voor de reguleringsperiode 2022-2026 is de gemiddeld gewogen statische efficiency
van GTS door ACM vastgesteld op 96,1% * (huidige methodebesluit: 88,6%). GTS heeft in de voorbije jaren
aantoonbaar gewerkt aan het verbeteren van haar efficiency, onder meer door middel van personele
herstructureringen, kostenbesparingen en onderhoudsoptimalisatie. Hoewel GTS herkent dat de
stevige kostenreducties van de afgelopen jaren een verbetering van de efficiencyscore tot gevolg
hebben en verheugd is dat ook de ACM hiervoor erkenning heeft, onderzoekt zij in hoeverre en tegen
welke elementen van het methodebesluit in beroep zal worden gegaan.
Als gevolg van het methodebesluit 2022-2026 is een impairment test uitgevoerd, waarbij de
realiseerbare waarde is herberekend. Naast de elementen uit het methodebesluit is hierin een aantal
variabelen, zoals de verwachte operationele kostenontwikkeling, het investeringsniveau en de IFRS-
disconteringsvoet bepaald.
Uitgaande van de nominale disconteringsvoet met een langlopend karakter, zou de realiseerbare
waarde van het gastransportnetwerk in Nederland nagenoeg gelijk zijn aan de boekwaarde. Omdat in
de context van het bepalen van de realiseerbare waarde onder IFRS met de actuele en meer volatiele
marktrentes op de balansdatum is gerekend, ligt de IFRS waardering van het gastransportnetwerk in
Nederland ultimo 2020 ongeveer 300 miljoen boven de boekwaarde. Dit bedrag is verantwoord als een
terugname van een eerder verantwoorde bijzondere waardevermindering. Deze terugname is daarmee
met name toe te rekenen aan het effect van de IFRS-disconteringsvoet op balansdatum.
In mei 2021 wordt het tarievenbesluit 2022 gepubliceerd door de ACM. Dit zal het eerste tarievenbesluit
zijn dat wordt genomen onder het nieuwe methodebesluit.
* Dit houdt in dat we van elke bestede euro die onder de reikwijdte van de benchmark valt, €0,961 mogen
terugverdienen.
Risicobeheersing
In 2020 heeft de ACM het codebesluit 'overschrijding kredietlimiet en implementatie van het
neutraliteitsbeginsel' (wijziging van de Transportcode) gepubliceerd. Aanleiding voor dit besluit is een
incident eind 2018, waarbij een programmaverantwoordelijke grote financiële schade veroorzaakte op
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
46
de balanceringsmarkt. Dit codebesluit helpt ons bij het inperken van de financiële schade voor de markt
bij dergelijke incidenten en regelt de manier waarop kosten moeten worden verdeeld onder
netgebruikers, voor zover er toch financiële schade ontstaat.
Regulering GUD
In 2019 is een wetsvoorstel aangenomen met betrekking tot de wijziging van de regeling voor
investeringsmaatregelen (ARegV). Het Duitse ministerie van Economische Zaken onderzoekt of het
huidige reguleringsregime in de toekomst moet worden aangepast. Er hebben diverse bijeenkomsten
plaatsgevonden tussen het ministerie en de netbeheerders om ook mogelijke overgangsregelingen te
bespreken. Tegen deze achtergrond wordt een wijziging van het regime voor investeringsmaatregelen
steeds waarschijnlijker. GUD neemt deel aan deze gesprekken. Begin 2021 verwachten we nieuwe
stappen in het besluitvormingsproces van het ministerie. Op dit moment is nog niet bekend hoe het
wetsontwerp eruit gaat zien.
GUD is een van de partijen die in beroep is gegaan tegen de hoogte van de collectieve efficiencykorting
voor netbeheerders. De hoorzitting bij het Federale Hof van Justitie vond plaats op 10november 2020.
Op 26januari 2021 kwam het Hof met zijn vonnisoordeel waarin de netbeheerders in het ongelijk
werden gesteld.
De milieu-impact van ons aardgastransport
Gasunie vervoert en slaat aardgas op in opdracht van derden, die hiervoor capaciteit op onze netten en
in onze bergingen reserveren. Aardgas heeft een lage CO-uitstoot vergeleken met andere fossiele
brandstoffen. Voor het transport is energie nodig. Deze energie gebruiken we om wrijvingsverliezen
tijdens transport te compenseren, het gasnet op druk te houden en voor het mengen van aardgas met
stikstof. Gasunie zet hiervoor aardgas en elektriciteit in. De verbranding van dit aardgas en de
opwekking van deze elektriciteit zorgt voor CO-emissies en NO-emissies.
Daarnaast komt er bij het beheer en onderhoud van onze infrastructuur aardgas vrij. Dat gebeurt bij
Aardgas bestaat voornamelijk uit methaan. Net als koolstofdioxide is methaan eenbroeikasgas. Wij
berekenen de bijdrage aan het broeikasgaseffect in koolstofdioxide equivalenten, afgekort CO-eq.
Hierbij gaan we ervan uit dat 1kilogram methaan 25keer zoveel klimaatverandering veroorzaakt als
1kilogram CO.
het starten en het stoppen van compressoren;
het aansturen van apparatuur met aardgasdruk (pneumatische componenten);
sluipende lekkages;
werkzaamheden aan het transportnet.
Onze emissies
We rapporteren onze CO-emissies volgens de regels van het Greenhouse Gas Protocol waarbij de
emissies worden ingedeeld in drie groepen (scopes). De voetafdruk wordt hierbij uitgedrukt in
zogenoemde CO-equivalenten. Dit betekent dat emissies ten gevolge van energiegebruik en
aardgasemissies worden omgerekend in een hoeveelheid CO. Deze hoeveelheid CO is een maat voor
klimaatverandering.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
47
Scope 2020 2019 2018 2017 2016
(in kiloton CO2-equivalenten)
1 (direct gevolg van eigen bedrijfsactiviteiten) 286 248 255 260 307
2 (indirect gevolg van ingekochte energie) 398 397 412 451 395
3 (overige indirect gevolg bijv. ingekochte stikstof) 373 298 221 182 115
Totaal bruto scope 1 + 2 + 3
1056 943 888 892 817
Vergroening GvO's scope 1 0 0 0 0 0
Vergroening GvO's scope 2 398 317 247 180 78
Vergroening GvO's scope 3 330 204 111 67 0
Totaal Vergroening door GvO's 728 521 358 247 78
Totaal netto scope 1 + 2 + 3 328 422 530 645 739
CO-equivalenten volgens het Greenhouse Gas Protocol. In deze tabel gebruiken we bruto en netto CO-equivalent
emissies. Bruto CO-equivalent emissies zijn niet gecorrigeerd voor groen ingekochte elektriciteit.
De verlaging van de nettoCO-equivalente emissies ten opzichte van de voorgaande jaren is het gevolg
van de vergroening van ons elektriciteitsverbruik. We vergroenen het gebruik van elektriciteit door de
aankoop van Garanties van Oorsprong en de inkoop van groene stroom (scope 2 en 3). In 2020 heeft
Gasunie in Nederland Garanties van Oorsprong van Europese windmolenparken aangekocht. Met deze
aankoop is 100% van het elektriciteitsverbruik vergroend. In Duitsland heeft Gasunie haar
elektriciteitsverbruik direct groen ingekocht bij de elektriciteitsleverancier.
De brutoCO-equivalente emissies nemen geleidelijk toe. Sinds het kabinetsbesluit om het
winningsniveau van het Groningenveld te verlagen, is onze inzet van kwaliteitsconversie in Nederland
gestegen van 5,7miljard m in 2013 naar 33,3miljard m in 2020. Door de afname van de productie uit
het Groningenveld wordt steeds meer hoogcalorisch gas ingekocht dat vervolgens op de juiste kwaliteit
moet worden gebracht. Deze kwaliteitsconversie vindt plaats met zelfgeproduceerde stikstof (scope 2)
en stikstof dat bij derden wordt ingekocht (scope3). Voor de productie van stikstof is energie
(elektriciteit) nodig. In scope3 worden de CO-equivalenten als gevolg van de ingekochte stikstof
meegenomen. In 2020 hebben we ongeveer 330kiloton CO-equivalenten groen ingekocht voor de
productie van stikstof bij derden. Dit is circa 89% van de elektriciteit die voor de inkoop van stikstof
benodigd was.
Een uitgebreidere rapportage van onze CO-emissies is te vinden in de bijlage Overige data veiligheid
en milieu.
3 3
Onze methaanemissies
Onze methaanemissies (scope1) nemen door de jaren af. In 2020 zien we echter een stijging. Door een
verhoogde inzet van het compressorstation Wieringermeer is er meer methaan vrijgekomen. Het meer
inzetten van de gasturbines op dit station betekent meer onverbrande koolwaterstoffen. De grotere
inzet van het compressorstation in Wieringermeer hangt samen met wijzigingen in de transportroutes
van aardgas door de verminderde productie van het Groningenveld.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
48
De stijging van de methaanemissies wordt gedempt doordat de we in 2020 ten opzichte van 2019
minder gas hebben afgeblazen en door een vermindering van de emissies die we met ons Leak
Detection and Repair (LDAR) programma hebben vastgesteld. De vermindering van deze emissies is
bereikt door meting en reparatie van de gevonden lekken.
Methaanemissie GTS in perspectief
Ongeveer 4% van de door de mens veroorzaakte
methaanemissies in Nederland is aan de energiesector toe te
schrijven. Een vijfde van deze 4% is afkomstig van het
transportsysteem van GTS. Onze methaanemissie is circa
0,01% van het totaal getransporteerde volume aardgas in
Nederland.
Onze maatregelen
Er is ons veel aan gelegen om onze CO-voetafdruk te reduceren. Het effectiefst zijn we daarbij als we
onze methaanemissies kunnen verkleinen. We verminderen onze CO-equivalent-voetafdruk op de
volgende manieren:
1.
2.
3.
4.
5.
6. 7.
8.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
49
1. Emissiereductie bij het gasvrij maken
van leidingen en bij compressie
a. Wij gebruiken al enige jaren een mobiele
hercompressie-unit waarmee we gas, dat
anders zou moeten worden afgeblazen,
hercomprimeren en in een andere leiding
overbrengen. Zo hoeven we minder gas af te
blazen. In 2020 is door hercompressie ca 597.000
m³ terug in het netwerk gebracht.
b. Een andere manier om het afblazen van gas
uit een leiding te voorkomen is verdringing met
stikstof waarbij het gas wordt overgebracht in
een andere leiding. Daar waar de situatie het
toelaat, wordt deze techniek ingezet.
c. Flare (affakkelen): naast hercompressie flaren
we ook gas. Dit gebeurt door de inzet van een
mobiele flare-installatie. In 2020 heeft Gasunie
zelf een mobiele flare-installatie aangeschaft. De
milieubelasting door flaren, waarbij het aardgas
wordt verbrand, is lager dan wanneer het gas
wordt afgeblazen. In 2020 is ongeveer 525.000
m³ aardgas geflared. In 2019 was dit 872.000
m³. Het flaren ten opzichte van het afblazen van
aardgas heeft in 2020 een milieuwinst van 6,7
kiloton CO-equivalenten opgeleverd. Ter
vergelijking: Gasunie’s totale netto-emissies aan
CO-equivalenten bedroeg in 2020 328 kiloton.
2. Vergroenen van eigen
elektriciteitsverbruik
We vergroenen ons elektriciteitsverbruik door de
aankoop van Garanties van Oorsprong (GvO's). In
2020 hebben we GvO's van Europese
windmolenparken aangekocht. Met deze
aankoop is 100% van het elektriciteitsverbruik
vergroend. Gasunie Duitsland heeft haar
elektriciteitsverbruik direct groen ingekocht bij
de elektriciteitsleverancier.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
50
3. Leak Detection And Repair (LDAR)-
programma
Een deel van de methaanemissies wordt
veroorzaakt door kleine lekkages bij
verbindingen en appendages. Het opsporen van
deze lekkages is complex vanwege de grote
aantallen stations en de lengte van het
transportsysteem. We hebben een LDAR-
programma opgezet met als doel de lekken op te
sporen, vast te stellen hoeveel er lekt en te
repareren. We maken hierbij gebruik van de
NEN-EN 15446 meetmethode die is ontwikkeld
door het 'Environmental Protection Agency'
(EPA). Gasunie heeft een LDAR- programma op
verschillende typen locaties zoals
compressorstations, gasontvangstations, meet-
en regelstations en hogedruk-afsluiterlocaties.
4. Verdringing met stikstof
Een andere manier om het afblazen van gas uit
een leiding te voorkomen is verdringing met
stikstof waarbij het gas wordt overgebracht in
een andere leiding. Daar waar de situatie het
toelaat, wordt deze techniek ingezet.
5. Tijdelijk buiten bedrijf stellen van
compressorstations
Als gevolg van de afname van de
Groningengasproductie overwegen we een
aantal compressorstations tijdelijk buiten
bedrijf te stellen. We onderzoeken of deze assets
in de toekomst kunnen worden aangewend ten
gunste van de energietransitie. We zijn van plan
daar nog een aantal assets aan te voegen in de
periode 2021-2024. Dit zorgt ervoor dat we in de
komende jaren minder broeikasgassen
emitteren en minder energie gebruiken.
6. Vergroenen van stikstofproductie bij
derden
Door de afname van de productie uit het
Groningenveld wordt steeds meer hoogcalorisch
gas ingekocht dat vervolgens op de juiste
kwaliteit moet worden gebracht. Deze
kwaliteitsconversie vindt plaats met
zelfgeproduceerde stikstof en stikstof die bij
derden wordt ingekocht. In 2020 hebben we
ongeveer 330 kiloton CO-equivalenten groen
ingekocht voor de productie van stikstof bij
derden. Dit is circa 89% van de elektriciteit die
voor de inkoop van stikstof benodigd was.
7. Mobiele hercompresie
Wij gebruiken al enige jaren een mobiele
hercompressie-unit waarmee we gas, dat
anders zou moeten worden afgeblazen,
hercomprimeren en in een andere leiding
overbrengen. Zo hoeven we minder gas af te
blazen. In 2020 is door hercompressie ca 597.000
m³ terug in het netwerk gebracht.
8. Emitterende regelapparatuur
In 2018 namen we het besluit om te stoppen met
de renovatie van onze meet- en regelstations.
Hierdoor is het emissievrij maken van de
stations vertraagd. Alternatieven voor het
emissievrij maken zijn in ontwikkeling. Zo
wordt in het voorjaar van 2021 een nieuw
emissievrij regelconcept beproefd voor de
aansturing van huidige regelkleppen. Op basis
van de resultaten gaan we keuzes maken.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
51
Onze ambities voor de CO-voetafdrukreductie
De doelstelling voor 2020 is gehaald. In 2021 gaan we ons beleid en onze doelstellingen voor MVO
vernieuwen. Daarbij zullen we de doelstellingen voor 2030 op het gebied van emissies van onze eigen
bedrijfsactiviteiten ook herijken.
In 2019 hebben we de Methane Guiding Principlesondertekend. Dit is een vrijwillig, internationaal
partnerschap tussen bedrijven binnen de aardgasketen, met als doel het significant verminderen van
methaanemissies.
De Europese Commissie heeft in 2020 een strategie gelanceerd om methaanemissies binnen de
energiesector verder terug te dringen. De belangrijkste elementen van de nota van de Europese
Commissie zijn transparante rapportage, het uitvoeren van ’Leak Detection And Repair-programma’s
(LDAR) en het terugdringen van het venten en flarenvan aardgas in de energiesector. In 2021 wordt
aanvullende wetgeving op dit gebied verwacht.
Gasunie wil een actieve bijdrage leveren aan vermindering van de methaanemissies en op dit gebied bij
de koplopers van Europa horen. Daarom heeft Gasunie zich in 2020 opgegeven voor een vrijwillig
rapportageprogramma van het Oil and Gas Methane Partnership (OGMP). OGMP wordt als leidend
instrument gezien voor rapportage en wordt ondersteund door de EU en door UNEP (United Nations
Environmental Program).
2020: Emissies die een direct gevolg zijn van onze eigen bedrijfsactiviteiten reduceren met 20% ten
opzichte van het referentiejaar 1990 (124kiloton)*.
2030: Emissies die een direct gevolg zijn van onze eigen bedrijfsactiviteiten tot en met 2030
gemiddeld jaarlijks met 4% reduceren ten opzichte van de gemiddelde emissies in de drie
voorgaande jaren. Dit realiseren we in belangrijke mate door het terugdringen van onze
methaanemissies.
2030: De methaanemissie (netwerkverliezen) bedraagt in 2030 (omgerekend) maximaal 50kiloton
CO-equivalenten. Met deze ambitie blijven wij Europees koploper op dit gebied. In onderstaande
grafiek zijn de doelstellingen weergegeven.
2050: onze infrastructuur is vanaf 2050 volledig CO-neutraal.
Milieuafwijkingen
We houden een administratie bij van milieuafwijkingen, zodat we hiervankunnenleren en daar waar
mogelijk adequaat actie kunnen ondernemen om milieuschade in de toekomst te beperken. De
milieuafwijkingen bestaan voor het overgrote deel uit meldingen van derden over gaslucht of kleine
lekkages. In 2020 is er ten opzichte van 2019 een afname van deze meldingen vanderden. Ook zijn er
intern minder incidenten met aardgaslekkage.
Het aantal gemelde milieuafwijkingen voor Gasunie in Nederland en Duitsland is:
Milieuafwijkingen 2020 2019
Milieu-incidenten 27 48
Milieuklachten 108 103
Totaal 131 151
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
52
Van de milieuklachten zijn er:
Afwijkingen milieu-wet- en regelgeving
14 klachten waarbij we niet betrokken zijn. Het gaat hier meestal om leidingen van bedrijven die
direct op ons netwerk zijn aangesloten;
33 klachten waarbij door onszelf geen afwijking is geconstateerd.
2020 2019
Afwijking van milieu-wet- en regelgeving 0 1
Afwijking milieuzorgsysteem 0 0
Totaal 0 1
In 2020 waren er geen afwijkingen van milieu-wet- en regelgeving of van het milieuzorgsysteem.
Significante boetes milieu-wet- en regelgeving
Gasunie heeft in 2020 geen significante boetes betreffende milieu ontvangen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
53
03 Europees verbindend
Europees verbindend
De tijd dat Gasunie een Nederlands bedrijf was dat Gronings gas naar Nederlandse afnemers
transporteerde, ligt ver achter ons. Alle nationale gasnetten in Europa zijn tegenwoordig met elkaar
verbonden. Marktpartijen laten via capaciteitsboekingen aardgas van de ene kant van het continent
naar de andere kant stromen, al dan niet virtueel. Met onze infrastructuur, dienstverlening en
geografische positie bevindt Gasunie zich in het hart van de Noordwest-Europese gasmarkt. Onze
netten en opslagfaciliteiten in Nederland en Noord-Duitsland vormen een internationale
gasrotonde.
Tot de energietransitie medio deze eeuw is afgerond, speelt aardgas nog een cruciale rol in de Europese
energievoorziening. Tegelijkertijd is de rol van het Groningenveld vanaf 2022 uitgespeeld. Daarom is het
belangrijk dat we zorgen dat onze gasinfrastructuur internationaal gezien aantrekkelijk blijft voor
marktpartijen om te gebruiken. Dat is goed voor de leveringszekerheid van Europa, en goed voor de
leveringszekerheid in Nederland en Noord-Duitsland. Dit is de tweede pijler onder de strategie van
Gasunie:
We versterken onze positie in ons kerngebied door het opstarten van nieuwe
aardgasactiviteiten, alleen of met anderen
De meeste aardgasinvesteringen doen we in Duitsland, omdat dit land een belangrijke schakel is in de
gasrotonde, en omdat de vraag naar aardgas in Duitsland nog altijd stijgt. We bouwen mee aan de
nieuwe grote EUGAL-leiding, plannen een LNG-terminal in Brunsbüttel en sluiten andere LNG-
terminal(s) aan op ons Duitse net. We vergemakkelijken grensoverschrijdend gastransport en we
maken het voor Volkswagen mogelijk te stoppen met kolenstroom.
We helpen om de productie uit het Groningenveld zo snel mogelijk naar nul te brengen
en adviseren hoe Noordwest-Europa tijdens de energietransitie verzekerd kan blijven
van levering van energie
We bouwen extra conversiecapaciteit om buitenlands gas naar Groningen-kwaliteit te transformeren.
Ook breiden we onze aardgasbuffercapaciteit in Zuidwending uit en we zetten grote Nederlandse
gasgebruikers over naar hoogcalorisch gas. Daarnaast realiseren we marktintegratie in Duitsland. En
doen we langetermijnverkenningen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
54
We versterken onze positie in ons kerngebied via partnerschappen
en nieuwe initiatieven
EnergyStock: extra caverne
In het Groningse Zuidwending ligt de ondergrondse aardgasberging van Gasunie-dochter EnergyStock.
EnergyStock verhuurt deze opslagruimte aan derden, die de opslagfaciliteit willen gebruiken als buffer
om verschillen tussen vraag en aanbod op te vangen of om op een later moment te verhandelen. Eind
2020 hebben we de capaciteit van de aardgasbuffer met 30% uitgebreid met de ingebruikname van een
zesde caverne. Deze uitbreiding naar 3,65TWh stelt EnergyStock in staat om haar dienstverlening te
optimaliseren en haar marktaandeel verder te vergroten. In januari 2021 was het tien jaar geleden dat
we de aardgasbuffer Zuidwending in gebruik namen.
Nieuwe LNG-terminal in Duitsland
Tijdens de energietransitie is een goede infrastructuur voor transport en opslag van aardgas in
Noordwest-Europa van groot belang. Mede als gevolg van de in medio 2020 door het Duits parlement
aangenomen wet om alle opwekking van elektriciteit uit steenkool en bruinkool stapsgewijs te
beëindigen, is er behoefte in Duitsland aan meer diversificatie in de importcapaciteit voor aardgas. In
2021 wil Gasunie samen met partners Vopak en Oiltanking een voorwaardelijkbesluit nemen om een
LNG-importterminal in Brunsbüttel in Sleeswijk-Holstein te bouwen waarmee we meer aardgas uit
andere continenten naar Noordwest-Europa kunnen laten komen.
Conversie van Duitse eindgebruikers laagcalorisch gas
Door de afnemende productie van laagcalorisch gas in zowel Duitsland als Nederland moeten de
installaties van Duitse eindgebruikers worden omgebouwd om op hoogcalorisch gas te kunnen
werken. Eind 2020 was ongeveer 65% van de laagcalorische gasmarkt in het gebied van GUD en de
aangrenzende regionale netwerken omgezet naar hoogcalorisch gas. Verdere conversieprojecten zijn
gepland, zodat eind 2021 meer dan 90% van deze laagcalorische gasmarkt zal zijn geconverteerd.
Fusie van de Duitse marktgebieden
Na een wettelijke verplichting zijn alle Duitse transportnetbeheerders gezamenlijk in 2018 begonnen
met een project om de twee bestaande Duitse gasmarktgebieden GASPOOL en NetConnect te
combineren tot een groot virtueel handelsknooppunt in Duitsland met één marktgebied-operator. De
nieuwe operator van het marktgebied gaat Trading Hub Europe heten. Uiterlijk 1april 2022 worden de
marktgebieden samengevoegd. Gasunie verwacht dat dit leidt tot meer liquiditeit in de Duitse
gasmarkt, en daarmee een betere capaciteitsbenutting van onze Duitse infrastructuur. Samen met de
andere Duitse transportnetbeheerders heeft GUD het toekomstige capaciteits- en
samenwerkingsontwerp ontwikkeld en besproken, waarna het is goedgekeurd door de nationale
regelgevende instantie.
Virtuele interconnectiepunten
VIP's (virtuele interconnectiepunten) elimineren de afhandeling van meerdere fysieke
verbindingspunten tussen marktgebieden. Ze vereenvoudigen het boeken van internationale
transportcapaciteit door klanten. Sinds april 2020 exploiteert GUD de VIP’s aan de Duitse kant van de
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
55
grens met Nederland, net zoals GTS dat al sinds jaar en dag doet aan de Nederlandse kant van de grens
met Duitsland. Na de fusie van de Duitse marktgebieden vanaf oktober 2021 wordt het aantal VIP's
verminderd, waardoor de taken en verantwoordelijkheden van de betrokken transportnetbeheerders
opnieuw veranderen. GUD werkt samen met GTS en andere Duitse transportnetbeheerders om de
implementatie van de nieuwe VIP's voor te bereiden.
EUGAL: exploitatie gestart
Samen met de netbeheerders Gascade, Ontras en Fluxys ontwikkelt en exploiteert GUD de Europäische
Gas-Anbindungsleitung, kortweg EUGAL. Deze gasleiding van circa 485 kilometer loopt van de Oostzee
naar het zuiden van Saksen en van daar naar de Tsjechische grens. De deelname in het project
versterkt de positie van het Gasunie-netwerk in de internationale transitstromen. Het traject staat via
aftakkingen in westelijke richting in verbinding met de gasmarkten in Duitsland, Nederland, België en
Engeland. Wij hebben een aandeel van 16,5% in dit project.
De eerste EUGAL-leiding is eind 2019 in gebruik genomen waarna de commerciële activiteiten per
januari 2020 van start zijn gegaan. In 2020 liepen de bouwwerkzaamheden aan de tweede EUGAL-
pijpleiding drie maanden vertraging op, mede door de uitdagingen die COVID-19 met zich meebracht.
Het huidige plan is om de tweede leiding en het compressiestation in april 2021 in gebruik te nemen,
waarmee dan de totale beschikbare capaciteit gerealiseerd zal zijn. De inkomsten vanuit EUGAL hebben
de komende jaren een positieve invloed op de bedrijfsomzet van Gasunie.
Uitbreiding netwerk voor VW in Wolfsburg
Volkswagen exploiteert in Wolfsburg twee kolencentrales, waarmee het bedrijf elektriciteit opwekt
voor zijn autofabrieken en de stad. De autofabrikant wil deze kolencentrales per april 2022 vervangen
door gascentrales en heeft daarvoor in 2017 een gasnetwerkuitbreiding aangevraagd. Een 33kilometer
lange leiding van Walle naar Wolfsburg is nodig om de gevraagde capaciteit te kunnen leveren. Deze
leiding is opgenomen in het definitieve netontwikkelingsplan (NEP) 2018. De aanvragen voor de
vergunningsprocedures zijn zoals gepland in januari 2020 ingediend. De eerste van twee
goedkeuringen is in december 2020 ontvangen. De start van de bouw is begin 2021.
Aanvragen voor LNG-aansluitingen
In 2018 en 2019 ontving GUD aanvragen voor de aansluiting van twee LNG-terminals, eerst voor
Brunsbüttel en later ook voor Stade. Netbeheerders zijn verplicht om pijpleidingen aan te leggen voor
de aansluiting van LNG-terminals. De kosten voor de aansluiting mogen dan worden terugverdiend
door middel van de gereguleerde transporttarieven. De noodzakelijke aanpassingen van de
gasinfrastructuur voor de aansluiting van beide terminals op het hogedruk-gasnet in Duitsland zijn
opgenomen in het ontwerp netwerkontwikkelingsplan 2020 (NEP) dat momenteel ter goedkeuring ligt
bij regulator Bundesnetzagentur. We verwachten de goedkeuring begin 2021.
TTF: beste jaar overtroffen
Gashandelaren kopen en verkopen jaarlijks veel gas in Nederland. Bijna al die gashandel vindt
tegenwoordig plaats op de gashandelsplaats TTF. Qua hoeveelheid verhandeld volume wist TTF in 2020
haar beste jaar ooit (2019) te overtreffen. Ook was het aantal op TTF actieve partijen groter dan ooit.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
56
De gashandel op een gashandelsplaats gebeurt vooral over-the-counter (OTC). Hierbij wordt gas
rechtstreeks bij een tegenpartij ingekocht. Gashandel kan ook via een gasbeurs, waarbij de beurs de
centrale wederpartij voor alle handelaren is.
De OTC-handel nam in 2020 opnieuw toe: van 26.096TWh (in 2019) naar 27.120TWh. Het via gasbeurzen
verhandelde TTF-deel groeide veel sterker: van 11.943TWh naar 18.406TWh in 2020.
TTF bouwde haar voorsprong op de andere Europese gashandelsplaatsen het afgelopen jaar verder uit.
In 2020 vond 72% van de Europese gashandel plaats op TTF, tegenover 66% in 2019. Dit geeft opnieuw
aan dat de Nederlandse gasmarkt goed werkt.
Actievepartijen
(ultimo)
 Verhandeld
volume(TWh)
Nettovolume(TWh) Minimaal Maximaal
2016 21.468 516 130 140
2017 20.962 540 139 147
2018 27.170 564 142 154
2019 38.039 581 154 166
2020 45.526 505 160 170
ultimo= laatste dag van de maand
getallenjaarverslag (170 respectievelijk 166) gebaseerd op alle dagwaarden
De gebruikte eenheid van gashoeveelheid is de TWh (terawattuur). 1TWh is 1 miljard kWh
(kilowattuur). Heel Nederland verbruikt jaarlijks ongeveer 400TWh.
GASPOOL
GASPOOL is de virtuele gashandelsplaats voor het noorden van Duitsland. GUD heeft een belang van
20%. In het gasbedrijfjaar 2019/2020 is het verhandelde volume op GASPOOL licht gedaald ten opzichte
van het vorige gasbedrijfsjaar tot een niveau van 1.756TWh (2018/2019: 1.835TWh).
We adviseren hoe leveringszekerheid en een liquide gasmarkt te
behouden en faciliteren om de Groningengasproductie zo snel als
mogelijk te verlagen
Uitfasering van het Groningengas
Het door de NAM beheerde Groningenveld, lang de centrale bron voor het Gasunie-transportnet, gaat in
2022 op stand-by met uitzicht op definitieve sluiting in de periode 2025-2028. Wij adviseren de minister
van Economische Zaken en Klimaat over de maatregelen die nodig zijn om de leveringszekerheid van
aardgas te borgen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
57
1. 2.
3.
4.
5.
1. Stikstoffabriek Zuidbroek
Om de gaswinning in Groningen zo snel
mogelijk naar nul te brengen, breiden we onze
stikstofinstallatie bij Zuidbroek uit. Met deze
installatie, bestaande uit een stikstoffabriek en
een mengstation, kunnen we per jaar ongeveer
7 miljard m³ gas van Groningenkwaliteit
(pseudo-G-gas) produceren door menging van
geïmporteerd hoogcalorisch gas met
geproduceerde stikstof. Dat staat gelijk aan
bijna een derde van de huidige jaarlijkse
binnenlandse behoefte aan laagcalorisch
aardgas (ongeveer 23 miljard ). Het doel is de
installatie in april 2022 in bedrijf te nemen. In de
originele bouwplanning was ruimte voor het
opvangen van tegenvallers. Door onder meer
COVID-19 hebben we deze ruimte inmiddels
volledig gebruikt. Verdere tegenvallers, zoals het
aanhouden van de pandemie, kunnen leiden tot
vertraging in de oplevering. We blijven ons
uiterste best doen om de beoogde
opleveringsdatum te halen.
2. Studie naar omschakeling gasberging
Grijpskerk
In strenge winters met extra veel gasvraag kon
Nederland altijd terugvallen op het
Groningenveld voor extra levering. Dat kan
straks niet meer. Op verzoek van de minister
van Economische Zaken en Klimaat onderzoekt
Gasunie daarom of de gasberging van NAM in
Grijpskerk de back-up functie van het
Groningenveld kan overnemen als zij van
hoogcalorisch gas naar laagcalorisch gas wordt
omgebouwd. De uitkomsten van het onderzoek
verwachten we in het eerste halfjaar van 2021.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
58
3. Jaarlijks advies aan de minister
Sinds 2019 hebben wij een nieuwe wettelijke
taak om de minister van Economische Zaken en
Klimaat jaarlijks te adviseren over de
hoeveelheid Groningengas en de Groningengas-
netwerkcapaciteit die nodig zijn om de
leveringszekerheid te waarborgen.
Voor het gasjaar 2019/2020 had GTS een
productie van 11,8 miljard in een jaar met
een gemiddeld temperatuurverloop geadviseerd.
In februari 2020 hebben we ons Groningengas-
advies voor het gasjaar 2019/2020 verlaagd.
Vanwege een hoge stikstofinzet en de
uitbreiding van het werkgasvolume van de
NAM-berging in Norg was er 1,1 miljard m³
minder Groningengas nodig, namelijk 10,7
miljard , uitgaande van een gemiddeld
temperatuurverloop. De minister van
Economische Zaken en Klimaat heeft dit via een
tijdelijke maatregel overgenomen. Uiteindelijk
heeft de NAM in gasjaar 2019/2020 8,7 miljard
m³ Groningengas geproduceerd. Reden voor de
lagere productie is dat gasjaar 2019/2020 een
relatief warm jaar was. De productie komt
overeen met ons advies voor een jaar met dit
temperatuurprofiel.
In september 2020 hebben we op basis van een
advies vanwege de hogere vulgraad van
gasberging Norg aangegeven dat er dit lopende
gasjaar 8,1 miljard m³ Groningengas nodig is,
uitgaande van een jaar met een gemiddeld
temperatuurverloop. In februari 2021 hebben we
een nieuwe raming gedaan. We ramen nu dat
het benodigde Groningenvolume in het gasjaar
2021/2022 3,9 miljard m³ zal zijn bij een
gemiddeld temperatuurverloop.
4. Uitbreiding mengstation
Wieringermeer
Met ingang van januari 2020 draait ons
mengstation Wieringermeer op een fors hogere
capaciteit. Hierdoor kan nu 310.000 stikstof
per uur bijgemengd worden; 80.000 meer dan
voorheen. Dankzij deze uitbreiding kan de
gaswinning in Groningen met 5 miljard m³ per
jaar naar beneden. De uitbreiding is nodig om
de gaswinning in Groningen versneld af te
kunnen bouwen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
59
5. Ombouw industriële grootverbruikers
De minister van EZK wil dat industriële
grootverbruikers met een gasvraag groter dan
100 miljoen m³ gas per jaar stoppen met het
gebruik van laagcalorisch gas. De minister heeft
daarvoor in de zomer 2020 een nieuwe wet
opgesteld. Deze wet vereist dat grootverbruikers
na september 2022 geen laagcalorisch gas meer
afnemen. Als een verbruiker in plaats van
laagcalorisch gas hoogcalorisch gas wil
afnemen, is Gasunie verplicht om voor deze
overschakeling te zorgen. Het gaat om negen
bedrijven met een gezamenlijke vraag van
ongeveer 3 miljard m³ per jaar. Hiervan hebben
er ondertussen acht aangegeven hoogcalorisch
gas te willen gebruiken. De voorbereidingen om
deze bedrijven om te zetten, zijn in volle gang.
Het eerste bedrijf is inmiddels aan ons H-gasnet
aangesloten. De volgende vier bedrijven
verwachten we in 2022 om te kunnen schakelen
en de laatste vier in 2023. Voor deze industrieën
zijn complexe maatregelen met langere
doorlooptijden nodig.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
60
04 Versnellen van de energietransitie
Versnellen van de energietransitie
Gasunie versnelt de transitie naar een CO-neutrale energievoorziening in 2050. Al in 2027 kunnen
we een hoofdtransportnet gereed hebben dat waterstof vervoert tussen de grote industrieclusters
van Nederland en naar omringende landen, in combinatie met een centrale opslagfaciliteit die in
2026 gereed kan zijn. Onze netten zijn bovendien klaar voor grootschalige invoeding van groen gas.
Daarnaast kunnen we met onze kennis en ervaring een belangrijke rol spelen in het veilig en
efficiënt ontwikkelen van infrastructuur voor vervoer van warmte en transport en opslag van CO.
Dit is de derde pijler onder de strategie van Gasunie:
We nemen een leidende positie in op het gebied van waterstof en groen gas
Op waterstofgebied werkten we het afgelopen jaar verder aan ons toekomstige landelijke
hoofdtransportnet, Hydrogen Valley Noord-Nederland, Duitse waterstofplannenen de financiering van
de toekomstige waterstofinfrastructuur. Ook werkten we samen met partners aan de grote
opschalingsprojecten NortH2 en North Sea Wind Power Hub. Op het terrein van groen gas werken we
aan de techniek voor superkritische watervergassing en vergassing van houtige reststromen en we
geven Garanties van Oorsprong af voor door marktpartijen geproduceerd groen gas.
We spelen een actieve rol bij de ontwikkeling van infrastructuur voor warmtetransport
en transport en opslag van CO
De voorbereidingen voor de aanleg van WarmtelinQ vorderen gestaagen onze CCUS-partnerprojecten
Porthos, Athosen Carbon Connect Delta worden steeds concreter.
We nemen een leidende positie in op het gebied van waterstof en
groen gas
Waterstof
Het kleine waterstofmolecuul kan een grote rol spelen in de energiemix van de toekomst.
Waterstofgas (H) kan worden ingezet als grondstof (feedstock’) voor chemie, of als brandstof voor
industrie en elektriciteitscentrales, vervoer en -verder in de toekomst- mogelijk ook woningen. Het
kan goedkoop en massaal via bestaande gasleidingen worden getransporteerd en in grote
hoeveelheden worden opgeslagen. Met duurzaam opgewekte stroom kan groene waterstof uit
water geproduceerd worden. Omgekeerd is waterstof ook te converteren naar elektriciteit. En is er,
door het met koolstof te verbinden, methaan mee te maken.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
61
Door de transitie naar waterstof wordt de waarde van de bestaande aardgasinfrastructuur voor de
maatschappij behouden. Dit geldt voor (een groot deel van) de Gasunie-transportnetten, maar ook voor
de distributienetten. Deze ontwikkelingen zijn ook van belang voor de discussie om bepaalde gebieden
“van gas los” te maken - wat in dit licht misschien geen goed idee is en de elektriciteitssystemen zou
kunnen overbelasten.
Op dit moment wordt vooral nog grijze waterstof gemaakt, door aardgas te scheiden in waterstof en
koolstof. Als de daarbij vrijkomende COwordt afgevangen en opgeslagen of hergebruikt, noemen we
dat blauwe waterstof. Op korte termijn kan blauwe waterstof de ontwikkeling van de waterstofmarkt
versnellen en de CO-uitstoot sterk verminderen. Voor de iets langere termijn is groene waterstof –
gemaakt via elektrolyse met duurzaam opgewekte stroomhet einddoel.
Samen met een groot aantal partners wil Gasunie stapsgewijs de waterstofmarkt ontwikkelen en de
kostprijs van groene waterstof omlaag brengen. Er zijn verschillende projecten in ontwikkeling met
partners in de industrieclusters Eemshaven, Noordzeekanaal, Rotterdam, Zeeland en Limburg. We zijn
betrokken bij realisatie van steeds grotere elektrolyse-installaties en denken mee met de plannen voor
offshore-windparken die deze installaties van groene stroom gaan voorzien. Tegelijkertijd bouwen we
aan een grootschalige waterstofinfrastructuur voor transport en opslag. Alle grote Nederlandse
industrieclusters kunnen in 2027 zijn aangesloten op deze zogeheten backbone, die dan ook
verbindingen krijgt met onze buurlanden en in 2030 deel zal uitmaken van een Europees
waterstofnetwerk.
Onze waterstofstrategie laat zich het beste samenvatten als hink-stap-sprong-sprong:
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
62
Naar een landelijke waterstofbackbone
Als onafhankelijk netwerkbedrijf willen we waterstof van verschillende aanbieders via een te
ontwikkelen landelijke waterstofbackbone transporteren naar de grote industriële clusters in
Nederland. Met TenneT en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat onderzoeken we de
mogelijkheden. Dit onderzoek, HyWay27 genoemd naar het jaar waarin de backbone klaar moet zijn,
gaat antwoord geven op de vraag óf en onder welke voorwaarden een deel van de bestaande
gasinfrastructuur kan worden ingezet voor het transport en de opslag van waterstof. In de loop van 2021
worden de eerste resultaten bekend, zodat we op tijd investeringsbeslissingen kunnen nemen.
In 2030 kan de landelijke waterstofbackbone, zoveel mogelijk gebruikmakend van onze bestaande
aardgastransport-infrastructuur, een capaciteit hebben van circa 10-15GW. 10GW komt overeen met
een kwart van het jaarlijkse energieverbruik van alle industrie in Nederland. De eerste regio’s in
Nederland die kunnen worden voorzien van een infrastructuur voor transport van waterstof zijn de
regio Rotterdam-Rijnmond (2024) en Noord-Nederland (2025). Daarna volgen Zeeland, Amsterdam-
IJmond en Limburg. In samenwerking met buitenlandse netbedrijven zullen ook de aangrenzende
buitenlandse industriële gebieden met elkaar worden verbonden én met een opslag voor waterstof in
Zuidwending. De landelijke backbone kan in 2027 een feit zijn en in 2030 als ringleiding worden
afgerond, waarbij ook de aansluiting op zeehavens belangrijk wordt, omdat de markt voor groene
waterstof zal uitgroeien tot een mondiale markt. Zoals nu het geval is bij LNG, komt groene waterstof
dan van overzee naar onze regioAanvraag bij Nationaal Groeifonds.
Op dit moment onderzoeken we, samen met onze aandeelhouder, verschillende mogelijkheden om de
backbone financieel mogelijk te maken. Het kabinet heeft op Prinsjesdag het zogeheten Nationaal
Groeifonds aangekondigd. Dit fonds gaat de komende decennia20 miljard in het langetermijn-
verdienvermogen van Nederland investeren. Het fonds kan worden ingezet voor kennisontwikkeling,
onderzoek & ontwikkeling en innovatie van infrastructuur. Voor Gasunie kan het Nationaal Groeifonds
mogelijk een financiële bijdrage leveren aan de ontwikkeling van een landelijke infrastructuur voor
waterstof. We overwegen daarom in 2021 een aanvraag te doen voor een investeringsbijdrage uit het
fonds.
Noord-Nederland wordt Hydrogen Valley
Bedrijven en overheden in Noord-Nederland hebben zich verenigd in Hydrogen Valley om de
ontwikkeling van een volledig functionerende groene waterstofketen in Noord-Nederland te realiseren.
Als eerste regio in Europa heeft Noord-Nederland hiervoor subsidie gekregen van de Europese
Commissie. Deze subsidie van 20 miljoen wordt aangevuld met publiek-private cofinanciering van
€70 miljoen euro. Met het totaalbedrag worden de komende zes jaar diverse projecten gesteund
waaronder ondergrondse waterstofopslag bij HyStock in Zuidwending en het aanleggen van twee lokale
waterstofleidingen in Delfzijl en Emmen.
NortH2: levering waterstof op grote schaal
Begin 2020 hebben Gasunie, Groningen Seaports en Shell Nederland samen met de provincie Groningen
NortH2 gelanceerd, een van de grootste groene-waterstofprojecten ter wereld. NortH2 moet op zeer
grote schaal aanmaak, opslag en transport van groene waterstof mogelijk maken, af te nemen door
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
63
industriële sectoren die moeilijk of niet kunnen elektrificeren. Gasunie richt zich daarbij in hoofdzaak
op opslag en transport van de groene waterstof via de waterstofbackbone naar de belangrijkste
industriële centra van Nederland.
Nieuwe windparken op zee wekken groene stroom op. Deze kunnen qua capaciteit stapsgewijs
uitgroeien van 1GW in 2027, naar 4GW tegen 2030, tot meer dan 10GW in 2040. Die windparken komen
naast de al geplande windparken voor de groene elektriciteitsvoorziening. Ze worden direct gekoppeld
aan een of meer waterstoffabrieken. Alle opgewekte stroom wordt gebruikt voor het maken van groene
waterstof. Hiermee wil het consortium in 2040 1 miljoen ton groene waterstof per jaar produceren. Dat
scheelt dan een uitstoot van zo’n 8 tot 10megaton COper jaar.
Een eerste haalbaarheidsstudie naar NortH2, gericht op de periode tot 2030, laat positieve resultaten
zien. De tweede fase van de haalbaarheidsstudie gericht op de periode na 2030 is inmiddels gestart.
Eind 2020 hebben ook het Noorse Equinor en het Duitse RWE zich aangesloten bij dit initiatief. De
partners van NortH2 verwachten dat de initiële projectfases mogelijk Europese en nationale subsidies
nodig hebben die beschikbaar zijn voor verduurzaming van energie. In 2024verwachten de partners
hun investeringsbesluiten te kunnen nemen.
North Sea Wind Power Hub
De wind van de Noordzee kan grootschalig ingezet worden om de klimaatdoelen te behalen. De bouw
van een reeks kleinere ‘energie-eilanden’ in de Noordzee is een zeer efficiënte manier om daar invulling
aan te geven, zo blijkt uit onderzoek van Gasunie, TenneT en de Deense netbeheerder Energinet.dk.
Samen hebben deze bedrijven het consortium North Sea Wind Power Hub (NSWPH) opgericht.
NSWPH wil, ver uit de kust, deze energie-eilanden gaan realiseren met verbindingen naar verschillende
landen. Gezien de omvang en ambities voorzien de consortiumpartners dat er zoveel energie
geproduceerd gaat worden dat deze niet alleen via het elektriciteitsnetwerk getransporteerd kan
worden. Een deel zal dan omgezet moeten worden naar waterstof of andere gasvormen. Hierin kan
Gasunie een nuttige bijdrage leveren en om die reden zijn wij een actieve partner in dit consortium.
De Europese Commissie heeft NSWPH opgenomen in de top 10-lijst van Europese projecten die moeten
bijdragen aan een moderner, veilig, slim energiesysteem in het kader van de Europese Green Deal. De
Commissie heeft het projectvoorstel van NSWPH beoordeeld als ‘excellent’ en wil dan ook 50% van de
studiekosten voor de komende jaren subsidiëren.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
64
AquaVentus
Eind 2020 is Gasunie in Duitsland toegetreden tot AquaVentus. Dit consortium wil bij Helgoland 10GW
aan offshore windparken bouwen in combinatie met offshore conversie van elektriciteit naar waterstof
en het transport van waterstof naar het vaste land in Duitsland door middel van leidinginfrastructuur.
Het AquaVentus-programma is onderverdeeld in verschillende projecten waaronder het project
AquaDuctus. Het doel van AquaDuctus is het realiseren van het benodigde offshore leidingnetwerk
(circa 400kilometer) om de groene waterstof vanaf de elektrolyseplatforms op zee af te kunnen leveren
bij de afnemers. Gasunie is consortiumpartner van AquaDuctus.
IPCEI voor waterstof
Nationale steunverlening aan bedrijven of projecten moet passen binnen het Europese
staatssteunkader. De Europese Commissie kan goedkeuring geven voor overheidssteun aan belangrijke
projecten van gemeenschappelijk Europees belang. Zij wijst deze projecten dan aan als Important
Project of Common European Interest (IPCEI). Nederland en Duitsland willen meedoen aan een
Europese IPCEI voor waterstof en daarvoor zijn in 2020 en 2021 expression of interest-rondes gestart.
Gasunie heeft verschillende projecten op conversie, transport en opslag naar voren geschoven die
mogelijk onderdeel kunnen zijn van deze Europese IPCEI voor waterstof. Een IPCEI-status voor
Nederlandse nationale waterstofinfrastructuur is een van de routes om goedkeuring voor eventuele
staatssteun te krijgen. De Europese IPCEI voor waterstof zou in 2021 vorm moeten krijgen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
65
Veilig waterstoftransport: Hynetwork Services
In Zeeland is in 2017 de eerste gastransportleiding geschikt gemaakt voor het transport van waterstof.
In 2020 heeft de waterstofleiding van Hynetwork Services in Zeeuws-Vlaanderen zonder
onderbrekingen 29,4miljoen m waterstof getransporteerd tussen chemiebedrijf Dow Chemicals en
kunstmestproducent Yara. Dit transport heeft plaatsgevonden op een veilige, duurzame en
betrouwbare wijze. Per september 2020 hebben we de naam van Gasunie Waterstof Services op verzoek
van de ACM gewijzigd in Hynetwork Services. De nieuwe naam sluit aan bij de activiteiten die de
onderneming ontplooit: het leveren van diensten voor waterstofnetwerken.
3
Verbinden van Nederlandse en Noord-Duitse infrastructuur
Ook in Duitsland wil Gasunie bijdragen aan het halen van de nationale en Europese
klimaatdoelstellingen door het gebruik van aardgasinfrastructuur voor het transport en de opslag van
groene waterstof. Met EWE, het grootste regionale energiedistributiebedrijf van Noord-Duitsland,
hebben we in november een waterstofsamenwerkingsovereenkomst getekend. EWE beschikt over
grote aardgascavernes, wat het bedrijf voorbestemd maakt voor de toekomstige opslag van waterstof
op grote schaal. Door de plannen voor waterstoftransport en -opslag op elkaar af te stemmen, wordt een
waterstofinfrastructuur tussen Nederland en Noord-Duitsland mogelijk.
Actief participeren in Duitse waterstofplannen
GUD is daarnaast op nationaal niveau actief betrokken bij de ontwikkeling van de Duitse
waterstofbackbone, die via GUD-pijpleidingen met Nederland en Denemarken wordt verbonden. De
Duitse waterstof-backbone wordt een belangrijk onderdeel van het toekomstige Europese
waterstofnetwerk. Daarnaast is GUD actief lid van diverse regionale projecten en
samenwerkingsverbanden:
Haurup: waterstofproductie met overtollige windenergie door Energie des Nordens (EdN),
bijmenging in de Deudan-aardgasleiding.
H2Mehrum: vervaardiging van groene waterstof in Mehrum, transport en opslag, levering aan de
staalindustrie, gascentrales en transportsector.
Nord-Deutsches Reallabor: ontwikkeling van een gecoördineerde regionale netplanning voor
elektriciteits- en gasnet in de regio Hamburg en Sleeswijk-Holstein.
Element Eins: koppeling van hoogspanningsstroom en hogedrukgasnet via een 100MW elektrolyse-
installatie.
Green Octopus: import en levering van groene waterstof aan de staalindustrie.
AquaVentus: grootschalige windenergieproductie op zee 10GW, offshore conversie naar waterstof en
het transport van waterstof naar het vasteland.
Vertogas en GvO’s voor waterstof
Vanuit het ministerie van Economische Zaken en Klimaat is Vertogas gevraagd de toekomstige uitgifte
van Garanties van Oorsprong voor blauwe en groene waterstof te faciliteren. Vertogas heeft positief
gereageerd op het verzoek en onderzoekt op dit moment hoe zij deze nieuwe taak het beste kan
uitvoeren. Het kunnen geven van betrouwbare garanties over de herkomst van waterstof is belangrijk
voor de snelle ontwikkeling van een waterstofmarkt.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
66
Naar een handelsplatform voor waterstof
Gasunie’s TTF is de grootste virtuele handelsplaats voor aardgas in Europa. Nederland heeft ook een
uitstekende uitgangspositie voor de oprichting van een waterstofbeurs. Dat bleek het afgelopen jaar uit
een studie van adviesbureau Berenschot in opdracht van Gasunie en vier Nederlandse havenbedrijven.
De praktische uitwerking wordt in 2021 onderzocht.
EnergyStock
In Zuidwending slaat Gasunie-onderdeel EnergyStock aardgas op in zes zoutcavernes. De locatie kan
ook een belangrijke rol gaan spelen in de energietransitie. EnergyStock heeft, als pilotproject, onder de
naam HyStock ter plekke al een power-to-gas-installatie inclusief bovengrondse
waterstofopslagfaciliteit in bedrijf. We onderzoeken momenteel of het haalbaar is om waterstof
grootschalig ondergronds op te slaan, in vier nieuw te ontwikkelen cavernes. Een eerste
waterstofgevulde caverne zou rond 2026 in gebruik kunnen worden genomen. We betrekken
omwonenden met zorgvuldigheid in dit proces.
Wereldwijd zijn er vier locaties waar waterstof al wordt opgeslagen in zoutlagen. In het tweede
kwartaal van 2021 starten we met een project, waarbij we een bestaand boorgat -zonder onderliggende
caverne- vullen met waterstof. Het doel is om aan te tonen dat het boorgat, de leidingen, en
afdichtingen geschikt zijn voor de toepassing van waterstof.
Waterstoffabrieken
In Delfzijl zijn we betrokken bij het voorgenomen groene waterstofproject Djewels. Samen met Nobian
willen we een 20MW elektrolyser bouwen op het Chemie Park Delfzijl. De installatie gaat
hernieuwbare elektriciteit omzetten in waterstof voor de productie van bio-methanol door BioMCN. De
ontwikkeling van het project is vertraagd, maar de verwachting is dat we in 2021 een definitief
investeringsbesluit nemen voor het project. In 2020 ontving het consortium €11 miljoen subsidie van de
Europese Unie en 5,9 miljoen van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland. Het project wordt
daarnaast ondersteund door het Waddenfonds. In de planning zit een verdere uitbreiding naar 60MW
aan elektrolysecapaciteit om groene waterstof te kunnen inzetten in het productieproces van
duurzame vliegtuigbrandstof van SkyNRG.
In Duitsland hebben we in 2020 de locatie bepaald waar we samen met TenneT en Thyssengas Element
Eins zouden willen bouwen, een waterstoffabriek met een elektrolyse-vermogen van 100MW. Dit
wordt Diele, een dorp in de nabijheid van de Nederlandse grens waar zich ook een groot
transformatorstation van TenneT bevindt en waar stroom van windmolens op zee samenkomt en
verder verdeeld wordt. De financiering van het project, waarmee zo’n €100 miljoen is gemoeid, is het
afgelopen verslagjaar een uitdaging gebleken. We onderzoeken nu de opties voor een doorstart.
Djewelsen Element Eins vormen de opmaat tot een verdere schaalvergroting van waterstoffabrieken in
de toekomst.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
67
1.
2.
3.
4.
1. Elektriciteitsnet
Eigenaar: TenneT
Hoogspanningsnet, capaciteit 20 GW
Investeringsplannen: versterking bestaand net
en nieuwe aansluitingen offshore windparken
2. Waterstofbackbone
Eigenaar: Gasunie
Hoogcalorisch gasnet
Investeringsplannen: geschikt maken voor
transport waterstof, backbone verbindt
industrieclusters en opslagfaciliteiten in 2027
3. Aardgasnet
Eigenaar: Gasunie
Laagcalorisch gasnet
Investeringsplannen: faciliteren van invoeding 1
mrd m³ groen gas/jaar
4. Systeemintegratie
In een geïntegreerd systeem gebruiken
elektriciteitscentrales groene waterstof of
(groen) gas voor productie van elektriciteit.
Elektrolysers gebruiken groene stroom voor
aanmaak van groene waterstof.
Groen gas
Groen gas wordt voornamelijk geproduceerd door het vergisten of vergassen van biomassa. De
kwaliteit van groen gas is hetzelfde als Groningengas en doordat het CO-neutraal is vormt het een
duurzaam alternatief voor aardgas. Het potentieel van groen gas in de energiemix van de toekomst
is substantieel. In Nederland moet in 2030 2miljard m groen gas door de netten stromen, zo is
vastgelegd in het Klimaatakkoord. Via de bestaande infrastructuur kunnen we groen gas
grootschalig transporteren en opslaan.
Gasunie probeert via het faciliteren van ontwikkeling van verschillende technologieën samen met
partners de helft van deze landelijke doelstelling te realiseren. Daarbij ligt de focus op industrialisatie
van de groengasproductie, zoals bij SCW en Torrgas. Daarnaast garanderen we met onze
certificeringsdochter Vertogas de zuivere herkomst van groen gas door middel van Garanties van
Oorsprong. Ook in Europees verband werken we aan certificering.
3
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
68
SCW: zomer 2021 van start
In 2017 hebben SCW Systems en Gasunie de onderneming SKW Assets Alkmaar opgericht voor de
ontwikkeling en bouw van een demo-vergassingsinstallatie. SKW Assets stelt de installatie ter
beschikking aan SCW Energy. Via superkritische watervergassing worden duurzaam gas en
herbruikbare grondstoffen geproduceerd uit natte biomassa (rest- en afvalstromen). Vanaf 2018 is de
installatie verder ontwikkeld, waarbij in 2019 voor het eerst de gehele keten van biomassa-invoeding tot
en met gasopwerking is doorlopen. In 2020 is op basis van de opgedane ervaringen de installatie verder
ontwikkeld en zijn de voorbereidingen gestart om projectmatig toe te werken naar de start van de
operatie in de zomer van 2021.
Torrgas: duurtest voltooid
Torrgas is een toekomstige commercle vergassingsinstallatie gebaseerd op houtige reststromen in
Delfzijl. De installatie produceert syngas, groen gas, koolstof en stoom van resthout. Het groen gas
wordt ingevoed in het aardgasnetwerk en stoom aan het lokale stoomnetwerk. Gasunie ontwikkelt
deze installatie in nauwe samenwerking met Torrgas en andere projectpartners. In 2020 is de duurtest
van de testinstallatie voltooid. Er wordt met potentiële partners en financiers gesproken over de
realisatie van een grootschalige installatie, eveneens in Delfzijl.
Vertogas: volume opnieuw gestegen
Vertogas bevestigt met haar certificaten de groene oorsprong van hernieuwbaar gas uit biomassa. Dit
is van belang voor de ontwikkeling van een duurzame groengasmarkt, die gaat bijdragen aan de
beoogde CO -vrije energievoorziening in 2050. Het volume door Vertogas gecertificeerd groen gas is in
2020 opnieuw gestegen, van 145miljoen m in 2019 naar 201miljoen m in 2020. De toename vond
voornamelijk plaats als gevolg van nieuwe groengasproductie-installaties die in 2020 gestart zijn.
De certificaten die door Vertogas worden uitgegeven, ook wel Garanties van Oorsprong (GvO’s)
genoemd, vertegenwoordigen een waarde voor opwekkers en handelaren in groen gas. De totale
waarde die gemoeid is met de in 2020 uitgegeven certificaten schatten we op €150 miljoen per jaar.
Vertogas is actief betrokken in het Europese register ERGaR om de Europese overdracht van GvO’s te
faciliteren overeenkomstig de eisen die daar vanuit de wetgeving (RED II) aan worden gesteld. Medio
2020 heeft Vertogas een IT-platform in gebruik genomen dat deze Europese transfer mogelijk maakt.
2
3 3
We spelen een actieve rol bij de ontwikkeling van infrastructuur
voor warmtetransport en transport en opslag van CO
Warmte
Warmtenetten zijn een onmisbare component in een duurzamere energiemix. In Nederland is
ongeveer 90% van de benodigde warmte afkomstig uit fossiele brandstoffen, vooral aardgas.
Daarvan is iets minder dan de helft bestemd voor de verwarming van woningen, kantoren en andere
gebouwen. Nederland wil minder aardgas gebruiken en minder COuitstoten. In verstedelijkte
gebieden is het hergebruik van restwarmte uit industrieën een kostenefficiënt alternatief.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
69
WarmtelinQ: vergunningen aangevraagd
WarmtelinQ is zo’n alternatief. WarmtelinQ is de hoofdtransportleiding die vanaf eind 2024 restwarmte
in de vorm van heet water van Rotterdamse industrieën naar woningen, bedrijven en kassen in de
regio Rotterdam/Den Haag moet gaan brengen.
Gasunie is in 2019 door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat aangewezen als
ontwikkelaar en exploitant van WarmtelinQ. WarmtelinQ wordt een gereguleerd
warmtetransportbedrijf met Gasunie als onafhankelijk netbeheerder. Daarmee wordt dit het eerste
open access warmtetransportnet ter wereld op deze schaal. Deze wettelijke taak wordt vastgelegd in de
nog vast te stellen Wet collectieve warmtevoorziening. De internetconsultatie van deze wet heeft in
2020 plaatsgevonden en we hebben onze zienswijze hierop formeel ingediend.
In 2021 neemt Gasunie een investeringsbesluit over WarmtelinQ. Om op tijd klaar te zijn voor
warmtetransport in 2024 is het technisch ontwerp voor het eerste deel van de leiding in een
vergevorderd stadium gebracht. Ook zijn voor dit deel eind 2020 de vergunningen aangevraagd. Ons
doel is om in 2022 te starten met de aanleg van het eerste tracédeel. Het project vergt zorgvuldige
afstemming met omwonenden, gemeenten, waterschappen, Rijkswaterstaat en andere partijen.
Om een verantwoorde investering te kunnen doen, is er naast warmteafzet in Den Haag ook nog afzet
nodig in de regio rondom de leiding, zoals in Delft, Rijswijk en het Westland. Gasunie onderzoekt,
samen met en op verzoek van betrokken partijen, de mogelijkheden van uitbreiding van WarmtelinQ
naar de regio Leiden.
CO-opslag, hergebruik en transport (CCUS)
CO-afvang en -opslag (carbon capture & storage, CCS) is een van de weinige manieren waarmee
energie-intensieve industrieën, zoals raffinaderijen en chemiebedrijven, op korte termijn en tegen
relatief lage kosten grote hoeveelheden CO-uitstoot kunnen vermijden. Hierdoor kunnen deze
industrieën meehelpen aan het realiseren van de klimaatdoelen en blijven ze behouden voor onze
economie. Hergebruik van CO (carbon capture & usage, CCU) kan een belangrijke rol spelen in de
verduurzaming van de glastuinbouw en biedt kansen in andere markten.
Carbon capture, usage & storage (CCUS) is daarom een belangrijk onderdeel in het behalen van de
emissiereductiedoelen in Nederland en in Europa en daarom een onderdeel van het Nederlands
Klimaatakkoord en de Europese Green Deal. Gasunie wil de ontwikkeling van CCUS faciliteren door,
samen met ketenpartners, CO-transport en -opslaginfrastructuur te ontwikkelen.
In volgorde van verwachte opleveringsdata ontwikkelen wij Porthos (in de regio Rotterdam-Rijnmond),
Athos (in de regio Amsterdam-IJmond) en Carbon Connect Delta (in de regio Zeeland). Deze projecten
worden gesteund door de Europese Unie, en hebben de status van Project of Common Interest (PCI),
waarmee ze aanspraak kunnen maken op publieke fondsen. De Europese Commissie heeft de CO-
projecten Porthos en Athos genomineerd voor een subsidie uit de Connecting Europe Facility (CEF) van
respectievelijk €102 miljoen en circa €15 miljoen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
70
Porthos: tarieven voor klanten vastgesteld
Samen met partners EBN en Havenbedrijf Rotterdam ontwikkelt Gasunie Project Porthos. Met klanten
Air Liquide, Air Products, ExxonMobil en Shell wordt gewerkt aan een systeem van afvang, transport en
opslag van CO in de regio Rotterdam-Rijnmond. De afvang moet bij deze raffinaderijen en
waterstofproducenten in Rotterdam gaan plaatsvinden en wordt door de klanten zelf ontwikkeld.
Transport naar en opslag in lege gasvelden in de Noordzee wordt voorbereid door Porthos.
Porthos heeft aan de vier toekomstige klanten tarieven afgegeven. De klanten hebben in november
2020 SDE++ subsidie aangevraagd. Zonder Porthos hadden de klanten CO-emissierechten (ETS) moeten
inkopen. De SDE++ subsidie is nodig om het verschil in de kosten voor ETS en de totale kosten voor
afvang, transport en opslag te overbruggen. Naar verwachting horen de vier bedrijven in het tweede
kwartaal van 2021 of zij deze subsidie ook ontvangen.
Ondertussen werken alle partijen hard door aan ontwerp, vergunningen en andere noodzakelijke
voorbereidende werkzaamheden, zodat in 2024 begonnen kan worden met de eerste injectie van CO
in het lege offshore-gasveld P18. De investeringsbeslissing voor Porthos is gepland na het ontvangen van
alle benodigde vergunningen. Dit is voorzien voor 2021.
Athos: investeringsbeslissing in 2023
Gasunie, EBN, Port of Amsterdam en Tata Steel werken onder de naam Athos samen aan de uitwerking
van een CCUS-project in het Noordzeekanaalgebied. Het doel van Athos is om daar een CO-
infrastructuur aan te leggen met opslag van COin lege gasvelden onder de Noordzee én om hergebruik
van COmogelijk te maken. Eind 2019 heeft Athos de interesse voor afvang en opslag in de markt
geïnventariseerd. De reacties van bedrijven die hun afgevangen COwillen aanleveren en van bedrijven
die COwillen afnemen voor hergebruik zijn voor Athos ruim voldoende om het project verder te
ontwikkelen.
Tijdens de nu lopende projectfase worden diverse opties voor opslaglocaties en infrastructuur nader
onderzocht en wordt gestart met de vergunningstrajecten. Deze fase wordt in het eerste kwartaal van
2021 afgerond. Daarnaast wordt aan CO-emitterende industrieën gevraagd om gezamenlijk het project
verder te ontwikkelen door een joint development agreement aan te gaan met Athos. In 2023 hoopt Athos
een investeringsbeslissing te kunnen nemen, waarna met de bouw van de infrastructuur kan worden
begonnen en in 2026 de eerste COgeïnjecteerd kan worden.
Carbon Connect Delta: modaliteit kiezen in 2021
Gasunie neemt deel in een consortium van Belgische en Nederlandse bedrijven dat het project Carbon
Connect Delta heeft opgezet met als eerste stap een onderzoek naar de haalbaarheid van CCUS in 2025
in het havengebied North Sea Port (tussen Vlissingen en Gent). Het onderzoek buigt zich over alle
aspecten van een project: de technische, economische en juridische vraagstukken, de benodigde
infrastructuur voor het transport van COmet pijpleidingen of per schip, de
financieringsmogelijkheden, de commerciële haalbaarheid en de vergunningstrajecten.
In 2020 zijn de werkpakketten van de on- en offshore pijpleidingvarianten opgeleverd. Begin 2021
worden verschillende haalbaarheidsstudies afgerond en wordt een keuze gemaakt welke variant - CO-
afvoer per pijpleiding of per schip of allebei - verder uitgewerkt gaat worden. Het consortium is
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
71
grensoverschrijdend samengesteld uit Smart Delta Resources, havenbedrijf North Sea Port, de
bedrijven ArcelorMittal, Dow Benelux, PZEM, Yara en Zeeland Refinery. Gasunie en Fluxys zijn de
infrastructuurpartners in het consortium.
Systeemintegratiestudies
Het behoud van zekerheid van energielevering in combinatie met verduurzaming vraagt een
volledige herziening van het totale energiesysteem, waarbij energiedragers (elektriciteit,
methaan, waterstof, warmte), energienetten (internationaal, landelijk, lokaal) en
marktsectoren (industrie, gebouwde omgeving, mobiliteit, landbouw) steeds nauwer met
elkaar verweven raken. Deze ontwikkeling noemen we systeemintegratie.
De puzzel van een efficiënt en effectief infrastructuur-ontwikkelpad naar een duurzaam
energiesysteem is complex. Integrale systeemanalyses, die we in nauwe samenwerking met
andere infrastructuurbedrijven, marktpartijen en overheid uitvoeren, leveren essentiële
inzichten op hoe het energiesysteem zich effectief en efficiënt moet ontwikkelen.
In het afgelopen jaar hebben we een belangrijke basis gelegd voor verdere integratie van het
energiesysteem en de doorvertaling daarvan naar benodigde infrastructuur voor transport,
conversie en opslag. We hebben samen met partners een aantal systeemintegratiestudies
opgestart en andere systeemintegratiestudies opgeleverd.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
72
1. Fase II
Met TenneT brachten we in februari Fase II uit,
waarin we kijken naar mogelijke transitiepaden
van 2030, naar een geïntegreerd
energiesysteem in 2050. De Fase II-studie richt
zich vooral op Duitsland en Nederland, maar ook
op Europa. Het is een vervolg op de
'Infrastructure Outlook 2050'-studie uit 2019. In
de Fase II-studie werken we drie verschillende
scenario's uit. In alle scenario’s wordt een
grotendeels klimaatneutrale samenleving
bereikt, maar met onderlinge verschillen voor
wat betreft de focus op hetzij elektriciteit hetzij
gas.
2. Klimaatneutrale Energiescenario’s
2050
In opdracht van de Nederlandse netbeheerders
brachten onderzoeksbureaus Berenschot en
Kalavasta in april een rapport uit met vier
integrale scenario’s voor een klimaatneutrale
energievoorziening in 2050. De vier scenario’s
gaan uit van regionale, nationale, Europese en
internationale sturing op de ontwikkeling van
het energiesysteem. In de scenario’s zijn de
ontwikkelingen verwerkt van vraag en aanbod
(inclusief energiegerelateerde grondstoffen) van
alle sectoren, waaronder de energie-intensieve
industrie, vervoer en transport.
3. II3050
Het rapport Klimaatneutrale Energiescenario’s
2050 van Berenschot en Kalavasta is de basis
voor de Integrale Infrastructuurverkenning
2030-2050 (II3050) die de gezamenlijke
Nederlandse netbeheerders in april 2021 aan het
ministerie van Economische Zaken zullen
overhandigen. Het is een bron van technische
kennis met analyses van het toekomstige
energiesysteem als ruggengraat voor de
duurzame samenleving in 2050. De verkenning
heeft een kompasfunctie voor alle partijen die de
energietransitie uitvoeren.
4. HyWay 27
In juni ging de HyWay 27-studie van start,
waarin we samen met TenneT en EZK
onderzoeken of en onder welke voorwaarden
een deel van het bestaande gasnet kan worden
ingezet voor het transport van waterstof. Door
de sluiting van het Groningenveld en de afname
van de export van L-gas naar Duitsland, België en
Frankrijk komt een deel van ons netwerk
gaandeweg vrij voor een andere inzet. Door een
deel van de leidingen te herbestemmen tot
waterstofleiding, kan Gasunie op een
kostenefficiënte manier een landelijk leidingnet
realiseren, de waterstofbackbone.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
73
5. Europese waterstofbackbone
De Nederlandse waterstofbackbone die we voor
ogen hebben, moet aansluiten op een
toekomstig Europees hoofdtransportnet voor
waterstof. Samen met tien andere Europese
gasinfrastructuurbedrijven presenteerde
Gasunie in juli een plan voor deze European
Hydrogen Backbone, die in 2030 6.800 kilometer
lang zal zijn en de belangrijkste Europese
industrieclusters en waterstofproductielocaties,
ofwel ‘hydrogen valleys’, met elkaar zal
verbinden.
6. VAWOZ
Windenergie van de Noordzee is één van de
belangrijkste aanjagers van de energietransitie
in Nederland. Binnen het beleidsprogramma
Verkenning aanlanding wind op zee (VAWOZ)
bekijken marktpartijen waaronder Gasunie
samen met EZK hoe de energie van windparken
op zee die nog gebouwd gaan worden, straks het
beste aan land kan worden gebracht. We kijken
daarbij naar de vorm (elektronen of
waterstofmoleculen), de wijze van transport
(kabel, buis of schip), de route en naar de vraag
op land waar de energie naartoe kan worden
gebracht. VAWOZ is daarmee een voorbereiding
voor toekomstige ruimtelijke procedures.
7. PEH
EZK heeft ook een beleidsprogramma opgezet
ter voorbereiding op toekomstige ruimtelijke
procedures voor grote
energie(infrastructuur)projecten op land: het
Programma Energiehoofdstructuur (PEH). Doel is
door goede afstemming te zorgen dat de
toekomstige geïntegreerde nationale
energiehoofdstructuur voldoende ruimte kan
krijgen in relatie tot andere belangen, zoals een
goede leefomgevingskwaliteit. Gasunie is een
van de participanten in PEH.
Conclusie
We ervaren enorme betrokkenheid bij onze werkzaamheden, omdat overheid, politiek en
marktpartijen grote behoefte hebben aan onderbouwde inzichten welke investeringen nodig
zijn ten behoeve van een duurzame, betrouwbare en betaalbare infrastructuur. Deze inzichten
bieden handelingsperspectief voor investeringen en projecten, ook bij de verschillende
stakeholders in de keten. Dit is een goede ontwikkeling voor Gasunie en de maatschappij.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
74
05 Organisatiefundament
Organisatiefundament
Wij zijn Gasunie. Een leidend Europees gastransportbedrijf dat al sinds de jaren zestig het publieke
belang dient. Elke dag werken we met plezier en toewijding aan onze maatschappelijke taken.
Daarbij zorgen we dat ons organisatiefundament op orde is, zodat we de doelen uit onze drie
strategische pijlers kunnen halen:
We creëren een medewerkersbestand met de juiste omvang en vaardigheden
We passen onze competenties aan op de veranderende energiemarkt. We positioneren ons als
aantrekkelijke werkgever en we voeren een inclusie- en diversiteitsbeleid.
We creëren een werkomgeving en arbeidsvoorwaarden gericht op het verhogen van
focus, prestaties, zingeving en werkplezier
We houden onze collega’s duurzaam inzetbaar met periodiek medisch onderzoek,
arbeidsmarktscansen maatregelen tegen werkdruk. We zorgen voor een adequate beloning en
pensioenregeling.
We verbeteren onze besturing, processen en samenwerking continu
We maken werk van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemenen zijn in dialoog met onze klanten.
We digitaliseren onze bedrijfsprocessen en bewaken de werking onze ICT-systemen.
We creëren een medewerkersbestand met de juiste omvang en
vaardigheden
Competenties ontwikkelen
Door de energietransitie ziet Gasunie het komende decennium het werk in veel bedrijfsonderdelen
toenemen. In andere onderdelen neemt de werklast juist af. Deze op- en afbouw van activiteiten
verloopt niet synchroon. Het tempo en volume verschilt en vereist andere competenties. Nieuwe
activiteiten worden vaak in samenwerkingsverbanden uitgevoerd waarbij niet alleen medewerkers
van Gasunie, maar ook van de partners betrokken zijn.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
75
Gasunie als aantrekkelijke werkgever
Gasunie heeft de afgelopen jaren met succes nieuwe mensen met nieuwe competenties weten aan te
trekken. Het wervingsbeleid dat aan de basis daarvan stond, gaan we nu intensiveren. De
transformatie van Gasunie van aardgastransportbedrijf naar een duurzaam energie-
infrastructuurbedrijf vereist een andere, bredere positionering van Gasunie in de arbeidsmarkt, zodat
we nieuwe talenten kunnen aantrekken en bestaande talenten kunnen behouden. We ontwikkelen
momenteel een programma om employer brandingeen nieuwe impuls te geven. Dit programma wordt
in 2021 uitgevoerd.
Nieuw diversiteits- en inclusiviteitsbeleid
De afgelopen jaren heeft diversiteit binnen Gasunie in het teken gestaan van de Participatiewet, die
regelt dat zoveel mogelijk mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt betaald en zinvol werk krijgen.
Vanaf 2020 slaan we een nieuwe weg in. We willen een diverse, toekomstbestendige, inclusieve
organisatie worden waarin ieders inbreng bijdraagt aan de kwaliteit van onze organisatie, waarin we
onszelf kunnen zijn en waarin we gewaardeerd worden. In 2021 komen we met een structurele aanpak
onder de naam Gasunie Inclusief. Een werkgroep gaat zich sterk maken voor bewustwording,
uitwisseling, recruitmentbeleid, inclusief leiderschap en maatschappelijke betrokkenheid.
Bestaande programma’s en beleidsinitiatieven worden in Gasunie Inclusief ingebed. Zo zijn we in 2020
een actieve samenwerking aangegaan met de RefugeeTalentHub. Via het organiseren van activiteiten
willen we vluchtelingen betrekken bij onze organisatie en over en weer van elkaar leren. Ook wil
Gasunie het Charter Diversiteit ondertekenen, waarmee we landelijk in netwerkverbanden kunnen
opereren om het programma ten volle kwaliteit te geven.
Managementpotentieel
Aandacht voor de ontwikkeling van onze medewerkers in combinatie met de
organisatieontwikkelingen vinden we belangrijk. In 2020 zijn we gestart met het overzichtelijk en
gestructureerd samenbrengen van vraag naar en aanbod van potentiële leidinggevenden in ons
Management Potentieel Portfolio-programma (MPP). MPP geeft hiermee invulling aan de
opvolgingsplanning en ondersteunt Gasunie bij het vroegtijdig identificeren en benutten van
leidinggevend potentieel en leidinggevende ambities om hier vervolgens passende management-
developmentprogramma’s voor in te zetten.
Sociaal Statuut
In 2021 sluiten we onze regiokantoren Waddinxveen en Deventer. Dit leidt voor sommige collega’s tot
boventalligheid. Het uitgangspunt bij reorganisaties is het begeleiden van medewerkers van werk naar
werk - binnen of buiten Gasunie. Daarnaast is een vangnet aanwezig voor de situaties waarin dat niet
lukt. In het voorjaar van 2020 zijn we tot overeenstemming gekomen met de vakbonden en de
ondernemingsraad over een sociaal statuut, waarin deze zaken geregeld worden.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
76
Training & ontwikkeling
We geloven in een leven lang leren. We vinden het belangrijk dat onze medewerkers zich gedurende
hun loopbaan kunnen ontwikkelen en verder kunnen groeien. Dat bevordert de duurzame
inzetbaarheid. We bieden medewerkers de mogelijkheid opleidingen en trainingen te volgen,
waaronder individuele maatwerkprogramma’s. Dit zijn reguliere (bedrijfs)opleidingen die bestaan
naast ons programma voor Duurzame Inzetbaarheid. Door COVID-19 hebben we in 2020 minder
uitgegeven aan opleidingen, cursussen en trainingen.
Uitgaven aan opleidingen, cursussen en trainingen
2020 2019
Nederland € 2,0 miljoen 3,5 miljoen
Duitsland € 0,4 miljoen € 0,5 miljoen
We creëren een werkomgeving en arbeidsvoorwaarden gericht op
het verhogen van focus, prestaties, zingeving en werkplezier
Duurzame inzetbaarheid
De beroepsbevolking vergrijst, ook bij ons. Medewerkers moeten langer doorwerken. Dat maakt dat
duurzame inzetbaarheid bij ons al enkele jaren een belangrijk thema is. Hoe kunnen medewerkers
langer gezond, competent en met plezier hun werk doen? Werken aan duurzame inzetbaarheid vraagt
dat medewerkers eigen verantwoordelijk nemen voor hun loopbaan, ontwikkeling en vitaliteit. De rol
van de werkgever en leidinggevende is hen daarbij te faciliteren en ondersteunen. Gasunie-
medewerkers kunnen individuele budgetten aanwenden om duurzaam inzetbaar te blijven. Er zijn
bestedingsdoelen op het gebied van vitaliteit, flexibiliteit, werksituatie en loopbaan. Uit een evaluatie
begin 2020 is gebleken dat ons programma Duurzaam Inzetbaar (DI) bij veel collega’s bekend is en
wordt gewaardeerd.
Preventief Medisch Onderzoek
Het afgelopen jaar hebben we het ziekteverzuimbeleid van Gasunie geactualiseerd. Het Preventief
Medisch Onderzoek (PMO) heeft hier een belangrijke plek in gekregen. De uitkomsten van dit PMO
geven ons op verschillende organisatieniveaus een goed beeld hoe het met de gezondheid en welzijn
van onze medewerkers is gesteld in relatie tot het werk dat zij uitvoeren.
Arbeidsmarktscan
Een van de middelen om duurzame inzetbaarheid te bevorderen, is onze arbeidsmarktscan. De scan,
die kosteloos wordt aangeboden, geeft antwoord op vragen als: hoe ontwikkelt de (regionale)
arbeidsmarkt zich? Welke vakgebieden zijn wellicht nog meer interessant? Welke werkgevers of
intermediairs in de regio waar je woont, hebben interessante vacatures? Wat is je kans op werk in je
huidige of gewenste functie? De arbeidsmarktscan geeft ook tips hoe werknemers hun kansen op de
arbeidsmarkt verder kunnen vergroten.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
77
Medewerkersonderzoek
In maart 2020 hebben we ons tweejaarlijkse medewerkersonderzoek uitgevoerd, waarin medewerkers
kunnen aangeven hoe ze het werken bij Gasunie ervaren. Op basis van de uitkomsten ontving Gasunie
van Effectory en Intermediair opnieuw het keurmerk voor goed werkgeverschap: ‘World-class
Workplace’. De scores liggen net als voorgaande jaren op en boven de benchmark van bedrijven uit de
water- en energiesector.
Dat is goed om vast te stellen. Medewerkers vinden dat we beter dan twee jaar geleden inspelen op
veranderingen in de markt en ervaren een betere samenwerking over afdelingsgrenzen heen. Wel
bestaat een behoefte om meer te worden meegenomen in de ontwikkelingen van de organisatie. En
aan meer duidelijkheid over de bijdrage van hun afdeling aan de organisatiedoelstellingen.
COVID-19: effecten op onze medewerkers
Sinds begin maart 2020 zijn we door de wereldwijde uitbraak
van COVID-19 in Nederland en Noord-Duitsland
geconfronteerd met uitzonderlijke, en inmiddels langdurige,
(overheids)maatregelen die impact hadden op ons doen en
laten, zowel in de privé- als werksituatie. Gasunie heeft in lijn
met deze maatregelen verschillende acties ondernomen.
In Nederland hebben alle medewerkers die vanuit huis
kunnen werken, dat sinds medio maart gedaan. In Duitsland
werd een plan ontwikkeld om na de eerste coronagolf
fasegewijs weer fulltime naar het kantoor te kunnen gaan.
Tot een volledige terugkeer kwam het echter niet voordat in het najaar de tweede coronagolf
uitbrak.
Voor de medewerkers die niet vanuit huis kunnen werken, werden in beide landen verschillende
voorzieningen getroffen zodat zij bij de uitvoering van hun werkzaamheden zo goed mogelijk
beschermd zijn tegen een eventuele besmetting met COVID-19, zoals contactloze overdracht bij
ploegendiensten en het afsluiten van de werkplekken van dispatchers van andere werkplekken.
De impact van al deze maatregelen op onze medewerkers is groot. Vooral toen scholen gesloten
werden en veel huishoudens van het één op het andere moment geconfronteerd werden met de
combinatie kinderopvang/thuisonderwijs en werken. Soms ontstonden er financiële zorgen,
doordat partners hun baan verloren en het inkomen onder druk kwam te staan. Of zorgen over
de eigen gezondheid en die van naasten. Familieleden in zorginstellingen konden niet bezocht
worden. Onze veldmedewerkers zetten het werk zoveel mogelijk door, uiteraard met
inachtneming van de hygiënemaatregelen, maar soms wel met de angst om besmet te raken en
dat mee te nemen naar hun naasten.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
78
Tegelijkertijd ervoeren veel thuiswerkers dat de werkzaamheden vaak ook via een online overleg
door konden gaan. In de Nederlandse bedrijfsonderdelen vonden per werkdag gemiddeld 900
digitale vergaderingen plaats, veertig keer meer dan voor de uitbraak van het virus. Er ontstond
een sterk gevoel van saamhorigheid doordat iedereen in dezelfde situatie verkeerde en er het
beste van probeerde te maken.
Inmiddels zijn velen het volledig thuis werken moe aan het worden. Het online vergaderen kost
veel energie en er is tussen de vergaderingen door weinig tijd om daarvan te herstellen.
Medewerkers missen de onderlinge dynamiek, het ‘koffiepraatjeen doordat de grens tussen
werken privé steeds verder vervaagt vinden veel medewerkers het moeilijk om het werk los te
laten en voldoende te ontspannen.
Uit de enquêtedie in mei onder medewerkers van onze Nederlandse bedrijfsonderdelen is
uitgezet over de impact van het thuiswerken gaf driekwart van de 1081 respondenten aan deze
manier van werken nog wel een paar maanden vol te houden. In september en januari is de
enquête herhaald. Daaruit is naar voren gekomen dat de druk op de werk-privébalans verder is
toegenomen en dat medewerkers het steeds lastiger vinden om sociale contacten zowel in de
privé- als werksituatie te onderhouden. Er blijkt een steeds groter gemis aan de informele
momenten. Ook blijkt het gevoel van eenzaamheid onder sommige medewerkers toegenomen.
Ziekteverzuim
Sinds 2018 zien we een dalende trend in ons ziekteverzuim. Over 2019 bedroeg het
ziekteverzuimpercentage 3,85% en in 2020 zakte dit verder naar 3,58%, wat in het licht van COVID-19
bijzonder te noemen is. Onze verzuimcijfers over 2019 waren lager dan gemiddeld in de branche. Over
2020 zijn de branchecijfers nog niet bekend maar de verwachting is dat we ook nu lager uitkomen.
We zien echter wel een verschuiving in de oorzaak van het ziekteverzuim. Het aandeel psychisch
ziekteverzuim is stijgende en ligt met een aandeel van gemiddeld 39% hoger dan het landelijk
gemiddelde van 34%. Dit geldt ook voor het aandeel werkgerelateerd psychisch ziekteverzuim dat met
een aandeel van gemiddeld 20% hoger ligt dan het gemiddelde van 17% in Nederland. De gemiddelde
herstelduur van het psychisch ziekteverzuim ligt met 124dagen echter een stuk lager dan de 225dagen
die daarmee gemiddeld in Nederland gepaard gaan.
In Nederland zijn we twee jaar verantwoordelijk voor het doorbetalen en begeleiden bij ziekte van een
medewerker. In Duitsland is dat zes weken. Onze Gasunie-doelstelling is een ziekteverzuim dat niet
hoger ligt dan 4,1%.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
79
Indicator Eenheid 2020 2020 2019 2019
  GUN GUD GUN GUD
    
Ziekteverzuimpercentage (totaal) Procenten 3,58 3,66 3,85 3,82
- kortdurend verzuim Procenten 0,49 0,96 0,68 1,57
- middellang verzuim Procenten 0,69 1,01 0,56 1,22
- langdurig verzuim Procenten 2,40 1,69 2,61 1,03
    
Ziekteverzuimfrequentie Frequentie 0,72 1,67 0,96 2,38
    
Arbeidsgerelateerdverzuim (opgave
medewerker)
Verzuimgevallen 33 - 23 -
Melding aan Nederlands Centrum voor
Beroepsziekten (NCB)
Meldingen - - - -
Beloning
Conform de eerder gemaakte afspraken tussen werkgever, vakbonden en de ondernemingsraad hebben
we in Nederland in 2020 een cao-verhoging doorgevoerd van 3,05%. Dit is gelijk aan de CBS
Consumentenprijsindex over de periode augustus 2018 - augustus 2019 vermeerderd met 0,25%. In
Duitsland sloten we een nieuwe cao af met een looptijd van 15maanden, ingangsdatum 1augustus
2020. De cao behelst een salarisverhoging van 2,5% in combinatie met een eenmalige uitkering van
€380.
Pensioen
Eind december 2021 loopt de huidige pensioenregeling van Gasunie af. Daarom zijn de cao-partijen in
september 2019 het proces gestart om te komen tot een nieuwe pensioenregeling. Door de lage
rentestanden wordt dit een uitdagend proces. De cao-partijen hebben een adviescommissie met
pensioendeskundigen van vakbonden en werkgevers gevormd. De cao-partijen komen op basis van dit
advies tot een voorstel voor een nieuwe pensioenregeling en leggen dit voorstel vervolgens aan hun
achterbannen voor.
In juni 2020 heeft het kabinet samen met werknemers- en werkgeversorganisaties een nationaal
pensioenakkoord gesloten. In dat pensioenakkoord staan nieuwe afspraken over pensioenen en AOW.
Het pensioenakkoord wordt nu verder uitgewerkt in een nieuw pensioenstelsel voor Nederland. Dat
uitwerken kost veel tijd, waardoor het nieuwe pensioenstelsel nog wel even op zich zal laten wachten.
Daarom zal de pensioenregeling van Gasunie vanaf 2022 nog niet onder dat nieuwe pensioenstelsel
vallen.
Bij GUD zijn in 2020 geen pensioenontwikkelingen geweest.
We verbeteren onze besturing, processen en samenwerking continu
Werk maken van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen
De Verenigde Naties hebben in 2015 doelen opgesteld om de uitdagingen rond armoede, onderwijs en
de klimaatcrisis wereldwijd het hoofd te bieden: de Sustainable Development Goals (SDG’s). Deze SDG-
doelen zijn ons op het lijf geschreven. Want dat is precies wat we doen en waar onze strategie op is
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
80
gebouwd: bijdragen aan een betere maatschappij, door te zorgen voor een veilige, duurzame,
betrouwbare en betaalbare energie-infrastructuur.
Ook in ons MVO-beleid willen we aansluiten bij deze wereldwijde doelen, waarmee landen, bedrijven
en organisaties samen een duurzame samenleving creëren. Ons nieuwe MVO-beleid vormt een
leidraad voor het vormgeven van onze werkzaamheden in het kader van onze strategische ambities.
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.
10.
11.
12.
13.
14.
15.
16.
17.
18.
1. SDG 7: Betaalbare en duurzame energie
Doel: Toegang tot betaalbare, betrouwbare en
duurzame energie voor iedereen.
Gebruik van fossiele brandstoffen moet zoveel
mogelijk beperkt worden, en de mogelijkheden
tot het overstappen naar duurzame
energiebronnen meer gestimuleerd. De
omschakeling naar hernieuwbare energie staat
hier voorop.
2. SDG 9: Industrie, innovatie en
infrastructuur
Doel: Een veerkrachtige infrastructuur,
duurzame industrialisering en technologische
innovaties die dat mogelijk maken.
Door een betere infrastructuur is het
makkelijker om andere doelen te bereiken en
gaat de levenskwaliteit direct omhoog. De
ontwikkeling van infrastructuur gaat hand in
hand met innovatie en industrialisering.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
81
3. SDG 13: Klimaatactie
Doel: Onmiddellijke actie om
klimaatverandering en de impact daarvan te
bestrijden.
De focus bij deze SDG ligt op het verminderen
van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen
in 2030 met minstens 40% ten opzichte van 1990
en een CO-neutrale energievoorziening in
2050.
4. SDG 17: Partnerschap om
doelstellingen te bereiken
Doel: Wereldwijd partnerschappen aangaan voor
duurzame ontwikkeling.
Vooral op het gebied van technologie,
kennisoverdracht, handel, data,
beleidscoherentie en financiële stromen moet
wereldwijde of regionale samenwerking worden
nagejaagd. Het is de enige manier om ervoor te
zorgen dat alle landen vooruitgang boeken.
5. SDG 5: Gendergelijkheid
Doel: Gendergelijkheid en versterking van de
positie van vrouwen en meisjes.
6. SDG 8: Eerlijk werk en economische
groei
Doel: Aanhoudende, inclusieve en duurzame
economische groei, productief en waardig werk
voor iedereen.
7. DG 11: Duurzame steden en
gemeenschappen
Doel: Maak steden en gemeenschappen
inclusief, veilig, veerkrachtig en duurzaam.
8. SDG 12: Verantwoorde consumptie en
productie
Doel: Duurzame productie- en
consumptiepatronen verzekeren: ‘meer
produceren met minder’.
9. SDG 15: MVO-beleid
Doel: Bescherm, herstel en bevorder
biodiversiteit en duurzaam gebruik van
ecosystemen.
10. Een schone bouwplaats/emissievrij
De nieuwe infrastructuren die we willen
aanleggen, bijvoorbeeld voor warmte en
waterstof, hebben als doel om de Nederlandse
uitstoot flink te verminderen. Door ook in de
bouwfase al zoveel mogelijk emissievrij te
werken, laten we zien dat we onze
maatschappelijke taak begrijpen.
11. Circulair en CO-neutraal inkopen
Hoe circulair is ons gastransport? En in hoeverre
worden gebruikte grondstoffen voor het
gastransport gerecycled? Denk daarbij onder
andere aan leidingen, stations en kantoren. We
gaan op zoek naar manieren om de circulariteit
daarvan meetbaar te maken en in
productspecificaties op te nemen.
12. Herinzet van onze assets
Hoe kunnen we alle installaties en materialen
die we niet meer gebruiken opnieuw inzetten?
Dit geldt vooral voor installaties en materialen
die zestig jaar lang een rol hebben gespeeld in
het aardgastransport. De herinzet van
bestaande assets is cruciaal voor een snelle en
betaalbare opbouw van de infrastructuur voor
waterstof, CO en groen gas.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
82
13. Sociale ketenverantwoordelijkheid
Zijn de arbeidsomstandigheden op orde in alle
fabrieken waarvan we goederen inkopen?
Buiten de Europese Unie is dat lastig te
achterhalen. We gaan in samenwerking met
andere partijen zoveel mogelijk de
productieketens van leveranciers en afnemers
van onze producten en diensten wereldwijd in
kaart brengen.
14. Diversiteit en inclusiviteit
Juist omdat we een maatschappelijke rol
hebben, vinden we het belangrijk dat wij zoveel
mogelijk een afspiegeling zijn van die
maatschappij. We geloven dat een diverse
organisatie leidt tot meer creativiteit, innovatie
en tot betere besluiten. Daarom gaan we een
meer structurele aanpak voor diversiteit en
inclusiviteit bij Gasunie ontwikkelen.
15. Bijdragen aan biodiversiteit
Veel van onze werkzaamheden vinden in natuur
en landelijke gebieden plaats. Dit brengt altijd
een mate van schade met zich mee. In het
samenwerkingsverband Groene Netten zoeken
we, met behulp van ecologische experts, naar
locaties waar we biodiversiteit kunnen
stimuleren.
16. Opzetten van een energie-
efficiëntiedoestelling
Bij gastransport wordt veel energie verbruikt. In
dit project willen we een energie-
efficiëntiedoelstelling voor Gasunie formuleren.
Deze doelstelling zal bijdragen aan CO-reductie,
energie-efficiëntie en innovatie.
17. Strategie voor groenere energie-
inkoop
Gasunie behoort tot de top 10 elektriciteits-
gebruikers in Nederland. Door de juiste partners
als energieleveranciers te selecteren, kan ons
verbruik en daarmee onze CO-uitstoot
aanzienlijk omlaag.
18. Aanscherpen van emissiereducties
In 2030 willen we in onze bedrijfsvoering
maximaal 128 kiloton CO-equivalenten
uitstoten. Dat betekent een daling van 80% ten
opzichte van 1990. Van deze uitstoot mag niet
meer dan 50 kiloton bestaan uit
methaanemissies. Als koploper in
methaanemissiereductie willen we een
voorbeeld zijn voor andere bedrijven.
Gasunie heeft de concrete uitvoering van de SDG’s vastgelegd in speciale Gasunie Green Deals.
Sommige zijn nieuw, met andere zijn we al een aantal jaren op weg en zoeken we naar aanscherping.
We hebben vier kern-SDG’s opgenomen in ons nieuwe MVO-beleid. Ze zijn gekozen vanuit onze missie
en visie en de maatschappelijke waarde van onze kernactiviteiten. Met deze activiteiten leveren we
een grote bijdrage aan de versnelling van de energietransitie en CO-reductie. Naast de kern-SDG’s
dragen we met ons MVO-beleid bij aan vijf flankerende SDG’s; het zijn SDG’s waarmee we de
toekomstbestendigheid van onze kernactiviteiten versterken.
Onze Green Deals dragen ook bij aan de verbetering van onze ESG-rating,een prestatiemeter op het
gebied van milieu, sociale resultaten en beheer van de organisatie. In 2021 werken we deze Green Deals
verder uit en maken we de impact zo veel mogelijk kwantitatief en inzichtelijk.
Aan de overige doelen leveren we indirect een bijdrage vanuit het ‘do no harm principe’. Hoewel we
deze SDG’s niet actief ondersteunen vanuit ons beleid, verplichten we ons er wel toe om deze doelen te
respecteren en op deze gebieden geen schade toe te brengen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
83
Dialoog met onze klanten
Om ook in de toekomst bij de beste energie-infrastructuurbedrijven van Europa te blijven horen,
faciliteren we onze klanten met diensten die passen bij hun behoeften en die passen bij
ontwikkelingen in de energiemarkt. Wij doen dit door onze klanten goed te informeren en in te spelen
op zaken die we tijdens diverse contactmomenten van klanten en andere stakeholders vernemen.
In Nederland zoekt GTS de dialoog via onder andere marktconsultatie- en informatiebijeenkomsten,
gesprekken met vertegenwoordigers van klantengroepen (representatieve organisaties) en onze
Shipper Customer Desk. Dit wordt ondersteund door informatie duidelijk en helder op onze websites te
plaatsen en indien extra aandacht voor een onderwerp nodig is, het versturen van een nieuwsbrief.
Door deze interactie willen we komen tot verbetering van onze producten en diensten.
Dit jaar hebben we voor een breed scala aan onderwerpen zoals de transporttarieven en bijbehorende
voorwaarden, invoering van virtuele interconnectiepunten (VIP’s), randomiseren van balanceeracties,
het Groningen-productieadvies en onze investeringsplannen, de interactie met onze klanten gezocht.
Voor alle vragen of eventuele klachten kunnen de shippers terecht bij de Customer Desk en de
industriële klanten bij de Industry Desk. Hier worden zij door een team van specialisten geholpen.
Hiermee voorziet GTS in goed bereikbare gespecialiseerde aanspreekpunten.
In Duitsland is GUD niet de enige transportnetbeheerder voor gas. Daarom worden marktconsultatie en
informatievoorziening veelal in samenwerking met andere TSO’s verzorgd. De voor shippers relevante
contactpersonen staan op de GUD-website vermeld.
Klanttevredenheidsonderzoek
In december 2020 heeft GTS haar tweejaarlijkse
klanttevredenheidsonderzoek laten uitvoeren. We zijn er
trots op dat de waardering van onze klanten in 2020 nog
steeds hoog is. Gemiddeld wordt GTS beoordeeld met een 4 op
een schaal van 5. Hiermee scoren we gelijk aan afgelopen
jaren. Ruim 60% van de shippers vindt GTS (veel) beter in
vergelijking met omliggende TSO’s. Het feit dat veel GTS-
medewerkers het afgelopen jaar wegens COVID-19 thuis
hebben moeten werken, heeft volgens onze respondenten
geen negatief effect gehad op onze klantgerichtheid en
professionaliteit.
Klachten bij GTS
In 2020 is een klacht afgewezen met betrekking tot de omvang van de operationele afspraken (inter-
TSO L-gas naar H-gas swaps) die GTS met een naburige TSO heeft. Van industrieel aangeslotenen zijn
geen klachten ontvangen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
84
Klachten bij GUD
In 2020 waren er geen klachten van transportklanten. Zelfs controversle discussies, bijvoorbeeld over
kwesties inzake capaciteitsvoorziening, verliepen steeds in een constructief en oplossingsgericht
klimaat.
ICT-processen
Gasunie heeft in 2020 haar Digitale Ambitie voor het jaar 2025 opgesteld. De uitvoering van deze
digitale strategie gaat ons helpen om onze Visie 2030-doelen te realiseren.
Digitalisering, data en ICT hebben een cruciale rol in (het versnellen van) de energietransitie en het
energiesysteem van de toekomst. Digitale mogelijkheden en nieuwe inzichten op basis van data, feiten
en verwachtingen spelen een belangrijke rol bij het ontwikkelen en besturen van een geïntegreerd en
duurzaam energiesysteem. Het zal bovendien helpen bij het signaleren van ontwikkelingen in de
markt, waardoor we hier nog beter op kunnen reageren. Dit zorgt er ook voor dat nieuwe
bedrijfsmodellen ontstaan en dat Gasunie nog efficiënter kan gaan opereren in een veranderende
wereld. In onderstaande (interactieve) afbeelding wordt duidelijk op welke terreinen wij de komende
vijf jaar (verder) gaan digitaliseren. Cruciaal voor het succes van de digitale ambitie is het samen
concreet uitvoeren van initiatieven om te optimaliseren en vernieuwen.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14. 15.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
85
1. Energiesysteemdata
Zowel voor de energietransitie als voor
systeemintegratie zijn data van essentieel
belang. We stellen data van het complete
energiesysteem beschikbaar aan de markt.
2. Data geven ons inzichten over de
ontwikkelingen in vraag en aanbod van
(nieuwe) energievormen.
Deze inzichten gebruiken we in het
besluitvormingsproces ten aanzien van
strategische investeringen in nieuwe energie-
infrastructuur.
3. Auction-to-bill
We willen de capaciteitsveilingen van onze
infrastructuur uitbreiden en/of opzetten voor
verschillende nieuwe energiedragers, voor
conversie, en voor opslag.
4. Digital finance
We digitaliseren onze financiële processen
verder, wat ruimte maakt om de kwaliteit van
onze informatie verder te verhogen en om de
besluitvormingsprocessen optimaal te
ondersteunen.
5. Digitalisering gaat fysieke
systeemintegratie mogelijk maken
Een optimale samenwerking/balancering
(transport, conversie en opslag) van de
energievormen van de toekomst (elektriciteit,
groen gas/aardgas, waterstof, warmte).
6. We ontwikkelen strategische
datadiensten met partners
Met TenneT, Netbeheer Nederland en de SER
heeft Gasunie Energieopwek.nl ontwikkeld,
waarop de actuele opwek van duurzame energie
inzichtelijk is gemaakt. De CO-Monitor die we
met TenneT ontwikkelen maakt
tijdsafhankelijke CO-emissies van de gas- en
elektriciteitsmix inzichtelijk.
7. We ontwikkelen nieuwe liquide
markten (bijvoorbeeld groen gas, H,
CO, warmte) door digitale
energie(handels)platformen te
ontwikkelen.
8. Risico-gebaseerd assetmanagement
We maken investerings- en
onderhoudsbeslissingen door digitale data over
de kosten, prestaties en faalkansen van activa
met elkaar te combineren.
9. Resource planning
We hebben inzicht in het huidige en
toekomstige werkpakket in relatie tot de
beschikbare capaciteit (mensen en materialen)
en wijzen dit op basis van prioriteiten zo goed
mogelijk (geautomatiseerd) toe.
10. Digital twin
We creëren digitale kopieën van activa die we
gebruiken om te testen en
onderhoudsvoorspellingen te doen.
11. Digitaal in het veld
Onze collega’s die op locatie aan onze netten
werken, vinden op hun mobile device alle
informatie die ze nodig hebben en leggen hun
werkzaamheden digitaal vast.
12. Digitalisering gaat fysieke
systeemintegratie mogelijk maken
Een optimale samenwerking/balancering
(transport, conversie en opslag) van de
energievormen van de toekomst (elektriciteit,
groen gas/aardgas, waterstof, warmte).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
86
13. Het Nieuwe Werken
We ontwikkelen nieuwe mogelijkheden om
digitaal samen te werken, zowel intern als
extern. Dit betekent dat we een digitaal
platform kunnen bieden voor elke vorm van
samenwerking. Dit leidt tot hogere efficiëntie
en draagt bij aan een duurzame toekomst.
14. Inkoop & Supply
Met digitalisering verbeteren we onze systemen
voor inkoop en logistiek. We communiceren
efficiënt met onze leveranciers en weten we
precies waar onze materialen zich bevinden.
15. Digital HR
Een digitaal platform biedt medewerkers
informatie over onder meer het
trainingsaanbod, HR-regelingen en
performancemanagement.
GUD heeft onder de naam Gas-X een geïntegreerd IT-systeem opgezet voor alle processen van
commercieel gastransport, inclusief marketing, dispatching, hoeveelheidsbepaling, toewijzing en
facturering. In combinatie met ons SCADA-systeem ondersteunt Gas-X de gehele procesketen van het
fysieke en commerciële gastransport. De complexiteit werd verlaagd door het verminderen van de
interne interfaces en IT-systemen. Daarnaast zijn de processen in de hele organisatie geharmoniseerd
en gestandaardiseerd en hebben ze geleid tot een gemeenschappelijk begrip van ons hoofdproces.
ICT-beveiliging
Ook op informatiebeveiligingsgebied is 2020 een bijzonder jaar geweest. In het algemeen geldt dat de
Gasunie ICT-beveiligingsprestaties in Nederland en Duitsland het afgelopen jaar passend waren ten
opzichte van de ICT-bedreigingen. Hierdoor zijn er dan ook geen verstoringen geweest met gevolgen
voor de bedrijfsprocessen.
Het jaar begon met ernstige kwetsbaarheden in onze thuiswerksoftware. Het risico op misbruik leek in
eerste instantie groot, maar bij Gasunie is deze ‘Citrix-crisisvanaf het begin beheersbaar gebleven.
Verstoringen en misbruik zijn voorkomen. Gasunie legt de lat qua ICT-beveiliging zeer hoog (‘best in
class’). Als beheerder van vitale infrastructuur kan en mag onze aandacht op het gebied van ICT-
veiligheid nooit verslappen. Dit wordt frequent getest, maar het is deze keer ook feitelijk in een grotere
crisissituatie aangetoond.
Kort hierna bleken er ook in een deel van de mobiele-werkplekapparatuur kwetsbaarheden aanwezig te
zijn met vooral mogelijke gevolgen voor de informatie-uitwisseling binnen onze organisatie. Ook hier is
de situatie beheersbaar gebleven en zijn verstoringen en misbruik voorkomen.
Vanaf medio maart, toen er ingrijpende COVID-19 maatregelen van kracht werden, ontstond de
volgende uitdaging: het accommoderen van veilig thuiswerken op grote schaal. Vanaf de eerste dag
hebben we dit zonder noemenswaardige ICT-beveiligingsincidenten kunnen doen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
87
Een randvoorwaarde voor het verwezenlijken van onze Digitale Ambitie 2025 is dat digitale systemen en
informatie voldoende beveiligd zijn. Gasunie is hier continu alert op. Op basis van risicoanalyses nemen
we passende maatregelen, waarbij we rekening houden met veranderende visies, ambities,
bedreigingen en techniek. De effectiviteit van de maatregelen controleren we regelmatig met interne
en externe onderzoeken.
De aandacht voor informatiebeveiliging is niet alleen intern gericht. Een ongestoorde
energievoorziening is van vitaal belang voor Nederland, Duitsland en de rest van Europa. We werken
daarom steeds meer samen met andere partijen in de energieketen en met overheden om toekomstige
verstoringen van de energievoorziening te voorkomen.
Het belang van aandacht voor informatiebeveiliging door medewerkers blijft onverminderd groot. Met
alleen technische maatregelen zijn negatieve gevolgen van bedreigingen niet (meer) te voorkomen.
Daarom wordt er steeds aandacht besteed aan de communicatie over informatiebeveiligingsrisico’s en
de spelregels voor het omgaan met informatie via bijvoorbeeld bewustzijnsprogramma’s.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
88
06 Onze dilemma's
Onze dilemma's
Gasunie wil haar taken en activiteiten zo goed mogelijk uitvoeren. Maar er zijn veel dilemma's die
van invloed zijn op de manier waarop we ons werk willen doen. Hieronder hebben we enkele van
deze dilemma’s uitgewerkt.
Meer focus op energietransitieprojecten
Gasunie is betrokken bij tientallen energietransitiestudies, -plannen en -projecten. Niet alle studies en
plannen worden een project. Maar meer focus, dat wil zeggen minder projecten, kan de kans op
succesvolle afronding van een individueel project vergroten, aangezien meer middelen (financiën,
menskracht en managementaandacht) aan dat specifieke project kunnen worden toegewezen. De
inspanningen kunnen worden geconcentreerd op de strategisch meest relevante projecten en op de
projecten met de grootste kans op succes. Minder projecten zorgen echter ook voor een minder
gespreide portfolio en de kans op het mislopen van strategische kansen. Bovendien vraagt de
energietransitie onze inzet op een veelheid aan terreinen. Een hoge mate van focus verhoogt de
blootstelling aan verstorende gebeurtenissen.
Naar een hoger risicoprofiel?
De omvorming van Gasunie tot een energie-infrastructuurbedrijf en de ontwikkeling van de
waterstofbackbone zijn de grote strategische uitdagingen waar Gasunie voor staat. Mogelijk zijn de
acties van de overheid en de industrie niet zo stevig als Gasunie zou willen: wel intenties van de
industriepartners en prognoses, maar geen solide langetermijncontracten op het moment dat er
investeringsbeslissingen moeten worden genomen. De energie die we met zijn allen in een
klimaatneutrale samenleving gebruiken, zal voor 30% tot 50% uit moleculen bestaan. Rechtvaardigt een
betrouwbare energievoorziening het vastleggen van meer middelen en het nemen van hogere
financiële risico's dan Gasunie normaal gesproken aanvaardbaar vindt?
Certificering van groen gas
Vertogas geeft Garanties van Oorsprong (GvO’s) uit aan producenten van groen gas. Er komen steeds
meer producenten bij en de bestaande installaties produceren steeds meer groen gas. Hierdoor stijgt
het aantal uitgegeven, verhandelde en afgeboekte GvO’s en wordt de markt beweeglijker en
volwassener. Het systeem van GvO’s is verankerd in wet- en regelgeving en is in de basis betrouwbaar.
Desalniettemin constateert Vertogas dat de gehele keten van aanvoer van biomassa tot het afleveren
van groen gas aan klanten kwetsbaar is voor oneigenlijk gebruik. Vertogas heeft mandaat noch
middelen om volledige ketencontroles uit te voeren. Het huidige pakket maatregelen in de keten blijkt
in de praktijk niet overal effectief. Vertogas is met stakeholders, waaronder EZK, in gesprek om te
kijken of regels en beleid kunnen worden bijgesteld. Het streven is om, op basis van draagvlak in de
sector, het hoofd te bieden aan oneigenlijk gebruik van het GvO-systeem in de totale keten zodat de
groengasmarkt succesvol door kan blijven groeien.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
89
07 Governance
Governance
Algemeen
Corporate governance gaat over de manier waarop Gasunie wordt bestuurd, hoe daar toezicht op wordt
gehouden en hoe wij daarover verantwoording afleggen. Goede corporate governance is een voorwaarde
voor het effectief en efficiënt realiseren van gestelde doelen. Het zorgt voor een adequate beheersing van
risico’s en voor een weloverwogen afweging van de belangen van alle stakeholders van Gasunie.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
8.
9.
10.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
90
1. Aandeelhouder
N.V. Nederlandse Gasunie (Gasunie) is een
naamloze vennootschap met de Nederlandse
Staat als enig aandeelhouder. De aandelen
worden gehouden door het ministerie van
Financiën.
2. Raad van Bestuur
De Raad van Bestuur bestaat uit vier personen.
Het bestuur is collectief verantwoordelijk voor
het besturen van de onderneming. De CEO en de
CFO zijn statutair bestuurder. Daarnaast zijn er
twee titulaire leden: de Algemeen Directeur van
GTS en de Algemeen Directeur Business
Development & Participations. Op grond van de
vereisten uit de Gaswet kunnen de titulaire
leden niet voor alle Gasunie-activiteiten een
collectieve verantwoordelijkheid dragen.
3. Raad van Commissarissen
De Raad van Commissarissen bestaat uit zes
personen en treedt op als werkgever van de
statutaire bestuurders van Gasunie, houdt
toezicht op De Raad van Bestuur en staat het
bestuur met raad terzijde. Op basis van de
Gaswet en de statuten worden ook belangrijke
besluiten van GTS en andere
dochtermaatschappijen aan de Raad ter
goedkeuring voorgelegd.
4. Auditcommissie
De Auditcommissie van de Raad van
Commissarissen houdt met name toezicht op de
risicobeheersings- en control-systemen, de
jaarlijkse en halfjaarlijkse financiële
verslaglegging, de financiering van de
onderneming en pensioenen.
5. Belonings- &
selectie/benoemingscommissie
De Raad van Commissarissen heeft geen
afzonderlijke Remuneratiecommissie (best
practice 2.3.2). Remuneratie is belegd bij de
gecombineerde Belonings- &
selectie/benoemingscommissie. Dit vindt zijn
rechtvaardiging in het feit dat Gasunie als
staatsdeelneming een eigen
remuneratiemethodiek kent, waarbij het
beloningsbeleid periodiek wordt herijkt. Met de
herijking die in 2017 heeft plaatsgevonden, ligt
het beloningsbeleid voor de komende jaren vast.
6. Besluitvorming
Alle commissarissen hebben toegang tot de
stukken van de commissies en van de
commissievergaderingen wordt verslag gedaan
in de vergaderingen van de gehele raad. Op basis
daarvan vindt besluitvorming plaats.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
91
7. Onafhankelijkheidseis
De leden van de Raad van Commissarissen
voldoen aan de onafhankelijkheidseisen zoals
verwoord in de best practices 2.1.7 t/m 2.1.9 van
de Corporate Governance Code.
8. Gemitigeerd structuurregime
Voor de onderneming geldt het zogenoemde
gemitigeerde structuurregime. De governance-
structuur is gebaseerd op boek 2 van het
Burgerlijk Wetboek, de statuten van de
vennootschap en diverse interne reglementen.
Ook de Gaswet bevat diverse bepalingen die van
invloed zijn op de governance van Gasunie.
9. Diversiteit Raad van Bestuur
In 2020 was het aandeel van vrouwen in de raad
van bestuur 25%. Alle leden van de raad van
bestuur hebben de Nederlandse nationaliteit.
Het beleid is erop gericht om bij toekomstige
vacatures diversiteit een belangrijke rol te geven
in het wervings- en selectieproces.
10. Diversiteit Raad van Commissarissen
Na een tijdelijke uitbreiding van het aantal
commissarissen in 2019 is, met het aflopen van
de benoemingstermijn van Rinse de Jong, het
aantal commissarissen in 2020 weer
teruggebracht van zeven naar zes, waarvan er
twee vrouw zijn. Hiermee is het aandeel
vrouwen 33%. Alle commissarissen hebben de
Nederlandse nationaliteit. Een van de
commissarissen heeft ook de Duitse
nationaliteit. Bij het invullen van toekomstige
vacatures wordt steeds gekeken naar een
evenwichtig en divers samengestelde Raad van
Commissarissen.
Naleving van de Nederlandse Corporate Governance Code
Gasunie past de Nederlandse Corporate Governance Codetoe voor zover dit toepasbaar is, alhoewel de
code alleen geldt voor beursgenoteerde ondernemingen. De principes en best practice-bepalingen van de
code zijn veelal geïmplementeerd in de statuten en in de diverse reglementen.
Tegenstrijdige belangen
Wij leven best practice-bepaling 2.7.4 na waarin wordt bepaald dat transacties met tegenstrijdige
belangen die worden uitgevoerd door de leden van de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen
in het jaarverslag moeten worden vermeld. In 2020 hebben dergelijke transacties niet plaatsgevonden.
Internal audit
De afdeling Internal Audit stelt ieder jaar een auditjaarprogramma op bestaande uit een vast en flexibel
onderdeel. Het vaste gedeelte richt zich op processen die regelmatig worden geaudit, terwijl het flexibele
gedeelte inspeelt op actuele thema’s en vraagstukken. In 2020 hebben onder meer audits
plaatsgevonden op het proces rond Europese aanbestedingen, het klant-erkenningsproces en
capaciteitsplanning.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
92
De wijze waarop de audit wordt uitgevoerd is afgestemd op de behoefte van de Raad van Bestuur en de
Auditcommissie van de Raad van Commissarissen. Internal Audit werkt daarnaast volgens de
internationale kwaliteitsstandaarden van het Instituut voor Interne Auditors en is hier in 2020 voor
gecertificeerd.
Document of Representation
De verantwoording van de (business)units aan de Raad van Bestuur vindt plaats via het Document of
Representation (DoR). Hiermee geven de (business)units formele terugkoppeling in welke mate wordt
voldaan aan de minimale vereisten voor management control. Dit document wordt jaarlijks met de Raad
van Commissarissen besproken.
Verantwoording
De Raad van Bestuur is zich ervan bewust dat de beheerssystemen, hoe professioneel deze ook zijn,
geen absolute zekerheid kunnen bieden dat de ondernemingsdoelstellingen worden gerealiseerd, noch
dat deze systemen onjuistheden van materieel belang, verlies, fraude en overtredingen van wetten en
regels volledig kunnen voorkomen.
Ten aanzien van financiële verslaggevingsrisico's verklaart de Raad van Bestuur dat de interne
risicobeheersings- en control-systemen voldoende mate van zekerheid geven, dat de financiële
verslaggeving geen materiële onjuistheden bevat, en dat de risicobeheersings- en control-systemen in
het verslagjaar adequaat hebben gewerkt. Eventuele tekortkomingen, waar dit jaar geen sprake van is,
worden opgenomen in het jaarverslag.
Materiële risico’s die komend jaar relevant zijn maken onderdeel uit van dit jaarverslag. De verwachting
is dat de continuïteit van de vennootschap minimaal voor de komende twaalf maanden gewaarborgd is.
Beschikbaarheid documentatie
Op de website van Gasunie zijn de volgende documenten beschikbaar:
het reglement houdende principes en best practices voor de Raad van Commissarissen en de
commissies;
het reglement houdende principes en best practices voor de Raad van Bestuur;
de regeling 'Meld wat mis is' (de regeling inzake het omgaan met het vermoeden van een misstand);
de Gedragscode;
met betrekking tot de Corporate Governance code: een ‘pas toe of leg uit’-overzicht met betrekking
tot de toepassing van de Code.
Risk Management, Control en Compliance
Governance en Management Control
Het Governance en Management Control-bouwwerk van Gasunie is gebaseerd op het Three Lines Model.
Het uitgangspunt van dit model is dat het lijnmanagement (de eerste lijn) de operationele
verantwoordelijkheid draagt voor het beheer van risico’s. De tweede lijn bestaat uit specialistendie de
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
93
eerste lijn ondersteunen en adviseren, zoals Risk Management, Control en Compliance. De derde lijn
wordt tenslotte gevormd door Internal Audit die door middel van het uitvoeren van audits de werking en
effectiviteit van het risicomanagement- en control-systeem beoordeelt.
De Raad van Bestuur draagt de eindverantwoordelijkheid voor het risicomanagement en legt daarover
verantwoording af aan de Raad van Commissarissen. De Raad van Commissarissen spreekt op
regelmatige basis met (leden van) de Raad van Bestuur over Governance en Management Control,
waarbij onder meer belangrijke risico's en uitkomsten van audits worden besproken.
Risicomanagement is daarmee een activiteit die op alle niveaus in de organisatie terugkomt.
Risicomanagement
Belangrijke aspecten in de uitvoering van risicomanagement zijn het vaststellen van de corporate
risicobereidheid en het uitvoeren van risicoanalyses op verschillende niveaus in de organisatie. De
corporate risicobereidheid en de corporate risicoanalyse worden hieronder in meer detail beschreven.
Risicobereidheid
De Raad van Bestuur stelt ieder jaar de risicobereidheid vast ten aanzien van de drie pijlers van de
strategie. Op deze wijze doen we een uitspraak over de mate waarin de organisatie bereid is om risico’s
te nemen ten behoeve van het behalen van de strategische doelen. Daarnaast hanteren we een aantal
algemene principes die de strategische pijlers overstijgen en waaraan we als organisatie te allen tijde
moeten voldoen. De risicobereidheid dient als leidraad in strategische en operationele besluitvorming.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
94
Algemene Principes
We proberen onveilige situaties te voorkomen die onze naasten, medewerkers, aannemers, of de
omgeving in gevaar kunnen brengen. We handelen op basis van de hoogste veiligheidsstandaarden in
onze sector. We doen ons uiterste best om materiële fouten in financiële systemen of externe
rapportages te voorkomen, en we zijn niet bereid om risico’s te nemen die onze toegang tot financiële
markten zouden kunnen beperken.
We hechten grote waarde aan de naleving van de wet. In onze operationele activiteiten kunnen we
geconfronteerd worden met dilemma’s, waar we vervolgens op transparante wijze mee omgaan. We
proberen risico’s te vermijden die onze reputatie kunnen beschadigen ten behoeve van het behouden
van onze licence to operate.
Strategische Pijler I: We optimaliseren onze bestaande infrastructuur
We richten ons op het behouden van onze licence to operate. Besluiten op het gebied van
transportzekerheid nemen we in lijn met ons risicogebaseerd assetmanagement-raamwerk. Het lage
gereguleerde rendement in Strategische PijlerI gaat gepaard met een risico-avers financieel profiel. We
stellen inkomsten zeker voordat strategische investeringsbesluiten worden genomen.
Strategische Pijler II: We faciliteren de Europese gasmarkt
Alhoewel transportzekerheid even belangrijk is als in Strategische PijlerI, accepteren we dat we in
zekere mate afhankelijk zijn van vertrouwde partijen die andere operationele standaarden kunnen
hanteren. Financiële risico’s op het gebied van strategische investeringen baseren we op een
acceptabele balans tussen risks en rewards.Daarnaast toetsen we strategische investeringen op hun
publieke relevantie en maatschappelijke impact.
Strategische Pijler III: We versnellen de transitie naar een CO-neutrale
energievoorziening
De afhankelijkheid van externe partners en het innovatieve karakter van projecten in Strategische
PijlerIII, kan andere operationele standaarden vereisen. Ondernemerschap is benodigd voor onze
waardecreatie op lange termijn, wat gepaard gaat met een hogere financiële risicobereidheid voor
strategische investeringen. We zijn bereid meer onzekerheid te accepteren met betrekking tot
verwachte rendementen ten behoeve van het ontwikkelen van toekomstige verdienmodellen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
95
Risicoanalyses
Gasunie hanteert een aantal instrumenten om de verschillende (soorten) risico’s in kaart te brengen:
1.
2.
3.
4. 5.
1. Corporate Risk Analysis (CRA)
In de CRA analyseren we jaarlijks de
belangrijkste strategische en operationele
risico’s die het realiseren van onze strategie op
middellange tot lange termijn in de weg kunnen
staan en/of de uitvoering van onze
bedrijfsprocessen negatief kunnen beïnvloeden.
De CRA vormt een integraal onderdeel van ons
corporate businessplan dat drie jaar vooruitkijkt
en dat we elk jaar vernieuwen.
2. Business Risk Analysis (BRA)
Voor onze businessunits en serviceproviders
voeren we jaarlijks een BRA uit. Deze bestaat uit
(i) de corporate risico’s die aan de betreffende
businessunit of serviceprovider toegewezen zijn,
en uit (ii) de risico’s die specifiek van toepassing
zijn op de businessunit respectievelijk
serviceprovider. De BRA kijkt naar risico’s op de
korte tot middellange termijn en vormt een
integraal onderdeel van de businessunit-
plannen.
3. Project Risk Analysis (PRA)
Projectrisicoanalyses voeren we uit gedurende
de verschillende fasen van een project. De
belangrijkste projectrisico’s verwerken we in de
interne rapportages en controleplannen van de
afdelingen die betrokken zijn bij deze projecten.
4. Operational Risk Analysis (ORA)
Operationele risicoanalyses voeren we uit op
bedrijfsprocessen. De uitkomsten van ORA’s
verwerken we in de interne rapportages en
controleplannen van de afdelingen die betrokken
zijn bij deze processen.
5. Interne Controle Plannen (ICP)
Mitigerende maatregelen die worden genomen
om in de operationele risicoanalyse
gedefinieerde risico’s te beheersen, moeten
worden getoetst op effectiviteit. Dat doen we in
interne controleplannen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
96
Corporate risico’s
In onderstaand overzicht presenteren we een beknopt overzicht van de actuele corporate risico’s. Alle
gepresenteerde risico’s hebben een potentieel significante materiële impact op het behalen van de
strategische doelstellingen of op de uitvoering van bedrijfsprocessen.
Strategische risico’s
Nr. Risico Samenvatting van beheersmaatregelen
1 Robuustheid van regulering in gastransmissie In dialoog blijven met regulators en andere
belanghebbenden om regulering te optimaliseren
in de context van een dalende benutting van assets
Optimaliserenassetmanagement (kosten- en
risico-efficiëntie)
Bevorderen van crossborder-marktintegratie
Bevorderen van alternatieve benutting van assets
(groengas, waterstof)
2 Afnemendelangetermijn- terugverdiencapaciteit
in gastransmissie
In dialoog blijven met regulators en andere
belanghebbenden om regulering te optimaliseren
in de context van efficiëntievereisten
enafschrijvingstermijnen
3 Geringe beschikbaarheid van, en competitie bij,
investeringsmogelijkheden in gas assets
Monitoren en voorbereiden van
investeringsmogelijkheden om snel te kunnen
reageren
Overwegen van creatieve en competitieve
transactiestructuren
Overwegen van kleinere (niet-traditionele)
investeringsmogelijkheden
4 Afnemend maatschappelijk draagvlak voor
investeringen in warmte en CCUS
Versterken van stakeholdermanagement en
betrokkenheid
Verbeteren van positionering voor subsidies,
inclusief in de EU
Uitdragen van hetGasunie-narratief in
maatschappelijke discussie over energietransitie
5 Achterblijvende ontwikkeling van upstream en
downstream markten in energietransitie-
investeringen
Verwerven van positie in waterstofconversie om
marktontwikkeling te bevorderen
Bevorderen van samenwerking met partijen in de
gehele waardeketen
6 Het niet realiseren van een juridisch mandaat en
regulering in energietransitie-investeringen
Waarborgen van nadrukkelijke aandacht op
PublicAffairsin Nederland en de EU.
Versterken van samenwerking met andereTSO’sop
Europees niveau
7 Technologische ontwikkelingen afwijkend van
onze strategie, of versnellend buiten onze
paraatheid
Diversifiëren portfolio Groen Gas
Monitoren van technische ontwikkelingen in
overigeGasunieNew Energy clusters
Verwerken van technologische ontwikkelingen in
de ontwikkeling van de strategie
8 Reputatieschade in relatie tot de uitvoering van
grote en complexe projecten
Behouden van speciale aandacht voor voorkomen
projectvertragingen
Waarborgen van adequate personeelsbezetting
voor projecten met grote publieke blootstelling
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
97
Nr. Risico Samenvatting van beheersmaatregelen
Handhaven van hoge kwaliteitsstandaarden op het
gebied van projectmanagement en gebruik van
financiële en personele middelen
9 Geopolitiek Diversifiëren van portfolio en beheren van
afhankelijkheid van energiebronnen en
infrastructuur
Onderhouden van goede contacten met een
diversiteit aan klanten en belanghebbenden
Uitvoeren van scenarioanalyses en verwerken
daarvan in contracten, besluitvorming en
bedrijfsprocessen
Operationele risico’s
Nr. Risico Samenvatting van beheersmaatregelen
10 ICT-verstoringenen -misbruik Uitvoeren van oefeningen op het gebied van het
omgaan met incidenten en bedreigingen
Verbeteren van begrip van de status van ICT-
security door middel van data-analyse en
monitoring
Verbeteren van ICT-security-werkzaamheden en -
processen
Verminderen van complexiteit en fragmentatie
van ICT-oplossingen door middel van
standaardisatie
Verhogen van het bewustzijn van medewerkers
11 Calamiteiten op het vlak van Veiligheid,
Gezondheid, en Milieu (VGM)
Handhaven vanGasunieTechnische Standaarden,
VGM-beleid, Safety Management Systems, enMoC-
procedures
Ontwikkelen van data-gestuurde besluitvorming
Behouden van voldoende voorzichtigheid inRisk-
BasedAsset Management
Waarborgen van VGM-prestaties van aannemers
12 Personeel en organisatorische verandering StandaardiserenFunctiebouwwerk
UpdatenStrategischePersoneelsplanning
Uitvoeren van talentonwikkelingsprogramma’s
Ontwikkelen van flexibele arbeidsvoorwaarden ten
dienste van zowel oudere als jongere werknemers
Positioneren vanGasunieals aantrekkelijk merk
voor toekomstige en bestaande werknemers
13 Fraude Implementeren van maatregelen van de
Fraudepreventie-evaluatie
Opnemen van frauderisicos inaudits
Toezien op strikte voorwaarden
contractmanagement
Betrekken van frauderisico’s in ICT-oplossingen
Uitvoeren van adequate screening van relevante
werknemers
Organiseren van periodiekebusiness
hackpogingen door externe partijen
14 Kwetsbaarheid toeleveringsketens Overwegen van alternatieve leveranciers voor
kritieke onderdelen
Onderhouden van goede relaties met leveranciers
op basis van regelmatig contact
Opbouwen van adequate voorraden in het geval
van monopolistische posities van leveranciers
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
98
Nr. Risico Samenvatting van beheersmaatregelen
15 Kredietrisico’s Waarborgen van CreditRisk
Managementprocedures
Uitvoeren van kredietwaardigheidsanalyses en
screening van nieuwe partijen (periodieke
herbeoordeling)
Vereisen van onderpand in het geval van
onvoldoende kredietwaardigheid
Monitoren van blootstelling aan grote klanten
Monitoren veranderingen in de
kredietwaardigheid van klanten
COVID-19
Onze afdelingen Risicomanagement en Control hebben een
belangrijke rol gespeeld in het identificeren en beheren van de
risico’s volgend op de uitbraak van de COVID-19-pandemie. In
nauwe samenwerking met het crisisteam heeft
Risicomanagement de materiële effecten op korte en
middellange termijn direct inzichtelijk gemaakt. De
betreffende rapportage is vervolgens overgedragen aan
Control, waarmee de uitvoering van relevante maatregelen
onderdeel werd van de standaard bedrijfsvoering en
processen.
Compliancemanagement
Compliance bij Gasunie richt zich op het bevorderen en handhaven van de naleving van (inter)nationale
regelgeving, normen en interne regels, waaronder de Gedragswijzer. Het doel van compliance is de
integriteit van de organisatie te borgen, het bestuur en de medewerkers te beschermen en wettelijke
en regulatoire sancties, materieel financieel verlies en reputatieschade van de organisatie te
voorkomen.
Het compliancemanagementsysteem van Gasunie is gebaseerd op de internationale richtlijn voor
compliancemanagement 19600 en vastgelegd in ons compliancestatuut. Het statuut beschrijft de
verantwoordelijkheden en de monitoring van en rapportage over compliance. De (unit)managers zijn als
‘first line’ verantwoordelijk voor compliance in hun unit of afdeling. De corporate complianceofficer heeft
als ‘second line’ een onafhankelijke rol en rapporteert direct aan de Raad van Bestuur. Er wordt jaarlijks
gerapporteerd over het compliancesysteem aan de Raad van Commissarissen via de Compliance-brief.
Het compliancebeleid is verder uitgewerkt in diverse interne documenten, waaronder de Gedragswijzer,
de Meld wat mis is Regeling, Beleidsuitgangspunten omgaan met informatie en het Reglement.
Daarnaast verbinden leveranciers zich aan de Gasunie Supplier Code of Conduct.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
99
Eind 2020 is de Gedragscode vervangen door de Gedragswijzer – Samen Werken. Bij het opstellen van de
Gedragswijzer was het uitgangspunt: welk gedrag hebben we nodig om onze ambities voor 2030 waar te
kunnen maken? En wat verwachten we van elkaar op het gebied van integer handelen? De
Gedragswijzer is tot stand gekomen in overleg met de Raad van Bestuur, het leiderschapsteam en
medewerkers van Gasunie via klankgroepen.
De regeling “Meld wat mis is” borgt dat medewerkers vertrouwelijk melding kunnen doen van
ongewenste omgangsvormen of integriteitskwesties. Er is een interne onderzoekscommissie die de
meldingen onderzoekt en hierover advies uitbrengt aan de Raad van Bestuur. In 2020 zijn er geen
meldingen gedaan bij de onderzoekscommissie.
Gasunie heeft zes vertrouwenspersonen, verspreid over de Gasunie-locaties, die vertrouwelijk kunnen
worden geraadpleegd. Ook is een externe coördinator voor de vertrouwenspersonen aangesteld.
In 2020 hebben we geen gevallen van omkoping of corruptie geconstateerd.
Verslag van de Raad van Commissarissen
Als Raad van Commissarissen (hierna RvC of raad) houden we toezicht op en staan het bestuur met raad
terzijde (gevraagd en ongevraagd) met betrekking tot het formuleren en realiseren van de doelstellingen,
strategie en het beleid van N.V. Nederlandse Gasunie. We treden op als werkgever van de Raad van
Bestuur (RvB). De RvC richt zich bij de vervulling van zijn taak op het belang van de vennootschap en
weegt daartoe de in aanmerking komende belangen van de bij de vennootschap betrokkenen, zoals
aandeelhouders, medewerkers, directe en indirecte klanten en de maatschappij (‘’het publieke belang’’).
COVID-19
Vanaf het eerste kwartaal stond 2020 in het teken van de COVID-19-pandemie. Gasunie heeft dankzij
een tijdige en adequate respons dit jaar goed kunnen functioneren, zowel in haar primaire
infrastructurele en operationele activiteiten als bij haar ontwikkelings- en investeringsprojecten. Dit
heeft veel gevraagd van de medewerkers. Wij spreken er onze bewondering voor uit, hoe de organisatie
heeft gereageerd op de COVID-crisis en hoe de medewerkers hierin naar elkaar hebben omgezien.
Onze omgeving
De wereld waarin Gasunie opereert, verandert snel. De winning van gas uit het Groningenveld wordt in
navolging van eerdere besluitvorming (2018) versneld afgebouwd, zodat de productie in 2022 zo goed als
gestaakt kan worden. Met het Klimaatakkoord(2019) maakte Nederland concrete afspraken over de
transitie van een energiesysteem dat voornamelijk is gebaseerd op fossiele brandstoffen naar een
energiesysteem dat zal zijn gebaseerd op hernieuwbare energiebronnen. Vanuit de Nederlandse
overheid zijn hier in 2020 een aantal richtinggevende beleidsagenda’s aan toegevoegd, in het bijzonder
de kabinetsvisies over de rol van gas in het energiesysteem,waterstofen de Routekaart Groen Gas.
Nederland zet deze richting niet in isolatie in: Duitsland publiceerde een Nationale Wasserstoffstrategie
en de Europese Commissie deed voorstellen voor de EU Green Deal en scherpte haar doelstellingen aan
naar 55% reductie van broeikasgassen in 2030. Door de Kohleausstieg van Duitsland wordt daar
overigens zeker in de komende jaren een extra gebruik van aardgas in de elektriciteitsopwekking
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
100
verwacht. Naast deze specifieke energietransitiecontext speelden verschillende bredere
ontwikkelingen, zoals COVID-19, de toenemende geopolitieke spanningen tussen de Verenigde Staten
en Rusland (Nord Stream2) en Brexit (BBL).
Onze werkzaamheden
Visie 2030 en businessplan 2021 - 2023
De raad stelde het Gasunie businessplan 2021-2023 (‘Op naar 2030!’) vast, inclusief het daarbij horende
risicoprofiel en het financieringsplan. Drie strategische pijlers staan hierin centraal: optimale
infrastructuur, Europees verbindend en versnellen van de energietransitie. Het businessplan is een
concretisering van de eerste jaren van de Visie 2030. Deze Gasunie Visie 2030 is een vertaling van de
strategie en bevat een ambitieuze agenda, passend bij de Gasunie-capaciteiten en broodnodig voor de
maatschappelijke opgaven waarvoor we staan. In de Visie 2030 is de ambitie dat in 2030:
De investeringen die hieruit voortvloeien, kunnen oplopen tot €7 miljard cumulatief over de periode tot
en met 2030, afhankelijk van de realisatie van investeringsprojecten en grote onzekerheden in
ontwikkelingen in de energietransitie. De raad is van oordeel dat de financierbaarheid hiervan binnen
de ten doel gestelde creditratings kan plaatsvinden.
Gasunie zich van een gastransportbedrijf heeft getransformeerd in een energie-
infrastructuurbedrijf;
Gasunie een rol speelt in de opslag en het transport van (groen) gas, waterstof, COen warmte;
het mogelijk is gemaakt dat de productie van gas uit het Groningenveld is gestopt (per 2022);
het wegvallen van Groningengas is opgevangen door internationaal gas dat getransporteerd wordt
via pijpleidingen (Noordwest-Europa en Rusland) en schepen (LNG);
‘Groningen-kwaliteit aardgasverder geleverd wordt dankzij stikstofinstallaties die de kwaliteit van
geïmporteerd aardgas kunnen aanpassen;
door een aanpassing in de bestaande gaspijpleidingen een open access waterstofbackbone in Nederland
kan worden geopereerd met verbindingen naar de grote industriële clusters, Duitsland, België,
Frankrijk en andere Europese landen;
grote electrolyse-installaties en een waterstofbeurs de energieverzorging en de waterstofeconomie
ondersteunen.
Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen: Green Deals
In het businessplan is het beleid voor Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO) door middel
van ‘Gasunie Green Deals’ expliciet gekoppeld aan de Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen van de
Verenigde Naties (SDG’s). De belangrijkste SDG’s waar Gasunie een impact op heeft zijn: ‘betaalbare en
duurzame energie’, ‘industrie, innovatie en infrastructuur’, ‘klimaatactie’ en ‘partnerschap om
doelstellingen te bereiken’.
Planrealisatie in 2020
Gasunie presteerde goed in haar eerste strategische pijler, een optimale en veilige infrastructuur zonder
transportonderbrekingen en een robuuste prestatie op het gebied van veiligheid, kosten en
winstgevendheid. De raad monitort de operationele en veiligheidsprestaties en bespreekt deze met het
bestuur. De Veiligheidsdag, waar normaliter ook leden van de RvC naartoe gaan, kon door COVID-19 dit
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
101
jaar onsite helaas niet doorgaan, maar kreeg online een goede vervanging rond het thema 'Veilig en
verbonden'. Voorafgaand aan de vaststelling van het businessplan is het risico- en bedrijfswaardenprofiel
besproken dat hoort bij de risicogebaseerde assetmanagementmethodiek van Gasunie.
Gasunie (GTS) adviseerde het ministerie van Economische Zaken en Klimaat in de besluitvorming over
de mogelijkheden en voorwaarden voor de sluiting van het Groningenveld en de toekomstige
vormgeving van de gasmarkt. Een belangrijke bijdrage aan de reductie van de Groningenproductie is
gerealiseerd door de uitbreiding van de stikstofcapaciteit bij Wieringermeer. Daarnaast is in het voorjaar
de bouw gestart van de stikstofinstallatie bij Zuidbroek. Voor de ombouw van installaties van industriële
grootafnemers van laag- naar hoogcalorisch aardgas werd na het in werking treden van de wet het
investeringsbesluit genomen en zijn de werkzaamheden inmiddels gestart. De raad sprak meerdere
malen met het bestuur over de vormgeving van nieuwe reguleringskaders in Nederland (2022-2026) en
Duitsland (2023-2027).
De afbouw van gaswinning uit het Groningenveld vergroot het belang van Europese gasverbindingen
(tweede strategische pijler). De RvC gaf goedkeuring aan een investeringsbesluit bij Gasunie Duitsland,
waardoor significant meer capaciteit beschikbaar komt voor de benodigde import van aardgas naar
Nederland. Verder vorderen de werkzaamheden in Duitsland aan de EUGAL-leiding, de
netwerkuitbreiding bij Wolfsburg en de plannen voor de bouw van een LNG-terminal in Noord-Duitsland.
Voor wat betreft de derde strategische pijler van Gasunie, versnellen van de energietransitie, is er een aantal
grote projecten in verschillende fasen van ontwikkeling. Zo zijn er plannen ontwikkeld voor de transitie
van delen van het Nederlandse Gasunie-netwerk tot een backbone-transportnet voor waterstof. Wat
waterstof betreft werden belangrijke voorbereidende stappen gezet. Samen met TenneT (Nederland en
Duitsland), het Deense Energinet en Havenbedrijf Rotterdam werden plannen verder gebracht voor de
North Sea Wind Power Hub. En met Shell, het Duitse RWE, het Noorse Equinor en Groningen Seaports
werd een van de grootste waterstofprojecten van Europa gelanceerd: NortH2.
Nederland is in internationaal perspectief goed gepositioneerd om leidend te zijn in waterstof. Andere
landen hebben inmiddels ook grote investeringsplannen aangekondigd en het komt er nu op aan dat de
Nederlandse overheid, Gasunie en haar partners in de eerstvolgende jaren plannen weten om te zetten
in substantiële concrete projecten. De RvC ondersteunt deze ambitie en zal de onderneming hierin
constructief begeleiden.
Met betrekking tot het CO-transport en -opslagproject Porthos keurde de raad de structuur van de
samenwerking goed. Een tijdelijke subcommissie van de raad deed gericht onderzoek naar de corporate
structuur (samenwerking EBN, Havenbedrijf Rotterdam en Gasunie) en het risicoprofiel van dit
belangrijke eerste CO-transport en -opslagproject. Porthos kreeg een Europese subsidie van €102
miljoen. In 2021wordt het commerciële investeringsbesluit verwacht. Voor het project WarmtelinQ
(warmtetransport in de provincie Zuid-Holland), waarvoor eerder een conditioneel investeringsbesluit
werd genomen en in 2020 door de raad voornamelijk werd gemonitord in hoeverre aan de condities
wordt voldaan, verwachten we in 2021 een finale investeringsbeslissing.
Organisatie in ontwikkeling
Gasunie is een organisatie van hoge kwaliteit met een grote betrokkenheid van de medewerkers. De
veranderingen zijn groot, zowel als gevolg van de reorganisaties van de afgelopen jaren als
vooruitkijkend naar de transformatie van Gasunie van gastransport- en -opslagbedrijf naar energie-
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
102
infrastructuurbedrijf. In dit kader stelt de raad het open contact met de Ondernemingsraad (OR) zeer op
prijs. Met de RvB spreken we regelmatig over de benodigde veranderingen in organisatie en cultuur en
de stappen die de onderneming neemt ten aanzien van de duurzame ontwikkeling van medewerkers.
We hebben het potentieel van de mensen in het hogere management besproken en de
opvolgingsplanning in dit management en in de Raad van Bestuur. De raad heeft ook een ontmoeting
gehad met een aantal deelnemers uit het trainee- en talentontwikkelingsprogramma en zich laten
bijpraten over de verschillende Gasunie-ontwikkelprogramma’s voor medewerkers.
Jaarrekening 2020
De raad heeft het jaarverslag 2020 besproken en na kennisneming van het positieve advies van de Audit
Commissie en de goedkeurende controleverklaring van de externe accountant PricewaterhouseCoopers
N.V., besloten de jaarrekening over 2020 ter vaststelling aan te bieden aan de Algemene Vergadering.
Ook stelt de raad voor om van de nettowinst €262,3 miljoen uit te keren als dividend en 337,4miljoen
toe te voegen aan de overige reserves.
Samenstelling en werkwijze Raad van Commissarissen
Samenstelling en besprekingen
Bij de aandeelhoudersvergadering begin 2020 nam Rinse de Jong wegens het bereiken van het einde van
zijn tweede vierjarige termijn afscheid als voorzitter van de RvC. Wij zijn Rinse dankbaar voor de rol die
hij als voorzitter onder andere heeft gehad bij het positioneren van Gasunie in de energietransitie en
het opzetten van een nieuw RvC-team. Pieter Duisenberg is per dezelfde aandeelhoudersvergadering
Rinse de Jong opgevolgd als voorzitter.
In 2020 is Willem Schoeber herbenoemd voor een periode van twee jaar. De raad heeft Martika Jonk
voorgedragen voor herbenoeming van één jaar per AvA 2021. Beide commissarissen zullen per AvA 2022
hun maximale reguliere benoemingstermijn van acht jaar hebben bereikt. De raad is divers en
evenwichtig samengesteld. Alle commissarissen zijn onafhankelijk. We streven in het bijzonder naar
een gebalanceerde man/vrouw-verhouding. Daarnaast wil de raad zich bij aanstaande nieuwe RvC-
benoemingen versterken op het gebied van kennis van de Duitse markt, grote energietransitieprojecten
en digitalisering.
De raad vergaderde in 2020, grotendeels online in verband met COVID-19, tienmaal, waarvan
tweemaal zonder de RvB: over het eigen functioneren en over het Porthos-project.
Daarnaast was er de jaarlijkse ontmoeting met de OR en zijn leden van de RvC aangeschoven bij
overlegvergaderingen van de OR.
Leden van de raad hadden werkbezoeken aan de stikstofinstallatie (bestaand en in aanbouw)
Zuidbroek, EnergyStock en HyStock en compressorstation Ommen in Vilsteren.
De voorzitters van de RvB en RvC hadden een overleg met hun collega’s van TenneT.
Contacten met de Ondernemingsraad
Gedurende 2020 hebben individuele leden van de raad een tweetal overlegvergaderingen met de
Ondernemingsraad bijgewoond. Ook is het dit jaar mogelijk geweest om het inmiddels traditionele
najaarsgesprek met de Ondernemingsraad te laten plaatsvinden in aanwezigheid van alle
commissarissen. Gelukkig kon dit gesprek fysiek plaatsvinden op het Gasunie-hoofdkantoor. In
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
103
verschillende gespreksrondes aan deeltafels zijn er in een ‘free format’ gedachten uitgewisseld over de
koers van Gasunie en de daarbij behorende uitdagingen voor de organisatie. Beide partijen ervaren dit
gesprek als zeer nuttig.
In 2020 heeft de OR ingestemd met de voordacht voor herbenoeming van Martika Jonk als
voordrachtscommissaris. Daarnaast is er meermaals met de Ondernemingsraad gesproken over de
profielen en kandidaten voor de aanstaande vacante posities in de Raad van Commissarissen.
Belonings- & selectie/benoemingscommissie (BBC)
Leden: Martika Jonk (voorzitter), Dirk Jan van den Berg, Pieter Duisenberg
De BBC heeft in 2020 vijfmaal online vergaderd over reguliere onderwerpen, zoals de realisatie van de
doelstellingen ten behoeve van de vaststelling van de variabele beloning van de RvB over 2019, de
vaststelling van nieuwe kwantitatieve en kwalitatieve doelstellingen voor de variabele targetbeloning
van de RvB over 2020, de remuneratieparagraaf voor het jaarverslag met betrekking tot 2019. Leden van
de commissie hebben gedurende het jaar veel tijd besteed aan het zoeken naar twee nieuwe
commissarissen die naar verwachting gedurende 2021 en 2022 benoemd zullen worden. Deze procedure
ronden we naar verwachting in de eerste helft van 2021 af. De discussies en bevindingen van de BBC
worden gerapporteerd in de plenaire vergaderingen van de RvC. De vergaderstukken en notulen van de
commissie worden aan alle commissarissen ter beschikking gesteld.
Wij zijn verantwoordelijk voor een goed functionerende RvB in zijn geheel. Daartoe voeren de leden van
de BBC periodiek formele functioneringsgesprekken met alle leden van de RvB, het meest recent in
januari 2021. Daarnaast kunnen we uit de vele contacten die we met de bestuurders hebben, maar ook
met de Ondernemingsraad en anderen binnen en buiten de organisatie ons op andere manieren een
oordeel vormen over de wijze waarop het bestuur de onderneming leidt. De raad is van mening dat het
functioneren van het bestuur goed is en goed past bij de fase waarin Gasunie zit.
De uitkomsten van de jaarlijkse beoordeling zijn van grote invloed op de hoogte van de uit te keren
variabele beloning van de RvB. Deze past onzes inziens bij het belang dat de realisatie van de
langetermijndoelen van de vennootschap moet hebben. Voor de kortetermijndoelstellingen worden
jaarlijks kengetallen afgesproken, onderverdeeld in financiële en niet-financiële doelen, zoals veiligheid,
leveringszekerheid en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Dit zijn zaken die ‘gewoon op orde
moeten zijn. De bepaling van de uit te keren variabele beloning gebeurt door de voltallige raad op advies
van de BBC.
Auditcommissie (AC)
Leden: Carolina Wielinga (voorzitter), Willem Schoeber, Ate Visser
De AC ondersteunt de RvC met het toezicht op de opzet en werking van de interne risicobeheersings- en
controlesystemen, het financiële verslagleggingsproces en de instelling en handhaving van daarbij
horende interne procedures, de financiering van de vennootschap en de relatie met de in- en externe
accountants. De AC heeft in 2020 vier keer vergaderd. Naast de leden van de commissie en de secretaris
waren in de reguliere vergaderingen steeds aanwezig: de CFO, de interne auditor, de externe
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
104
accountant, de secretaris van de AC, de concerncontroller en de bestuurssecretaris. Daarnaast heeft de
commissie met de externe accountants en de interne auditor vergaderd buiten aanwezigheid van het
management.
Op de agenda stonden reguliere onderwerpen zoals de periodieke interne en externe financiële
rapportages, het businessplan, de fiscaliteit, de financiering, winstbestemming en dividend, de
periodieke verslagen van de operational auditor en de vaststelling van zijn werkplan, het controleplan
van de externe accountant, het jaarverslag 2019, inclusief de jaarrekening 2019, de managementletter en
het accountantsverslag, het Document of Representation van het bestuur, de risicomatrix en de
beheersing van de belangrijkste risico’s, de ontwikkelingen in informatietechnologie en inkoop en
effectiviteit van de beveiliging met het oog op een veilig en betrouwbaar gastransport.
In 2020 heeft de AC nadrukkelijk aandacht besteed aan strategische risico’s en informatieveiligheid. De
voorzitter van de AC spreekt voorafgaand aan de vergaderingen rechtstreeks met de externe accountant,
meestal in aanwezigheid van de CFO. De discussies en bevindingen van de commissie worden
gerapporteerd in de plenaire vergaderingen van de RvC. De vergaderstukken en notulen van de
commissie worden aan alle commissarissen ter beschikking gesteld.
Contact met de aandeelhouder
Met de aandeelhouder (de directeur Financieringen namens het ministerie van Financiën) is vanuit de
raad tweemaal formeel overleg gevoerd en daarnaast heeft nog een aantal informele online overleggen
plaatsgevonden. Onderwerpen van bespreking waren de strategie, het businessplan, financieringsplan,
grote projecten en het functioneren van de Raad van Bestuur. De relatie met de aandeelhouder is open
en constructief. Eind 2020 is een overleg gevoerd met de Minister van Financiën, over de Gasunie-
strategie en de ontwikkelingen en kansen ten aanzien van waterstof in Nederland en Noordwest-
Europa.
Evaluatie van het functioneren van de raad
Naar aanleiding van een extern begeleide evaluatie concludeert de RvC dat de raad en commissies naar
behoren functioneren. Gedurende 2020 heeft de RvC zijn werkzaamheden aangescherpt op het
vroegtijdig volgen van de pijplijn van investeringsprojecten, strategische (en geopolitieke) risico’s en
aandacht voor talent en de transitie in de organisatie. De raad heeft verdiepingssessies gehouden over
de Visie 2030, Risk Based Asset Management, regulering in Nederland en Duitsland en geopolitieke
ontwikkelingen. Daarnaast volgen de leden individuele cursussen en programma’s om hun functioneren
te verbeteren.
Dank en Op naar 2030!’
Wij danken alle medewerkers, management en de Raad van Bestuur voor de samenwerking en voor hun
inzet, betrokkenheid en veerkracht in dit bijzondere COVID-jaar. Wij kijken uit naar de belangrijke
stappen van Gasunie de komende jaren in het realiseren van haar visie: ‘Op naar 2030!.
Groningen, maart2021
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
105
Raad van Commissarissen van N.V. Nederlandse Gasunie
Pieter Duisenberg, voorzitter
Dirk Jan van den Berg, vicevoorzitter
Martika Jonk
Willem Schoeber
Ate Visser
Carolina Wielinga
Pieter Duisenberg Dirk Jan van den Berg
Martika Jonk Willem Schoeber
Ate Visser Carolina Wielinga
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
106
Remuneratiebeleid Raad van Bestuur
Het remuneratiebeleid is door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders op 4oktober 2017
vastgesteld, op voordracht van de RvC met inachtneming van het advies van de Belonings- & selectie/
benoemingscommissie.
Doelstellingen en principes van het remuneratiebeleid
Het remuneratiebeleid is gericht op het aantrekken, motiveren en vasthouden van bestuurders met de
juiste kwaliteit en ervaring, zowel uit eigen kweek als bewezen talent uit de markt. De beloning
reflecteert de verantwoordelijkheid die de bestuurders dragen, en is afgezet tegen geldende
beloningsprincipes in de markt, zoals hierna wordt uitgelegd. Dit bestuurlijke talent is noodzakelijk voor
het realiseren van de doelstellingen van de strategie van Gasunie in de hiervoor geschetste context. Bij
de uitvoering van dit beleid gelden de volgende overwegingen:
Met de Staat als enig aandeelhouder, past Gasunie in beginsel de uitgangspunten toe die gelden voor
het beloningsbeleid van staatsdeelnemingen. Indien dit naar de mening van de RvC tot
onacceptabele risico’s voor de onderneming leidt, zal de RvC in overleg treden met de aandeelhouder.
Voor het remuneratiepakket van bestuurders hanteert Gasunie een marktvergelijking op basis van
een relevante arbeidsmarktreferentiegroep; deze groep bestaat uit (semi-) publieke, private en
internationale ondernemingen die zich zowel qua grootte (aantal medewerkers, assets en omzet) als
qua activiteiten in voldoende mate laten vergelijken met Gasunie. In de vergelijking zitten met
name bedrijven uit de energie-, distributie-, installatie-, bouw- en ingenieursadviessector.
De structuur van de bezoldiging van bestuurders wordt vastgesteld aan de hand van de
marktvergelijking, waarbij aangesloten wordt bij de beloningsverhoudingen binnen de
onderneming, zodat er een logisch doorlopende salarislijn is van de functies in de RvB naar de
functies onder de RvB.
De variabele beloning geldt afhankelijk van de realisatie van doelen op korte en lange termijn en op
operationeel en strategisch gebied.
Beloningselementen
De remuneratie bestaat uit:
een vast gedeelte (basisjaarsalaris);
een variabel gedeelte, afhankelijk van het realiseren van zowel korte- als langetermijndoelstellingen,
zoals in onderstaande teksten gespecificeerd;
een werkgeversbijdrage in de pensioenpremie;
overige secundaire arbeidsvoorwaarden.
Basisjaarsalaris
De RvC limiteert bij benoeming van bestuurders de som van vast en variabel jaarsalaris tot het
maximum van €367.000 (niveau 2017) voor de voorzitter van de RvB. De RvC bepaalt de jaarlijkse groei
van het salaris. Als het maximumsalaris is bereikt, wordt verdere groei beperkt tot de structurele
verhogingspercentages van de cao.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
107
Variabele beloningselementen
De variabele beloningselementen zijn gebaseerd op het beloningsbeleid dat door de aandeelhouder is
goedgekeurd. Het maximum van de variabele beloningselementen is 20% van het basisjaarsalaris. De
doelen voor het behalen van deze beloningselementen worden jaarlijks vastgesteld. Ze moeten
ambitieus zijn en de op langetermijn-waardecreatie gerichte strategie van de onderneming reflecteren.
De RvC heeft de bevoegdheid om, binnen de hiervoor aangegeven limieten, de variabele bezoldiging aan
te passen wanneer deze tot onbillijke uitkomsten leidt vanwege buitengewone omstandigheden in de
prestatieperiode. De RvC heeft eveneens de bevoegdheid de variabele beloning die is toegekend op basis
van onjuiste (financiële) gegevens of 'incorrect gedrag' terug te vorderen van bestuurders.
De RvC laat zich bij het bepalen van de prestatiecriteria, zowel voor de korte als voor de lange termijn,
leiden door de strategische doelstellingen van Gasunie. Bij de vaststelling van de strategie wordt
nadrukkelijk rekening gehouden met de maatschappelijke functie van de activiteiten van Gasunie en de
effecten op de samenleving. Ook daarvoor zijn prestatiecriteria ontwikkeld, gerelateerd aan veiligheid
en transportzekerheid.
De variabele beloningselementen met het maximum van 20% van het basisjaarsalaris zijn met ingang
van 2017 opgedeeld naar twee elementen. Beide elementen kennen een totale maximale waarde van 10%
van het basisjaarsalaris. Het eerste element bestaat uit maatregelen en handelingen die nodig zijn om
de strategie en bedrijfsdoelstellingen van Gasunie op een veilige, betaalbare en een betrouwbare manier
te realiseren. Deze zijn vertaald naar specifieke en meetbare doelen voor veilige, betrouwbare,
maatschappelijk verantwoorde, doelmatige en rendabele bedrijfsvoering. Het tweede element bestaat
uit doelen en thema’s die het bedrijf wezenlijk verder brengen in het realiseren van de lange termijn
strategische doelstellingen. De realisatie van deze doelstellingen wordt discretionair vastgesteld.
Element 1 (10%)
Voor 2020 golden de volgende doelstellingen:
Veiligheid 2%
100%realisatiealsde Total Reportable Frequency Index (TRFI)maximaal2,7 of lageris
50% realisatie indien de TRFI maximaal 3,0 is
0% realisatie indien de TRFI 3,1 of hoger is
Veiligheid 2%
100% realisatie bij maximaal 3 ‘uncontrolledevents’
50% realisatie bij 4 of 5 uncontrolledevents’
0% realisatie bij 6 of meer uncontrolledevents’
Transportzekerheid 2%
100% bij 0 transportonderbrekingen;
70% bij 1 transportonderbreking;
40% bij 2-3 transportonderbrekingen;
10% bij 4-5 transportonderbrekingen;
0% bij 6 transportonderbrekingen.

In afwijking hierop komen tot een lagere score als gevolg van i) de omvang en duur van de onderbreking,
ii) de (maatschappelijk) impact van de onderbreking, iii) de mate van verwijtbaarheid in het handelen
doorGasunie.
Financiële resultaten 2%
100% realisatie bij een NOC lager dan of gelijk aan € 301,2 miljoen (budget);
50% realisatie bij een NOC van maximaal € 306,2 miljoen;
0% realisatie indien de NOC hoger is dan 306,2 miljoen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
108
Financiële resultaten 2%
100% realisatie als de ROIC 5,01% of meer is (budget);
50% realisatie indien de ROIC 4,91% of meer is;
0% realisatie als de ROIC lager is dan 4,91%.
Element 2 (10%)
Hiervoor zijn 4 thema's geformuleerd die aansluiten bij de managementagenda zoals geformuleerd in
het Business Plan.
Groei in business 2,5%
Operationalexcellence 2,5%
Organisatieontwikkeling 2,5%
Positionering van gas enGasunie 2,5%
De streefcijfers voor het verkrijgen van de variabele beloning zijn aan het begin van 2020 afgesproken
tussen de RvC en de leden van de RvB.
Pensioen
Op de leden van de RvB is de pensioenregeling van Gasunie van toepassing. Deze regeling is op basis van
middelloon en bevat een eigen bijdrage van de bestuurders.
Overige secundaire arbeidsvoorwaarden
Gasunie heeft voor haar bestuurders een pakket secundaire arbeidsvoorwaarden dat ook op andere
medewerkers van toepassing is.
Overige uitgangspunten
Benoemingsduur
Bij benoeming van leden van de RvB geldt een benoemingsduur van vier jaar, met de mogelijkheid tot
verlenging met telkens vier jaar. De bestuurders hebben een dienstverband met Gasunie met dezelfde
duur als de benoemingsperiode. Hun dienstverband eindigt van rechtswege in het geval de bestuurder
niet wordt herbenoemd.
Opzegtermijn
Voor de leden van de RvB geldt een opzegtermijn van de arbeidsovereenkomst van drie maanden. Voor
de vennootschap geldt een opzegtermijn van zes maanden.
Vertrekvergoeding
Voor bestuurders geldt, behoudens kennelijke onredelijkheid, een beperking van de ontslagvergoeding
conform de Corporate Governance Code, te weten maximaal één vast jaarsalaris. Deze vergoeding omvat
tevens de eventuele transitievergoeding. In geval van niet-herbenoeming wordt in beginsel geen
vertrekvergoeding toegekend. Een voorstel van de RvC tot afwijking van dit beginsel vereist de
goedkeuring van de aandeelhouder.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
109
Change of control
Voor bestuurders geldt een ‘change of control-clausule’, waarbij in geval van beëindiging van het
dienstverband naar aanleiding van een fusie of overname van de Vennootschap door een niet tot de
Vennootschap behorende partij, of in het kader van een aan de RvB opgelegde wezenlijke verandering in
aard, aansturing of structuur van de onderneming, aan de bestuurder een vergoeding wordt toegekend
van maximaal één basisjaarsalaris, ongeacht op wiens initiatief de beëindiging plaatsvindt.
Beloningspakket 2020
Op basis van het hiervoor genoemde beleid heeft de RvC voor de leden van de RvB de volgende
basisjaarsalarissen en variabele beloningen toegekend:
In euros Basisjaarsalaris 2020 Variabele
beloning(m.b.t.prestaties 2020)
De heer J.J. Fennema 327.271 55.636
Mevrouw J.Hermes* 237.927 40.448
De heer U. Vermeulen 261.806 44.507
De heer B.J.Hoevers 261.806 44.507
* Basisjaarssalaris met ingang van 1 april 2020.
Realisatie variabele beloning
De realisatie van Element1 van de streefcijfers is vastgesteld door de Raad van Commissarissen, op
voordracht van de Belonings- & selectie/benoemingscommissie, gebaseerd op een verificatie door de
interne auditor. Op basis hiervan wordt een percentage van 8% toegekend aan de RvB.
De realisatie van Element2 van de streefcijfers is discretionair vastgesteld door de RvC op 9% op voorstel
van de Belonings- & selectie/benoemingscommissie. De RvC heeft hierbij in ogenschouw genomen hoe
er voortgang is bereikt ten aanzien vanbusiness development. De wijze waarop de werkzaamheden van
Gasunie zijn voortgezet tijdens de COVID-crisis. De verdere competentieontwikkeling van medewerkers
gelet op de strategische doelstellingen. De ontwikkeling van de digitalisering is uitgewerkt in een
Digitale Ambitie. Gasunie heeft daarnaast actief gewerkt aan de positionering in het bredere
energiedebat in Nederland en EU-verband.Op basis hiervan wordt een percentage van 9% toegekend
aan de RvB.
De uitbetaling van de variabele beloning vindt plaats na vaststelling door de Aandeelhoudersvergadering.
Beloningsverhouding
De beloningsverhouding bij Gasunie is 5,21. De verhouding is uitgedrukt als ratio tussen de totale
bezoldiging van de hoogst betaalde medewerker en de mediaan van de totale bezoldiging van alle overige
medewerkers van Gasunie in Nederland. De totale bezoldiging is gebaseerd op de som van het fiscale
jaarloon en de kosten van pensioen (werkgeversbijdrage). Bij de berekening van de mediaan zijn alleen
die medewerkers betrokken die het gehele jaar in dienst waren.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
110
Samenstelling Raad van Commissarissen
R. (Rinse) de Jong RA
(voorzitter tot 25 maart 2020)
(1948, Nederlandse nationaliteit, man)
Datum eerste benoeming: 16 mei 2012
Datum herbenoeming: 24 april 2018(AvA)
Datum aftreden: 24 maart 2020(AvA)
Lid van de Belonings- &
selectie/benoemingscommissie
Lid van de Auditcommissie (tot 23 juli 2019)
Overige bestuursfuncties
Drs. P.J. (Pieter) Duisenberg RC
(voorzitter per 25 maart 2020)
(1967, Nederlandse nationaliteit, man)
Datum eerste benoeming: 1 september 2019
Eerste termijn loopt af in 2024 (AvA)
Lid van de Auditcommissie (tot 1 maart 2020)
Lid van de Belonings- &
selectie/benoemingscommissie (per 1maart 2020)
Overige bestuursfuncties
Bestuurslid Stichting Preferente Aandelen
Wereldhave NV
Voorzitter Raad van Commissarissen
Rabobank Arnhem en omstreken
Vice-voorzitter Raad van Toezicht Hogeschool
van Amsterdam
Lid bestuur Vereniging van toezichthouders
van hogescholen
Voorzitter Vereniging van Universiteiten
(VSNU) (hoofdfunctie)
Voorzitter Stichting van het Onderwijs (StvhO)
Vice-voorzitter Dagelijks Bestuur Neth-Er
Lid Raad van Toezicht Nederlandse School voor
Openbaar Bestuur (NSOB)
Lid Raad van Commissarissen Stadion
Feijenoord
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
111
Drs. D.J. (Dirk Jan) van den Berg
(vicevoorzitter RvC)
(1953, Nederlandse nationaliteit, man)
Datum eerste benoeming: 1oktober 2014
Datum herbenoeming: 21 maart 2019 (AvA)
Lid van de Belonings- &
selectie/benoemingscommissie
Overige bestuursfuncties
Mr. M.M. (Martika) Jonk
(1959, Nederlandse nationaliteit, vrouw)
Datum eerste benoeming: 1 oktober 2013
Datum herbenoeming: 30 maart 2017(AvA)
Tweede termijn loopt af in 2021(AvA)
Voorzitter van de Belonings- &
selectie/benoemingscommissie
Overige bestuursfuncties
Voorzitter Raad van Bestuur Sanquin
Bloedvoorziening (hoofdfunctie, tot 1februari
2020)
Voorzitter Zorgverzekeraars Nederland
(hoofdfunctie, per 1februari 2020)
Voorzitter Raad van Toezicht NWO (per 1april
2020)
Lid Raad van Commissarissen Air France-KLM
(per 26mei 2020)
Voorzitter Atlantische Commissie
Voorzitter Raad van Commissarissen FMO
(Nederlandse Financierings-Maatschappij voor
Ontwikkelingslanden N.V.)
Voorzitter Governing Board Europees Instituut
voor Innovatie en Technologie (EIT) in
Boedapest (tot 1juli 2020)
Voorzitter van de Board van Tradesparent BV
Voorzitter van de Stichting Vrienden van het
Orkest van de Achttiende Eeuw
Of Counsel, CMS Derks Star Busmann N.V.
(hoofdfunctie)
Lid Raad van Toezicht St. Catharina
Ziekenhuis
Lid Raad van Commissarissen Heijmans N.V.
Dr. Ir. W.J.A.H. (Willem) Schoeber
(1948, Nederlandse en Duitse nationaliteit, man)
Datum eerste benoeming: 1 oktober 2013
Datum herbenoeming: 30 maart 2016 (AvA)
Datum tweede herbenoeming: 24 maart 2020
(AvA)
Lid van de Auditcommissie
Overige bestuursfuncties
Ir. A.S. (Ate) Visser
(1956, Nederlandse nationaliteit, man)
Datum eerste benoeming: 6 juli 2018
Eerste termijn loopt af in 2022 (AvA)
Lid van de Auditcommissie
Overige bestuursfuncties
Consultant, Dr. Willem Schoeber
Unternehmensberatung
Niet-uitvoerend lid Board of Directors, Neste
Oyj (Helsinki, Finland) (tot 18mei 2020)
Lid Executive Advisory Council van RLG
International Inc.
Lid Raad van Commissarissen Stargate Oil
Terminal Rotterdam B.V.
Non-Executive Director van Immaterial Ltd.
(per 18december 2020)
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
112
Drs. C. (Carolina) Wielinga RA
(1970, Nederlandse nationaliteit, vrouw)
Datum eerste benoeming: 15 april 2019
Eerste termijn loopt af in 2023
Lid van de Auditcommissie (tot 23-7-2019)
Voorzitter van de Auditcommissie (vanaf 23-7-2019)
Overige bestuursfuncties
Chief Financial Officer BDR Thermea Group
B.V. (hoofdfunctie)
Lid Raad van Commissarissen Corbion
Nederland
Commissaris marketing en communicatie in
KNRB-bestuur (vanaf 16juni 2020)
Rooster van aftreden
Naam Benoeming Herbenoeming 2eherbenoeming Tot Regulier
8 jaar
mr.M.M.Jonk(1959) 1okt. 2013 AvA2017  AvA2021 AvA2022
dr.W.J.A.H.Schoeber(1948) 1okt. 2013 AvA2016 AvA2020 AvA2022 AvA2022
ir.A.S. Visser (1956) 6juli2018  AvA2022 AvA2026
drs. D.J. van den Berg (1953) 1okt. 2014 AvA2019  AvA2023 AvA2023
drs.C.WielingaRA (1970) (OR) 15 april 2019   AvA2023 AvA2027
drs. P.J.DuisenbergRC (1967) 1 sept. 2019   AvA2024 AvA2028
Samenstelling Raad van Bestuur
J.J. (Han) Fennema, CEO en voorzitter van de Raad van Bestuur
(1964, Nederlandse nationaliteit, man)
Han Fennema is op 1januari 2014 toegetreden tot de Raad van Bestuur. Op 1maart 2014 nam hij de
functie over van CEO en voorzitter van de Raad van Bestuur. Han Fennema is herbenoemd op 24april
2018.
Han Fennema heeft als voorzitter van de RvB een aantal specifieke taken en verantwoordelijkheden.
Deze hangen nauw samen met decoördinerende rol van de CEO en zijn genoemd in artikel4.2 van het
Reglement houdende principes en best practices voor het bestuur. Daarnaast is hij verantwoordelijk
voor de business units GTS en GUD en de afdelingen Human Resources, Corporate Business
Development, Communicatie, Public Affairs, Audit en Veiligheid.
Han Fennema was van 2010 tot 2014 bestuursvoorzitter van Enexis, een functie die hij tussen 2011 en
2013 combineerde met het voorzitterschap van Netbeheer Nederland. Daarvoor werkte hij onder meer
bij Eneco en Exxon Mobil. Han Fennema is als informaticus afgestudeerd aan de Universiteit van
Twente.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
113
Nevenfuncties
Lid bestuur Koninklijke Vereniging van Gasfabrikanten in Nederland (KVGN)
Lid Raad van Toezicht Hanzehogeschool in Groningen (vicevoorzitter en voorzitter Audit Commissie)
Lid Aandeelhouderscommissie Nord Stream A.G.
Lid International Supervisory Board Energy Delta Institute
Lid Adviesraad Clingendael International Energy Programme
Lid Executive Committee International Gas Union
Lid van Strategische Adviesraad ECN-TNO
J. (Janneke) Hermes, CFO
(1978, Nederlandse nationaliteit, vrouw)
Janneke Hermes is sinds 1oktober 2019 CFO en lid van de Raad van Bestuur. Binnen de Raad van Bestuur
is Janneke Hermes verantwoordelijk voor de financiële verslaglegging en legt verantwoording hierover af
aan de Audit Commissie en de Raad van Commissarissen. Daarnaast is zij verantwoordelijk voor:
Finance & Control, Treasury, Risk Management, Inkoop, ICT en Juridische Zaken.
Janneke Hermes heeft binnen Gasunie diverse leidinggevende functies bekleed. Zo was zij manager
treasury control (2005-2007), manager arbeidsvoorwaarden (2014-2016) en sinds 2016 manager corporate
finance. Hermes studeerde econometrie aan de Rijksuniversiteit Groningen en volgde het New Board
Program van Nyenrode Business Universiteit.
Nevenfuncties
Bestuurslid Pensioenfonds N.V. Nederlandse Gasunie
B.J. (Bart Jan) Hoevers, titulair lid
(1971, Nederlandse nationaliteit, man)
Bart Jan Hoevers is op 1september 2017 toegetreden tot de Raad van Bestuur als titulair lid. Hij is
algemeen directeur van Gasunie Transport Services B.V. Bart Jan Hoevers is binnen de Raad van Bestuur
verantwoordelijk voor de aandachtsgebieden Unit Operations en Projects.
Bart Jan Hoevers is sinds 2007 werkzaam voor Gasunie, achtereenvolgens als projectmanager business
development, manager regelgevende zaken en manager netwerkontwikkeling. Daarvoor werkte hij voor
het ministerie van Financiën -met staatsdeelnemingen als aandachtsgebied- en De Nederlandsche
Bank. Hoevers studeerde monetaire economie aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Nevenfuncties
Bestuurslid Netbeheer Nederland
Bestuurslid European Network of Transmission System Operators for Gas
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
114
U. (Ulco) Vermeulen, titulair lid
(1959, Nederlandse nationaliteit, man)
Ulco Vermeulen is op 1mei 2016 toegetreden tot de Raad van Bestuur als titulair lid. Hij is herbenoemd op
1mei 2020. Ulco Vermeulen is directeur Business Development & Participations en verantwoordelijk voor
het aandachtsgebied Participations. Vermeulen heeft economie gestudeerd aan de Rijksuniversiteit
Groningen.
Nevenfuncties
Lid Raad van Commissarissen ICE Endex Holding B.V.
BestuursvoorzitterGroen GasNederland
Lid Raad van Toezicht New Energy Coalition
Bestuursvoorzitter TKI Gas
Lid Raad van Commissarissen Ommelander Ziekenhuis Groningen
Lid International Supervisory Board Energy Delta Institute
Lid Raad van Commissarissen Anthony Veder Group N.V. (per 18februari 2021)
Rooster van aftreden Raad van Bestuur 2020
Naam Benoeming Herbenoeming Tweede herbenoeming Tot
B.J. Hoevers (1971) 01-09-2017 (titulair lid) 2021
J.J. Fennema (1964) 01-01-2014 (lid) 24-04-2018 2022
01-03-2014 (vz/CEO)
J. Hermes (1978) 01-10-2019 (lid/CFO) 2023
U. Vermeulen (1959) 01-05-2016 (titulair lid) 01-05-2020 2024
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
115
Bestuursverklaring
(in de zin van artikel 5:25c lid 2 sub c Wft)
De Raad van Bestuur verklaart dat, voor zover hen bekend,
de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de activa, de passiva, de financiële positie en het resultaat
van de vennootschap en de gezamenlijke in de consolidatie opgenomen ondernemingen; en dathet
jaarverslag een getrouw beeld geeft omtrent de toestand op de balansdatum, de gang van zaken
gedurende het boekjaar van de vennootschap en van de met haar verbonden ondernemingen waarvan
de gegevens in haar jaarrekening zijn opgenomen en dat in het jaarverslag de wezenlijke risico’s
waarmee de vennootschap wordt geconfronteerd, zijn beschreven.
De Raad van Bestuur,
Dhr. J.J. Fennema*, voorzitter
Mevr. J. Hermes*
Dhr. B.J. Hoevers
Dhr. U. Vermeulen
Groningen, 4maart 2021
* statutair bestuurder
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
116
08 Interviews
Aardgas en waterstof in de energietransitie in Duitsland
Ook in Duitsland staat de energietransitie hoog op de agenda. Wat zal de rol van aardgas zijn in
de Duitse energiemix van de toekomst? Welke plannen en uitdagingen zijn er op het gebied van
waterstof? Wie weten dit beter dan onze collega’s van Gasunie Deutschland? Matthias Schulz,
Manager Business, en Ksenia Berezina, Project Manager Hydrogen, vertellen over de
energietransitie in hun land.
De twee gezichten van aardgas
Matthias:In Duitsland is aardgas zowel een
probleem als een oplossing. Aan de ene kant
willen we af van fossiele brandstoffen. Aan de
andere kant is aardgas een schonere fossiele
brandstof dan kolen en olie.We stappen in
Duitsland af van kolencentrales en
kerncentrales,vult Ksenia aan. “Maar er is wel
stroom nodig. Voor Duitsland heeft offshore
opwek van windenergie veel potentie. Echter, om deze energie te kunnen gebruiken moet het
elektriciteitsnetwerk worden versterkt. Er zijn hoogspanningskabels nodig om de windenergie van de
noordkust naar de industrie in het zuiden te transporteren, dwars door bewoond gebied. Draagvlak is
dan een groot probleem. Zeker op korte termijn zal aardgas daarom waarschijnlijk juist een grotere rol
krijgen in de productie van elektriciteit.
Ontwikkelingen in de industrie
Ksenia gaat verder: “Ook in de industrie wordt
gezocht naar schonere moleculen, als brandstof
en als grondstof. Een mooi voorbeeld is
Volkswagen bij Wolfsburg. Volkswagen gaat de
twee kolencentrales voor zijn fabriek en de stad
ombouwen tot gascentrales. De nieuwe
centrales kunnen branden op aardgas, maar ook
op andere gassen, zoals biogas, synthetisch
methaan, waterstof of een mix hiervan. Ook staalbedrijven zijn zich in een rap tempo aan het
omvormen, bijvoorbeeld door methaan in plaats van kolen te gebruiken. Om de emissies nog verder te
verlagen, kan methaan weer worden gemixt met waterstof. Zo kunnen ze stapsgewijs overstappen
naar 100procent waterstof.” Matthias: “De meeste industrieën kunnen echter niet zo flexibel
omspringen met hun input. Zij zullen uiteindelijk moeten kiezen voor synthetisch methaan óf pure
waterstof.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
117
Verschoven import en switch naar H-gas
“Daarnaast is er aardgas nodig voor warmte. Verreweg de meeste huizen worden nog verwarmd met
veelal geïmporteerd aardgas. Een groot deel van het Duitse netwerk was al gebouwd voor hoogcalorisch
gas (H-gas); een kleiner deel voor laagcalorisch gas (L-gas). Vanaf 2022 zullen we geen L-gas meer uit
Nederland kunnen importeren. In plaats daarvan halen we meer H-gas uit Rusland. Daarom is Gasunie
in Duitsland al in 2016 begonnen met de switch van L-gas naar H-gas. We liggen op schema. Zowel in de
industrie als de huishoudens worden de installaties één voor één geschikt gemaakt voor hoogcalorisch
gas.
Toekomstige rol van aardgas
“Op dit moment bestaat zo’n 30procent van de energieconsumptie in Duitsland uit aardgas. De
aanname is dat de verwarming van gebouwen mede door isolatie jaarlijks één tot drie procent
efficiënter zal worden. Als je dat doortrekt over dertig jaar, resulteert dat in een behoorlijke afname.
Aan de andere kant zit je dus met de industrie en elektriciteitscentrales waar aardgas juist een grotere
rol gaat spelen als tussenoplossing in de beginfase van de energietransitie. We verwachten dat de
behoefte aan aardgas daarom op de korte termijn zal toenemen, maar daarna juist zal afnemen.”
Waterstof ook in Duitsland essentiële oplossing
Ksenia: In de toekomst is ook een belangrijke rol weggelegd voor waterstof. We hebben in Duitsland
een nationale waterstofstrategie. Waterstof wordt gezien als een van de sleuteloplossingen in de
energietransitie. De aankomende tien jaar zal waterstof hoofdzakelijk een rol van betekenis spelen in
de industrie en mobiliteit. We verwachten dat de verwarming van huizen en andere gebouwen hier in
de toekomst bij zal komen.” Matthias: “Duitsland wil dit overigens niet alleen voor het klimaat. Politici
hopen dat Duitsland een van de wereldwijde leiders kan worden in waterstoftechnologie. Het is dus
ook, of misschien wel vooral, een economische kans.
Kip en ei
“Zeker,beaamt Ksenia. “Maar er zijn ook moeilijkheden. Net als in Nederland is het aanjagen van de
Duitse waterstofmarkt een kwestie van de kip en het ei. Zonder eindgebruikers wordt er geen
waterstof gemaakt, maar zolang er geen waterstof wordt gemaakt, zullen eindgebruikers niet
instappen. Daarnaast hebben we een goede infrastructuur voor transport en opslag nodig om vraag en
aanbod aan elkaar te koppelen. Deze koppelingen moeten stapsgewijs worden gemaakt. We kijken
daarom met veel belangstelling naar NortH2. Ook in Duitsland staat een dergelijk project op de
planning: AquaVentus. Het is duidelijk dat Nederland en Duitsland elkaar nodig hebben om de
waterstofambities te realiseren. Ook de geplande Nederlandse en Duitse backbones zullen op elkaar
worden aangesloten.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
118
Veelheid aan partijen
Matthias:Net als Nederland proberen we een markt te creëren en ontwikkelen we een
waterstofbackbone. Een belangrijk verschil is wel dat we in Duitsland te maken hebben met een
veelheid aan partijen: tientallen TSO’s en nog veel meer DNO’s en energiebedrijven. Geen van die
partijen heeft zo’n centrale rol als Gasunie in Nederland.”Voor nieuw beleid worden alle partijen
uitgebreid geconsulteerd, waardoor je vrijwel altijd uitkomt op een compromis,sluit Ksenia af. “Dat
geldt ook voor de ontwikkeling van het toekomstige waterstofnetwerk. Het klinkt heel redelijk om
hiervoor onze aardgasinfrastructuur te gebruiken. Maar in Duitsland zijn de regels die dit mogelijk
maken nog lang geen uitgemaakte zaak.”
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
119
Duurzame financiering voor onze energietransitieprojecten
De komende jaren investeert Gasunie flink in allerlei projecten die bijdragen aan de
energietransitie. Deze projecten kunnen niet zonder financiering, waarbij obligaties een
belangrijke bron van financiering zijn. Gea Paas Broekman, Manager Treasury Front Office van
Gasunie, en Dick Ligthart, Director Green, Social & Sustainability Bonds bij ABN Amro, zijn
enthousiast over de kansen voor Gasunie om een duurzame obligatie uit te geven.
Uitgaven financieren
Gea: “Het is voor veel bedrijven niet economisch
om alle projecten en activiteiten met eigen geld
te financieren. Dat is niet anders voor Gasunie,
want we hebben te maken met enorm veel
uitbereidingsinvesteringen en projecten in de
energietransitie. We gebruiken daarvoor een
breed pallet aan financieringen: zowel op de
geldmarkt als op de kapitaalmarkt. Zo lenen we
van onder andere de Europese Investeringsbank en van diverse investeerders. We hebben bijvoorbeeld
voor circa 2,5miljard euro aan obligaties op de balans staan.
Stabiele lener die bijdraagt aan de
energietransitie
“Gasunie is voor veel partijen een aantrekkelijke
lener,” gaat Dick verder.In november 2020
hebben we een digitale roadshow
georganiseerd, waarbij Gasunie zo’n veertig
vaste investeerders een update gaf over de
strategie en toekomstige investeringen. Uit de
gesprekken kwam unaniem naar voren dat
Gasunie voor investeerders een heel degelijke en stabiele belegging is. Gasunie heeft een eersteklas
rating, de staat is de enige aandeelhouder en alle inkomsten zijn gereguleerd of komen grotendeels
voort uit in langetermijncontracten. Maar wat ook nadrukkelijk naar voren kwam, is dat investeerders
de bijdrage van Gasunie aan de energietransitie zien en waarderen.”
Uitgave duurzame obligatie
Gea: “We willen investeerders de mogelijkheid geven om gericht te investeren in obligaties die de
energietransitie financieren. Daarnaast vinden we het belangrijk om duurzaamheid te verankeren in
het hele bedrijf, dus ook in onze financieringen. Daarom gaan we mogelijk een duurzame obligatie
uitgeven, hopelijk in 2021 of anders in 2022.Dick: “Zo’n duurzame obligatie is in de basis een normale
obligatie. Maar dan met de belofte, of eigenlijk de randvoorwaarde, dat het geld wordt ingezet voor
projecten van Gasunie die bijdragen aan de energietransitie. Als investeerder weet je waar je geld
naartoe gaat. Bovendien ontvang je periodiek rapportages over de voortgang en toegevoegde waarde
van de projecten, bijvoorbeeld over de hoeveelheid CO die ermee is bespaard.”
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
120
Groeiende markt
“Duurzame obligaties vormen een enorm groeiende markt. Wereldwijd ging het in 2020 om meer dan
500miljard dollar. Energiebedrijven, vastgoedbedrijven, banken en overheden lopen hierin voorop.
Bedrijven werken hard aan duurzaamheid en het realiseren van de klimaatdoelstellingen en daar is
steeds meer financiering voor nodig.”Gea vult aan: “Er zijn voldoende beleggers die reguliere obligaties
ook prima vinden. Maar er zijn steeds meer beleggers die per se willen investeren in duurzame
obligaties. We zien overigens ook dat een duurzaam label alleen niet genoeg is. Investeerders willen
ook dat de strategie van het bedrijf erachter voldoende duurzaam is.”
Behoefte aan duurzame investeringen
Dick: “Het komt inderdaad van twee kanten. Je ziet enerzijds dat bedrijven een duurzaamheidsopdracht
hebben en die kun je nog beter financieren met duurzame obligaties. Anderzijds willen investeerders
het zelf ook graag. Zij nemen hierbij hun maatschappelijke verantwoordelijkheid, maar kijken ook
steeds meer naar de toekomstbestendigheid van bedrijven. Je wilt investeren in bedrijven die in een
klimaatneutrale toekomst ook nog relevant en succesvol zijn. Dus ook met het oog op
risicomanagement is het verstandig om naar duurzame investeringen te kijken. Bovendien zal een
duurzame obligatie waarschijnlijk ook een nieuwe groep investeerders aantrekken: partijen die
wellicht niet eerder naar Gasunie hebben gekeken.
Duurzaam naast regulier
“Onze investeerders zijn loyaal en onze obligaties zijn gewild. De laatste keer dat we een obligatie
uitgaven, was het orderboek drie tot vier keer overschreven. Financieel bekeken zouden we dus prima
alleen reguliere obligaties kunnen uitgeven. Maar als Gasunie willen we laten zien dat we dit belangrijk
vinden. Wel denk ik dat de kans groot is dat we de komende jaren beide obligaties zullen uitbrengen,
zowel een duurzame als een reguliere. Die zullen zeker nog een poosje naast elkaar blijven bestaan.
Onze bestaande infrastructuur doet er namelijk nog vele decennia toe. Zodra we voldoende
energietransitieprojecten aan de obligatie kunnen koppelen, zullen we een duurzame obligatie
uitgeven. Denk aan WarmtelinQ, DJEWELS, de waterstofbackbone, NortH2: alle duurzame projecten
waar Gasunie mee bezig is.
Trots op verduurzaming
“Ik word hier zelf heel blij van,gaat Gea vrolijk verder. “Wat we allemaal doen als Gasunie, daar ben ik
erg trots op. Dat we nu ook de financiering verder gaan verduurzamen, vind ik ontzettend leuk.Dick
kan zich hier helemaal in vinden. “Het is erg inspirerend om hiermee bezig te zijn. Ik ben ook oprecht
onder de indruk van de bijdrage van Gasunie aan de energietransitie. Door de samenwerking bij de
roadshow, is mij nog duidelijker geworden hoe een van oorsprong traditioneel gastransportbedrijf een
belangrijke rol kan spelen in de energievoorziening van de toekomst.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
121
NortH2 versnelt de energietransitie en versterkt het noorden
Een consortium van Groningen Seaports, Shell Nederland en Gasunie werkt aan het grootste
groene waterstofproject ter wereld: NortH2. Met de stroom die door een nieuw te bouwen
megawindpark op zee wordt opgewekt, kan in 2030 drie tot vier GW aan groene waterstof
worden gemaakt. Eind 2020 zijn ook het Duitse RWE en het Noorse Equinor aangehaakt als
nieuwe partners in NortH2. Het woord is aan Cas König, CEO van Groningen Seaports, en Ulco
Vermeulen, lid van de Raad van Bestuur en Directeur Participations & Business Development van
Gasunie.
Groot denken
Ulco: “In 2019 is HyStock in bedrijf gegaan.
HyStock is voor ons een leerproject om te
oefenen met de elektrolyser. Daarvoor is één
MW voldoende. Nu moet de technologie in ons
energiesysteem worden ingepast en moeten we
in stappen gaan opschalen. NortH2 is zo’n stap
en kan in 2030 drie- tot vierduizend keer zo
groot zijn als HyStock.Cas voegt hieraan toe:
“Alleen als we het op grote schaal gaan doen, kunnen we de kosten van waterstof zo reduceren dat we
er ook echt wat aan hebben. Daarom denken we nu al zo groot.”
Kostenreductie door opschaling
Ulco: “Die kosten, dat is wel iets waar soms
kritische reacties op komen. Waterstof als
bruikbare energiedrager moet je maken, net als
elektriciteit. Je kunt het uit aardgas maken,
maar dan moet je iets met de vrijgekomen CO,
zoals afvangen. Elektrolyse is ook een route.
Hiervoor moet je wel elektriciteit hebben.
Andere delen van de wereld kijken naar zon; hier
is wind logischer.Die omzetting vergt vervolgens zowel technologie als energie. En voor elke
technologische innovatie geldt dat die in het begin duur is; hoe groter de schaal, hoe lager de kosten.
Dat was ook zo bij windenergie en elektrisch rijden. Waterstof zal dus, zeker in het begin, niet
supergoedkoop worden. Maar waterstof is wel noodzakelijk in de energietransitie. Met voldoende
opschaling kom je rond 2030 al op een acceptabele kostprijs.”
En die groene stroom dan?
Cas:Een andere opmerking die we wel horen, is dat er onvoldoende groene stroom is om genoeg
groene waterstof mee te maken. En dat is dus precies waarom we met NortH2 zijn gestart! Dit project
begint namelijk met de opwek van extra groene stroom op zee.Maar waarom zou je daar dan
waterstof van maken? Kunnen we niet beter gewoon die elektriciteit gebruiken? Ulco: “Daar moet je
ook goed over nadenken. Als je elektriciteit ongestoord in je systeem kunt inpassen, dan moet je dat
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
122
doen.Maar er zijn periodes dat er zoveel wind is dat dat niet meer in het elektriciteitsnet past. En dat
er meer energie is dan vraag. Dan moet je die energie ergens laten. Voor momenten dat het
bijvoorbeeld niet waait. Die energie laat zich veel makkelijker transporteren en opslaan in de vorm van
waterstof. Dat is ook nog eens vele malen goedkoper. Daarnaast hebben we in Nederland ook in de
toekomst veel moleculen, zoals waterstof, nodig. Als brandstof, maar ook als grondstof in de industrie.”
Vooral voor de industrie
Cas haakt hierop in: “De waterstof van NortH2 is in de eerste fase niet voor cv-ketels in huizen. Dat zou
op zich best kunnen, maar dan ben je al veel verder dan 2030. Het gaat nu eerst om de verduurzaming
van de industrie. In de energiesector en chemische sector wordt veel waterstof gebruikt. Om dat te
maken, gebruiken ze nu aardgas. Straks kan dat waterstof uit windenergie zijn.” Ulco: “Het overgrote
deel zal inderdaad naar de industrie gaan.Daar kan met waterstof het snelste de grootste milieuwinst
geboekt worden. Vier GW klinkt als veel, maar het is maar een paar procent van de totaalbehoefte van
Nederland. We moeten het in het begin dus heel gericht inzetten. Daarom wordt de industrie als eerste
aangesloten op waterstof. Daarnaast zal een klein deel naar zware mobiliteit gaan, zoals treinen en
vrachtwagens.”
Daarom in Noord-Nederland
“Dat we hier lokaal al een markt hebben die waterstof gebruikt, is een van de redenen waarom NortH2
juist hier ontwikkeld kan worden. Maar er zijn nog veel meer redenen,vertelt Cas enthousiast. “Zo
hebben we hier, boven de Waddeneilanden, voldoende ruimte op zee, waar het altijd waait. En in de
Eemshaven hebben we voldoende plek voor de elektrolysers.We hebben direct toegang tot het meest
uitgebreide gasnetwerk ter wereld. We hebben zoutcavernes en ervaring met het hierin opslaan van
gassen. En ten slotte zijn de Rijksuniversiteit Groningen, de Hanzehogeschool en het
Noorderpoortcollege allemaal al een tijdje aan het voorsorteren op waterstof. Er zijn enorm veel
relevante opleidingen, juist hier in de regio.”
Kans grijpen
Ulco: “Het is heel logisch om te denken vanuit Groningen, omdat het aardgasnetwerk ook vanuit
Groningen uitgerold is. Hier ligt de infrastructuur voor zowel het transport als de opslag. Het is dus een
unieke kans, maar daarin schuilt ook een gevaar. We moeten niet denken dat het allemaal sowieso wel
goed komt. Grijp die kans en knok voor die kans! Er moet nog heel veel gebeuren en niemand kan in de
kristallen bol zien hoe het precies gaat uitpakken.Maar de resultaten van de haalbaarheidsstudies zijn
goed en we zijn alleen maar enthousiaster geworden. Zeker nu het consortium breder en sterker is
geworden.” Cas sluit af: Ook voor Groningen Seaports is dit een ontzettend gaaf project. Door de
schaal, maar ook door de partners waarmee dit gebeurt. NortH2 gaat een voorbeeldproject zijn voor de
rest van de wereld.”
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
123
Samen naar een geïntegreerd klimaatneutraal energiesysteem
Hoe kan ons energiesysteem er in 2050 uitzien en hoe zal onze infrastructuur veranderen? Met
de Integrale Infrastructuurverkenning 2030-2050 (II3050) presenteren Gasunie, TenneT en de
regionale netbeheerders een viertal scenario’s. Marijke Kellner, Manager Energie Systeem bij
Gasunie, en Gert van der Lee, beleidsadviseur Long Term Transmission Gridplanning bij TenneT,
vertellen over systeemintegratie en de bijbehorende uitdagingen.
Variabel aanbod en variabele vraag
Gert: “De interactie en verwevenheid tussen gas
en elektriciteit neemt hoe dan ook sterk toe. Als
Nederland ervoor kiest om in de eigen
energiebehoefte te voorzien, zullen wij onze
totale energievoorziening moeten ombouwen
naar een systeem waarin zon en wind de kar
trekken. Deze bronnen kennen een variabel
aanbod, dat niet synchroon loopt met de vraag.
Dan moet je kijken naar conversie en opslag, zoals in batterijen.Marijke: “Van overschotten duurzame
elektriciteit kan bijvoorbeeld waterstof worden gemaakt. Waterstof kan worden gebruikt in de
industrie of voor mobiliteit. Bij tekorten van duurzame opwek kan waterstof worden omgezet naar
elektriciteit. Door systemen aan elkaar te koppelen, kunnen we gaten in de energievoorziening vullen.
Vier klimaatneutrale eindbeelden
Wat zijn de scenario’s die in II3050 geschetst
worden? In het eerste scenario hebben lagere
overheden en de burgers het transitiestuur in
handen. Gert: “Er komen in dat scenario overal
zonnepanelen op daken en de omvang van de
energie-intensieve industrie zal afnemen. In het
tweede scenario is de overheid aan zet. Er wordt
dan flink ingezet op offshore wind. Hierbij is ook
veel power to gas nodig: elektrolyse waarmee waterstof van stroom wordt gemaakt. In het derde
scenario is er vooral aandacht voor biomassa, waarbij Nederland veel groen gas zal produceren. In het
vierde scenario staat onder meer de import van waterstof centraal.
Ons energiesysteem in 2050
Welk scenario is het meest waarschijnlijk? Daar durven Gert en Marijke zich niet aan te branden. Gert:
“Er ontbreekt nog een stuk kennis, dus het is echt heel moeilijk om te zeggen. In alle scenario’s zien we
beren op de weg. En heftige veranderingen voor allerlei sectoren. De scenario’s geven ons echter wel
inzicht in de onderlinge samenhang die kan ontstaan tussen elektriciteit, waterstof en warmte.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
124
Aan de slag met wat sowieso moet
Marijke:De politiek moet op een bepaald moment een keuze maken, maar we willen alle opties zo
lang mogelijk openhouden. In de tussentijd gaan we aan de slag met maatregelen die voor alle
scenario’s nodig zijn. Wat zijn de gemene delers over die vier scenario’s heen? Zo zijn er oplossingen
voor bepaalde knelpunten in het elektriciteitsnet nodig. En in alle scenario’s is er een rol voor groene
moleculen. De backbone voor waterstof, de opslag van duurzame gassen: daarmee kunnen we nu al
aan de slag.”
Knelpunten en discussie
“Voor het concreet benoemen van maatregelen om knelpunten in het elektriciteitsnet op te lossen zijn
de onzekerheden over de inrichting van het energiesysteem simpelweg nog te groot,gaat Gert verder.
“Je hoeft maar iets aan de knopjes te draaien en de situatie verandert weer.” “Natuurlijk hebben we wel
verschillen in inzicht en prioriteiten,geeft Marijke toe. “Bijvoorbeeld de rolverdeling in de
energietransitie is soms onderwerp van discussie. Maar dat koppelen we nadrukkelijk los van de
bovenliggende visie wat betreft systeemintegratie. We hebben ook te maken met een brede groep aan
stakeholders. Ministerie, industrie, energiebedrijven, noem maar op. Het heeft grote meerwaarde om
samen met hen tot gezamenlijke inzichten te komen over welke stappen we moeten zetten richting
een geïntegreerd klimaatneutraal energiesysteem.
Unieke samenwerking
Zo’n belangenoverstijgende samenwerking tussen TSO’s, is dat bijzonder?Ja, ik denk dat we hier wel
vrij uniek in zijn,zegt Gert. “Andere landen kijken met verbazing naar Nederland. Het is voor een deel
terug te voeren op het feit dat het op de werkvloer heel soepeltjes gaat. Open en eerlijk: we vertrouwen
elkaar.Marijke: “In Nederland hebben we elkaar kunnen vinden en realiseren we ons dat we elkaar
nodig hebben en dat ieder een belangrijke rol speelt in de ontwikkeling van het energiesysteem. Zonder
de verknoping van de systemen wordt het energiesysteem zowel onbetrouwbaar als duur. Vanuit onze
maatschappelijke verantwoordelijkheid willen we het dus samen doen: leveringszekerheid tegen zo
laag mogelijke maatschappelijke kosten.
Vakinhoudelijke uitdaging
“Wat ook wel helpt is dat we als staatsbedrijf dezelfde aandeelhouder hebben,gaat Marijke verder. En
ten slotte de mensen die erbij betrokken zijn. Vakinhoudelijke koplopers hebben hier het voortouw
genomen. Het zijn specialisten die graag op de inhoud gaan en hun tanden erin hebben gezet.” Daar
kan Gert zich helemaal in vinden. “De experts vinden het leuk om hiermee aan het werk te gaan. In het
verleden werd er gewoon af en toe een centrale bijgebouwd en dat was het zo’n beetje. Nu is het
dynamisch en moet er veel gebeuren. Dat is ontzettend motiverend.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
125
Talent krijgt energie van de energietransitie
De energietransitie vraagt om talent. Talent dat soms schaars is of liever kiest voor andere
sectoren. Want als je gewild bent, waarom zou je dan bij Gasunie gaan werken? HR-adviseur
recruitment Daniel Vermeltvort en management trainee Karsten Hoekzema vertellen hoe
belangrijk de energietransitie is in de keuze voor Gasunie.
Impact met technische oplossingen
Karsten:Ik ben in september 2020 begonnen als
management trainee. Na mijn studies Civiele
Techniek en Technology & Operations
Management dacht ik: wat vind ik belangrijk in
een baan? Toen kwam ik bij één woord uit:
impact. Ik houd van het oplossen van complexe
vraagstukken en het vervolgens ook toepassen
van die oplossingen. Maar daarnaast ben ik al
van jongs af aan onder de indruk van documentaires als die van David Attenborough. Ik wil graag
impact maken op de samenleving door iets te doen tegen klimaatverandering. Best een lijstje aan
wensen dus. Maar als techneut heb je het voordeel dat er veel animo is. Je wordt iedere week wel een
keer gebeld door een recruiter.
Maatschappelijk doel
“Maar ik was niet een van hen,lacht Daniel. “In
dit geval klopte Karsten juist bij ons aan. Mijn
opdracht was om zes WO-afgestudeerden met
onder andere een technische achtergrond te
werven voor dit traineeship, overigens bekroond
tot ‘Best traineeship Benelux’ in de categorie
personal branding. Talenten als Karsten zijn zo
high profile; ze kunnen wel bij honderd partijen
aan de slag. Met een advertentie hebben we laten zien wat Gasunie biedt: ontwikkeling, een
maatschappelijk doel en flexibiliteit.Karsten: “Van die eerste twee krijg ik echt veel energie. Maar
flexibiliteit is natuurlijk ook mooi meegenomen.
Op zoek naar engineers
“Technisch talent is niet alleen schaars,gaat Daniel verder. Je moet ze ook nog zien te bereiken.
Karsten:Er worden denk ik genoeg engineers opgeleid. Maar vaak gaan ze vervolgens niet als engineer
aan het werk. In plaats daarvan kiezen ze voor banken en grote consultancybedrijven. Andersom kan
niet: je kunt niet met een financiële achtergrond ineens gaan engineeren. Zo wordt de spoeling dun.
Ikzelf werd tijdens het sollicitatieproces steeds enthousiaster.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
126
Bijdragen aan de energietransitie
Daniel:Voor veel mensen die Gasunie als werkgever overwegen is de energietransitie een belangrijk
thema. Ik hoor het bij bijna elke functie wel voorbijkomen. Het maakt Gasunie extra aantrekkelijk, ook
voor mij. Ik heb eerder bij een bedrijf gewerkt dat heel maatschappelijk betrokken was. Dat geeft een
goed gevoel.” Dat geldt ook voor Karsten:Natuurlijk werk je hier niet alleen aan de energietransitie.
Het veilig en betrouwbaar transporteren van aardgas is nog steeds de hoofdtaak van Gasunie. Daar was
de vacature heel helder over. Maar toch: hoe klein en bescheiden mijn rol ook is, het is mooi om iets bij
te dragen aan het helpen voorkomen van verdere klimaatverandering.”
Goede werksfeer
“Nu ik hier al een tijdje zit, kan ik zeggen dat de vacature zeker is waargemaakt,” gaat Karsten verder.
“Het bevalt heel goed. Gasunie heeft een enorm goede werksfeer. Tijd voor elkaar vrijmaken is echt de
standaard hier. En dat is zeker niet overal zo. Die sfeer heeft mij wel verrast.Ook Daniel is positief. Ik
werk hier zelf nu ongeveer een jaar en ben alleen maar enthousiaster geworden. Wat ik ook fijn vind, is
dat Gasunie heel output-gestuurd is. Op de HR-afdeling werken we zelfs bijna helemaal zelfsturend."
Vraagstuk van deze eeuw
Karsten:Wat ik van te voren niet wist, is iets wat veel mensen denk ik niet weten: Gasunie vervult al
zestig jaar de aardgasbehoefte van Nederland! Dat is op zichzelf al een groot maatschappelijk doel. Nu
komen daar andere vormen van energie bij in combinatie met een extra maatschappelijk vraagstuk. De
energietransitie is hét vraagstuk van deze eeuw. Het is een multidisciplinair probleem dat vraagt om
slimme oplossingen. En dan zit je ook nog met de reusachtige schaalgrootte en de korte tijd die we nog
hebben. Het is een enorme uitdaging, en dat maakt werken voor Gasunie voor mij als techneut zo
interessant.
Trots op bijdrage
Daniel knikt.Er komt een hele uitdagende periode aan. Of eigenlijk is die er al. Ik ben er trots op dat ik
vanuit mijn rol daar een bijdrage aan kan leveren. Ik ben blij dat ik daar mijn expertise op kan loslaten.
En dat ik collega ben van Karsten natuurlijk! Karsten schiet in de lach: “Dat gevoel is geheel wederzijds
Daniel.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
127
Jaarrekening
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
128
09 Geconsolideerde financiële overzichten
Geconsolideerde balans per 31 december 2020
(vóór resultaatbestemming)
In miljoenen euros Noot 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Activa
Vaste activa
- materiële vaste activa 4,5 9.125,0 8.766,5
- investeringen in joint ventures 7 241,2 212,2
- investeringen in geassocieerde
deelnemingen
8 0,5 0,5
- overige deelnemingen 9 509,3 515,1
- uitgestelde belastingvorderingen 10 267,4 323,1
Totaal vaste activa
10.143,4 9.817,4
Vlottende activa
- voorraden 11 47,2 46,9
- handels- en overige vorderingen 12 173,6 190,3
- vennootschapsbelasting 13 3,9 26,2
- liquide middelen 14 17,9 45,3
Totaal vlottende activa
242,6 308,7
Totaal activa
10.386,0 10.126,1
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
129
In miljoenen euros Noot 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Passiva
Totaal eigen vermogen
toekomend aan de aandeelhouder 15
6.341,0 5.935,4
Langlopende schulden
- rentedragende leningen 16 2.360,1 3.091,9
- leaseverplichtingen 17 92,5 90,2
- contractverplichtingen 18 47,2 46,9
- uitgestelde belastingverplichtingen 19 179,1 175,3
- personeelsbeloningen 20 127,6 118,6
- overige voorzieningen 21 30,2 35,1
Totaal langlopende schulden
2.836,7 3.558,0
Kortlopende schulden
- kortlopende financieringsverplichtingen 22 958,2 416,4
- leaseverplichtingen 17 7,5 6,8
- contractverplichtingen 18 3,4 3,2
- handels- en overige schulden 23 228,2 206,3
- vennootschapsbelasting 13 11,0 -
Totaal kortlopende schulden
1.208,3 632,7
Totaal passiva
10.386,0 10.126,1
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
130
Geconsolideerde winst-en-verliesrekening over 2020
In miljoenen euros Noot 2020 2019
Voortgezette bedrijfsactiviteiten
Netto-omzet 26 1.372,2 1.278,2
Aan investeringen toegerekende kosten 54,8 51,7
Personeelskosten 27 190,9 181,8
Afschrijvingskosten 5 318,4 326,5
Terugname bijzondere waardevermindering 4,5 300,0 -
Overige kosten 28 359,0 318,0
Totale lasten
513,5
774,6
Bedrijfsresultaat
858,7
503,6
Financiële baten 29 2,8 10,5
Financiële lasten 30 70,6 91,6
Aandeel in resultaat joint ventures 7 31,0 35,2
Aandeel in resultaat geassocieerde
deelnemingen
8 - 0,3
Dividend van overige deelnemingen 9 31,3 59,6
Resultaat vóór belastingen
853,2
517,0
Belastingen 31 253,5 105,0
Resultaat na belastingen
599,7
412,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
131
Geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat over 2020
In miljoenen euros Noot 2020 2019
Resultaat na belastingen, zoals
opgenomen in de geconsolideerde winst-
en-verliesrekening
599,7 412,0
Saldo van actuariële winsten en verliezen
terzake van personeelsbeloningen,
20,42 6,2 14,5
waarvan vennootschapsbelasting 1,9 4,3
Totaal van de resultaten verwerkt in het
eigen vermogen, welke bij realisatie niet
worden geherclassificeerd naar de winst-
en-verliesrekening
4,3
10,2
Mutatie van tegen reële waarde
gewaardeerde overige deelnemingen
9,41 5,7 18,8
Mutaties in de cashflow hedge reserve, 15,40 1,2 0,9
waarvan vennootschapsbelasting 0,3 0,2
Mutatie in de cashflow hedges reserves van
joint ventures en geassocieerde
deelnemingen,
7 5,7 2,6
Totaal van de resultaten verwerkt in het
eigen vermogen, welke bij realisatie
worden geherclassificeerd naar de winst-
en-verliesrekening
0,9
20,7
Totaal van de gerealiseerde en niet-
gerealiseerde resultaten
594,5
422,5
Toe te rekenen aan aandeelhouder 594,5 422,5
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
132
Geconsolideerd mutatieoverzicht van het eigen vermogen over 2020
In miljoenen euros Aandelen
kapitaal
Cash flow
hedge
reserve
Reële
waarde
reserve
Overige
reserves
Onverdeeld
resultaat
Totaal
2020
Stand per 1 januari 2020 0,2 0,9 342,2 5.180,1 412,0 5.935,4
Totaal van de gerealiseerde en niet-
gerealiseerde resultaten over het boekjaar
- 0,9 5,7 1,4 599,7 594,5
Wijziging in uitgestelde belastingen - - - 99,5 - 99,5
Uitgekeerd dividend 2019 - - - - 288,4 288,4
Toegevoegd aan de overige reserves - - - 123,6 123,6 -
Stand per 31 december 2020
0,2 - 336,5 5.404,6 599,7 6.341,0
2019
Stand per 1 januari 2019 0,2 1,6 323,5 5.056,9 325,2 5.707,5
Totaal van de gerealiseerde en niet-
gerealiseerde resultaten over het boekjaar
- 0,7 18,8 7,6 412,0 422,5
Rechtstreekse vermogensmutaties joint
ventures
- - - 5,4 - 5,4
Wijziging in uitgestelde belastingen - - - 39,0 - 39,0
Uitgekeerd dividend 2018 - - - - 228,0 228,0
Toegevoegd aan de overige reserves - - - 97,2 97,2 -
Stand per 31 december 2019
0,2 0,9 342,2 5.180,1 412,0 5.935,4
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
133
Geconsolideerd kasstroomoverzicht over 2020
In miljoenen euros Noot 2020 2019
Kasstroom uit operationele activiteiten
Netto-omzet 3,26 1.372,2 1.278,2
Totale lasten 27,28,5 513,5 774,6
Bedrijfsresultaat
858,7
503,6
Aanpassingen voor:
- afschrijvingskosten 5 318,4 326,5
- terugname bijzondere waardevermindering 4,5 300,0 -
- mutatie voorraden 11 0,3 1,8
- mutatie operationeel werkkapitaal 12,23 9,4 56,5
- mutatie voorzieningen 20,21 4,1 45,3
- resultaat desinvesteringen 5 8,9 14,2
Kasstroom uit bedrijfsoperaties
899,2
740,7
Ontvangen rente 29 1,7 3,5
Ontvangen dividend joint ventures 7 22,4 24,7
Ontvangen dividend overige
kapitaalbelangen
9 31,3 59,6
Betaalde rente 30 80,0 99,5
Betaalde vennootschapsbelasting 31 59,1 71,0
Kasstroom uit operationele activiteiten
815,5
658,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
134
In miljoenen euros Noot 2020 2019
Kasstroom uit investeringsactiviteiten
Acquisities (exclusief meegekochte
kasmiddelen)
2 11,5 7,0
Investeringen in materiële vaste activa 5 327,5 404,0
Desinvesteringen in materiële vaste activa 5 0,4 0,1
Investeringen in joint ventures 7 14,7 6,9
Kasstroom uit investeringsactiviteiten
354,1
417,8
Kasstroom uit financieringsactiviteiten
Opname langlopende leningen 16 - 494,2
Aflossing van langlopende leningen 16 21,4 519,0
Leasebetalingen 17 9,0 8,2
Mutatie kortlopende
financieringsverplichtingen
22 170,0 38,8
Uitgekeerd dividend 43 288,4 228,0
Kasstroom uit financieringsactiviteiten
488,8
222,2
Netto kasstroom in het boekjaar
27,4
18,0
Liquide middelen primo periode 14 45,3 27,3
Liquide middelen ultimo periode 14 17,9 45,3
Mutatie liquide middelen
27,4
18,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
135
10 Toelichting op de geconsolideerde financiële
overzichten
Toelichting op de geconsolideerde financiële overzichten
Algemeen
Opmaken en vaststellen van de jaarrekening
De jaarrekening 2020 is opgemaakt door de Raad van Bestuur op 4maart 2021. De opgemaakte
jaarrekening wordt op 29maart 2021 ter vaststelling voorgelegd aan de Algemene Vergadering.
Verslaggevende entiteit
N.V. Nederlandse Gasunie (hierna:Gasunie’ of ‘de vennootschap’) is een Europees energie-
infrastructuur bedrijf. Gasunie biedt gereguleerde transportdiensten aan in Nederland en in Duitsland.
Voorts neemt Gasunie deel in samenwerkingsverbanden voor pijpleidingen die het Gasunie-
transportnet verbinden met buitenlandse markten. Daarnaast biedt Gasunie ook andere diensten aan
op het gebied van energie-infrastructuur, waaronder gasopslag en de certificering van groen gas.
Gasunie zet haar infrastructuur en kennis in toenemende mate in voor verdere ontwikkeling en
integratie van alternatieve energiebronnen, zoals waterstof, warmte en groen gas alsmede de
ontwikkeling van CC(U)S.
De vennootschap is statutair en feitelijk gevestigd te Groningen (Nederland) op Concourslaan17 en is
ingeschreven onder KvK-nummer 02029700.
Alle op balansdatum geplaatste aandelen worden gehouden door de Staat der Nederlanden.
Verslaggevingsperiode
Deze jaarrekening heeft betrekking op het boekjaar 2020 dat eindigde op de balansdatum van
31december 2020.
Presentatie- en functionele valuta
De jaarrekening wordt gepresenteerd in euro’s, wat tevens de functionele valuta is van de
vennootschap. Alle bedragen zijn, tenzij anders vermeld, opgenomen in miljoenen euro’s.
Continuïteit
Deze jaarrekening is opgesteld uitgaande van de continuïteitsveronderstelling.
De vennootschap heeft de invloed van de COVID-19 pandemie op de toepassing van de
continuïteitsveronderstelling onderzocht. Het management verwacht mede gebaseerd op de
ervaringen van het afgelopen boekjaardat de financiële impact van de COVID-19 pandemie beperkt is
voor de balansposten, de resultaten en de liquiditeit en solvabiliteit van de vennootschap. In noot1
‘Significante aangelegenheden en gebeurtenissen in 2020’ is deze verwachting nader toegelicht.
Het management is van mening dat er geen onzekerheid bestaat over het hanteren van de
continuïteitsveronderstelling.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
136
Onderdelen van het bestuursverslag en de jaarrekening
Het bestuursverslag, als bedoeld in art. 2:391 van het Burgerlijk Wetboek, bestaat uit de volgende secties
van het jaarverslag en de jaarrekening:
De geconsolideerde jaarrekening bestaat uit de geconsolideerde balans, de geconsolideerde winst-en-
verliesrekening, het geconsolideerd overzicht van het totaalresultaat, het geconsolideerd
mutatieoverzicht van het eigen vermogen en het geconsolideerd kasstroomoverzicht. In de
voornoemde overzichten zijn referenties opgenomen. Met deze referenties wordt verwezen naar de
toelichting op de jaarrekening. De toelichtingen bij de in de geconsolideerde jaarrekening opgenomen
financiële overzichten maken integraal deel uit van de geconsolideerde jaarrekening. De
geconsolideerde jaarrekening en de vennootschappelijke jaarrekening vormen samen de statutaire
jaarrekening van de vennootschap.
Van gastransportbedrijf naar energie-infrastructuuronderneming
Financiële resultaten
Over Gasunie
Optimaliseren infrastructuur
Europees verbindend
Versnellen van de energietransitie
Organisatiefundament
Onze dilemma’s
Governance (uitgezonderd het ‘Verslag van de Raad van Commissarissen)
Informatie over financiële instrumenten (noot 24 ‘Financiële instrumenten van de geconsolideerde
jaarrekening)
Bijlagen (uitgezonderd het 'Verslag van de OR')
Basis voor opstelling
Overeenstemmingsverklaring
Op grond van de Verordening (EG) nr. 1606/2002 van het Europees Parlement stelt de vennootschap
haar geconsolideerde jaarrekening op in overeenstemming met de bepalingen van de International
Financial Reporting Standards (IFRS), zoals bekrachtigd door de Europese Unie en in overeenstemming
met de bepalingen van Titel9 Boek2 Burgerlijk Wetboek (BW).
IFRS omvat in dit kader zowel de IFRS-standaarden als de International Accounting Standards (IAS), die
door de International Accounting Standards Board zijn uitgebracht, en de interpretaties van IFRS- en
IAS- standaarden, uitgebracht door het IFRS Interpretations Committee (IFRIC) respectievelijk het
Standing Interpretations Committee (SIC).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
137
Nieuwe en gewijzigde standaarden voor de financiële verslaggeving
Met betrekking tot het boekjaar 2020 zijn de onderstaande wijzigingen in standaarden van kracht
geworden:
Daarnaast worden onderstaande standaarden of wijzigingen daarin naar verwachting in de nabije
toekomst van kracht. Van deze standaarden is de EU-goedkeuring nog niet in alle gevallen afgerond.
Uit een analyse door de vennootschap blijkt dat zowel de vastgestelde standaarden als de nog te
bekrachtigen standaarden geen materiële impact hebben op het vermogen, de kasstromen en het
resultaat van de vennootschap en dat geen sprake is van significante additionele toelichtingen. Om die
reden zijn de gevolgen van deze wijzigingen voor de vennootschap niet in detail toegelicht in deze
jaarrekening.
Amendment to IAS 1 and IAS 8: Definition of Material
Amendment to IFRS 3 Business Combinations
Amendments to References to the Conceptual Framework in IFRS Standards
Amendments to IFRS 9, IAS 39 and IFRS17: Interest Rate Benchmark Reform
Amendment to IFRS 16 Leases COVID-19-Related Rent Concessions
Amendments to IFRS 4 Insurance Contracts – deferral of IFRS 9 (vanaf boekjaar 2021)
Amendments to IFRS 9, IAS 39, IFRS 7, IFRS 4 and IFRS 16 Interest Rate Benchmark Reform Phase 2
(vanaf boekjaar 2021)
Amendments to IFRS 3 Business Combinations, IAS 16 Property, Plant and Equipment and IAS 37
Provisions, Contingent Liabilities and Contingent Assets (vanaf boekjaar 2022)
Annual Improvements 2018-2020 (vanaf boekjaar 2022)
Amendments to IAS 1 Presentation of Financial Statements: Classification of Liabilities as Current or
Non-current (vanaf boekjaar 2023)
IFRS 17 Insurance Contracts; including Amendments to IFRS 17 (vanaf boekjaar 2023)
Oordelen en schattingen door het management
Het management maakt bij het opstellen van de jaarrekening gebruik van schattingen en
beoordelingendie de gerapporteerde bedragen voor activa en passiva op balansdatum en het resultaat
over het boekjaar kunnen beïnvloeden. De daadwerkelijke uitkomsten kunnen afwijken van deze
schattingen. De schattingen en onderliggende veronderstellingen worden periodiek beoordeeld.
Herzieningen van schattingen worden opgenomen in de periode waarin de schatting wordt herzien en
in toekomstige perioden waarvoor de herziening gevolgen heeft.
Indien het voor het geven van het in artikel 2:362 lid1BW vereiste inzicht noodzakelijk is, is de aard van
de oordelen en de schattingen, inclusief de bij de onzekerheden behorende veronderstellingen,
opgenomen in de toelichting op de desbetreffende jaarrekeningposten.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
138
De invloed van oordelen en schattingen van het management is significant bij de:
Waardering en de bepaling van de levensduur van vaste activa (zoals opgenomen in noot4
‘Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen en noot5 ’Materiële vaste activa’);
Waardering van de overige deelnemingen (zoals opgenomen in noot9 ‘Overige deelnemingen);
Waardering van de uitgestelde belastingvorderingen (noot10 ‘Uitgestelde belastingvorderingen).
Waardering van de pensioenverplichtingen (zoals opgenomen in noot20 ‘Personeelsbeloningen’);
Classificatie van kapitaalsbelangen (zoals opgenomen in noot6 ’Investeringen in joint operations’
en noot7 ‘Investeringen in joint ventures).
Bepaling van de reële waarde
Voor een aantal waarderingsgrondslagen en toelichtingen is bepaling van de reële waarde vereist. De
reële waarde van een financieel instrument is het bedrag waarvoor een actief kan worden verhandeld
of een passief kan worden afgewikkeld tussen ter zake goed geïnformeerde partijen, die tot een
transactie bereid en van elkaar onafhankelijk zijn.
Bij het bepalen van de rle waarde van een actief of een verplichting maakt Gasunie zoveel mogelijk
gebruik van op de markt waarneembare gegevens. De reële waarden worden geclassificeerd naar
verschillende niveaus op basis van een reële-waardehrarchie, afhankelijk van de gehanteerde
informatie op basis waarvan de waarderingstechnieken zijn toegepast.
De verschillende waarderingsniveaus zijn als volgt gedefinieerd:
Indien de gehanteerde informatie die wordt gebruikt voor het bepalen van de reële waarde van een
actief of verplichting binnen verschillende niveaus van de rle-waardehiërarchie vallen, dan wordt de
bepaalde reële waarde in zijn geheel geclassificeerd in het laagste niveau dat van toepassing is.
Gasunie verwerkt herrubriceringen tussen de niveaus van de reële-waardehiërarchie aan het einde van
de verslagperiode waarin de wijziging zich heeft voorgedaan. Het managementbeoordeelt voortdurend
wijzigingen in belangrijke gehanteerde informatie en stelt de reële waardebepalingen indien nodig
hierop bij.
De rle waarde van beursgenoteerde financiële instrumenten wordt bepaald aan de hand van de
biedprijs.
De rle waarde van niet-beursgenoteerde financiële instrumenten wordt bepaald door de
verwachte kasstromen contant te maken tegen een disconteringsvoet die gelijk is aan de geldende
risicovrije marktrente voor de resterende looptijd, vermeerderd met krediet- en
liquiditeitsopslagen.
De rle waarde van derivaten waarbij geen onderpand wordt uitgewisseld, wordt bepaald door het
contant maken van de kasstromen aan de hand van de relevante swapcurve, vermeerderd met
krediet- en liquiditeitsopslagen.
Niveau 1: Op basis van genoteerde prijzen op actieve markten voor hetzelfde instrument.
Niveau 2: Op basis van prijzen op actieve markten voor vergelijkbare instrumenten of op basis van
andere waarderingstechnieken, waarbij alle benodigde significante gegevens direct of indirect zijn
ontleend aan zichtbare marktgegevens.
Niveau 3: Op basis van waarderingstechnieken, waarbij alle benodigde significante gegevens niet
zijn ontleend aan zichtbare marktgegevens.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
139
Significante grondslagen voor de financiële verslaggeving
Grondslagen voor consolidatie
Algemeen
In de geconsolideerde jaarrekening zijn de financiële gegevens van Gasunie en haar
groepsmaatschappijen opgenomen. Groepsmaatschappijen zijn vennootschappen waarover
overheersende zeggenschap kan worden uitgeoefend.
Van overheersende zeggenschap is sprake indien Gasunie, direct of indirect:
In het algemeen wordt overheersende zeggenschap verondersteld indien Gasunie meer dan 50% van de
stemrechten of stemgerechtigde aandelen bezit. Dit wordt echter naar de feitelijke omstandigheden
per individuele deelneming beoordeeld. Bij gewijzigde omstandigheden beoordeelt het management
opnieuw of wel of geen sprake is van control.
Groepsmaatschappijen worden integraal geconsolideerd vanaf de datum waarop overheersende
zeggenschap over de groepsmaatschappij is verkregen. De groepsmaatschappijen worden niet meer in
de consolidatie opgenomen vanaf de datum waarop geen sprake meer is van overheersende
zeggenschap. De posten in de geconsolideerde jaarrekening worden volgens uniforme grondslagen van
waardering en resultaatbepaling vastgesteld.
Intragroepssaldi en -transacties, alsmede eventuele niet-gerealiseerde winsten en verliezen uit intra-
groepstransacties, worden geëlimineerd.
macht (‘power’) heeft over de relevante activiteiten van de betreffende vennootschap en is
blootgesteld aan of gerechtigd is tot variabele opbrengsten uit hoofde van de betrokkenheid bij de
vennootschap; en
over de mogelijkheid beschikt zijn macht over de vennootschap te gebruiken om de omvang van de
opbrengsten van de investeerder te beïnvloeden.
Consolidatiekring
In noot 53 ‘Overzicht groepsmaatschappijen en deelnemingen is een overzicht opgenomen van alle in
de consolidatie begrepen groepsmaatschappijen.
Bedrijfscombinaties en goodwill
Bedrijfscombinaties, zoals fusies of overnames, worden verantwoord volgens de acquisitiemethode van
IFRS3 ‘Business Combinations’. De verkrijgingsprijs van een acquisitie is het totaal van opgeofferde
activa, aangegane of overgenomen verplichtingen en (eventueel) door de overnemende partij
uitgegeven eigen vermogen instrumenten. De kosten die verband houdend met de bedrijfscombinatie
worden direct ten laste van de winst-en-verliesrekening gebracht. De bij de bedrijfscombinaties
verkregen identificeerbare activa, passiva en voorwaardelijke verplichtingen worden door de
vennootschap, als verkrijgende partij, verantwoord tegen de reële waarde op de overnamedatum.
Voorwaardelijke vergoedingen worden initieel gewaardeerd tegen rle waarde op de
verkrijgingsdatum. Een voorwaardelijke vergoeding die kwalificeert als een financieel instrument,
wordt tegen reële waarde gewaardeerd, waarbij wijzigingen in reële waarde worden verantwoord in de
winst-en-verliesrekening op het moment dat deze wijzigingen zich voordoen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
140
Het meerdere van de verkrijgingsprijs van een acquisitie boven het aandeel in de reële waarde van de
netto identificeerbare activa, passiva en voorwaardelijke verplichtingen wordt, indien van toepassing,
door Gasunie geclassificeerd als goodwill en wordt opgenomen onder de immateriële vaste activa. Na
de eerste opname wordt de goodwill gewaardeerd tegen kostprijs minus (eventuele) geaccumuleerde
bijzondere waardeverminderingen.
Grondslagen voor de omrekening van vreemde valuta
Transacties luidend in vreemde valuta worden bij de eerste verwerking gewaardeerd in de functionele
valuta door omrekening tegen de wisselkoers die geldt op de datum van de transactie tussen de
functionele valuta en de vreemde valuta.
In vreemde valuta luidende monetaire activa en verplichtingen worden op balansdatum in de
functionele valuta omgerekend tegen de op die datum geldende wisselkoersen. Valutakoersverschillen
die voortkomen uit de afwikkeling van monetaire posten worden verwerkt in de winst-en-
verliesrekening in de periode dat zij zich voordoen. Valutakoersverschillen die voortkomen uit de
omrekening van monetaire posten in vreemde valuta, worden verwerkt in de winst-en-verliesrekening
in de periode dat zij zich voordoen, tenzij op deze transacties hedge accounting is toegepast.
Niet-monetaire activa en passiva in vreemde valuta die tegen historische kostprijs worden opgenomen,
worden naar de functionele valuta omgerekend tegen de geldende wisselkoersen op de
transactiedatum.
Valutakoersverschillen die optreden bij de omrekening van in aanmerking komende kasstroomhedges,
voor zover de afdekking effectief is, worden verwerkt als niet-gerealiseerde resultaten.
Grondslagen voor de waardering en de resultaatbepaling
Algemeen
De grondslagen die worden toegepast voor de waardering van de activa en de passiva en de
resultaatbepaling zijn gebaseerd op historische kosten, tenzij anders vermeld in de verdere
grondslagen.
Vaste activa
Materle vaste activa
Materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de kostprijs, verminderd met de cumulatieve
afschrijvingen en de cumulatieve bijzondere waardeverminderingen. De kosten van periodiek groot
onderhoud zijn bij de initiële opname verwerkt in de boekwaarde van het actief op basis van de
componentenbenadering. Rentelasten worden geactiveerd indien deze betrekking hebben op de
aankoop, constructie of productie van kwalificerende activa, waarvoor geldt dat het actief
noodzakelijkerwijze pas na een aanzienlijke tijdsperiode (langer dan één jaar) klaar is voor het beoogde
gebruik.
Afschrijvingen worden bepaald door de kosten van materiële vaste activa minus hun geschatte
restwaarde lineair af te schrijven over hun geschatte gebruiksduur. Op grond en terreinen en gas in de
leidingen wordt niet afgeschreven.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
141
Een belangrijk deel van de activa is bedoeld voor de gereguleerde bedrijfsactiviteiten. Regulering van de
toekomstige kasstromen door de toezichthouder bepaalt mede de realiseerbare waarde van de
gereguleerde activa. Hierbij zijn belangrijke schattingen en oordelen van het management vereist,
onder andere ten aanzien van de levensduur, restwaarde en de toekomstige kasstromen uit hoofde van
het gastransport. De restwaarde van het actief, de gebruiksduur en de afschrijvingsmethodes worden
jaarlijks beoordeeld en, indien noodzakelijk, aangepast. In noot5 ‘Materiële vaste activa’ is een nadere
toelichting opgenomen inzake de verwachte gebruiksduur van de activa.
De materiële vaste activa worden onderscheiden naar categorieën. Per categorie is de levensduur en de
bijbehorende afschrijvingstermijn bepaald. In noot5 ‘Materiële vaste activa’ is toegelicht welke
categorieën zijn onderkent alsmede wat de afschrijvingstermijn per categorie is.
Bijdragen van derden in de kosten van aanleg van het gastransportnetwerk worden op de investeringen
in mindering gebracht, voor zover het overheidsbijdragen (waaronder subsidies) of andere niet-
transportcapaciteit gerelateerde bijdragen betreft. Klantbijdragen voor investeringen die wel
gerelateerd zijn aan transportcapaciteit, worden als contractverplichting opgenomen in de balans
overeenkomstig de bepalingen van IFRS15 en worden overeenkomstig de looptijd van het contract met
de klant periodiek ten gunste van de winst-en-verliesrekening gebracht. Indien sprake is van een
significante financieringscomponent in de klantbijdragen, worden de financieringslasten
verantwoordonder de rentelasten. Onder het hoofd ‘Netto-omzet’ in deze grondslagen wordt de
voornoemde verwerking nader toegelicht.
Materiële vaste activa die op balansdatum nog niet in bedrijf zijn, worden verantwoord onder devaste
bedrijfsmiddelen in uitvoering’. Na de ingebruikname worden de betreffende activa naar hun aard
gerubriceerd onder één van de hoofdcategorieën. De hoeveelheden gas en stikstof die permanent
aanwezig zijn in de pijpleidingen en cavernes en die benodigd zijn voor het gastransport en
gerelateerde diensten, worden opgenomen onder de ‘andere vaste bedrijfsmiddelen’.In geval van
mutaties in de permanente gasvoorraden geldt dat het begrip kostprijs wordt ingevuld door
gebruikmaking van de gemiddelde gasprijs van de periode waarin de mutatie plaatsvond.
Een winst of een verlies op de buitengebruikstelling van een materieel vast actief wordt verwerkt in de
winst-en-verliesrekening op het moment van buitengebruikstelling.
De materiële vaste activa waarvan de vennootschap op grond van een leaseovereenkomst het
gebruiksrecht heeft, worden eveneens in de balans opgenomen.
Investeringen in joint operations
Investeringen in joint operations zijn deelnemingen waarin de vennootschap gezamenlijke
zeggenschap uitoefent en waarbij de vennootschap rechten ten aanzien van de activa heeft en
verplichtingen ten aanzien van de schulden van de deelneming.
In de financiële overzichten worden de rechten ten aanzien van de activa en verplichtingen ten aanzien
van de schulden van de deelneming en de bijbehorende rechten op de opbrengsten en lasten van de
joint operations opgenomen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
142
Investeringen in joint ventures
Investeringen in joint ventures zijn deelnemingen waarin de vennootschap met andere partijen
gezamenlijke zeggenschap uitoefent en rechten heeft op de netto-activa van de deelnemingen.
Deze deelnemingen worden volgens de equity-methode gewaardeerd. Overeenkomstig deze methode
worden de deelnemingen opgenomen tegen de verkrijgingsprijs (inclusief goodwill) vermeerderd met
het aandeel in het resultaat en het aandeel in de overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
vanaf het moment van verwerving en verminderd met het aandeel in de dividenduitkeringen. In de
winst-en-verliesrekening en in het geconsolideerde overzicht van het totaalresultaat wordt het aandeel
van de vennootschap in het (totaal)resultaat van de joint ventures opgenomen.
Investeringen in geassocieerde deelnemingen
Investeringen in geassocieerde deelnemingen zijn deelnemingen waarin de vennootschap invloed van
betekenis uitoefent op het zakelijke en financiële beleid, maar waarover geen overheersende
zeggenschap kan worden uitgeoefend.
Deze deelnemingen worden volgens de equity-methode gewaardeerd. Overeenkomstig deze methode
worden de deelnemingen opgenomen tegen de verkrijgingsprijs (inclusief goodwill) vermeerderd met
het aandeel in het resultaat en het aandeel in de overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten
vanaf het moment van verwerving en verminderd met het aandeel in de dividenduitkeringen. In de
winst-en-verliesrekening wordt het aandeel van de vennootschap in het resultaat van de geassocieerde
deelnemingen opgenomen.
Eliminatie van transacties met deelnemingen
Niet-gerealiseerde winsten uit hoofde van transacties met deelnemingen verwerkt volgens de equity-
methode, worden geëlimineerd naar rato van het belang dat Gasunie in de deelneming heeft.
Overige deelnemingen
Overige deelnemingen worden op basis van IFRS9 na de eerste verwerking gewaardeerd tegen reële
waarde, waarbij niet-gerealiseerde winsten of verliezen worden verwerkt in het totaalresultaat. Er
vindt geen recycling via de winst-en-verliesrekening plaats.
Bij het bepalen van de rle waarde van de overige deelnemingen maakt het management aannames,
onder andere ten aanzien van ontwikkelingen in het relevante reguleringskader op korte en lange
termijn, maakt zij schattingen van bijvoorbeeld de toekomstige kasstromen en stelt zij de
disconteringsvoet vast. In noot9 ‘Overige deelnemingen’ zijn de voornaamste aannames en
veronderstellingen toegelicht. In het geval dat de reële waarde niet betrouwbaar kan worden
vastgesteld op basis van deze aannames, wordt de kostprijs of nettovermogenswaarde gehanteerd als
benadering van de reële waarde en isdit vermeld in de toelichting op de jaarrekening.
Het resultaat deelneming van de overige deelnemingen wordt in de winst-en-verliesrekening verwerkt
op het moment dat formeel besloten is tot het uitkeren van dividend door deze deelnemingen dan wel
het moment van betaalbaarstelling.
Bijzondere waardeverminderingen van vaste activa
De vennootschap onderzoekt periodiek of sprake is van een bijzondere waardeverminderingvan vaste
activa, waaronder materiële en financiële vaste activa. Het management bepaalt daartoe de
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
143
realiseerbare waarde van de activa. De realiseerbare waarde is de hoogste van de directe en de
indirecte opbrengstwaarde. Indien de realiseerbare waarde lager is dan de boekwaarde, dan wordt het
verschil ten laste van de winst-en-verliesrekening gebracht.
De aard van de materiële vaste activa leidt ertoe dat de realiseerbare waarde veelal niet per actief kan
worden bepaald. In deze gevallen wordt de realiseerbare waarde bepaald van de kasstroomgenererende
eenheid waartoe het actief behoort.
De vennootschap onderzoekt tevens periodiek of een bijzonder waardeverminderingsverlies dat in
voorgaande perioden is verantwoord, niet meer bestaat of is afgenomen. Indien wordt vastgesteld dat
een in het verleden verantwoord bijzonder waardeverminderingsverlies niet meer bestaat of is
afgenomen, dan wordt de toegenomen boekwaarde van de desbetreffende activa of kasstroom
genererende eenheid niet hoger gesteld dan de boekwaarde die bepaald zou zijn indien geen bijzondere
waardevermindering voor het actief of de kasstroom genererende eenheid zou zijn verantwoord. Een
eventuele terugname wordt in de winst-en-verliesrekening verantwoord.
Vlottende activa
Voorraden
Voorraden worden opgenomen tegen kostprijs of lagere realiseerbare waarde. De kostprijs bestaat uit
de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, vermeerderd met eventuele overige kosten om de voorraden op
hun huidige plaats en in hun huidige staat te brengen. De opbrengstwaarde is gebaseerd op de meest
betrouwbare schatting van het bedrag dat de voorraden maximaal zullen opbrengen, onder aftrek van
nog te maken kosten.
Handels- en overige vorderingen
Handels- en overige vorderingen worden bij de eerste verwerking gewaardeerd tegen de rle waarde.
De vennootschap past de vereenvoudigde methode van IFRS9 toe voor het waarderen van de handels-
en overige vorderingen. Hierbij wordt bij eerste waardering van de vordering een voorziening gevormd
ter dekking van de verwachte kredietverliezen door niet-betaling. Deze verwachting wordt gebaseerd
op historische betalingsgegevens. Na eerste verwerking worden de vorderingen gewaardeerd tegen de
geamortiseerde kostprijs, gebruikmakend van de effectieve rentemethode, verminderd met de
voorziening wegens oninbaarheid.
Onder de post handelsvorderingen zijn tevens de per balansdatum nog niet gefactureerde bedragen
begrepen van in het boekjaar verleende diensten. Indien daartoe een objectieve aanleiding is, wordt
hierop tevens een voorziening wegens oninbaarheid gevormd.
Liquide middelen
Liquide middelen omvatten de beschikbare geldmiddelen in de vorm van uitstaande bedragen bij
banken en bij derden, zoals deposito’s of callgelden. Een deposito komt slechts in aanmerking als
kasequivalent indien ze binnen negentig dagen kan worden omgezet in een gekend bedrag aan
geldmiddelen en niet onderhevig is aan een significantrisico van waardeverminderingen.
De liquide middelen worden aangehouden met als doel aan de kortlopende verplichtingen te kunnen
voldoen en worden in beginsel niet aangehouden voor het doen van investeringen of voor andere
doeleinden.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
144
Afgeleide financiële instrumenten
Cash flow hedge accounting
In een beperkt aantal gevallen maakt de vennootschap gebruik van afgeleide financiële instrumenten
ten einde financiële risico’s ingevolge toekomstige transacties (kasstromen) te beheersen. Dit betreft
bijvoorbeeld valutatermijncontracten die ingezet worden om koersrisico’s op toekomstige transacties
in vreemde valuta af te dekken. Deze instrumenten worden bij de eerste opname verantwoord tegen de
reële waarde per de datum waarop het contract is aangegaan (in beginsel is de waarde op dat moment
nihil). Vervolgens wordt de reële waarde periodiek opnieuw bepaald. De winst of het verlies op het
effectieve deel van het afdekkinginstrument wordt verwerkt in de cash flow hedge reserve in het eigen
vermogen, onder aftrek van uitgestelde belastingen. Een eventueel ineffectief gedeelte van de
afdekking wordt onmiddellijk in de winst-en-verliesrekening verwerkt.
Wanneer een afdekkinginstrument wordt afgewikkeld, blijft de winst of het verlies op het effectieve
deel in het eigen vermogen opgenomen, voor zover naar verwachting de onderliggende kasstroom nog
zal plaatsvinden. Indien de onderliggende kasstroom niet langer verwacht wordt, wordt de winst of het
verlies op het effectieve deel, dat is uitgesteld in het eigen vermogen, onmiddellijk ten gunste of ten
laste gebracht van de winst-en-verliesrekening.
De afgeleide financiële instrumenten die aangewezen en effectief zijn in het kader van hedge
accounting, worden verwerkt overeenkomstig de afgedekte positie. Afhankelijk van de aard en de
looptijd van de afgedekte positie vindt rubricering als langlopend of kortlopend plaats.
Overige afgeleide financle instrumenten
Voor overige afgeleide financiële instrumenten waarvoor geen cash flow hedge accounting wordt
toegepast, worden veranderingen in de reële waarde vanaf eerste opname direct verwerkt in de winst-
en-verliesrekening.
Indien de reële waarde van een derivaat positief is, wordt het instrument opgenomen onder de post
overige vorderingen. Indien de waarde van een derivaat negatief is, vindt verantwoording plaats onder
de post overige schulden. Afhankelijk van de aard en de looptijd van het onderliggend contract vindt
rubricering als langlopend of kortlopend plaats.
Langlopende schulden
Dit betreft verplichtingen met een resterende nominale looptijd van meer dan één jaar. De
aflossingsverplichtingen die binnen één jaar vervallen worden opgenomen onder kortlopende schulden.
Rentedragende leningen worden bij de eerste opname gewaardeerd tegen reële waarde, verminderd
met de transactiekosten en (eventueel) disagio. Na de eerste opname worden de rentedragende
leningen gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve- rentemethode,
waarbij de transactiekosten en het disagio ten laste van de winst-en-verliesrekening gebracht worden
in de periode waarop zij betrekking hebben. De nog niet in de winst-en-verliesrekening verwerkte
bedragen van het disagio en de transactiekosten worden verwerkt als verlaging van de langlopende
schulden waarop ze betrekking hebben.
De leningen worden verwijderd uit de balans op het moment dat de contractuele verplichting is
vervallen of verlopen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
145
Personeelsbeloningen
De personeelsbeloningen worden als last in de winst-en-verliesrekening verantwoord in de periode
waarin de arbeidsprestatie wordt verricht en, voor zover nog niet uitbetaald, als verplichting op de
balans opgenomen. Onder de personeelskosten wordt verstaan alle kosten die verband houden met
personeelsbeloningen tijdens en na afloop van het dienstverband. De verplichtingen van de
vennootschap met betrekking tot personeelsbeloningen omvatten naast de in rechte afdwingbare
verplichtingen, ook eventueleverplichtingen waarbij sprake is van een situatie waarin de
vennootschap geen ander rel alternatief heeft dan het nakomen van die verplichting (‘feitelijke
verplichtingen’).
De verplichtingen ter zake van personeelsbeloningen hebben betrekking op pensioenverplichtingen,
jubileumuitkeringen en de kosten van de secundaire arbeidsvoorwaarden na pensionering voor post-
actieve en gepensioneerde werknemers.
Personele voorzieningen
De personele voorzieningen bestaan uit de voorziening voor pensioenverplichtingen en overige
personele voorzieningen.
Pensioenregelingen
Gasunie en de in de consolidatie begrepen groepsmaatschappijen zijn pensioenregelingen aangegaan
die haar werknemers aanspraak geeft op onder andere ouderdoms- en nabestaandenpensioen.
Voor de medewerkers van Gasunie in Nederland is sprake van een collectief beschikbare premieregeling
(toegezegde bijdrageregeling). De regeling houdt in dat de vennootschap zich verplicht heeft tot het
betalen van een vaste, vooraf vastgestelde premie. Deze premie is gebaseerd op een voorwaardelijk
middelloonsysteem, in lijn met de vigerende fiscale- en pensioenwetgeving. De pensioenopbouw in het
voorwaardelijk middelloonsysteem is gemaximeerd op 1,875% per jaar over de gemiddelde
pensioengrondslag tot ten hoogste het wettelijk maximaal pensioengevend salaris. De
pensioenopbouw is niet gegarandeerd. De verschuldigde premie uit hoofde van de
pensioentoezeggingen aan de werknemers wordt betaald aan de Stichting Pensioenfonds Gasunie. De
Stichting voert de pensioenregeling uit.
Voor de werknemers van Gasunie Deutschland, die vanaf 2012 in dienst zijn getreden, is sprake van een
regeling die is herverzekerd bij een pensioenfonds. Ook deze regeling kwalificeert als een toegezegde
bijdrageregeling. De werkgeversbijdrage wordt per jaar bepaald op basis van het bruto
pensioeninkomen en kan oplopen tot 4% van de bijdragegrondslag.
De pensioenregeling van de werknemers van Gasunie Deutschland die ór 2012 in dienst zijn getreden,
betreft een toegezegd-pensioenregeling, welke is gebaseerd op een eindloonsysteem. De aanspraken
van deze werknemers zijn niet volledig gefinancierd. Hiervoor is een pensioenvoorziening in de balans
opgenomen.
De contante waarde van de voorziening voor de pensioenverplichting wordt berekend in
overeenstemming met de ‘projected unit credit method’. In de berekening zijn belangrijke aannames
gedaan over de marktrente op bedrijfsobligaties van hoge kwaliteit ter bepaling van de
disconteringsvoet, de verwachte toekomstige salarisverhogingen, de verwachte toekomstige
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
146
pensioenverhogingen en de gemiddelde levensverwachting. Voor aanvullende informatie over deze
variabelen wordt verwezen naar noot20 ‘Personeelsbeloningen’ van de nadere toelichting op de
geconsolideerde balans.
Actuariële winsten en verliezen en ervaringsaanpassingen worden verantwoord in het overzicht van
het totaalresultaat en vervolgens verwerkt in het eigen vermogen in de periode waarin zij zich
voordoen, onder aftrek van uitgestelde belastingen. Jaarlijks worden de relevante actuariële
berekeningen opgesteld en beoordeeld door externe actuarissen.
De overige personele voorzieningen worden hierna toegelicht.
Voorziening voor jubileumuitkeringen
De voorziening heeft betrekking op de jubileumuitkeringen die Gasunie uitkeert aan haar werknemers
bij dienstjubilea. Er is rekening gehouden met de kans dat de uitkering zal plaatsvinden en met een
disconteringsvoet vóór belastingen, welke rekening houdt met de huidige marktbeoordelingen voor de
tijdswaarde van geld en de risico’s die inherent zijn aan de verplichting.
Voorziening voor kosten van de secundaire arbeidsvoorwaarden na pensionering voor post-actieve en gepensioneerde
werknemers
De voorziening heeft betrekking op de vergoeding die Gasunie verstrekt aan haar werknemers na hun
pensionering. De voorziening vertegenwoordigt de contante waarde van de al ingegane verplichtingen
ter zake van post-actieve en gepensioneerde werknemers. Er is rekening gehouden met de
levensverwachting en met een disconteringsvoet vóór belastingen, welke rekening houdt met de
huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van geld en de risico’s die inherent zijn aan de
verplichting.
Periodiek worden de veronderstellingen van deze voorziening getoetst en bijgesteld aan de hand van
overlevingstafels en rente- en kostenontwikkelingen.
Overige voorzieningen
Een voorziening wordt in de balans opgenomen wanneer er sprake is van:
Het bedrag opgenomen als voorziening is de best mogelijke schatting op de balansdatum van de
uitgaven die vereist zijn om aan de bestaande verplichting te voldoen, rekening houdend met de
waarschijnlijkheid van de gebeurtenis.
De overige voorzieningen betreffen de voorziening voor bepaalde opruimingskosten en saneringen.
een in rechte afdwingbare of feitelijke verplichting, die het gevolg is van een gebeurtenis in het
verleden;
waarvan een betrouwbare schatting kan worden gemaakt; en
het waarschijnlijk is dat voor afwikkeling van die verplichting een uitstroom van middelen nodig is.
Voorziening voor opruimingskosten en saneringen
Deze voorziening wordt gevormd naar aanleiding van besluiten van het management om binnen
afzienbare tijd specifiek aanwijsbare activa buitengebruik te stellen, te verwijderen of te saneren en
waarvoor wetgeving dat in die voorkomende gevallen vereist. De omvang van de voorziening wordt
mede bepaald aan de hand van ervaringscijfers van eerdere opruimingen en saneringen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
147
De voorziening is gewaardeerd op de contante waarde van de uitgaven die naar verwachting vereist
zullen zijn om de verplichting af te wikkelen. De disconteringsvoet wordt bepaald ór belastingen en
houdt rekening met de huidige marktbeoordelingen voor de tijdswaarde van geld en de risico’s die
inherent zijn aan de verplichting.
Leasing
De initiële verwerking en waardering van leases is als volgt:
De bij de leaseverplichting behorende activa zijn verantwoord onder de materiële vaste activa in de
hoofdcategorie gebruiksrecht activa.
De vervolgwaardering van de leases is als volgt:
De vennootschap onderscheidt leaseverplichtingen in lease en non-lease componenten. De non-
lease componenten vallen niet onder de reikwijdte van IFRS16. De kosten ingevolge deze contracten
worden verantwoord in de winst-en-verliesrekening in de periode waarop ze betrekking hebben;
De verwachte looptijd van de leaseverplichting wordt bepaald op basis van de contractuele looptijd
van de overeenkomst, waarbij rekening is gehouden met de optionele verlengingsmogelijkheden,
in het geval de vennootschap redelijkerwijs verwacht hiervan gebruik te maken;
Indien van toepassing wordt bij de waardering van de leaseverplichtingen rekening gehouden met
restwaardegaranties, significante variabele leasebetalingen en boeteclausules;
De leaseverplichtingen worden in beginsel contant gemaakt tegen de impliciete rentevoet. Waar de
impliciete rentevoet niet direct uit de leaseovereenkomst afleidbaar is, wordt gebruik gemaakt van
de incrementele rentevoet van Gasunie. Voor portfolio’s van leases met vergelijkbare condities is
gebruik gemaakt van een rentevoet die voor het portfolio als geheel representatief is;
Het gebruiksrecht actief dat met de lease is verbonden, wordt initieel tegen contante waarde van
de leaseverplichting in de balans opgenomen, eventueel vermeerderd met direct toerekenbare
bijkomende kosten;
De leaseovereenkomsten met een looptijd van korter dan één jaar of met een contractwaarde van
minder dan €5.000 zijn overeenkomstig de uitzonderingsbepalingen van IFRS16 niet in de balans
opgenomen.
Gebruiksrecht activa zijn gewaardeerd tegen de kostprijs, verminderd met de lineaire afschrijving
berekend over de verwachte looptijd van de leaseovereenkomst. Bepaling van de kostprijs is
hiervoor toegelicht onder de initiële verwerking en waardering van leases;
De leaseverplichtingen worden na eerste opname gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs
op basis van de effectieve-rentemethode;
Indien de uitgangspunten in de leaseovereenkomst wijzigen (bijvoorbeeld door indexering of
andere modificaties), wordt de boekwaarde van de leaseverplichting en het gebruiksrecht actief
opnieuw bepaald en in de balans verwerkt.
Handels- en overige kortlopende schulden
Kortlopende schulden en overige financiële verplichtingen worden na eerste opname gewaardeerd
tegen de geamortiseerde kostprijs op basis van de effectieve-rentemethode. De effectieve rente wordt
direct in de winst-en-verliesrekening verwerkt.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
148
Netto-omzet
Onder netto-omzet wordt verstaan de opbrengsten van aan derden geleverde diensten inzake
gastransport en gastransport gerelateerde diensten, onder aftrek van kortingen (bij niet-gereguleerde
diensten) en over deze omzet geheven belastingen, zoals omzetbelasting. Hierbij maakt het
management inschattingen over het risico van kredietverlies door niet-betaling en, in het geval van
contractverplichtingen door klantbijdragen, van de relevante rentevoet.
Indien het resultaat van een transactie aangaande het verlenen van een dienst betrouwbaar kan
worden geschat, wordt de opbrengst met betrekking tot die dienst verwerkt naar rato van de verrichte
prestaties in het boekjaar. Gasunie levert diensten op het gebied van gastransport, -opslag en
aanverwante diensten. Deze diensten worden aangeboden als capaciteitsdiensten. Hierbij verwerven
klanten het recht om voor een vooraf overeengekomen periode (uur, dag, maand, etc.) gebruik te
maken van vooraf gecontracteerde capaciteiten. Gasunie beschouwt de dienst als geleverd en
verantwoordt dienovereenkomstig de omzet over het verloop van de tijd. De realisatie van de netto-
omzet kan betrouwbaar worden vastgesteld. Gasunie ontvangt geen vergoeding van afnemers anders
dan de vooraf overeengekomen bedragen.
De tarieven voor de gereguleerde activiteiten worden vastgesteld door onafhankelijke toezichthouders.
Bij de gereguleerde netbeheerders worden geen kortingen toegepast. Wel kan sprake zijn van
klantbijdragen in de aanleg of verbetering van transportinfrastructuur of kortingen/vooruitbetalingen
in het niet-gereguleerde domein. Deze worden onder IFRS15 als contractverplichting beschouwd en in
de balans opgenomen en over de verwachte gebruiksduur van het actief periodiek ten gunste van de
winst-en-verliesrekening gebracht. In het geval een vooruitbetaling of korting een significante
financieringscomponent bevat, wordt de hoogte van deze component bepaald op basis van een
schatting van de relevante rentevoet. De financieringscomponent wordt verantwoord in de financiële
baten en lasten in de periode waarop zij betrekking heeft.
Aan investeringen toegerekende kosten
Hieronder worden begrepen de eigen bedrijfskosten ten dienste van de vervaardiging van materiële
vaste activa. Het betreft voornamelijk de kosten van eigen en inleenpersoneel en een deel van de
organisatiekosten van de ondersteunende afdelingen.
Overheidssubsidies
Exploitatiesubsidies worden ten gunste van de winst-en-verliesrekening van het jaar gebracht ten laste
waarvan de gesubsidieerde bestedingen komen. Eventuele vooruitontvangen bedragen worden onder
de kortlopende schulden opgenomen.
Vooruitontvangen investeringssubsidies worden initieel gepresenteerd onder de overlopende passiva.
Deze investeringssubsidies worden vervolgens, zodra de investeringsuitgaven aanvangen en voldoen
aan de voorwaarden voor activering, in mindering gebracht op de materiële vaste activa waarvoor de
subsidie is bestemd.
Overige kosten
De kosten worden bepaald op historische basis, met inachtneming van de hiervoor al vermelde
grondslagen voor de waardering en worden toegerekend aan de verslagperiode waarop zij betrekking
hebben.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
149
Financiële baten en lasten
Hieronder worden begrepen de baten en de lasten die verband houden met de financiering en
soortgelijke baten en lasten. Rentebaten en soortgelijke baten worden verantwoord in de periode
waartoe zij behoren, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende actiefpost,
indien hun bedrag bepaalbaar is en hun ontvangst waarschijnlijk. Rentelasten en soortgelijke lasten
worden verantwoord in de periode waartoe zij behoren. Financiële lasten omvatten ook de amortisatie
van disagio en transactiekosten en betaalde premies bij tussentijdse terugkoop van obligatieleningen.
De verwerking van de geactiveerde rentelasten is beschreven onder het hoofd ‘Materiële vaste activa.
Belastingen over het resultaat
Belastingen over het resultaat omvatten de over de verslagperiode en voorgaande periodes
verschuldigde winstbelastingen en de uitgestelde belastingen. Deze belastingen worden in de winst-
en-verliesrekening opgenomen, behalve voor zover deze betrekking hebben op posten die rechtstreeks
in het eigen vermogen worden opgenomen, in welk geval het belastingeffect ook rechtstreeks in het
eigen vermogen wordt verwerkt.
De over het boekjaar verschuldigde belasting is de naar verwachting te betalen belasting over de
belastbare winst over het boekjaar, berekend aan de hand van belastingtarieven die zijn vastgesteld op
verslagdatum, dan wel waartoe al materieel is besloten op verslagdatum, en eventuele correcties op de
over voorgaande jaren verschuldigde belasting. De verschuldigde belasting wordt berekend rekening
houdend met fiscaal vrijgestelde posten en geheel of gedeeltelijk niet-aftrekbare kosten.
Indien de boekwaarde van de activa en de verplichtingen voor de financiële verslaggeving afwijkt van de
fiscale boekwaarde, is sprake van tijdelijke verschillen. Voor alle belastbare tijdelijke verschillen wordt
een uitgestelde belastingverplichting opgenomen. Voor alle verrekenbare tijdelijke verschillen wordt
een uitgestelde belastingvordering opgenomen, voor zover het waarschijnlijk is dat er voldoende fiscale
winst beschikbaar zal zijn voor toekomstige verrekening. Hiertoe zijn door het management aannames
gedaan over de toekomstige fiscale winsten en het moment van realisatie van de tijdelijke verschillen.
De uitgestelde belastingverplichtingen en -vorderingen worden gewaardeerd tegen de nominale
waarde. Bij de waardering worden de belastingtarieven gehanteerd die naar verwachting van
toepassing zullen zijn op de periode waarin realisatie zal plaatsvinden op basis van de belastingtarieven
en de belastingwetgeving waarvan het wetgevingsproces materieel is afgerond op balansdatum. De uit
eventuele tariefswijziging van de vennootschapsbelasting voortvloeiende mutaties worden verwerkt in
de winst-en-verliesrekening, met uitzondering van de mutaties die oorspronkelijk rechtstreeks zijn
verwerkt in het eigen vermogen. Deze mutaties worden rechtstreeks in het eigen vermogen verwerkt.
(Uitgestelde) belastingvorderingen en -verplichtingen worden gesaldeerd indien:
een wettelijk afdwingbaar recht bestaat om de belastingvorderingen en -verplichtingen te salderen
en de vorderingen en verplichtingen samenhangen met door dezelfde belastingautoriteit opgelegde
winstbelasting aan dezelfde belasting verschuldigde entiteit; en/of;
op verschillende belasting verschuldigde entiteiten die voornemens zijn de belastingvorderingen en
- verplichtingen te salderen of waarvan de belastingvorderingen en -verplichtingen gelijktijdig
worden gerealiseerd.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
150
Tussen Gasunie en haar Nederlandse 100%-groepsmaatschappijen bestaat een fiscale eenheid voor de
vennootschapsbelasting. Tussen Gasunie Deutschland GmbH & Co. KG (Gasunie Deutschland) en haar
Duitse 100%-groepsmaatschappijen bestaat een fiscale eenheid voor de Duitse
vennootschapsbelastingen.
Financiële informatie per segment
Informatie over de bedrijfsactiviteiten waarover afzonderlijke financiële informatie beschikbaar is en
waarvan de bedrijfsresultaten regelmatig worden beoordeeld door het management, dient per segment
toegelicht te worden. Het management heeft de onderstaande operationele segmenten gedefinieerd:
Voor een nadere toelichting op de financiële informatie per segment wordt verwezen naar noot3
‘Financiële informatie per segment’ van de toelichting op de geconsolideerde jaarrekening.
Gasunie Transport Services
Gasunie Deutschland
Participations
Kasstroomoverzicht
De kasstroom uit operationele activiteiten wordt op basis van de indirecte methode bepaald, uitgaande
van de netto-omzet in de geconsolideerde winst-en-verliesrekening. De geldmiddelen in het
kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen en soortgelijke tegoeden die zonder beperkingen
en zonder significantrisico van waardeverminderingen als gevolg van de transactie kunnen worden
omgezet in geldmiddelen.
Gasunie presenteert ontvangen en betaalde rente, ontvangen dividenden van joint ventures,
geassocieerde deelnemingen en overige deelnemingen en betaalde vennootschapsbelasting als
onderdeel van de kasstroom uit operationele activiteiten.
De verkrijgingsprijs van acquisities is opgenomen onder de kasstroom uit investeringsactiviteiten, voor
zover betaling in geld heeft plaatsgevonden. De in de geacquireerde deelneming of activiteiten
aanwezige geldmiddelen zijn op de aankoopprijs in mindering gebracht.
Kasstromen uit afgeleide financiële instrumenten die worden verantwoord als cash flow hedge,
worden in dezelfde categorie ingedeeld als de kasstromen uit de afgedekte posities.
Gebeurtenissen na balansdatum
Gebeurtenissen die nadere informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum en die blijken
tot aan de datum van het opmaken van de jaarrekening worden verwerkt in de jaarrekening.
Gebeurtenissen die geen nadere informatie geven over de feitelijke situatie per balansdatum worden
niet in de jaarrekening verwerkt. Als dergelijke gebeurtenissen van belang zijn voor de oordeelsvorming
van de gebruikers van de jaarrekening, worden de aard en de geschatte financiële gevolgen ervan
toegelicht in de jaarrekening.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
151
11 Nadere toelichting op de geconsolideerde
jaarrekening
1. Significante aangelegenheden en gebeurtenissen in 2020
COVID-19 pandemie
Vanaf het eerste kwartaal van 2020 heeft de COVID-19 pandemie zich ook in Nederland en in de rest van
Europa verspreid. Als Europees energie infrastructuurbedrijf heeft Gasunie de gevolgen van de COVID-19
pandemie op de bedrijfsvoering en op de financiële positie onderzocht. Het management heeft hierbij
uiteenlopende scenario’s overwogen welke gedurende 2020 telkens zijn geactualiseerd aan de hand van
de meeste recente informatie en ontwikkelingen. Er zijn aanvullende maatregelen genomen om de
operationele bedrijfsvoering, waaronder onder meer de continuïteit van het gastransport, veilig en
betrouwbaar te kunnen blijven uitvoeren.
De financiële resultaten over 2020 zijn niet significant nadelig beïnvloed door de pandemie. Er zijn geen
belangrijke bedrijfsactiviteiten stopgezet en grote investeringsprojecten vonden – waar noodzakelijk
met aanpassingen als gevolg van aangescherpte (veiligheids)richtlijnen – doorgang.
De omzet en kosten van zowel de gereguleerde activiteiten als de niet-gereguleerde of van regulering
vrijgestelde activiteiten wijken als gevolg van de pandemie niet substantieel af van het business plan.
Er hebben in 2020 geen aanpassingen plaatsgevonden in de verwerking van de verkoop-, inkoop- en
leasecontracten noch geven de bestaande contracten aanleiding tot het in de balans opnemen van
additionele verplichtingen of voorzieningen.
De herfinancieringskalender is door de pandemie niet gewijzigd. Ook de liquiditeitspositie is goed,
inclusief toegang tot de geld- en kapitaalmarkten. Tevens heeft geen aanpassing in het dividendbeleid
plaatsgevonden. Gasunie heeft geen beroep gedaan op de financiële noodmaatregelen die de overheden
in Nederland en Duitsland hebben ingeroepen. De COVID-19 pandemie had geen belangrijke gevolgen
voor de waardering van de handels- en overige vorderingen.
Het management heeft in het bijzonder onderzocht of COVID-19 invloed heeft op de transacties die
worden verwerkt overeenkomstig de onderstaande verslaggevingsstandaarden:
Het management concludeert dat de COVID-19 pandemie geen gevolgen heeft voor de toepassing van
bovenstaande waarderingsgrondslagen.
Omzetverantwoording
Waardering van vaste activa
Financiële instrumenten
Leases
Voorzieningen
Belastingen
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
152
Publicatie methodebesluit GTS
Op 31 augustus 2020 publiceerde ACM het ontwerpmethodebesluit GTS 2022-2026, gevolgd door de
publicatie van het (definitieve) methodebesluit GTS 2022-2026 op 1februari 2021. De gevolgen van dit
besluit voor de toegestane inkomsten van GTS en daarmee voor de waardering van het
gastransportnetwerk van GTS zijn opgenomen in noot4 ‘Onderzoek naar bijzondere
waardeverminderingen.
2. Bedrijfscombinaties en nieuwe entiteiten
Acquisitie ZEBRA gasleiding en EHD-netten
Op 31 december 2020 heeft Gasunie Transport Services (GTS) de ZEBRA-gasleiding alsmede een aantal
extra hogedruknetten (EHD) in Zuidwest-Nederland overgenomen van vier samenwerkende
netbeheerders. Het doel van de overname betrof mede deze netwerken te integreren in het landelijk
netwerk van GTS als ook in het TTF-marktgebied. De integratie levert een positieve bijdrage aan de
benutting van het landelijk netwerk. De overname is verwerkt in overeenstemming met IFRS3. De
reële waarde van de verkregen materiële vaste activa is gelijk aan de verkrijgingsprijs, zijnde €11,5
miljoen. De overnameprijs is ineens en in contanten voldaan. Er is geen sprake van goodwill of
overname van verplichtingen noch is sprake van te waarderen belastingeffecten. De overname had
geen gevolgen voor de omzet en het resultaat over 2020. De technische en operationele integratie van
de ZEBRA-gasleiding en de EHD-netten in het bestaande netwerk van GTS is per de overnamedatum
afgerond. De verkregen activa maakt na de overname onderdeel uit van de gereguleerde activa van GTS.
Overig
In 2020 zijn een aantal nieuwe entiteiten opgericht met als doel het verder ontwikkelen van de
bestaande en toekomstige CC(U)S en waterstof activiteiten. N.V. Nederlandse Gasunie is 100%
aandeelhouder van deze nieuwe entiteiten. De oprichting van deze entiteiten had geen significante
invloed op het geconsolideerde resultaat en de geconsolideerde kasstromen over 2020 of het
geconsolideerde vermogen ultimo 2020 en is om die reden niet nader toegelicht in deze jaarrekening.
De nieuw opgerichte entiteiten zijn opgenomen in noot53 ‘Overzicht groepsmaatschappijen en
deelnemingen.
3. Financiële informatie per segment
De financiële informatie wordt gesegmenteerd naar de activiteiten van de vennootschap. De
operationele segmenten weerspiegelen de managementstructuur. Gasunie onderscheidt de volgende
segmenten:
Gasunie Transport Services
Dit segment beslaat het netbeheer in Nederland en is verantwoordelijk voor de aansturing van het
gastransport, de ontwikkeling van het netwerk en de bijbehorende installaties en het bevorderen
van de marktwerking.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
153
De grondslagen voor de waardering en de resultaatbepaling van de segmenten zijn gelijk aan de
grondslagen zoals gehanteerd bij het opstellen van deze geconsolideerde jaarrekening. De activa,
opbrengsten en resultaten van een segment omvatten zowel posten die rechtstreeks tot dat segment
behoren als posten die redelijkerwijs aan dat segment kunnen worden toegerekend. Omdat de
financiering van Gasunie overwegend op concernniveau plaatsvindt, vindt geen segmentering van de
passiva plaats en wordt hierover derhalve niet separaat gerapporteerd. Transacties tussen bedrijven die
toebehoren aan de segmenten worden verricht tegen een zakelijke grondslag. In de financiële
informatie per segment worden transacties tussen segmenten geëlimineerd.
De financiële informatie voor het segment GTS is in 2020 significant beïnvloed door de gevolgen van het
terugnemen van een in het verleden verantwoorde bijzondere waardevermindering, zoals opgenomen
in noot4 ‘Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen.
Gasunie Deutschland
Dit segment beslaat het netbeheer in Duitsland en is verantwoordelijk voor de aansturing van het
gastransport, de ontwikkeling van het netwerk en de bijbehorende installaties en het bevorderen
van de marktwerking.
Participations
Dit segment richt zich op het ontwikkelen van projecten ten behoeve van de energietransitie, het
optimaal benutten van de bestaande deelnemingen en het faciliteren van de komst van nieuwe
gasstromen naar Noordwest-Europa via LNG-aanvoer en lange afstandspijpleidingen. Onder dit
segment vallen tevens een aantal samenwerkingsverbanden voor pijpleidingen die het Gasunie-
transportnet verbinden met buitenlandse markten.
Opbrengsten en resultaat per segment
De informatie over de opbrengsten en het resultaat per segment is als volgt:
In miljoenen euro's Netto-omzet Resultaat
2020 2019 2020 2019
Segmenten
- Gasunie Transport Services 945,7 921,2 651,7 340,1
- Gasunie Deutschland 310,9 247,3 166,8 126,1
- Participations 151,9 143,9 40,2 37,4
Inter-segment eliminatie 36,3 34,2 - -
Segmententotaal
1.372,2 1.278,2 858,7 503,6
Saldo van niet-gealloceerde financiële baten
en lasten en resultaat uit deelnemingen
5,5 13,4
Resultaat vóór belastingen
853,2 517,0
Belastingen 253,5 105,0
Opbrengsten en resultaat na belastingen
1.372,2 1.278,2 599,7 412,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
154
Gedurende 2020 heeft het segment Gasunie Transport Services voor 8,9 miljoen (2019: €6,9 miljoen),
het segment Gasunie Deutschland voor €0,1 miljoen (2019: €0,2 miljoen) en het segment Participations
voor €27,3 miljoen (2019: €27,1 miljoen) aan inter-segment diensten geleverd.
Activa per segment
De informatie over de activa per segment is als volgt:
In miljoenen euro's Activa
31 dec. 2020 31 dec. 2019
Segmenten
- Gasunie Transport Services 6.898,7 6.572,6
- Gasunie Deutschland 1.587,9 1.553,8
- Participations 1.389,4 1.369,9
Segmententotaal
9.876,0 9.496,3
Niet-gealloceerde activa 510,0 629,8
Totaal geconsolideerde activa
10.386,0 10.126,1
De gealloceerde activa bevat de materiële vaste activa, de investeringen in joint ventures en
geassocieerde deelnemingen en de investeringen in de overige deelnemingen. De niet-gealloceerde
activa bestaan uit de uitgestelde belastingvorderingen en de vlottende activa.
De investeringen en de afschrijvingen materiële vaste activa en de andere belangrijke niet-geldelijke
posten zijn als volgt:
In miljoenen euro's Gasunie Transport
Services
Gasunie
Deutschland
Participations Segmenten
totaal
Investeringen materiële vaste
activa
2020 262,6 78,5 32,8 373,9
2019 224,4 173,4 25,2 423,0
Afschrijvingen materiële vaste
activa
2020 241,8 40,9 35,7 318,4
2019 250,1 34,3 35,1 319,5
Andere belangrijke niet-geldelijke
posten
2020 314,6 5,9 2,1 322,6
2019 3,8 33,3 0,2 29,7
De andere belangrijke niet-geldelijke posten omvatten onder meer de mutaties samenhangend met de
terugname van een in het verleden verantwoorde bijzondere waardevermindering, de mutaties in de
personele- en overige voorzieningen, de resultaten op desinvesteringen en belastingeffecten.
Activa per geografisch gebied
Het bepalen van de vaste activa per geografisch gebied vindt primair plaats aan de hand van het gebied
waar de activiteiten plaatsvinden. Gasunie onderscheidt twee geografische gebieden: Nederland en
buiten Nederland.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
155
De onderverdeling van de activa naar geografisch gebied is als volgt:
In miljoenen euro's Vaste activa
31 dec. 2020 31 dec. 2019
Nederland 7.522,0 7.171,5
Buiten Nederland 2.354,0 2.328,2
Totaal vaste activa
9.876,0 9.499,7
De in de tabel opgenomen vaste activa omvat de materiële vaste activa alsmede het aandeel in de joint
ventures, de geassocieerde deelnemingen en de overige deelnemingen.De toename van de activa in
Nederland kan overwegend worden verklaard door het terugnemen van een in het verleden
verantwoorde bijzondere waardevermindering, zoals opgenomen in noot4 ‘Onderzoek naar bijzondere
waardeverminderingen'.
Informatie over joint ventures en geassocieerde deelnemingen
De segmentinformatie over joint ventures en geassocieerde deelnemingen is als volgt:
In miljoenen euro's Investeringen in
joint ventures en
geassocieerde
deelnemingen
Aandeel in het
vermogen van
joint ventures en
geassocieerde
deelnemingen
2020 2019 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Segmenten
- Gasunie Transport Services - - - -
- Gasunie Deutschland - - 102,7 104,6
- Participations 14,7 6,9 139,0 108,1
Segmententotaal
14,7 6,9 241,7 212,7
De investeringen in 2020 in joint ventures zien met name toe op de deelnemingen Gate terminal,
German LNG Terminal en SKW.
In miljoenen euro's Acquisities joint
ventures en
geassocieerde
deelnemingen
Aandeel in
resultaat joint
ventures en
geassocieerde
deelnemingen
2020 2019 2020 2019
Segmenten
- Gasunie Transport Services - - - -
- Gasunie Deutschland - - 6,5 11,5
- Participations - - 24,5 23,4
Segmententotaal
- - 31,0 34,9
Een nadere toelichting op de mutaties in joint ventures en geassocieerde deelnemingen is opgenomen
in noot7 ‘Investeringen in joint ventures’ en noot8 ‘Investeringen in geassocieerde deelnemingen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
156
4. Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen
Periodiek stelt het management vast of sprake is van gebeurtenissen of indicaties voor bijzondere
waardeverminderingen van vaste activa. Zoals onder noot1 ‘Significante aangelegenheden en
gebeurtenissen in 2020’ vermeld, geldt dat de COVID-19 pandemie geen gevolgen heeft voor de
waardering van de vaste activa per 31december 2020. Onderstaand volgt voor de belangrijkste
kasstroomgenererende eenheden de verdere analyse.
Gastransportnetwerk Nederland
Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen gastransportnetwerk in Nederland
Aanleiding voor het onderzoek
De Autoriteit Consument & Markt (ACM) heeft de bevoegdheid om middels een reguleringskader de
tarieven vast te stellen die GTS in rekening mag brengen voor het transport, de aan transport
gerelateerde taken en de aansluiting-, balancering- en kwaliteitsconversietaak. Dit zogenaamde
methodebesluit vormt de basis voor de berekening van de toegestane omzet en tarieven gedurende de
reguleringsperiode.
De huidige reguleringsperiode eindigt op 31december 2021. Op 1februari 2021 publiceerde ACM het
methodebesluit GTS 2022-2026, welke voorafgegaan is door de publicatie van het
ontwerpmethodebesluit GTS 2022-2026 op 31augustus 2020. ACM heeft besloten om de methode van
regulering opnieuw voor vijf jaar vast te stellen.
De publicatie van het methodebesluit kan gevolgen hebben voor de toekomstige toegestane omzet van
GTS. Afgeleid daarvan kan dit ook gevolgen hebben voor de waardering van het gastransportnetwerk
per 31december 2020. Deze gevolgen kunnen zowel positief als negatief zijn voor de vennootschap.
Voorafgaand aan de impairment test ultimo 2020 bedroeg de boekwaarde van het
gastransportnetwerk, dat als één samenhangende kasstroom genererende eenheid wordt beschouwd,
ongeveer6,5 miljard.
Testmethode
Het management maakt gebruik van een value-in-use benadering om de realiseerbare waarde van het
transportnetwerk vast te stellen. De indirecte opbrengstwaarde van het gastransportnetwerk is
berekend op basis van de verwachte kasstromen voor het boekjaar 2021 gebaseerd op het business plan
aangevuld met de verwachte kasstromen voor de reguleringsperiode 2022-2026.
Na afloop van de reguleringsperiode 2022-2026 is de waarde van het netwerk afgeleid van de dan
verwachte gestandaardiseerde activawaarde. De gestandaardiseerde activawaarde is de waarde van de
investeringen die de netbeheerder met een redelijk rendement via de tarieven in rekening mag
brengen.
Er zijn geen aanwijzingen dat de directe opbrengstwaarde hoger is dan de indirecte opbrengstwaarde.
Uitgangspunt bij het bepalen van de realiseerbare waarde
Bij het bepalen van de realiseerbare waarde is primair uitgegaan van de bepalingen in het
reguleringskader, zoals dat in het Methodebesluit GTS 2022-2026 en in andere van toepassing zijnde
regelingen en besluiten is vastgelegd. De voornaamste elementen uit het nieuwe methodebesluit zijn
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
157
(i) het opnieuw toepassen van een efficiencykorting, (ii) het verlagen van de kapitaalkostenvergoeding
op investeringen, (iii) het invoeren van een regime van nacalculatie van een (nominale)
kapitaalkostenvergoeding, (iv) het schatten van de kapitaalkosten van toekomstige investeringen en
het nacalculeren van deze schattingen, (v) het overwegend schatten en nacalculeren van energiekosten
en (vi) het invoeren van een degressiefactor in de afschrijvingsmethode.
Voorts is een aantal variabelen, zoals de verwachte operationele kostenontwikkeling, het
investeringsniveau en de IFRS-disconteringsvoet door het management van de vennootschap bepaald.
De belangrijkste operationele en investeringskasstromen (relevant voor de kapitaalkostenvergoeding
en de nacalculatie daarvan) zijn gebaseerd op het door de Raad van Bestuur goedgekeurde business
plan voor de komende drie jaren, het door ACM getoetste investeringsplan van GTS en op een recente
meerjarenprognose voor de middellange termijn.
De belangrijkste veronderstellingen en schattingen in de impairment test zijn hierna toegelicht.
Belangrijkste veronderstellingen en schattingen
Efficiency na de reguleringsperiode 2022-2026
Voor de reguleringsperiode 2022-2026 is de gemiddeld gewogen statische efficiency van GTS door ACM
vastgesteld op 96,1% (huidige methodebesluit: 88,6%). GTS heeft in de voorbije jaren aantoonbaar
gewerkt aan het verbeteren van haar efficiency, onder meer door middel van personele
herstructureringen, structurele kostenbesparingen en onderhoudsoptimalisatie. Uiteraard geldt dat
het management in de komende jaren onverminderd doorwerkt aan het nog verder optimaliseren van
de efficiency. In het kader van de impairment test is ultimo 2020 met de voorlopige aanname gewerkt
dat de door ACM opgelegde efficiencykorting ook in de toekomstige reguleringsperioden van toepassing
zal zijn.
Kapitaalskostenvergoeding – ACM WACC
In het methodebesluit voor de reguleringsperiode 2022-2026 is een kapitaalkostenvergoeding
opgenomen die onder meer afhankelijk is van een door ACM bepaalde WACC. Voor nieuw vermogen is
de nominale WACC bepaald op 3,0% ór belastingen. Voor bestaand vermogen loopt de nominale WACC
ór belastingen trapsgewijs af van 3,1% in 2022 naar 3,0% in 2026. Jaarlijks bepaalt ACM de werkelijke
van toepassing zijnde WACC, welke vervolgens nagecalculeerd en verrekend wordt in de toegestane
omzet van GTS in de daaropvolgende jaren. Bij het opstellen van de impairment test is rekening
gehouden met de mogelijke effecten van een nacalculatie van dit onderdeel van de
kapitaalkostenvergoeding.
IFRS-disconteringsvoet
Bij het uitvoeren van de impairment test is gerekend met een nominale disconteringsvoet vóór
belastingen van 2,9-4,0%. Bij de vorige impairment test in 2016 werd gerekend met een nominale
disconteringsvoet vóór belastingen van 4,8%-5,3%. De daling van de disconteringsvoet wordt met name
veroorzaakt door de ontwikkelingen op de kapitaalmarkt sinds 2016 en is verder versterkt als gevolg van
de renteschommelingen in de periode kort rondom de balansdatum.
Sensitiviteitsanalyse
In onderstaande tabel is indicatief het effect aangegeven van een wijziging van een belangrijke
veronderstelling of schatting op de realiseerbare waarde. De wijziging wordt verondersteld aan het
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
158
begin van de nieuwe reguleringsperiode plaats te vinden onder overige gelijkblijvende
omstandigheden.
Wijziging in de veronderstelling of schatting Omvang
Impact op de
realiseerbare waarde
Efficiency na de reguleringsperiode
+/-1%-
punt
+/- ca. €50 miljoen
Kapitaalkostenvergoeding voor de reguleringsperiode 2022-
2026 – ACM WACC
+/-0,25%-
punt
+/- ca. €50 miljoen
IFRS-disconteringsvoet na belastingen
+/-0,25%-
punt
+/- ca. €80 miljoen
Uitkomst van het onderzoek
Op grond van de thans beschikbare informatie heeft het management geconcludeerd dat per
31december 2020 geen sprake is van een bijzondere waardevermindering van het gastransportnetwerk
in Nederland.
Omdat in de context van het bepalen van de realiseerbare waarde onder IFRS met de actuele en meer
volatiele marktrentes op de balansdatum is gerekend, ligt de waardering van het gastransportnetwerk
in Nederland ultimo 2020 ongeveer €300 miljoen boven de boekwaarde. Dit bedrag is als gevolg hiervan
verantwoord als een terugname van een in het verleden verantwoorde bijzondere
waardevermindering. De terugname is overwegend toe te rekenen aan de daling van de IFRS-
disconteringsvoet op de balansdatum ten opzicht van de disconteringsvoet zoals die van toepassing was
in 2016 bij de vorige impairment test. Zonder dit effect zou de realiseerbare waarde van het
gastransportnetwerk in Nederland nagenoeg gelijk zijn aan de boekwaarde.
Gastransportnetwerk Duitsland
De waardering van het gastransportnetwerk in Duitsland is mede afhankelijk van de gereguleerde
inkomsten van de onderneming. Reeds in 2019 is een wetsvoorstel aangenomen inzake de wijziging
van het regime voor de investeringsmaatregelen (de ‘AregV novelle’). Het Duitse ministerie van
Economische Zaken onderzoekt of het huidige reguleringskader op dit punt gewijzigd moet worden in
de toekomst. Verdere uitkomsten over de mogelijke besluitvorming door het Duitse ministerie van
Economische Zaken worden in 2021 verwacht. De uitwerking van het wetsvoorstel en de mogelijke
invloed daarvan op het reguleringskader is op dit moment nog niet bekend.
Uit de beoordeling door het management blijken geen gebeurtenissen of indicaties voor een bijzondere
waardevermindering van het gastransportnetwerk in Duitsland per 31december 2020.
Gastransportnetwerk BBL Company
Ultimo 2019 heeft het management de waardering van de materiële vaste activa van BBL Company
onderzocht en geconcludeerd dat geen sprake was van een bijzondere waardevermindering. In 2020
zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die belangrijke andere inzichten geven in de aannames
en de schattingen per ultimo 2019.
Uit de beoordeling door het management blijken geen gebeurtenissen of indicaties voor een bijzondere
waardevermindering van het gastransportsysteem van BBL Company per 31december 2020.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
159
Ondergrondse gasopslag EnergyStock
Uit de beoordeling door het management blijken geen aanwijzingen of indicaties voor een bijzondere
waardevermindering van de EnergyStock gasopslag per 31december 2020.
Overige materiële en financiële vaste activa
Uit de beoordeling door het management blijken geen aanwijzingen of indicaties voor een bijzondere
waardevermindering van de overige materiële en financiële vaste activa per 31december 2020.
5. Materiële vaste activa
De mutaties in de materiële vaste activa in 2020 zijn als volgt:
In miljoenen euros Boekwaarde
per 1 jan.
2020
Aquisities Investe-
ringen
Desinveste-
ringen
Afschrij-
vingen
Terugname
bijzondere
waarde-
vermindering
Boekwaarde
per 31 dec.
2020
Bedrijfsgebouwen en
terreinen
140,4 - 3,4 0,2 7,8 6,0 141,8
Compressorstations 796,3 - 18,5 2,3 46,6 30,3 796,2
Installaties 942,7 0,6 48,2 3,5 60,6 35,7 963,1
Hoofdtransportleidingen
c.a.
4.806,0 10,7 19,6 0,3 105,8 187,0 4.917,2
Regionale
transportleidingen c.a.
882,0 - 30,6 1,0 25,8 36,7 922,5
Ondergrondse gasopslag 448,1 - 1,8 1,1 26,7 - 422,1
Andere vaste
bedrijfsmiddelen
278,1 0,2 14,1 0,1 36,7 4,3 259,9
Gebruiksrecht activa 95,5 - 10,9 - 8,4 - 98,0
Vaste bedrijfsmiddelen
in uitvoering
377,4 - 226,8 - - - 604,2
Totaal voor boekjaar
2020
8.766,5 11,5 373,9 8,5 318,4 300,0 9.125,0
De (investeringen in de) vaste bedrijfsmiddelen in uitvoering hadden voornamelijk betrekking op de
bouw van de nieuwe stikstoffabriek van GTS en de ontwikkeling van fase2 van de EUGAL-pijpleiding. De
bedragen die zijn vermeld onder acquisities hebben betrekking op de overname van de ZEBRA
gasleiding en de EHD-netten, zoals beschreven in noot2 ‘Bedrijfscombinaties en nieuwe
entiteiten.Nadere informatie over het terugnemen van een in het verleden verantwoorde bijzondere
waardevermindering is opgenomen in noot4Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen.
Onder de materiële vaste activa is ultimo 2020 begrepen een bedrag van €98,0 miljoen (ultimo 2019:
€95,5 miljoen) inzake gebruiksrecht activa. Gasunie heeft het economische, maar niet het juridische
eigendom van deze gebruiksrecht activa. Nadere informatie over de bijbehorende leaseverplichtingen
is opgenomen in noot17 ‘Leaseverplichtingen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
160
De mutaties in de bij de leases behorende gebruiksrecht activa in 2020 zijn als volgt:
In miljoeneneuro's Boekwaarde per 1
jan. 2020
Investeringen Desinveste-
ringen
Afschrijvingen Boekwaarde per
31 dec. 2020
Bedrijfsgebouwen en
terreinen
88,6 8,1 - 5,4 91,3
Regionale
transportleidingen c.a.
0,5 - - 0,4 0,1
Andere vaste
bedrijfsmiddelen
6,4 2,8 - 2,6 6,6
Totaal voor boekjaar
2020
95,5 10,9 - 8,4 98,0
De mutaties in de materiële vaste activa in 2019 zijn als volgt:
In miljoenen euros Boekwaarde
per 1 jan.
2019
Aquisities Investe-
ringen
Desinveste-
ringen
Afschrij-
vingen
Terugname
bijzondere
waarde-
vermindering
Boekwaarde
per 31 dec.
2019
Bedrijfsgebouwen en
terreinen
136,4 - 12,2 0,1 8,1 - 140,4
Compressorstations 820,1 - 31,7 4,7 50,8 - 796,3
Installaties 967,7 - 44,0 1,0 68,0 - 942,7
Hoofdtransportleidingen
c.a.
4.703,4 - 205,8 0,7 102,5 - 4.806,0
Regionale
transportleidingen c.a.
882,8 - 32,2 7,9 25,1 - 882,0
Ondergrondse gasopslag 467,4 - 7,0 - 26,3 - 448,1
Andere vaste
bedrijfsmiddelen
288,4 - 29,3 1,5 38,1 - 278,1
Gebruiksrecht activa 106,3 - 2,5 5,7 7,6 - 95,5
Vaste bedrijfsmiddelen
in uitvoering
308,7 7,2 61,5 - - - 377,4
Totaal voor boekjaar
2019
8.681,2 7,2 426,2 21,6 326,5 - 8.766,5
De investeringen in 2019 in de hoofdtransportleidingen hadden onder meer betrekking op de in gebruik
name van fase1 van de EUGAL pijpleiding. De vaste bedrijfsmiddelen in uitvoering hadden voornamelijk
betrekking op de bouw van een nieuwe stikstoffabriek van GTS. De acquisities betroffen de verkrijging
van de activa behorende tot het WarmtelinQ project (voorheen: ‘Leiding door het Midden’).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
161
De mutaties in de bij de leases behorende gebruiksrecht activa in 2019 zijn als volgt:
In miljoeneneuro's Boekwaarde per 1
jan. 2019
Investeringen Desinveste-
ringen
Afschrijvingen Boekwaarde per
31 dec. 2019
Bedrijfsgebouwen en
terreinen
99,0 - 5,7 4,7 88,6
Regionale
transportleidingen c.a.
0,8 - - 0,3 0,5
Andere vaste
bedrijfsmiddelen
6,5 2,5 - 2,6 6,4
Totaal voor boekjaar
2019
106,3 2,5 5,7 7,6 95,5
De aanschafwaardes en de cumulatieve afschrijvingen van de materiële vaste activa zijn als volgt:
In miljoenen euros Aanschafwaarde
per 31 dec. 2020
Cumulatieve
afschrijvingen* per
31 dec. 2020
Aanschafwaarde
per 31 dec. 2019
Cumulatieve
afschrijvingen* per
31 dec. 2019
Bedrijfsgebouwen en
terreinen
250,5 108,7 248,3 107,9
Compressorstations 1.396,1 599,9 1.386,0 589,7
Installaties 1.870,5 907,4 1.841,4 898,7
Hoofdtransportleidingen
c.a.
7.527,1 2.609,9 7.498,7 2.692,7
Regionale
transportleidingen c.a.
1.213,2 290,7 1.191,9 309,9
Ondergrondse gasopslag 605,3 183,2 605,2 157,1
Andere vaste
bedrijfsmiddelen
653,7 393,8 640,9 362,8
Gebruiksrecht activa 114,0 16,0 103,1 7,6
Vaste bedrijfsmiddelen
in uitvoering
604,2 - 377,4 -
Totaal
14.234,6 5.109,6 13.892,9 5.126,4
* inclusief gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen en latere terugnames daarvan
Afschrijvingstermijnen
Er bestond in 2020 geen aanleiding om de afschrijvingstermijnen te herzien. De toezichthouder voor de
gereguleerde netten in Nederland gaat in het huidige methodebesluit, als ook in het methodebesluit
GTS 2022-2026, uit van een lange afschrijvingshorizon (oplopend tot 55jaar voor transportleidingen).
Voor het Duitse gastransportnetwerk geldt een vergelijkbare situatie, waarbij additioneel geldt dat in
Duitsland nog steeds wordt gewerkt aan het uitfaseren van het gebruik van olie en kolen. Op korte tot
middellange termijn zijn aardgas en LNG daarvoor een snel beschikbaar en goed en relatief schoon
alternatief. Het management onderschrijft een langetermijnvisie waarbij rekening gehouden wordt
met de mogelijkheid dat de bestaande gastransportinfrastructuur op termijn ingezet kan worden voor
het transport van alternatieve energiedragers, zoals waterstof, of voor het transport van afgevangen
CO .
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
162
Wel is het zo dat in specifieke gevallen beperkte aanpassingen kunnen worden doorgevoerd in
afschrijvingstermijnen. Door de voorziene sluiting van het Groningenveld en een toenemende import
uit buitenlandse bronnen veranderen de gasstromen en -richtingen en daarmee de inzet van bepaalde
onderdelen van de gasinfrastructuur, zoals compressorstations en aanverwante componenten, op
specifieke locaties. Deze installaties zijn reeds of zouden in de nabije toekomst tijdelijk buitengebruik
gesteld kunnen worden en worden in die gevallen versneld afgeschreven tot het moment van
buitengebruikstelling. Bij de wijze van technisch buitengebruik stellen wordt overigens rekening
gehouden met de mogelijkheid om de installaties op de lange termijn weer geschikt te kunnen maken
het transport van alternatieve energiedragers. De installaties worden daarom niet gesaneerd, maar
duurzaam geconserveerd.
Voor de overige installaties en de ondergrondse gasopslag geldt dat het management geen
aanwijzingen heeft dat de verwachte gebruiksduur korter is dan de huidige afschrijvingstermijn. Voor
deze activa geldt overigens een aanzienlijk kortere afschrijvingstermijn, welke veelal is gebaseerd op de
kortere technische levensduur.
De afschrijvingstermijnen van de belangrijkste activa categorieën zijn als volgt:
Terreinen geen afschrijving
Bedrijfsgebouwen 50 jaar
Compressorstations 30 jaar
Installaties 30 jaar
Hoofdtransportleidingen c.a. tot 2070
Regionale transportleidingen c.a. tot 2070
Ondergrondse gasopslag tot 2035
Andere vaste bedrijfsmiddelen 5-20 jaar
Vaste bedrijfsmiddelen in uitvoering geen afschrijving
Gebruiksrecht activa worden afgeschreven overeenkomstig de bovenstaande categorieën, waarbij voor
gehuurde terreinen geldt dat deze worden afgeschreven overeenkomstig de levensduur van actief
waarmee de huur van het terrein verband houdt. Op terreinen, gas- en stikstofvoorraden en activa in
aanbouw wordt niet afgeschreven.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
163
6. Investeringen in joint operations
Gasunie heeft rechtstreeks dan wel via haar groepsmaatschappijen belangen in de volgende joint
operations:
Naam van de vennootschap Zetel Financieel
belang op
31 dec. 2020 31 dec. 2019
Ambigo V.O.F. Groningen 46,7% 46,7%
BBL Company V.O.F. Groningen 60,0% 60,0%
EUGAL BTG Kassel, Duitsland 16,5% 16,5%
Arbeitsgemeinschaft GOAL / Fluxys NEL-Projektphase Hannover, Duitsland - 51,3%
Ambigo
Ambigo is eind 2017 opgericht en betreft een samenwerkingsverband tussen Gasunie, Engie, ECN,
PDENH en DRT Investments.PDENH is in 2020 uitgetreden als partner. Iedere partner heeft een
evenredig belang in de samenwerking; op basis van de samenwerkingsovereenkomst is sprake van
gezamenlijke zeggenschap. Doel van het samenwerkingsverband betreft de realisatie van installaties
ten behoeve van biogas invoeding in het gastransportnetwerk door het aantonen van
levensvatbaarheid van het opwekken van energie middels vergassing van afval. In 2020 is besloten de
samenwerking te beëindigen. Naar verwachting zal de beëindiging in 2021 geëffectueerd worden. De
geplande beëindiging heeft geen gevolgen voor de geconsolideerde kasstromen en het resultaat van
Gasunie.
BBL Company
BBL Company is opgericht in 2004 en exploiteert sinds 2006 een gaspijpleiding tussen Balgzand in
Nederland en Bacton in het Verenigd Koninkrijk. Gasunie heeft een 60% financieel belang in het
samenwerkingsverband BBL Company. De andere vennoten, Fluxys en Uniper, houden ieder 20% van
het belang in het samenwerkingsverband. Op grond van de overeenkomsten tussen de vennoten van
BBL Company dienen significante besluiten genomen te worden met een meerderheid van 80%.
Gasunie heeft daardoor geen overheersende zeggenschap. Voorts wordt In Nederland een V.O.F.-
structuur gezien als een transparante structuur, waarbij de partners een belang in de activa en de
verplichtingen van de V.O.F hebben. De juridische en economische realiteit van BBL Company is
daardoor vergelijkbaar met die van een joint operation.
EUGAL
Gasunie Deutschland heeft in 2017 een belang van 16,5% verworven in het samenwerkingsverband dat
het EUGAL- pijpleidingproject realiseert. EUGAL staat voor Europäische Gas-Anbindungsleitung. De
overige belangen worden gehouden door de Duitse gastransportnetbeheerders Gascade, ONTRAS en
Fluxys. Op basis van de samenwerkingsovereenkomst is sprake van gezamenlijke zeggenschap. De
EUGAL-pijpleiding beslaat een traject van circa 485kilometer van Greifswald aan de Duitse Oostzee naar
het zuiden van Saksen en van daar naar de Tsjechische grens. Gascade houdt een 50,5% financieel
belang in het project en is verantwoordelijk voor de bouw en het beheer van de leiding. Fase1 van de
EUGAL pijpleiding is per 1januari 2020 operationeel. Naar verwachting is de tweede pijpleiding vanaf
april 2021 operationeel.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
164
GOAL / Fluxys NEL- Projektphase
In 2013 hebben Gasunie Ostseeanbindungsleitung (‘GOAL’, sinds 2015 onderdeel van Gasunie
Deutschland) en Fluxys een samenwerkingsverband opgericht, in de vorm van een
‘Arbeitsgemeinschaft’. Dit samenwerkingsverband was verantwoordelijk voor de realisatie van de
Nordeuropäische Erdgasleitung (‘NEL’). In december 2020 is dit samenwerkingsverband opgeheven. De
opheffing had geen gevolgen voor het geconsolideerde resultaat en de kasstromen over het boekjaar en
het geconsolideerd vermogen ultimo boekjaar; in het samenwerkingsverband vonden reeds geen
operationele activiteiten meer plaats.
7. Investeringen in joint ventures
Gasunie heeft rechtstreeks dan wel via haar groepsmaatschappijen belangen in de volgende joint
ventures:
Naam van de vennootschap Zetel Financieel
belang op
31 dec. 2020 31 dec. 2019
Biogas Netwerk Twente B.V. Almelo 50,0% 50,0%
Demonstratie Faciliteit Super Kritische
Water Vergassing (SKW) Alkmaar B.V.
Alkmaar 50,0% 50,0%
DEUDAN - Deutsch/Dänische
Erdgastransport-GmbH
Handewitt, Duitsland 75,0% 75,0%
DEUDAN - Deutsch/Dänische
Erdgastransport-GmbH & Co. KG
Handewitt, Duitsland 33,4% 33,4%
Gate terminal C.V. Rotterdam 50,0% 50,0%
Gate terminal Management B.V. Rotterdam 50,0% 50,0%
German LNG Terminal GmbH Hamburg, Duitsland 33,3% 33,3%
NETRA GmbH Norddeutsche Erdgas
Transversale
Emstek/Schneiderkrug,
Duitsland
50,0% 50,0%
NETRA GmbH Norddeutsche Erdgas
Transversale & Co. KG
Emstek/Schneiderkrug,
Duitsland
44,1% 44,1%
Porthos Development C.V. Rotterdam 33,3% -
Porthos Development Management GP B.V. Rotterdam 33,3% -
Biogas Netwerk Twente
Biogas Netwerk Twente betreft een samenwerkingsverband met Cogas met als doel de aanleg en het
beheer van leidingen en daarmee verbonden hulpmiddelen en de aanleg, het onderhoud en het ter
beschikking stellen van installaties ten behoeve van biogas invoeding in het gastransportnetwerk. Het
aandeel van Gasunie in de stemrechten is 50%. Op basis van de samenwerkingsovereenkomst is sprake
van gezamenlijke zeggenschap.
Demonstratiefaciliteit SKW
In 2017 hebben SCW Systems en Gasunie Demonstratiefaciliteit SKW Alkmaar opgericht. Het betreft een
samenwerkingsverband met betrekking tot de realisatie van installaties ten behoeve van biogas
invoeding in het gastransportnetwerk door middel van superkritische watervergassing (SKW).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
165
Doel van het samenwerkingsverband is een demonstratiefaciliteit te realiseren om in de komende
jaren de robuuste werking van de nieuwe technologie op industriële schaal aan te tonen. SCW Systems
en Gasunie zijn ieder voor 50% aandeelhouder. Gasunie heeft op basis van de
samenwerkingsovereenkomsten gezamenlijke zeggenschap.
DEUDAN
DEUDAN (‘Deutsch / Dänische Erdgastransport’) exploiteert een gaspijpleiding in Duitsland tussen de
Itzehoe-regio en de Duits / Deense grens in de regio Flensburg. De andere aandeelhouder is Open Grid
Europe. Het financieel belang en de stemrecht van Gasunie Deutschland zijn verschillend in deze
deelneming. Het financieel belangvan Gasunie Deutschland in DEUDAN bedraagt 75,0%. Op basis van
de overeenkomsten tussen de aandeelhouders hebben beide bedrijven echter gezamenlijke
zeggenschap.
Gate terminal
Gate terminal betreft een samenwerkingsverband met Koninklijke Vopak met als doel het exploiteren
van een LNG-terminal op de Maasvlakte. Gasunie heeft, net als Koninklijke Vopak, een 50% financieel
belang in Gate terminal Management B.V. en Gate terminal C.V. Laatstgenoemde heeft een 100%
financieel belang in Gate terminal B.V., de feitelijke operator van de LNG-terminal. Op basis van de
overeenkomsten tussen de aandeelhouders hebben beide bedrijven gezamenlijke zeggenschap.
German LNG Terminal
German LNG Terminal betreft een samenwerkingsverband van Gasunie met Koninklijke Vopak en
Oiltanking met als oogmerk het ontwikkelen van een LNG-terminal in Noord-Duitsland. Het
economisch belang en het aandeel van Gasunie in de stemrechten van dit samenwerkingsverband is
33,3%. Op basis van de samenwerkingsovereenkomst is sprake van gezamenlijke zeggenschap.
NETRA
NETRA (‘Norddeutsche Erdgas Transversale’) beheert een netwerk bestaande uit ca. 350 km pijpleiding
en twee compressorstations. De andere aandeelhouder in NETRA is Open Grid Europe. Gasunie
Deutschland heeft een financieel belang van 44,1% in NETRA. Open Grid Europe houdt het resterende
financieel belang van 55,9%. Het financieel belang en de stemrecht van Gasunie Deutschland zijn
verschillend in deze deelneming. Op basis van de overeenkomsten tussen de aandeelhouders hebben
beide bedrijven gezamenlijke zeggenschap.
Porthos
Porthos is een samenwerkingsverband tussen Gasunie, Energie Beheer Nederland (EBN) en
Havenbedrijf Rotterdam. Porthos onderzoekt de mogelijkheid van opslag van CO in lege gasvelden in de
Noordzeebodem. Het project richt zich op de realisatie van een afvang-, opslag- en transportsysteem
waarop diverse industrieën en bedrijven kunnen aansluiten. Gasunie brengt met name kennis in op
het gebied van transport en opslag. Op basis van de overeenkomsten tussen de aandeelhouders hebben
de bedrijven gezamenlijke zeggenschap.Gasunie heeft een financieel belang van 33,3%.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
166
De mutaties in de joint ventures zijn geaggregeerd als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Stand per 1 januari 212,2 197,7
Investeringen 14,7 6,9
Rechtstreekse eigen vermogen mutaties 5,7 2,9
Resultaat in joint ventures 31,0 35,2
Ontvangen dividend 22,4 24,7
Stand per 31 december
241,2 212,2
In 2020 investeerde Gasunie vooral in joint ventures die zich richten op het realiseren van
infrastructuur voor de verdere ontwikkeling en integratie van alternatieve energiedragers. De
rechtstreekse vermogensmutaties zien toe op de herwaardering van het belang in Gate terminal als
gevolg van de wijziging in de reële waarde van een cash flow hedge van Gate terminal. Gasunie heeft
deze vermogensmutatie verwerkt in de niet-gerealiseerde resultaten.
Van de joint ventures heeft Gate terminal een materiële invloed op het vermogen en het resultaat van
de vennootschap.De informatie over de boekwaarde, het aandeel in de gerealiseerde en niet-
gerealiseerde resultaten, het resultaat over het boekjaar en het ontvangen dividend uitgesplitst naar
Gate terminal en overige joint ventures is als volgt:
In miljoenen euros Gate terminal Overige joint
ventures
Totaal joint
ventures
Boekwaarde per 31 december 2020 122,2 119,0 241,2
2019 97,9 114,3 212,2
Aandeel in het resultaat na belastingen 2020 26,0 5,0 31,0
2019 24,9 10,3 35,2
Aandeel in de gerealiseerde en niet-
gerealiseerde resultaten
2020 31,8 5,0 36,8
2019 27,4 10,3 37,7
Ontvangen dividend in het boekjaar 2020 14,0 8,4 22,4
2019 17,4 7,3 24,7
Vanwege de materiële invloed op het vermogen en het resultaat van Gasunie is ten aanzien van Gate
terminal onderstaand nadere gedetailleerde informatie opgenomen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
167
Informatie over Gate terminal
De geconsolideerde financiële informatie van Gate terminal:
In miljoenen euros 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Vaste activa 958,5 977,4
waarvan uitgestelde belastingvorderingen 27,3 25,3
Vlottende activa 66,9 59,7
waarvan belastingvorderingen 1,6 1,3
waarvan liquide middelen 59,1 53,8
Langlopende schulden 709,7 769,7
waarvan rentedragende leningen 434,1 480,5
waarvan afgeleide financle instrumenten 108,7 118,9
Kortlopende schulden 71,4 71,6
waarvan kortlopende financieringsverplichtingen 47,5 47,2
waarvan belastingverplichtingen 2,9 3,3
Netto investering
244,3 195,8
Aandeel Gasunie 50% 50%
Boekwaarde 122,2 97,9
In miljoenen euros 2020 2019
Opbrengsten 167,6 165,3
Totale lasten 66,6 64,4
waarvan afschrijvingen 43,4 42,9
Financieringslasten 31,3 33,7
Belastingen 17,7 17,5
Resultaat na belastingen 52,0 49,7
Overige gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten 11,6 5,1
Totaal van de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten 63,6 54,8
Aandeel Gasunie 50% 50%
Aandeel Gasunie in de gerealiseerde en niet-gerealiseerde
resultaten
31,8 27,4
8. Investeringen in geassocieerde deelnemingen
Ultimo 2020 heeft Gasunie investeringen in de volgende geassocieerde deelnemingen:
GASPOOL
Gasunie Deutschland heeft een belang in GASPOOL Balancing Services (GASPOOL) GmbH. GASPOOL is
de Noord-Duitse virtuele gashandelsplaats. Het aandeel van Gasunie in de stemrechten van deze
deelneming bedraagt ultimo 2020 20% (ultimo 2019: 20%).
GASPOOL heeft geen materiële invloed op het vermogen en het resultaat van de vennootschap.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
168
De mutaties in de investeringen in geassocieerde deelnemingen zijn als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Stand per 1 januari 0,5 0,8
Aandeel in resultaat na belastingen - 0,3
Stand per 31 december
0,5 0,5
Het totale aandeel van Gasunie in de gerealiseerde en niet-gerealiseerde resultaten van geassocieerde
deelnemingen in 2020 is nihil (2019:0,3 miljoen negatief).
9. Overige deelnemingen
De overige deelnemingen zijn als volgt:
Naam van de vennootschap Zetel Financieel belang op
31 dec. 2020 31 dec. 2019
Energie Data Services Nederland (EDSN) B.V. Arnhem 12,5% 12,5%
Nord Stream AG Zug, Zwitserland 9,0% 9,0%
PRISMA European Capacity Platform GmbH Leipzig, Duitsland 12,7% 12,7%
Energie Data Services Nederland (EDSN)
EDSN werkt samen met de regionale netbeheerders, TenneT en GTS aan de centrale marktfacilitering
voor de energiesector. EDSN ontwikkelt en beheert onder meer ICT-infrastructuur voor de
energiemarkt. EDSN is gevestigd te Arnhem. Op basis van de aandeelhoudersovereenkomsten heeft
Gasunie geen invloed van betekenis in EDSN.
Nord Stream
Nord Stream exploiteert de twee gaspijpleidingen die onderdeel uitmaken van de Nord Stream1
verbinding door de Baltische Zee van Rusland naar Duitsland. De deelneming in Nord Stream is bedoeld
als een investering met een duurzaam karakter die dienstbaar is aan de doelstellingen van Gasunie.
PRISMA European Capacity Platform
PRISMA is een Europees platform voor de verhandeling van transportcapaciteit. Gasunie biedt haar
transportcapaciteit mede op dit platform aan. PRISMA is gevestigd te Leipzig, Duitsland. Op basis van
de aandeelhoudersovereenkomsten heeft Gasunie geen invloed van betekenis in PRISMA.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
169
De mutaties in de overige deelnemingen zijn als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Stand per 1 januari 515,1 496,3
Mutatie reële waarde, zoals verwerkt in het totaalresultaat 5,8 18,8
Stand per 31 december
509,3 515,1
De rle waarde van de overige deelnemingen bedraagt ultimo 2020 €509,3 miljoen (ultimo 2019: €515,1
miljoen). De daling van de reële waarde van €5,8 miljoen (2019: toename van 18,8 miljoen) is
opgenomen in het totaalresultaat. Het resultaat uit hoofde van dividenduitkeringen door Nord Stream
bedroeg €31,3 miljoen (2019:59,6 miljoen). De daling van de dividenduitkering door Nord Stream in
2020 betreft een incidenteel tijdseffect. In 2019 werd, naast het reguliere dividend over 2019, ook nog
dividend over een eerder boekjaar uitgekeerd. Hierdoor was in 2019 sprake van een incidenteel hogere
dividenduitkering. PRISMA en EDSN keerden geen dividend uit in 2020 (2019: idem).
De rle waarde waardering van de overige deelnemingen is gebaseerd op de contante waarde van de
verwachte kasstromen. Dit betreft een reële waarde bepaling volgens niveau3 (ultimo 2019: niveau3).
Gasunie hanteert bij het bepalen van de rle waarde van de voornoemde overige deelnemingen een
disconteringsvoet die gebaseerd is op de risicovrije marktrente vermeerderd met krediet- en
liquiditeitsopslagen. Deze varieert tussen 3-6% na belastingen, afhankelijk van het risicoprofiel van de
betreffende deelneming.
De waardering van de deelname in Nord Stream wordt gebaseerd op de contante waarde van de
verwachte toekomstige kasstromen. Hierbij wordt gebruik gemaakt van een calculatiemodel van Nord
Stream, welke jaarlijks wordt geactualiseerd aan de hand van het meest recente business plan. Dit
model wordt ter beoordeling en goedkeuring voorgelegd aan de aandeelhouders van Nord Stream,
waaronder Gasunie. Additioneel wordt het model door Gasunie periodiek getoetst aan de hand van de
periodieke financiële rapportages van Nord Stream. De verwachte kasstromen zijn mede gebaseerd op
contractueel gemaakte afspraken. Indien de disconteringsvoet wijzigt met 0,5%-punt, dan leidt dit
indicatief (onder overige gelijkblijvende omstandigheden) tot een wijziging in de reële waarde van
€20,0 miljoen (ultimo 2019: €22,0 miljoen).
Voor de belangen in PRISMA en EDSN geldt dat de totale boekwaarde minder dan 0,1 miljoen (ultimo
2019: minder dan €0,1 miljoen) bedraagt. Voor deze deelnemingen wordt, mede vanwege hun geringe
omvang, verondersteld dat de boekwaarde een benadering is van de reële waarde en is geen reële
waarde berekening en een gevoeligheidsanalyse opgenomen in de jaarrekening.
10. Uitgestelde belastingvorderingen
De tijdelijke verschillen tussen de waardering van de activa en de passiva voor de financiële
verslaggeving en de fiscale waardering geven aanleiding tot het opnemen van uitgestelde
belastingvorderingen. Er is geen sprake van geactiveerde voorwaartse verliesverrekeningen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
170
De tijdelijke verschillen betreffen de fiscale verwerking van de door de Staat der Nederlanden betaalde
koopsom, de verschillen uit hoofde van waardering van materiële vaste activa en overige tijdelijke
verschillen. Het eerstgenoemde verschil is ontstaan bij de splitsing van Gasunie in 2005 in een
transport- en een handelsbedrijf. Destijds heeft, in fiscale zin, een informele kapitaalstorting in de
vennootschap plaatsgevonden door de Staat der Nederlanden. Onder IFRS is deze fiscale koopsom niet
door Gasunie geactiveerd. Door deze verwerking van de koopsom heeft Gasunie een additioneel fiscaal
afschrijvingspotentieel verkregen, waarvoor een uitgestelde belastingvordering is opgenomen.
Het tijdelijke verschil ingevolge de waardering van de materiële vaste activa is voornamelijk het
resultaat van de eenmalige herwaardering van materiële vaste activa bij de splitsing van Gasunie in
2005 en de aansluitende transitie naar IFRS. Daarnaast wijken de fiscale afschrijvingsprincipes in
voorkomende gevallen af van de afschrijvingsprincipes onder IFRS (inclusief de verwerking van
bijzondere waardeverminderingenen de terugnames daarvan). Ook hiervoor worden tijdelijke
verschillen opgenomen in de balans. Per saldo leiden de tijdelijke verschillen inzake de materiële vaste
activa tot een uitgestelde belastingverplichting.
De overige verschillen betreffen met name tijdelijke verschillen ingevolge personeelsbeloningen. De
tijdelijke verschillen inzake financiële instrumenten zijn in 2020 gerealiseerd door de reguliere
afwikkeling van de betreffende instrumenten.
Bovenstaande uitgestelde belastingvorderingen en -verplichtingen hebben betrekking op het
Nederlandse deel van de fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting en voldoen aan de
voorwaarden voor saldering van fiscale schulden. Derhalve zijn de uitgestelde belastingen hier
gesaldeerd weergegeven.
De mutaties in de uitgestelde belastingvorderingen in 2020 zijn als volgt:
In miljoenen euros Door de Staat
betaalde koopsom
Financiële
instrumenten
Materiële
vaste activa
Overige Totaal
Stand per 1 januari 2020 1.154,2 0,3 831,6 0,8 323,1
Realisatie tijdelijke verschillen in winst-en-
verliesrekening
52,9 - 24,9 1,4 26,6
Realisatie tijdelijke verschillen in Eigen
Vermogen
- 0,3 - - 0,3
Effect van aanpassing belastingtarieven in
winst-en-verliesrekening
- - 54,0 0,1 53,9
Effect van aanpassing belastingtarieven in
Eigen Vermogen
167,5 - 68,0 - 99,5
Effect van terugname bijzondere
waardevermindering in winst-en-
verliesrekening
- - 75,0 - 75,0
Stand per 31 december 2020
1.268,8 - 1.003,7 2,3 267,4
Van de uitgestelde belastingvordering heeft ultimo 2020 naar verwachting 29,6miljoen (ultimo 2019:
€23,5 miljoen) een looptijd van korter dan één jaar. Dit bedrag is niet afzonderlijk vermeld onder de
vlottende activa.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
171
Eind 2020 hebben de Tweede en Eerste Kamer het belastingplan 2021 aangenomen. In tegenstelling tot
de eerdere plannen uit 2018 en 2019, wordt het tarief voor de vennootschapsbelasting voor 2021 en
verder niet verlaagd naar 21,7% maar gehandhaafd op 25,0%. Dit besluit heeft een significante invloed op
de waardering van de uitgestelde belastingvordering van de vennootschap.
Omdat het uitgestelde belastingeffect van de fiscale verwerking van de door de Staat betaalde koopsom
rechtstreeks is verwerkt in het eigen vermogen, wordt het effect van de wijzigingen in de toekomstige
tarieven voor de vennootschapsbelasting eveneens rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen. In
2020 heeft dit geleid tot een opwaartse aanpassing van €167,5 miljoen (2019:66,1 miljoen).
Ook het belastingeffect van de herwaardering van de materiële vaste activa is rechtstreeks verwerkt in
het eigen vermogen van de vennootschap. Daarom is ook hier het effect van de wijzigingen in de
toekomstige tarieven voor de vennootschapsbelasting rechtstreeks verwerkt in het eigen vermogen. In
2020 heeft dit geleid tot een aanpassing van -/-€68,0 miljoen (2019: -/-€27,1 miljoen).
Tot slot heeft het terugnemen van een in het verleden verantwoorde bijzondere waardevermindering
gevolgen voor de omvang van de tijdelijke waarderingsverschillen. Nadere informatie over het
terugnemen van de in het verleden verantwoorde bijzondere waardevermindering is opgenomen in
noot4 ‘Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen.
De mutaties in de uitgestelde belastingvorderingen in 2019 zijn als volgt:
In miljoenen euros Door de Staat
betaalde koopsom
Financiële
instrumenten
Materiële
vaste activa
Overige Totaal
Stand per 1 januari 2019 1.141,0 0,5 821,7 11,2 330,0
Realisatie tijdelijke verschillen in winst-
en-verliesrekening
52,9 - 38,7 10,4 24,6
Realisatie tijdelijke verschillen in Eigen
Vermogen
- 0,2 - - 0,2
Effect van aanpassing belastingtarieven
in winst-en-verliesrekening
- - 21,5 - 21,5
Effect van aanpassing belastingtarieven
in Eigen Vermogen
66,1 - 27,1 - 39,0
Stand per 31 december 2019
1.154,2 0,3 831,6 0,8 323,1
De mutaties in de uitgestelde belastingvorderingen in 2019 betroffen de reguliere mutaties alsmede de
mutaties als gevolg van de herziening van de tarieven voor de vennootschapsbelasting voor het
boekjaar 2020 en verder.
11. Voorraden
Voorraden hebben betrekking op artikelen die worden aangehouden voor regulier dagelijks onderhoud,
voor eigen (toekomstige) investeringen en voor projecten die in opdracht van derden worden
uitgevoerd.
De boekwaarde van de voorraden bedraagt ultimo 2020 €47,2 miljoen (ultimo 2019: 46,9 miljoen). In
dewaardering ultimo 2020 is reeds rekening gehouden met een afwaardering wegens incourantheid
van 13,7 miljoen (ultimo 2019: €12,5 miljoen).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
172
Het verloop van de voorziening voor incourantheid is als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Stand per 1 januari 12,5 12,1
Toevoegingen ten laste van de winst-en-verliesrekening 3,5 0,4
Onttrekkingen ten laste van de voorziening 2,3 -
Vrijval ten gunste van van de winst-en-verliesrekening - -
Stand per 31 december
13,7 12,5
12. Handels- en overige vorderingen
De handels- en overige vorderingen zijn als volgt:
In miljoeneneuro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Handelsvorderingen 112,8 124,3
Vorderingen op joint ventures 11,0 0,3
Overige belastingen 23,2 31,8
Overige vorderingen en overlopende activa 26,6 33,9
Totaal handels- en overige vorderingen
173,6 190,3
De vorderingen op joint ventures zien met name toe op investeringen die Gasunie uitvoert ten behoeve
van de joint ventures waarin wordt deelgenomen.
De overige belastingen bestaan uit te vorderen omzetbelasting en te vorderen bronbelasting op
buitenlandse dividendontvangsten.
De handels- en overige vorderingen zijn gewaardeerd onder aftrek van een voorziening voor
oninbaarheid. De mutaties in de voorziening voor oninbaarheid zijn als volgt:
In miljoeneneuro's 2020 2019
Stand per 1 januari 16,5 16,1
Toevoegingen ten laste van de winst-en-verliesrekening 0,1 0,4
Onttrekkingen ten laste van de voorziening - -
Vrijval ten gunste van de winst-en-verliesrekening - -
Stand per 31 december
16,6 16,5
De handels- en overige vorderingen hebben een nominale looptijd van korter dan één jaar. Voor de
verkregen zekerheden wordt verwezen naar noot24 ‘Financiële instrumenten.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
173
Het totaal van de handelsvorderingen, de vorderingen op joint ventures en de overige vorderingen
ultimo 2020 bedraagt €150,4 miljoen (ultimo 2019: €158,5 miljoen). De ouderdom van deze vorderingen
op de balansdatum is als volgt:
In miljoeneneuro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Niet vervallen en niet voorzien 146,2 150,2
Vervallen en niet voorzien:
<30 dagen 2,3 4,0
30 - 60 dagen 1,0 0,3
60 - 90 dagen - 0,2
90 - 120 dagen - -
>120 dagen 0,9 3,8
Totaal
150,4 158,5
13. Vennootschapsbelasting
Tussen N.V. Nederlandse Gasunie en haar Nederlandse 100%-groepsmaatschappijen bestaat een fiscale
eenheid voor de vennootschapsbelasting. Tussen Gasunie Deutschland GmbH & Co. KG en haar Duitse
100%- groepsmaatschappijen bestaat eveneens een fiscale eenheid voor de Duitse
vennootschapsbelastingen. Vorderingen en schulden ingevolge de vennootschapsbelasting van
verschillende fiscale eenheden worden niet gesaldeerd.
De acute vorderingen en verplichtingen inzake de vennootschapsbelasting betreffen de verschuldigde
vennootschapsbelasting over het huidige en over de voorgaande boekjaren verminderd met de op
(voorlopige) aanslagen betaalde bedragen voor de betreffende fiscale eenheden.
14. Liquide middelen
De liquide middelen zijn als volgt:
In miljoenen euros 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Banken 16,5 43,6
Deposits 1,4 1,7
Totaal liquide middelen
17,9 45,3
De banksaldi kennen een rentevergoeding op basis van dagrente. De deposits betreffen gestelde
zekerheden. Beide zijn opeisbaar binnen een termijn van negentig dagen.
15. Eigen vermogen
Voor een toelichting op het eigen vermogen wordt ook verwezen naar de toelichting op het eigen
vermogen in de vennootschappelijke jaarrekening (noot39 ‘Geplaatst kapitaal’, noot40
‘Herwaarderingsreserve, noot41 ‘Wettelijke reserve, noot42 ‘Overige reserves en noot43 ‘Onverdeeld
resultaat’).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
174
Geplaatst kapitaal
Het maatschappelijk kapitaal bedraagt €756.000 en is verdeeld in 7.560 gewone aandelen van elk 100
nominaal. Hiervan zijn 1.513aandelen geplaatst en volgestort. In het boekjaar hebben geen mutaties
plaatsgevonden (2019: idem).
Alle geplaatste aandelen worden gehouden door de Staat der Nederlanden.
Cash flow hedge reserve
De cash flow hedge reserve kan als volgt worden gespecificeerd:
In miljoenen euros 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Cash flow hedge N.V. Nederlandse Gasunie, - 1,2
waarvan vennootschapsbelasting - 0,3
Totaal cash flow hedge reserve
-
0,9
De mutaties in de cash flow hedge reserve zijn als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Stand per 1 januari 0,9 1,6
Overgeboekt naar de winst-en-verliesrekening, 1,2 0,9
waarvan vennootschapsbelasting 0,3 0,2
Stand per 31 december
- 0,9
De cash flow hedge is ultimo 2020 volledig afgewikkeld.
Reële waarde reserve
Voor een toelichting op de reële waarde reserve wordt verwezen naar de toelichting op het eigen
vermogen in de vennootschappelijke jaarrekening (noot41‘Wettelijke reserve).
Overige reserves
De onder de ‘overige reserves’ opgenomen posten hebben ingevolge de IFRS-standaarden het karakter
van gecumuleerde resultaten.
16. Rentedragende leningen
Ultimo 2020 bestaat het nominale bedrag aan langlopende leningen van3.102,4 miljoen (ultimo 2019:
€3.123,8 miljoen) voor 2.552,4 miljoen (ultimo 2019: €2.552,4 miljoen) uit obligatieleningen en voor
€550,0 miljoen (ultimo 2019: €571,4 miljoen) uit onderhandse leningen. De nog te amortiseren
transactiekosten en disagio bedragen €9,1 miljoen (ultimo 2019: €10,5 miljoen). Het betreft leningen
die op concernniveau zijn opgenomen, maar mede dienen als financiering voor groepsmaatschappijen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
175
De mutaties in de rentedragende leningen zijn als volgt:
In miljoeneneuro's 2020 2019
Oorspronkelijke nominale hoofdsom per 1 januari 3.450,0 3.250,0
Afgelost tot en met 1 januari 326,2 107,1
Restant nominale hoofdsom per 1 januari
3.123,8 3.142,9
Niet-geamortiseerde transactiekosten en disagio 10,5 6,0
Boekwaarde per 1 januari
3.113,3 3.136,9
Mutaties in het boekjaar:
Aflossingen 21,4 519,0
Nieuw opgenomen leningen - 500,0
Amortisatie van transactiekosten en disagio 1,4 1,3
Toevoeging transactiekosten en disagio - 5,8
Totaal mutaties in het boekjaar 20,0 23,6
Oorspronkelijke nominale hoofdsom per 31 december 3.300,0 3.450,0
Afgelost tot en met 31 december 197,6 326,2
Restant nominale hoofdsom per 31 december
3.102,4 3.123,8
Resterende niet-geamortiseerde transactiekosten en disagio 9,1 10,5
Boekwaarde per 31 december
3.093,3 3.113,3
Gepresenteerd onder de kortlopende schulden 733,2 21,4
Totaal 2.360,1 3.091,9
De vervalkalender van de rentedragende leningen (in nominale waarde) is als volgt:
In miljoeneneuro's 1e halfjaar 2e halfjaar Totaal
Aflossingsverplichting in
2021 300,0 433,2 733,2
2022 369,2 125,0 494,2
2023 - 125,0 125,0
2024 50,0 125,0 175,0
2025 - 125,0 125,0
na 2025 1.450,0
Totaal van de aflossingsverplichtingen
3.102,4
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
176
Het overzicht van de langlopende leningen, inclusief de kortlopende aflossingsverplichtingen, is als
volgt:
In miljoeneneuro's
Soort lening Oorspronkelijke
hoofdsom
Looptijd Effectieve
rente
Rente
herzienings-
datum
Restant
hoofdsom
ultimo 2020
Restant
hoofdsom
ultimo 2019
Onderhandse lening 125,0 2008-
2023
4,80% Rentevast tot
einde looptijd
125,0 125,0
Onderhandse lening 125,0 2008-
2022
4,50% Rentevast tot
einde looptijd
125,0 125,0
Onderhandse lening 125,0 2009-
2024
4,27% Rentevast tot
einde looptijd
125,0 125,0
Onderhandse lening 125,0 2010-
2025
3,58% Rentevast tot
einde looptijd
125,0 125,0
Onderhandse lening 150,0 2013-
2020
0,00% Jaarlijks op 28
april en 28
oktober
- 21,4
Onderhandse lening 50,0 2014-
2024
1,33% Rentevast tot
einde looptijd
50,0 50,0
Totaal onderhandse
leningen
550,0 571,4
Obligatielening 300,0 2006-
2021
4,55% Rentevast tot
einde looptijd
300,0 300,0
Obligatielening 500,0 2011-
2021
3,64% Rentevast tot
einde looptijd
433,3 433,3
Obligatielening 500,0 2012-
2022
2,70% Rentevast tot
einde looptijd
369,1 369,1
Obligatielening 650,0 2016-
2026
1,04% Rentevast tot
einde looptijd
650,0 650,0
Obligatielening 300,0 2018-
2028
1,48% Rentevast tot
einde looptijd
300,0 300,0
Obligatielening 500,0 2019-
2031
0,47% Rentevast tot
einde looptijd
500,0 500,0
Totaal obligatieleningen
2.552,4 2.552,4
Totaal nominale waarde
rentedragende leningen
3.102,4 3.123,8
In 2020 werd één onderhandse lening volledig afgelost. Ultimo 2020 bedraagt de
oorspronkelijkenominale hoofdsom €3.300,0 miljoen (ultimo 2019: €3.450,0 miljoen).
Degewogen gemiddelde effectieve rentevan de langlopende leningen bedroeg ultimo 2020 2,4% (ultimo
2019: 2,4%).
Inzake de rentedragende leningen zijn geen zekerheden gesteld door N.V. Nederlandse Gasunie aan de
kredietverstrekkers. Ook is geen sprake van belangrijke financiële convenanten of ratio’s waaraan de
vennootschap dient te voldoen. Ten aanzien van vijf leningen die Gasunie heeft verkregen van de
Europese Investeringsbank (EIB) met een resterende waarde ultimo 2020 van €550,0 miljoen geldt een
conditionele voorwaarde. In de onwaarschijnlijke situatie dat het aandelenkapitaal van Gasunie niet
meer voor 100% door de Staat der Nederlanden wordt gehouden en indien de EIB dan van mening is dat
de financiële stabiliteit van Gasunie niet meer voldoende is geborgd, kan zij – in het uiterste geval en na
afloop van een overeengekomen consultatieperiodedeze leningen direct opeisen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
177
Voor een nadere toelichting op de financiële risico’s die samenhangen met de rentedragende leningen
en het financiële risicomanagement dat Gasunie toepast met het doel deze risico’s te beperken, wordt
verwezen naar noot24 ‘Financiële instrumenten’.
17. Leaseverplichtingen
Gasunie en haar groepsmaatschappijen zijn leasecontracten aangegaan voor onder meer terreinen en
gebouwen, regionale transportleidingen en het wagenpark. Deze gebruiksrecht activa worden ingezet
voor eigen gebruik; er is geen sprake van sub-leasing. Nadere informatie over de bijbehorende
gebruiksrecht activa is opgenomen in noot5 ‘Materiële vaste activa’.
De mutaties in de leaseverplichtingen zijn als volgt:
In miljoeneneuro's 2020 2019
Stand per 1 januari 97,0 106,3
Nieuwe leaseverplichtingen 3,4 2,5
Beëindigde leaseverplichtingen - 0,9
Modificaties 7,4 4,7
Betaling leasetermijnen 9,0 8,2
Oprenting 1,5 1,6
Effect omrekening vreemde valuta 0,3 0,4
Totaal
100,0 97,0
Gepresenteerd onder de kortlopende schulden 7,5 6,8
Stand per 31 december
92,5 90,2
De gewogen gemiddelde incrementele rentevoet in 2020 bedroeg 1,17% (2019: 1,57%).
Leaseovereenkomsten met een looptijd van korter dan één jaar of met een contractwaarde van minder
dan 5.000 zijn niet in de balans opgenomen. De impact hiervan bedraagt ultimo 2020 minder dan
€0,1 miljoen per jaar (ultimo 2019: idem).
Onder modificaties zijnbegrepen de tussentijdse aanpassingen van variabelen in de bestaande
leasecontracten die leiden tot een wijziging in de waardering van de contracten, zoals verwachte of
overeengekomen looptijden en de hoogte van delease betalingen.
De resterende looptijd van de leaseverplichtingen is als volgt:
In miljoeneneuro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Resterende looptijd < 1 jaar 7,5 6,8
Resterende looptijd ≥ 1 jaar en ≤ 5 jaar 21,7 19,3
Resterende looptijd > 5 jaar 70,8 70,9
Totaal leaseverplichtingen
100,0 97,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
178
Het kortlopende deel van de leaseverplichtingen is afzonderlijk gepresenteerd onder de kortlopende
schulden.
18. Contractverplichtingen
De contractverplichtingen houden verband met de omzetverantwoording van de vennootschap. Voor
bepaalde contracten geldt dat het betaalritme niet synchroon loopt met de wijze waarop Gasunie de
omzet aan de boekjaren dient toe te rekenen. Dit doet zich onder meer voor bij contracten waarbij
klanten een financiële bijdrage hebben geleverd in een investering in specifieke transportcapaciteit.
Deze bijdragen worden in beginsel toegerekend aan het contract met de klant en niet aan het actief
waar de bijdrage betrekking op heeft. Voor dergelijke klantbijdragen wordt een contractverplichting
opgenomen, waarbij rekening wordt gehouden met het financieringselement in deze contracten.
Ultimo 2020 bedroegen de totale contractverplichtingen van Gasunie €50,6 miljoen (ultimo 2019: €50,1
miljoen). In onderstaande tabel is het verloop van deze contractverplichtingen weergegeven:
In miljoeneneuro's 2020 2019
Stand per 1 januari 50,1 50,3
Verantwoord als netto-omzet 4,4 3,4
Oprenting 1,8 1,9
Nieuwe contractverplichtingen 3,1 1,3
Totaal
50,6 50,1
Gepresenteerd onder de kortlopende schulden 3,4 3,2
Stand per 31 december
47,2 46,9
De resterende looptijd van de contractverplichtingen is als volgt:
In miljoeneneuro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Resterende looptijd < 1 jaar 3,4 3,2
Resterende looptijd ≥ 1 jaar en ≤ 5 jaar 17,1 14,1
Resterende looptijd > 5 jaar 30,1 32,8
Totaal contractverplichtingen
50,6 50,1
Het kortlopende deel van de contractverplichtingen is afzonderlijk gepresenteerd onder de kortlopende
schulden.
19. Uitgestelde belastingverplichtingen
De tijdelijke verschillen tussen de waardering van de activa en de passiva voor de financiële
verslaggeving en de fiscale waardering geven aanleiding tot het opnemen van uitgestelde
belastingverplichtingen. De uitgestelde belastingverplichtingen zien met name toe op tijdelijke
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
179
waarderingsverschillen van materiële vaste activa in Duitsland. Daarnaast is sprake van enkele overige
verschillen die leiden tot uitgestelde belastingverplichtingen en -vorderingen.
De uitgestelde belastingverplichtingen en -vorderingen hebben betrekking op het Duitse deel van de
fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting en voldoen aan de voorwaarden voor saldering van
fiscale schulden. Derhalve zijn de uitgestelde belastingen hier gesaldeerd weergegeven.
De mutaties in de uitgestelde belastingverplichtingen in 2020 zijn als volgt:
In miljoenen euros Materiële vaste
activa
Financiële
vaste activa
Personeels-
beloningen
Opruimings-
kosten en
saneringen
Totaal
Stand per 1 januari 2020 164,8 11,5 20,7 19,7 175,3
Realisatie tijdelijke
verschillen in winst-en-
verliesrekening
5,2 0,2 0,4 1,1 5,7
Realisatie tijdelijke
verschillen in Eigen
Vermogen
- - 1,9 - 1,9
Effect van aanpassing
belastingtarieven in winst-
en-verliesrekening
- - - - -
Effect van aanpassing
belastingtarieven in Eigen
Vermogen
- - - - -
Stand per 31 december
2020
170,0 11,3 23,0 20,8 179,1
Van de uitgestelde belastingverplichting heeft ultimo 2020 een bedrag van €179,1 miljoen (ultimo 2019:
€175,3 miljoen) een looptijd van meer dan één jaar.
De mutaties in de uitgestelde belastingverplichtingen in 2019 zijn als volgt:
In miljoenen euros Materiële vaste
activa
Financiële
vaste activa
Personeels-
beloningen
Opruimings-
kosten en
saneringen
Totaal
Stand per 1 januari 2019 161,0 6,5 16,2 18,6 169,9
Realisatie tijdelijke
verschillen in winst-en-
verliesrekening
4,0 5,0 0,2 1,1 9,9
Realisatie tijdelijke
verschillen in Eigen
Vermogen
- - 4,3 - 4,3
Effect van aanpassing
belastingtarieven in winst-
en-verliesrekening
0,2 - - - 0,2
Effect van aanpassing
belastingtarieven in Eigen
Vermogen
- - - - -
Stand per 31 december
2019
164,8 11,5 20,7 19,7 175,3
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
180
20. Personeelsbeloningen
De in de balans opgenomen verplichting uit hoofde van personeelsbeloningen betaalbaar op termijn
kan als volgt worden gespecificeerd:
In miljoenen euro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Pensioenverplichtingen Gasunie Deutschland 116,8 108,5
Jubileumuitkeringen 10,4 9,5
Secundaire arbeidsvoorwaarden na pensionering 0,4 0,6
Totaal personeelsbeloningen
127,6 118,6
Voorzieningen pensioenverplichtingen Gasunie Deutschland
De voorziening voor pensioenverplichtingen heeft alleen betrekking op de pensioenregeling van de
werknemers die ór 2012 in dienst zijn getreden bij Gasunie Deutschland. Deze regeling wordt
behandeld als een toegezegd-pensioenregeling. Voor de overige werknemers in Nederland en Duitsland
is de pensioenregeling geclassificeerd als een toegezegde-bijdrage regeling. Voor de toegezegde-
bijdrageregelingen is geen pensioenverplichting in de balans opgenomen. De stijging van de
pensioenverplichting in 2020 wordt voornamelijk verklaard door een daling van de disconteringsvoet.
De pensioenverplichting per ultimo boekjaar is samengevat in onderstaand meerjarenoverzicht:
In miljoenen euro's 31 dec.
2020
31 dec.
2019
31 dec.
2018
31 dec.
2017
31 dec.
2016
Contante waarde toegekende pensioenaanspraken 116,8 108,5 91,8 88,1 85,5
Pensioenvoorziening 116,8 108,5 91,8 88,1 85,5
Ervaringsaanpassingen verplichtingen van de
regeling
2,2 0,1 1,3 1,4 2,4
De gewogen gemiddelde looptijd van de pensioenverplichtingen bedraagt ultimo 2020 ca. 21jaar (ultimo
2019: ca. 20jaar). De aannames die ten grondslag liggen aan de berekening van de
pensioenverplichtingen zijn als volgt:
31 dec. 2020 31 dec. 2019
Disconteringsvoet 0,8% 1,1%
Verwachte toekomstige salarisverhogingen 2,7% 2,7%
Verwachte toekomstige pensioenverhogingen 1,7% 1,7%
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
181
Het verloop van de contante waarde van de pensioenverplichting is als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Stand per 1 januari 108,5 91,8
Toename toegekende pensioenaanspraken 2,6 2,1
Oprenting 1,2 1,7
Actuarieel resultaat en ervaringsaanpassingen 6,2 14,5
Betaalde pensioenuitkeringen 1,7 1,6
Stand per 31 december
116,8 108,5
De actuariële resultaten zijn als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Aanpassing in actuariële financiële veronderstellingen 8,4 14,6
Ervaringsaanpassingen 2,2 0,1
Totaal actuarieel resultaat op pensioenaanspraken
6,2 14,5
Het totaal van rechtstreeks in het totaalresultaat verwerkte actuariële resultaten over 2020 bedraagt
€6,2 miljoen nadelig (2019: 14,5 miljoen nadelig).
Het cumulatieve saldo van de actuariële resultaten, voor aftrek van uitgestelde belastingen, bedraagt
ultimo 2020 €47,2 miljoen nadelig (ultimo 2019: €41,0 miljoen nadelig). De actuariële resultaten zijn in
het totaalresultaat verwerkt.
De gevoeligheid van de berekening van de voorziening voor pensioenverplichtingen is als volgt:
Indien de disconteringsvoet wijzigt met 0,1%-punt, dan leidt dit indicatief (en onder overige
gelijkblijvende omstandigheden) tot een wijziging in de contante waarde van de toegekende
pensioenaanspraken en een wijziging in het totaalresultaat van 2,4 miljoen (2019:2,2 miljoen);
Indien de verwachte toekomstige salarisverhoging wijzigt met 0,1%-punt, dan leidt dit indicatief
(en onder overige gelijkblijvende omstandigheden) tot een wijziging in de contante waarde van de
toegekende pensioenaanspraken en een wijziging in het totaalresultaat van 0,5 miljoen (2019:
€0,5 miljoen);
Indien de verwachte toekomstige pensioenverhoging wijzigt met 0,1%-punt, dan leidt dit indicatief
(en onder overige gelijkblijvende omstandigheden) tot een wijziging in de contante waarde van de
toegekende pensioenaanspraken en een wijziging in het totaalresultaat van 1,8 miljoen (2019:1,7
miljoen).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
182
De totale pensioenlasten uit hoofde van de toegezegd-pensioenregeling in de winst-en-verliesrekening
bestaan uit:
In miljoenen euro's 2020 2019
Toename toegekende pensioenaanspraken 2,6 2,1
Oprenting 1,2 1,7
Totaal pensioenlasten
3,8 3,8
Voorziening voor jubileumuitkeringen
De voorziening heeft betrekking op de jubileumuitkeringen die Gasunie uitkeert aan haar werknemers
bij dienstjubilea. De mutaties in deze voorziening zijn als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Stand per 1 januari 9,5 7,6
Toevoegingen ten laste van de winst-en-verliesrekening 1,0 2,2
Onttrekkingen uit de voorziening 0,2 0,3
Vrijval ten gunste van de winst-en-verliesrekening - -
Stand per 31 december
10,3 9,5
De toename van de voorziening houdt vrijwel volledig verband met een lagere disconteringsvoet. De
voorziening heeft grotendeels een langlopend karakter.
Voorziening voor kosten van de secundaire arbeidsvoorwaarden na pensionering
voor post-actieve en gepensioneerde werknemers
De voorziening heeft betrekking op bepaalde vergoedingen die Gasunie verstrekt aan haar werknemers
na hun pensionering. De mutaties in deze voorziening zijn als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Stand per 1 januari 0,4 6,1
Toevoegingen ten laste van de winst-en-verliesrekening 0,1 -
Onttrekkingen uit de voorziening 0,1 5,7
Vrijval ten gunste van de winst-en-verliesrekening - -
Stand per 31 december
0,4 0,4
De voorziening heeft grotendeels een langlopend karakter.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
183
21. Overige voorzieningen
De overige voorzieningen bestaan volledig uit de voorziening voor bepaalde opruimingskosten en
saneringen.
Voorziening voor opruimingskosten en saneringen
De voorziening voor opruimingskosten en saneringen is in 2010 gevormd naar aanleiding van besluiten
van de vennootschap om specifieke activa buitengebruik te stellen of te verwijderen. Wet- en
regelgeving en vergunningen, onder meer op het gebied van milieu en ruimtelijke ordening, vereist in
die voorkomende gevallen dat sanering plaatsvindt.
De voorziening heeft betrekking op saneringen van buiten bedrijf gestelde leidingen. Het
saneringsprogramma omvat tevens reeds ontkoppelde leidingen en in het verleden van derden
overgenomen leidingen waarvoor GTS thans verantwoordelijk is. Het saneringsprogramma heeft een
meerjarig karakter.
Een voorziening voor opruimingskosten voor het gastransportnet als geheel op langere termijn wordt
niet opgenomen, omdat het thans niet aannemelijk wordt geacht dat het integraal opruimen van
transportleidingen en toebehoren aan de orde zal komen. Verwacht wordt dat in het kader van de
energietransitie de opbrengsten van een alternatieve aanwending (op termijn) verminderd met de
kosten van conservering zullen opwegen tegen de (maatschappelijke) kosten van het opruimen.
De mutaties in de voorziening zijn als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Stand per 1 januari 35,1 50,1
Oprenting ten laste van de winst-en-verliesrekening 0,6 0,8
Onttrekkingen uit de voorziening 5,5 7,1
Vrijval ten gunste van van de winst-en-verliesrekening - 8,7
Stand per 31 december
30,2 35,1
Het kortlopend deel van de voorziening voor opruimingskosten en saneringen bedraagt ultimo 2020
€6,6 miljoen (ultimo 2019: €7,4 miljoen). Dit bedrag is niet afzonderlijk vermeld onder de kortlopende
schulden. De disconteringsvoet bedraagt 1,0% (2019: 1,0%).
22. Kortlopende financieringsverplichtingen
De kortlopende financieringsverplichtingen zijn als volgt:
In miljoenen euros 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Aflossingsverplichtingen op langlopende leningen 733,2 21,4
Kortlopende leningen 225,0 395,0
Totaal kortlopende financieringsverplichtingen
958,2 416,4
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
184
Nadere informatie over de langlopende rentedragende leningen is opgenomen in noot16
‘Rentedragende leningen.
Gasunie heeft ultimo 2020 voor €225,0 miljoen (ultimo 2019: €395,0 miljoen) aan kortlopende
rentedragende leningen opgenomen tegen marktconforme voorwaarden. Het betreft opgenomen
deposito’s en uitgegeven commercial paper met looptijden korter dan één jaar.
23. Handels- en overige schulden
De specificatie van de handels- en overige schulden is als volgt:
In miljoenen euro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Handelsschulden 17,8 27,0
Overige belastingen en premies sociale verzekeringen 7,0 6,0
Overige schulden en overlopende passiva 203,4 173,3
Totaal handels- en overige schulden
228,2 206,3
De overige belastingen en premies sociale verzekeringen bestaan met name uit te betalen
omzetbelasting, premies sociale verzekeringen en te betalen loonheffing.
De overige schulden en overlopende passiva bestaan met name uit opgelopen rente op leningen, te
ontvangen facturen, nog te activeren (vooruitontvangen) investeringssubsidies en ontvangen security
deposits. De ontvangen security deposits betreffen gestelde zekerheden die door klanten aan de
vennootschap zijn verstrekt ter afdekking van het debiteurenrisico. Over de security deposits wordt een
marktconforme rente berekend.
De handels- en overige schulden zijn behoudens de ontvangen security deposits niet rentedragend en
hebben een looptijd van korter dan één jaar.
24. Financiële instrumenten
Algemeen
De belangrijkste financle risico’s waaraan Gasunie onderhevig is, zijn het marktrisico (bestaande uit
renterisico en valutarisico), het kredietrisico en het liquiditeitsrisico. Gasunie past financieel
risicomanagement toe met als doel deze risico’s te beperken door middel van operationele en financiële
maatregelen. Afhankelijk van de aard en omvang van de risico’s worden daartoe zo nodig specifieke
afdekkingsinstrumenten ingezet.
Binnen Gasunie is de afdeling Treasury verantwoordelijk voor het uitvoeren van het financiële
risicomanagement op groepsniveau. Het kredietrisico inzake operationele transacties (welke leiden tot
onder meer handels- en overige vorderingen) wordt in beginsel bewaakt door de business units. Het
management wordt periodiek geïnformeerd over de aard en omvang van de risico’s en de getroffen
maatregelen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
185
Gasunie kan gebruik maken van afgeleide financiële instrumenten voor het beheersen van rente- en
valutarisicos die voortvloeien uit de gewone bedrijfsuitoefening. Het risicobeleid met betrekking tot
renterisico’s is erop gericht om de effecten van de renteschommelingen op het resultaat te beperken.
Het risicobeleid met betrekking tot valutarisico’s is erop gericht om de effecten van de
valutakoerswijzigingen op het resultaat te beperken. Afgeleide financiële instrumenten worden
uitsluitend ingezet voor afdekking van risico’s en niet voor handels- of andere doeleinden.
Voor de valuta- en renterisico’s is een gevoeligheidsanalyse opgenomen die de financiële effecten van
redelijke, hypothetische, veranderingen in de relevante risicovariabelen laat zien op het resultaat en op
het eigen vermogen. De effecten worden bepaald door de hypothetische veranderingen in de
risicovariabelen te relateren aan de balanswaarde van de financiële instrumenten op de verslagdatum.
Hierbij wordt verondersteld dat de balanswaarde op verslagdatum een representatieve weergave is voor
de resterende looptijd van het financiële instrument.
Renterisico
Het door de vennootschap gelopen renterisico betreft het risico dat toekomstige uitgaande
rentekasstromen zullen toenemen door veranderingen in de marktrente van rentedragende leningen
met een variabele rente en van opgenomen deposito’s en uitgegeven commercial paper met looptijden
korter dan één jaar. Het renterisico over deze instrumenten, voor zover gehouden door de
vennootschap zelf of door haar 100% groepsmaatschappijen, is niet afgedekt. Daarnaast loopt de
vennootschap een renterisico in de periode tussen het besluit tot en de realisatie van de uitgifte of
herfinanciering van langlopende leningen met een vaste rente. Gasunie acht het renterisico beperkt,
omdat ultimo 2020 alle langlopende leningen zijn aangegaan tegen een vaste rente.
De vennootschap heeft op ieder moment gedurende het jaar gemiddeld genomen tussen de €200
miljoen en 400 miljoen aan kortlopende financieringen uitstaan, die zijn opgenomen tegen een
variabele rente. Bij een rentewijziging van 1%-punt wijzigen de financiële baten en lasten per jaar met
ongeveer2,0 tot €4,0 miljoen. Het renterisico op deze leningen is gezien de beperkte omvang niet
afgedekt.
Valutarisico
Valutarisico’s ontstaan indien financiële instrumenten zijn aangegaan in een valuta die ongelijk is aan
de functionele valuta. Het valutarisico dat de vennootschap loopt, betreft het risico dat toekomstige
kasstromen, waaronder vorderingen en schulden, fluctueren als gevolg van veranderingen in de
valutakoersen.
In het kader van de normale bedrijfsactiviteiten is het valutarisico beperkt, omdat de meeste
transacties plaatsvinden in euro’s. Slechts voor een beperkt aantal transacties geldt dat deze
plaatsvinden in valuta anders dan de euro. Voor een aantal van deze transacties beoogt Gasunie het
valutarisico te beperken of te neutraliserendoor de inzet van specifieke afdekkingsinstrumenten, zoals
valutatermijncontracten. Valutarisico's worden afgedekt indien er in voldoende mate zekerheid bestaat
over de omvang en het tijdstip van de kasstromen in vreemde valuta. Dit doet zich onder meer voor bij
de afdekking van het valutarisico op transacties in Zwitserse franken.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
186
Ultimo 2020 was voor (omgerekend) €5,7 miljoen aan transacties in Zwitserse franken afgedekt (ultimo
2019:10,7 miljoen). Deze afdekking ziet volledig toe op de periodieke teruggave bronbelasting
samenhangend met de dividenduitkeringen door de deelneming Nord Stream (gevestigd te
Zwitserland) aan Gasunie. De openstaande belastingteruggaven zijn volledig afgedekt, waarmee het
valutarisico volledig is gemitigeerd. Om die reden zijn de posities in Zwitserse franken niet in de
onderstaande gevoeligheidsanalyse opgenomen.
In de gevoeligheidsanalyse voor de overige vreemde valuta waarvoor geen hedging wordt toegepast, is
rekening gehouden met de bandbreedte waarbinnen zich koersbewegingen hebben voorgedaan. Deze
bandbreedtes worden intern ook gehanteerd voor potentiële risico’s. Er zijn ultimo 2020 geen andere
vreemde valutaposities van significante omvang anders dan vermeld in de onderstaande tabel. De
positie in GBP ultimo 2020 betreft het saldo op een bankrekening in Britse ponden (ultimo 2019: idem).
In miljoenen euro's Positie in euro's Stijging / daling
koers
Effect op resultaat
voor belasting
Effect op eigen
vermogen
2020
Euro/GBP 5,5 +/- 30% 1,6 1,2
2019
Euro/GBP 5,8 +/- 30% 1,7 1,3
Kredietrisico
Het kredietrisico bestaat uit het verlies dat zou ontstaan indien tegenpartijen volledig of gedeeltelijk in
gebreke zouden blijven en hun contractuele verplichtingen niet na zouden komen. De vennootschap
loopt op balansdatum geen belangrijk kredietrisico ten aanzien van een enkele individuele afnemer of
tegenpartij (ultimo 2019: idem).
Bij toepassing van (afgeleide) financiële instrumenten hanteert de vennootschap ter beperking van het
kredietrisico strikte limieten per tegenpartij. Hierdoor wordt de hoogte van het risico dat op
betreffende tegenpartij wordt gelopen, beperkt. De vennootschap heeft selectiecriteria opgesteld ten
aanzien van tegenpartijen in financiële transacties. Deze criteria beperken het risico verbonden aan
mogelijke kredietconcentraties en marktrisico’s.
Om het kredietrisico op handels- en overige vorderingen te beperken, vraagt Gasunie in voorkomende
gevallen om garantiestellingen van haar klanten en andere partijen waarmee transacties plaatsvinden.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
187
Gasunie heeft de volgende garantiestellingen ontvangen van derden:
In miljoenen euro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Aantal Waarde Aantal Waarde
Security Deposits 89 34,9 115 40,3
Bankgaranties 62 94,1 70 198,1
Parent Company Guarantees 31 385,7 28 358,7
Letters of Awareness 6 108,4 10 191,1
Surety Agreements 10 32,0 12 20,1
Totaal ontvangen
garantiestellingen
198 655,1 235 808,3
De ontvangen zekerheden zijn overwegend gesteld uit hoofde van gastransportovereenkomsten. De
security deposits worden in geld aangehouden en zijn rentedragend. Over de security deposits wordt
een marktconforme rente berekend.
Voorts zijn garanties ontvangen die betrekking hebben op zekerstellingen van aannemers die zijn
betrokken bij nieuwbouwactiviteiten.De letters of awareness betreffen met name garanties die zijn
ontvangen van de moedermaatschappij of de aandeelhouder van de klanten die het betreft, waarbij de
garantie van rechtswege ongelimiteerd is. Voor de kwantificering van de waarde van deze garanties is
uitgegaan van een interne kredietwaardigheidsanalyse en de aansluitend door Gasunie bepaalde
maximale toegestane open positie van de betreffende klanten.
De looptijd van de ontvangen garantiestelling is over het algemeen kort van aard (een tot drie jaar),
maar enkele garanties kennen een looptijd van meer dan vijf jaar. De garantiestellingen zijn niet vrij
overdraagbaar.
Liquiditeitsrisico
Het liquiditeitsrisico betreft het risico dat de vennootschap over onvoldoende liquide middelen beschikt
om aan de direct opeisbare verplichtingen te voldoen. Voor de kwantificering van het liquiditeitsrisico
werkt Gasunie met een meerjarenplanning voor de kapitaalslasten en de investeringen en een
liquiditeitsprognose met een horizon van minimaal een jaar voor de operationele uitgaven. Ten
aanzien van de op balansdatum aangehouden afdekkingsinstrumenten gelden geen verplichtingen om
onderpand te storten indien de reële waarde van deze instrumenten negatief is.
Het beleid van Gasunie is het reduceren van het liquiditeitsrisico tegen zo laag mogelijke kosten. De
mogelijkheden tot reduceren van dit risico hangen mede samen met de solvabiliteit van de
vennootschap. Gasunie is een solvabele vennootschap en kan daardoor relatief eenvoudig
kredietfaciliteiten aantrekken. Gasunie’s lange termijn kredietwaardigheid volgens Standard & Poor’s is
AA- met een stabiel vooruitzicht. De korte termijn rating is A-1+. Bij Moody’s Investors Service is de
lange termijn kredietwaardigheid A1 met een stabiel vooruitzicht en is de korte termijn rating P-1.
Gasunie streeft naar een conservatief financieel profiel, dat haar in staat stelt om haar strategie te
realiseren en die gelijktijdig leidt tot een adequate credit rating, welke aansluit bij de signatuur van de
vennootschap en het beleid van de aandeelhouder.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
188
Om het liquiditeitsrisico af te dekken heeft de vennootschap ultimo 2020 een niet-gecommitteerde
rekening- courant faciliteit van 45 miljoen (ultimo 2019: €45 miljoen), een gecommitteerde
kredietfaciliteit van €600 miljoen (ultimo 2019:680 miljoen) en een Euro Commercial Paper (ECP)
programma ter grootte van €750 miljoen (ultimo 2019:750 miljoen) en een European Medium Term
Note (EMTN) programma ter grootte van 7,5 miljard (ultimo 2019:7,5 miljard). De gecommitteerde
kredietfaciliteit is op 16april 2020 vernieuwd voor een periode van vijf jaar en kan twee keer met een
jaar worden verlengd. Op de gecommitteerde kredietfaciliteit is niet getrokken in het afgelopen
boekjaar. Wel heeft Gasunie als onderdeel van de normale bedrijfsuitoefening regelmatig kortlopende
leningen op de geldmarkt aangetrokken in de vorm van deposito leningen en schuldpapier onder het
ECP. Binnen het EMTN programma is ultimo 2020 €2,6 miljard (ultimo 2019:2,6 miljard) aan leningen
geplaatst. Het EMTN programma wordt regelmatig geactualiseerd.
Begin 2020 heeft Gasunie overeenstemming bereikt met de EIB over het beschikbaar stellen van een
langlopende lening voor de bouw van de stikstofinstallatie in Zuidbroek. De EIB stelt hiervoor een lening
van 240 miljoen ter beschikking. Ultimo 2020 is deze lening nog niet opgenomen. De verschuldigde
rentevergoeding vastgesteld wordt vastgesteld op het moment dat Gasunie de lening opneemt.
Overzicht toekomstige kasstromen
Het overzicht van de vervaltermijnen van toekomstige kasstromen ter zake van langlopende en
kortlopende financiële verplichtingen uitstaand op de balansdatum is als volgt:
In miljoenen euro's Totaal Direct
opeisbaar
< 1 jaar 1-5 jaar > 5 jaar
2020
Langlopende schulden
- rentedragende leningen 2.369,2 - - 919,2 1.450,0
- leaseverplichtingen 100,0 - 7,5 21,7 70,8
Kortlopende schulden
- kortlopende
financieringsverplichtingen
958,2 - 958,2 - -
- handels- en overige
schulden
17,8 17,4 0,4 - -
- belastingverplichtingen 7,0 - 7,0 - -
- overige schulden en
overlopende passiva
203,3 27,1 176,2 - -
Rentebetalingen op
verplichtingen
183,3 - 58,9 97,3 27,1
Totaal voor boekjaar 2020
3.838,8 44,5 1.208,2 1.038,2 1.547,9
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
189
Het overzicht van de vervaltermijnen van toekomstige kasstromen ter zake van langlopende en
kortlopende financiële verplichtingen in 2019 is als volgt:
In miljoenen euro's Totaal Direct
opeisbaar
< 1 jaar 1-5 jaar > 5 jaar
2019
Langlopende schulden
- rentedragende leningen 3.102,4 - - 1.527,4 1.575,0
- leaseverplichtingen 97,0 - 6,8 19,3 70,9
Kortlopende schulden
- kortlopende
financieringsverplichtingen
416,4 - 416,4 - -
- handels- en overige
schulden
27,0 24,6 2,4 - -
- belastingverplichtingen 6,0 - 6,0 - -
- overige schulden en
overlopende passiva
158,3 26,1 132,2 - -
Rentebetalingen op
verplichtingen
256,9 - 73,5 141,5 41,9
Totaal voor boekjaar 2019
4.064,0 50,7 637,3 1.688,2 1.687,8
Reële waarde
In deze jaarrekening zijn diverse financiële instrumenten opgenomen die zijn gewaardeerd op de rle
waarde of waarvoor de reële waarde kan afwijken van de boekwaarde op basis van de geamortiseerde
kostprijs. Het betreft:
De wijze van reële waarde bepaling is beschreven onder het hoofd ‘Bepaling van de reële waarde’ in de
grondslagen voor de waardering en de resultaatbepaling.
Overige deelnemingen
Rentedragende leningen
Overige primaire financiële instrumenten
Overige deelnemingen
De waarde ultimo 2020 van de in de balans op rle waarde gewaardeerde overige deelnemingen
bedraagt €509,3 miljoen (ultimo 2019: €515,1 miljoen). Het betreft een rle waarde bepaling volgens
niveau3 (ultimo 2019: niveau3). Voor meer informatie wordt verwezen naar noot9 ‘Overige
deelnemingen van de toelichting op de geconsolideerde jaarrekening.
Rentedragende leningen
De rentedragende leningen betreffen obligatieleningen met een notering aan Euronext te Amsterdam
alsmede onderhandse leningen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
190
De rle waarde van de beursgenoteerde obligaties is gelijk aan de slotkoers per balansdatum. Dit
betreft een rle waarde bepaling volgens niveau1 (ultimo 2019: niveau1). De rle waarde van de
onderhandse leningen is berekend door verwachte toekomstige kasstromen contant te maken tegen
een disconteringsvoet die gelijk is aan de geldende risicovrije marktrente voor de resterende looptijd,
vermeerderd met krediet- en liquiditeitsopslagen. Hierbij is rekening gehouden met het eigen
risicoprofiel. Dit betreft een rle waarde bepaling volgens niveau3 (ultimo 2019: niveau3).
De boekwaarde en de reële waarde van de rentedragende leningen per 31december 2020 is als volgt:
In miljoeneneuro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Boekwaarde Reële
waarde
Verschil Boekwaarde Reële
waarde
Verschil
Obligatieleningen 2.543,3 2.669,8 126,5 2.541,9 2.679,8 137,9
Onderhandse leningen 550,0 631,3 81,3 571,4 669,6 98,2
Totaal rentedragende
leningen
3.093,3 3.301,1 207,8 3.113,3 3.349,4 236,1
Overige primaire financiële instrumenten
De overige primaire financiële instrumenten bestaan uit handels- en overige vorderingen, liquide
middelen, kortlopende financieringsverplichtingen (exclusief de kortlopende aflossingsverplichtingen
op langlopende leningen) en handels- en overige schulden.
Voor deze instrumenten benadert de boekwaarde de reële waarde gegeven de korte looptijd van deze
instrumenten.
25. Niet in de balans opgenomen verplichtingen
Investeringsverplichtingen
Ultimo 2020 is Gasunie voorwaardelijke investeringsverplichtingen aangegaan ter hoogte van
€205,2miljoen (ultimo 2019: €395,0 miljoen). De verplichtingen houden met name verband met de
ontwikkeling van een nieuwe stikstoffabriek, de realisatie van fase2 van de EUGAL pijpleiding en de
reguliere vervangingsinvesteringen.
Verstrekte garantiestellingen
Gasunie heeft (indirect) de volgende garantiestellingen afgegeven aan derden:
In miljoenen euro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Aantal Waarde Aantal Waarde
Bankgaranties 4 0,4 5 0,9
Parent Company Guarantees 11 92,5 10 95,5
Surety agreements - - 2 4,5
Overig 1 0,8 2 5,8
Totaal verstrekte
garantiestellingen
16 93,7 19 106,7
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
191
De verstrekte zekerheden omvatten hoofdzakelijk zekerheden en garanties versterkt aan klanten en
aan enkele crediteuren of overige belanghebbenden. De garantiestellingen zijn niet vrij overdraagbaar.
De looptijd van de verstrekte zekerheden bedraagt 5 tot 10jaar.
De voornaamste garanties zijn afgegeven ten behoeve van de joint venture Gate terminal. Gasunie
heeft zich ultimo 2020 namens Gate terminal garant gesteld voor de toekomstig te betalen pacht aan
het Havenbedrijf Rotterdam ter grootte van 24,5 miljoen (ultimo 2019: €28,0 miljoen). De
garantiestelling ten behoeve van het Havenbedrijf Rotterdam eindigt ultimo 2027. Voorts zijn door
Gasunie garanties verstrekt aan bepaalde klanten van Gate terminal ter hoogte van €22,5 miljoen
(ultimo 2019: €22,5 miljoen).
Meerjarige verplichtingen
De meerjarige verplichtingen zijn als volgt:
Looptijd Contractwaarde
In miljoenen euro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
0 1 jaar 66,1 57,3
1 5 jaar 67,3 76,1
> 5 jaar 63,9 72,8
Totaal meerjarige verplichtingen
197,3 206,2
De meerjarige verplichtingen hebben voornamelijk betrekking op de inkoop van
stikstofproductiecapaciteit, elektriciteit en ICT-diensten.
Hoofdelijke aansprakelijkheid fiscale eenheid
Gasunie vormt samen met haar Nederlandse 100% groepsmaatschappijen een fiscale eenheid voor de
heffing van vennootschapsbelasting en omzetbelasting. Op grond van de Invorderingswet is de
vennootschap hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden inzake de vennootschapsbelasting en
omzetbelasting van alle bij de fiscale eenheid betrokken vennootschappen. In Duitsland geldt een
soortgelijk aansprakelijkheidsregime voor de Duitse fiscale eenheid.
Hoofdelijke aansprakelijkheid persoonsvennootschappen
Gasunie heeft indirect een aantal samenwerkingsverbanden in de vorm van persoonsvennootschappen
(zonder rechtspersoonlijkheid). Daarnaast is de vennootschap indirect beherend vennoot in een aantal
commanditaire vennootschappen. De groepsmaatschappij die de boven de betreffende vennootschap
zonder rechtspersoonlijkheid staat, en ook de beherende vennoten, zijn hoofdelijk aansprakelijk voor
de verplichtingen die deze persoonsvennootschappen zijn aangegaan.
26. Netto-omzet
De omzet nam met 7,4% toe ten opzichte van het vorige boekjaar (2019: toename van 2,2%). De stijging
van de omzet is overwegend te verklaren door de ingebruikname van de eerste leiding van het EUGAL
pijpleidingproject alsmede door veranderende gasstromen in Duitsland. Dit resulteerde in een grotere
vraag naar transportcapaciteit bij Gasunie Deutschland, hetgeen tevens de toename van de omzet
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
192
buiten Nederland en de toename van de omzet uit hoofde van gereguleerde diensten grotendeels
verklaart. De stijging van de omzet in Nederland is overwegend te verklaren door hogere
gastransporttarieven voor 2020, hoewel deze stijging deels werd gedempt door een lichte daling in de
capaciteitsreserveringen ten opzichte van 2019.
Informatie over operationele activiteiten
De vennootschap categoriseert haar opbrengsten naar de manier waarop economische factoren de
aard, omvang, timing, en onzekerheid van de kasstromen beïnvloeden. In het geval van Gasunie zijn
twee categorieën te onderscheiden. De eerste omzetstroom betreft de omzet uit hoofde van de
gereguleerde transport- en aanverwante diensten, zoals gegenereerd door Gasunie Transport Services
en Gasunie Deutschland. Voor deze omzetstroom stellen de Nederlandse en Duitse toezichthouders
voor een meerjarige periode de toegestane inkomsten vast.
De tweede omzetstroom betreft de niet-gereguleerde en/of van regulering vrijgestelde diensten. Bij
deze diensten worden de inkomsten bepaald door de markt op basis van vraag en aanbod en is over het
algemeen sprake van een hogere volatiliteit in omzet ten opzichte van de gereguleerde diensten. De
omzet uit hoofde van de niet-gereguleerde en/of van regulering vrijgestelde diensten wordt vrijwel
volledig gegenereerd door het segment Participations.
De omzet per operationele activiteit is als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Omzetgereguleerde diensten 1.222,8 1.139,9
Niet-gereguleerde en/of van regulering vrijgestelde diensten 149,4 138,3
Totaal netto-omzet
1.372,2 1.278,2
Informatie over producten en diensten
De omzet kan worden verdeeld in omzet uit hoofde van gastransport en aanverwante diensten en
overige activiteiten. Onder gastransport en aanverwante diensten zijn zowel de omzet uit hoofde van
gereguleerd gastransport als uit hoofde van niet-gereguleerd en/of van regulering vrijgesteld
gastransport opgenomen. Onder overige activiteiten is mede begrepen de omzet uit hoofde van
gasopslag.
De onderverdeling is als volgt:
In miljoenen euro's Netto-omzet
2020 2019
Gastransport en aanverwante diensten 1.279,9 1.188,3
Overige activiteiten 92,3 89,9
Totaal netto-omzet
1.372,2 1.278,2
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
193
Geografische informatie
De omzet per geografisch gebied wordt bepaald op basis van het gebied waar de activiteiten
plaatsvinden (binnen Nederland of daarbuiten). De onderverdeling van de omzet naar geografisch
gebied is als volgt:
In miljoenen euro's Netto-omzet
2020 2019
Nederland 1.006,7 984,9
Buiten Nederland 365,5 293,3
Totaal netto-omzet
1.372,2 1.278,2
Belangrijke cliënten
De vennootschap realiseerde in 2020 bij één client meer dan 10% van haar externe opbrengsten ter zake
van gastransport en aanverwante diensten (2019: idem). Ultimo 2020 was geen sprake van
betaalachterstanden door deze cliënt (ultimo 2019: idem). Voor een nadere toelichting op het
kredietrisico wordt verwezen naar noot24 ‘Financiële instrumenten’.
27. Personeelskosten
De specificatie van de personeelskosten is als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Salarissen 145,5 136,6
Sociale lasten 16,4 16,6
Pensioenkosten 29,0 28,6
Totaal personeelskosten
190,9 181,8
De stijging in de personeelskosten kan mede verklaard worden door een dotatie aan een kortlopende
reorganisatievoorziening ter hoogte van 4,7miljoen.
De kosten van de toegezegde-bijdrageregelingen die verantwoord zijn in de winst-en-verliesrekening,
bedragen €24,9 miljoen (2019:24,5 miljoen). Voor de kosten van de toegezegd-pensioenregeling en
het deel van de kosten dat rechtstreeks wordt verwerkt in het totaalresultaat, wordt verwezen naar
noot20 ‘Personeelsbeloningen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
194
Bezoldiging van bestuurders en commissarissen van de vennootschap
De bezoldiging van de bestuurders van de vennootschap over 2020 is als volgt:
In euro's Salaris Variabele
beloning
Vaste en
variabele
beloning
Beloning
betaalbaar op
termijn
Sociale lasten Overige
emolumenten
Totaal
2020
Raad van Bestuur
Dhr. J.J. Fennema,
voorzitter
327.271 55.636 382.907 76.817 7.995 24.194 491.913
Mevr. J. Hermes 232.546 40.448 272.994 55.125 7.995 372 336.486
Dhr. U. Vermeulen 261.806 44.507 306.313 61.825 7.995 26.717 402.850
Dhr. B.J. Hoevers 261.806 44.507 306.313 61.825 7.995 14.375 390.508
Totaal voor boekjaar
2020
1.083.429 185.098 1.268.527 255.592 31.980 65.658 1.621.757
De bezoldiging van de bestuurders van de vennootschap over 2019 is als volgt:
In euro's Salaris Variabele
beloning
Vaste en
variabele
beloning
Beloning
betaalbaar op
termijn
Sociale lasten Overige
emolumenten
Totaal
2019
Raad van Bestuur
Dhr. J.J. Fennema,
voorzitter
317.584 60.341 377.925 74.556 9.921 23.477 485.879
Dhr. I.M. Oudejans * 219.797 26.376 246.173 51.705 7.441 16.426 321.745
Mevr. J. Hermes ** 52.500 9.975 62.475 12.480 2.480 974 76.461
Dhr. U. Vermeulen 254.057 48.271 302.328 60.008 9.921 25.926 398.183
Dhr. B.J. Hoevers 254.057 48.271 302.328 60.008 9.921 3.061 375.318
Totaal voor boekjaar
2019
1.097.995 193.234 1.291.229 258.757 39.684 67.916 1.657.586
* Tot 30 september. ** Vanaf 1 oktober.
Bovengenoemde variabele beloningen zijn gebaseerd op het bereiken van de afgesproken doelstellingen
gedurende het verslagjaar. Zij bestaan uit collectieve Gasunie-doelstellingen en uit lange termijn
strategische doelstellingen, zoals verwoord in het jaarverslag onderRemuneratiebeleid Raad van
Bestuur’. De collectieve Gasunie-doelstellingen hebben betrekking op te behalen financiële- en
operationele resultaten over 2020.
De pensioenregeling voor de leden van de Raad van Bestuur is gelijk aan die voor andere medewerkers
van Gasunie in Nederland.
De vergoedingen begrepen onder de post ‘Overige emolumenten’ zijn de uitkeringen van het
flexibiliseringsbudget.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
195
De bezoldiging van de commissarissen van de vennootschap over2020 is als volgt:
In euro's RvC AC BBC Premie Zvw Totaal
2020
Raad van Commissarissen
Dhr. P.J. Duisenberg , voorzitter* 30.606 1.392 1.677 - 33.675
Dhr. D.J. van den Berg 24.492 - 2.236 1.791 28.519
Mevr. M.M. Jonk 22.260 - 2.236 - 24.496
Dhr. W.J.A.H. Schoeber 22.260 5.568 - 1.865 29.693
Dhr. A.S. Visser 22.260 5.568 - - 27.828
Mevr. C. Wielinga 22.260 5.568 - - 27.828
Dhr. R. de Jong ** 7.705 - 516 - 8.221
Totaal voor boekjaar 2020
151.843 18.096 6.665 3.656 180.260
* Voorzitter RvC vanaf 25 maart, uit AC per 1 april, in BBC per 1 april. ** Afgetreden per 25 maart.
De bezoldiging van de commissarissen van de vennootschap over 2019 is als volgt:
In euro's RvC AC BBC Premie Zvw Totaal
2019
Raad van Commissarissen
Dhr. R. de Jong, voorzitter * 32.396 2.700 2.168 - 37.264
Dhr. D.J. van den Berg 23.764 - 2.168 1.802 27.734
Mevr. C. Wielinga ** 15.369 3.101 - - 18.470
Mevr. M.M. Jonk 21.600 - 2.168 - 23.768
Mevr. M.J. Poots-Bijl *** 4.800 1.200 - 417 6.417
Dhr. W.J.A.H. Schoeber 21.600 5.400 - 1.876 28.876
Dhr. A.S. Visser 21.600 5.400 - - 27.000
Dhr. P.J. Duisenberg **** 7.200 1.350 - - 8.550
Totaal voor boekjaar 2019
148.329 19.151 6.504 4.095 178.079
* Uit AC per 23 juli. ** Toegetreden per 15 april. In AC vanaf 4 juni. Voorzitter AC vanaf 23 juli. *** Tot 20 maart. ****
Toegetreden per 1 september. AC vanaf 1 oktober.
De bezoldiging van de leden van de Raad van Commissarissen (RvC) bestaan uit een basisvergoeding en
een aanvullende vergoeding bij deelname in de Audit Commissie (AC) en/of Belonings- &
selectie/benoemingscommissie (BBC). Onder het begrip bezoldiging vallen eveneens de in het kader
van de Zorgverzekeringswet (Zvw) af te dragen premies.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
196
28. Overige kosten
De overige kosten zijn als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten 170,2 160,4
Kosten van netbeheer 149,0 123,3
Overige bedrijfskosten 39,8 34,3
Totaal overige kosten
359,0 318,0
De kosten van netbeheer omvatten met name de inkoop van stikstofproductiecapaciteit, elektriciteit
en gas voor eigen gebruik ten behoeve van het gastransport en de gasopslag. De stijging in de kosten
ten opzichte van 2019 is met name het gevolg van een toegenomen vraag naar conversie, onder meer
gerealiseerd door de uitbreiding van de capaciteit van het mengstation Wieringermeer, en door hogere
prijzen voor de inkoop van energie.
De overige kosten omvatten voorts de toevoegingen aan de voorziening voor incourante voorraden van
€3,5 miljoen (2019: €0,4 miljoen). Verder omvatten de overige kosten in 2020 een toevoeging aan de
voorziening voor dubieuze debiteuren van0,1 miljoen (2019:0,4 miljoen).
29. Financiële baten
De specificatie van de financiële baten is als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Rentebaten en soortgelijke baten 2,8 9,9
Resultaten op vreemde valuta - 0,6
Totaal financiële baten
2,8 10,5
De rentebaten en soortgelijke opbrengsten omvatten onder meer de rente op belastingaanslagen,
(negatieve) rentes op opgenomen deposito’s en uitgegeven commercial paper met looptijden korter dan
één jaar en tevens de rentebaten op ontvangen security deposits (door klanten gestelde zekerheden,
waarbij een negatieve rente van toepassing is).
De daling van de rentebaten en soortgelijke baten in 2020 is vooral te verklaren doordat de rentebaten
in 2019 een eenmalige vrijval van €4,9 miljoen van een rentereservering omvatte.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
197
30. Financiële lasten
De specificatie van de financiële lasten is als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Rentelasten op leningen 75,2 94,9
Rentelasten op leases 1,5 1,6
Overige financieringslasten 3,8 3,4
Totaal rente- en financieringslasten
80,5 99,9
Geactiveerde bouwrente 9,9 8,3
Totaal financiële lasten
70,6 91,6
De rentelasten bestaan uit de rente op de leningen, op de leaseverplichtingen en op de
contractverplichtingen. De daling van de rentelasten op leningen kan met name worden verklaard
doordat in 2019 sprake was van een eenmalige last van ongeveer €15,7 miljoen als gevolg van de
voortijdige gedeeltelijke aflossing van twee obligatieleningen.
Van de rentelasten is in 2020 in totaal €9,9 miljoen geactiveerd (2019:8,3 miljoen) rekening houdend
met een gewogen gemiddelde rentevoet van de langlopende lening portefeuille van 2,4% (2019: 2,5%).
De overige financieringslasten bestaan met name uit rente op contractverplichtingen, geamortiseerde
transactiekosten en disagio op de langlopende leningen alsmede uit overige financieringskosten.
31. Belastingen
De specificatie van de belastinglast is als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Belastinglast over het boekjaar 100,9 80,8
Belastinglast over voorgaande jaren 8,5 31,8
Mutaties in uitgestelde belastingen 161,1 56,0
Totale belastinglast
253,5 105,0
Zowel in 2019 als in 2020 is de totale belastinglast aanzienlijk beïnvloed door de effecten van de
aanpassingen van de tarieven voor de vennootschapsbelasting in Nederland. Voor een nadere
toelichting op de wijziging in het tarief voor de vennootschapsbelasting wordt verwezen naar noot10
‘Uitgestelde belastingvorderingen.Voorts had het terugnemen van een in het verleden verantwoorde
bijzondere waardevermindering gevolgen voor de uitgestelde belastingen. Nadere informatie over het
terugnemen van de in het verleden verantwoorde bijzondere waardevermindering is opgenomen in
noot4 ‘Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
198
De effectieve belastingdruk is als volgt:
In procenten 2020 2019
Toepasselijk belastingtarief Nederland 25,0% 25,0%
Effect van belastingtarieven in andere landen 0,6% 0,1%
Aanpassingen uit voorgaande jaren 0,5% 6,1%
Effect tariefswijziging op de uitgestelde belastingen 6,4% 4,2%
Effect innovatiebox 0,3% 0,4%
Overige verschillen 1,5% 2,3%
Effectief tarief
29,7% 20,3%
De overige verschillen betreffen met name niet-belaste resultaten als gevolg van de toepassing van de
deelnemingsvrijstelling in Nederland en Duitsland.
32. Aantal werknemers
De gemiddelde personeelsbezetting in fulltime-equivalenten bedraagt voor 2020 1.518 (2019: 1.602). De
personeelsbezetting bedraagt ultimo 2020 1.558fulltime-equivalenten (ultimo 2019: 1.482). Gedurende
het jaar is de personeelsbezetting met name toegenomen als gevolg van een toename in de activiteiten
inzake de energietransitie.
33. Verbonden partijen
Transacties in concernverband
De dienstverlening tussen Gasunie en haar groepsmaatschappijen en tussen groepsmaatschappijen
onderling vindt plaats op zakelijke gronden (‘at arm’s length’). Dit geldt ook voor transacties met joint
ventures en geassocieerde en overige deelnemingen.
Transacties met bestuurders en commissarissen
De Raad van Bestuur kwalificeert als verbonden partij, omdat zij zeggenschap of invloed van betekenis
op het financiële of operationele beleid van de vennootschap kunnen uitoefenen. Met de leden van de
Raad van Bestuur hebben geen andere transacties plaatsgevonden dan de transacties ingevolge hun
bezoldiging. Voornoemde geldt ook voor de leden van de Raad van Commissarissen. Voor een
toelichting op de bezoldiging van de bestuurders en commissarissen wordt verwezen naar noot27
‘Personeelskosten’ van de geconsolideerde jaarrekening.
Overige transacties met verbonden partijen
GTS verleent gastransportdiensten aan haar klanten, waaronder GasTerra B.V. De enig aandeelhouder
van de vennootschap, de Staat der Nederlanden, is tevens 50% aandeelhouder van GasTerra. Hierdoor
kan de Staat der Nederlanden, binnen de kaders van haar hoedanigheid als aandeelhouder, invloed van
betekenis uitoefenen op het beleid van beide vennootschappen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
199
De diensten van GTS aan GasTerra worden uitgevoerd in overeenstemming met de bepalingen van de
Gaswet. Ingevolge deze wetgeving is GTS gehouden alle marktpartijen non-discriminatoir te
behandelen en conform aanvraag zaken te doen. De bij GasTerra in rekening gebrachte tarieven zijn
vastgesteld door de Nederlandse toezichthouder (ACM). De ACM werkt onafhankelijk van GTS, GasTerra
en de Staat der Nederlanden.
34. Honoraria externe accountant
De volgende honoraria met betrekking tot de controle van de geconsolideerde en vennootschappelijke
jaarrekening zijn door PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. (PwC Accountants N.V.)ten laste
gebracht van de vennootschap, haar dochtermaatschappijen en andere maatschappijen die zij
consolideert; een en ander zoals bedoeld in artikel 2:382a lid1 en 2BW.
In miljoenen euro's Totaal PwC Waarvan PwC
Accountants
N.V.
2020 2019 2020 2019
Onderzoek van de jaarrekening 0,7 0,7 0,6 0,5
Andere controleopdrachten 0,3 0,3 0,3 0,3
Adviesdiensten op fiscaal terrein - - - -
Andere niet-controlediensten - < 0,1 - < 0,1
Totaal honoraria externe accountant
1,0 1,0 0,9 0,8
35. Gebeurtenissen na de balansdatum
Op 1februari 2021 publiceerde ACM het methodebesluit GTS 2022-2026. De gevolgen van dit besluit voor
de toegestane inkomsten van Gasunie en daarmee voor de waardering van het gastransportnetwerk
zijn opgenomen in noot4 ‘Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen.
Er hebben zich geen andere belangrijke gebeurtenissen voorgedaan tussen de balansdatum en de
datum van deze jaarrekening die aanleiding zouden kunnen geven tot een aanpassing van of het
opnemen van een toelichting in de vennootschappelijke jaarrekening.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
200
12 Vennootschappelijke financle overzichten
Vennootschappelijke balans per 31 december 2020
(vóór resultaatbestemming)
In miljoenen euros Noot 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Activa
Vaste activa
- materiële vaste activa 36 80,4 79,6
- financiële vaste activa 37 9.894,0 9.705,9
Totaal vaste activa
9.974,4 9.785,5
Vlottende activa
- voorraden 42,0 42,0
- handels- en overige vorderingen 25,7 57,5
- vorderingen op groepsmaatschappijen 38 151,3 103,0
- vorderingen op joint ventures 7,7 -
- liquide middelen 11,8 38,0
Totaal vlottende activa
238,5 240,5
Totaal activa
10.212,9 10.026,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
201
In miljoenen euros Noot 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Passiva
Eigen vermogen
- geplaatst kapitaal 39 0,2 0,2
- herwaarderingsreserve 40 1.642,3 1.660,0
- wettelijke reserve 41 336,6 342,2
- overige reserves 42 3.762,2 3.521,0
- onverdeeld resultaat 43 599,7 412,0
Totaal eigen vermogen
6.341,0 5.935,4
Voorzieningen 44 103,3 88,6
Langlopende schulden
- rentedragende leningen 2.360,1 3.092,0
- leaseverplichtingen 74,9 73,6
Totaal voorzieningen en langlopende
schulden
2.538,3 3.254,2
Kortlopende schulden
- kortlopende financieringsverplichtingen 958,2 415,6
- leaseverplichtingen 6,1 6,4
- handels- en overige schulden 45 190,8 169,3
- schulden aan groepsmaatschappijen 46 178,5 245,1
Totaal kortlopende schulden
1.333,6 836,4
Totaal passiva
10.212,9 10.026,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
202
Vennootschappelijke winst-en-verliesrekening over 2020
In miljoenen euros Noot 2020 2019
Voortgezette bedrijfsactiviteiten
Netto-omzet 47 443,8 403,1
Personeelskosten 48 160,8 153,2
Afschrijvingskosten 36 7,3 7,1
Overige kosten 49 302,7 268,9
Totale lasten
470,8
429,2
Bedrijfsresultaat
27,0
26,1
Financiële baten en lasten 50 37,3 22,3
Aandeel in resultaat van deelnemingen 37 608,3 430,4
Resultaat vóór belastingen
618,6
426,6
Belastingen 51 18,9 14,6
Resultaat na belastingen
599,7
412,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
203
13 Toelichting op de vennootschappelijke
financiële overzichten
Toelichting op de vennootschappelijke financiële overzichten
Algemeen
Deze vennootschappelijke jaarrekening en de geconsolideerde jaarrekening vormen samen de
statutaire jaarrekening van de vennootschap. De financiële informatie van de vennootschap is
opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening.
De vennootschappelijke jaarrekening bestaat uit de vennootschappelijke balans en de
vennootschappelijke winst-en-verliesrekening; de toelichtingen op de vennootschappelijke financiële
overzichten maken integraal deel uit van de vennootschappelijke jaarrekening.
Basis voor de opstelling
Deze vennootschappelijke jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met Titel9, Boek2 van het
Burgerlijk Wetboek (BW). Voor het vaststellen van de grondslagen voor de verwerking en waardering
van activa en passiva en de bepaling van resultaten van haar vennootschappelijke jaarrekening, maakt
de vennootschap gebruik van de mogelijkheid die wordt geboden in artikel 2:362 lid8BW. Dit betekent
dat de grondslagen voor de verwerking en waardering van activa en passiva en de bepaling van het
resultaat van de vennootschappelijke jaarrekening gelijk zijn aan de op EU-IFRS gebaseerde
geconsolideerde jaarrekening.
In het geval er geen andere grondslagen worden genoemd, wordt verwezen naar de grondslagen zoals
beschreven in de geconsolideerde jaarrekening. Voor een juiste interpretatie van deze
vennootschappelijke jaarrekening, dient de vennootschappelijke jaarrekening te worden gelezen in
samenhang met de geconsolideerde jaarrekening.
Informatie over het gebruik van financiële instrumenten en aanverwante risico's is opgenomen in de
toelichting op de geconsolideerde jaarrekening. Dit geldt eveneens voor de toelichting op
gebeurtenissen na balansdatum, de toelichting inzake transacties met verbonden partijen, de
toelichting inzake niet in de balans opgenomen verplichtingen en de toelichting inzake de bezoldiging
van de bestuurders en de commissarissen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
204
Deelnemingen in groepsmaatschappijen
Groepsmaatschappijen zijn alle entiteiten waarin de vennootschap direct of indirect overheersende
zeggenschap heeft. Deelnemingen in groepsmaatschappijen worden in de vennootschappelijke
jaarrekening verwerkt volgens de nettovermogenswaarde, met afzonderlijke presentatie van eventuele
goodwill onder immateriële vaste activa, onder toepassing van de grondslagen voor de opname en
waardering van activa en passiva en resultaatbepaling zoals uiteengezet in de toelichting op de
geconsoli deerde jaarrekening. Indien en voor zover de vennootschap niet zonder beperking een
uitkering van de resultaten aan haar kan bewerkstelligen, worden de resultaten (voor dat deel) in een
wettelijke reserve opgenomen.
Resultaat deelnemingen
Het aandeel in het resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen omvat het aandeel van de
vennootschap in de resultaten van deze deelnemingen. Resultaten op transacties waarbij overdracht
van activa en passiva tussen de vennootschap en haar deelnemingen en tussen deelnemingen
onderling heeft plaatsgevonden, zijn geëlimineerd voor zover deze als niet gerealiseerd kunnen worden
beschouwd.
Eigen vermogen
Financiële instrumenten die worden aangemerkt als eigenvermogensinstrumenten, worden
gepresenteerd onder het eigen vermogen. Uitkeringen aan houders van deze instrumenten worden in
mindering op het eigen vermogen gebracht.
Belastingen
Tussen N.V. Nederlandse Gasunie en haar Nederlandse 100%-groepsmaatschappijen bestaat een fiscale
eenheid voor de vennootschapsbelasting. Aan de groepsmaatschappijen wordt geen
vennootschapsbelasting gealloceerd, met uitzondering van de groepsmaatschappij Gasunie Transport
Services. De in de vennootschappelijke winst-en-verliesrekening opgenomen belastinglast van Gasunie
heeft derhalve betrekking op alle tot de fiscale eenheid behorende vennootschappen, met uitzondering
van het deel dat is gealloceerd aan Gasunie Transport Services.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
205
14 Nadere toelichting op de vennootschappelijke
jaarrekening
36. Materiële vaste activa
De mutaties in de materiële vaste activa in 2020 zijn als volgt:
In miljoenen euros Boekwaarde per
1 jan. 2020
Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde per
31 dec. 2020
Andere vaste
bedrijfsmiddelen
1,2 0,6 - 0,7 1,1
Gebruiksrecht activa 78,4 7,5 - 6,6 79,3
Totaal voor boekjaar
2020
79,6 8,1 - 7,3 80,4
Ultimo 2020 is onder de materiële vaste activa begrepen een bedrag van €79,3 miljoen (ultimo 2019:
€78,4 miljoen) inzake leases. Gasunie heeft het economische, maar niet het juridische eigendom van
deze gebruiksrecht activa. De gebruiksrecht activa betreffen met name bedrijfsgebouwen en terreinen
en het wagenpark.
De mutaties in de materiële vaste activa in 2019 zijn als volgt:
In miljoeneneuro's Boekwaarde
per 1 jan. 2019
Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde
per 31 dec. 2019
Andere vaste
bedrijfsmiddelen
1,4 0,7 - 0,9 1,2
Gebruiksrecht activa 87,8 2,5 5,7 6,2 78,4
Vaste bedrijfsmiddelen in
uitvoering
0,1 0,1 - - -
Totaal voor boekjaar
2019
89,3 3,1 5,7 7,1 79,6
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
206
De aanschafwaardes en de cumulatieve afschrijvingen (inclusief bijzondere waardeverminderingen)
zijn als volgt:
In miljoeneneuro's Aanschafwaarde
per 31 dec. 2020
Cumulatieve
afschrijvingen *
per 31 dec. 2020
Aanschafwaarde
per 31 dec. 2019
Cumulatieve
afschrijvingen *
per 31 dec. 2019
Andere vaste bedrijfsmiddelen 5,1 4,0 4,6 3,4
Gebruiksrecht activa 92,3 13,0 84,6 6,2
Totaal
97,4 17,0 89,2 9,6
* inclusief gecumuleerde bijzondere waardeverminderingen
37. Financiële vaste activa
De mutaties in de financiële vaste activa zijn als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Groepsmaatschappijen en deelnemingen
Stand per 1 januari 5.394,7 4.930,1
Mutaties
- Investeringen 8,9 -
- Rechtstreekse mutaties eigen vermogen 95,2 44,7
- Storting (+)/Terugbetaling (-) agio 1,2 203,2
- Ontvangen dividend 407,3 213,7
- Resultaat groepsmaatschappijen en
deelnemingen
608,3 430,4
Stand per 31 december
5.698,6
5.394,7
Leningen aan groepsmaatschappijen en
deelnemingen
Stand per 1 januari 4.311,2 4.629,6
Mutaties
- Verstrekte langlopende leningen 168,4 139,5
- Rentetoevoeging 5,0 -
- Aflossing langlopende leningen 289,2 457,9
Stand per 31 december
4.195,4
4.311,2
Totaal financiële vaste activa per 31 december 9.894,0 9.705,9
Groepsmaatschappijen en deelnemingen
De investeringen in groepsmaatschappijen en deelnemingen in 2020zien voornamelijk toe op
investeringen in de Gasunie-entiteiten welke zich richten op de verdere ontwikkeling van alternatieve
energiedragers.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
207
De rechtstreekse mutaties in het eigen vermogen van de groepsmaatschappijen zien toe op de
herwaardering van het belang in Nord Stream (zoals opgenomen in noot9 ‘Overige deelnemingen en
noot41 ‘Wettelijke reserve’), het effect van de wijzigingen in de vennootschapsbelastingtarieven bij GTS
(zoals opgenomen in noot10 ‘Uitgestelde belastingvorderingen, noot40 ‘Herwaarderingsreserve en
noot42 ‘Overige reserves’), het actuariële resultaat op de pensioenregeling van Gasunie Deutschland
(zoals opgenomen in noot20 ‘Personeelsbeloningen’ en noot42 ‘Overige reserves) en op de
herwaardering van het belang in Gate terminal als gevolg van de wijziging in de waarde van een cash
flow hedge (zoals opgenomen in noot42 ‘Overige reserves’).
Het terugnemen van een in het verleden verantwoorde bijzondere waardevermindering had
significante gevolgen voor het resultaat boekjaar van de groepsmaatschappij GTS. Nadere informatie
over het terugnemen van de in het verleden verantwoorde bijzondere waardevermindering is
opgenomen in noot4 ‘Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen.
De lijst met deelnemingen, hun vestigingsplaats en het deelnemingspercentage dat Gasunie heeft, is
opgenomen in noot53 ‘Overzicht groepsmaatschappijen en deelnemingen.
Leningen aan groepsmaatschappijen en deelnemingen
De rentevoet over de verstrekte langlopende leningen aan 100% groepsmaatschappijen bedraagt de
gewogen gemiddelde rentevoet van de lange leningenportefeuille van Gasunie met een opslag van
12,5basispunten (2019: idem).
Ultimo 2020 bedraagt de reële waarde van de verstrekte langlopende leningen aan
groepsmaatschappijen €5.064,9 miljoen (ultimo 2019: €5.160,3 miljoen).
Er zijn geen bijzondere voorwaarden overeengekomen tussen Gasunie en de groepsmaatschappijen
met betrekking tot de verstrekte langlopende leningen. Voor verwachte kredietverliezen is geen
voorziening gevormd, omdat op basis van historische gegevens, alsmede actuele
toekomstverwachtingen, hiertoe geen aanleiding bestaat.
Het kortlopend deel van de verstrekte langlopende leningen aan groepsmaatschappijen is ultimo 2020
nihil (ultimo 2019: nihil).
Lening aan groepsmaatschappij GTS
De verstrekte langlopende lening aan GTS bedraagt ultimo 2020 €3.583,1 miljoen (ultimo 2019: €3.521,0
miljoen). Dit betreft de facto het opgenomen saldo onder een leningfaciliteit met een maximale
omvang van6,0 miljard, welke ter beschikking is gesteld op 1januari 2014. De looptijd van deze
faciliteit eindigt op 31december 2029 en heeft een mogelijkheid tot verlenging. Met GTS is
overeengekomen dat tussentijds onbeperkt op de faciliteit kan worden getrokken dan wel afgelost. Er is
geen aflossingsschema overeengekomen.
GTS is de netbeheerder van het landelijk gastransportnet in de zin van de Gaswet. De minister van
Economische Zaken en Klimaat heeft regels gesteld ten aanzien van goed financieel beheer door een
netbeheerder in het Besluit Financieel Beheer Netbeheerders (BFBN). Per kwartaal beoordeelt het
management van GTS, rekening houdend met de bepalingen van het BFBN, of er afgelost dan wel
getrokken moet worden op de kredietfaciliteit, ten einde aan de BFBN-vereisten te voldoen. Bij deze
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
208
periodieke beoordeling wordt niet alleen de actuele financiële positie betrokken, maar ook de
verwachtingen voor de komende jaren inzake de verwachte omvang en moment van de
investeringsuitgaven, de verwachte dividenduitkeringen en de verwachte operationele kosten voor het
gastransportnetwerk. De omvang en volatiliteit van deze variabelen maakt een betrouwbare schatting
van eventuele toekomstige aflossingen niet mogelijk. Om deze reden is de verstrekte lening op
balansdatum volledig gepresenteerd onder de langlopende vorderingen.
Leningen aan overige groepsmaatschappijen
De verstrekte langlopende leningen aan Gastransport Noord-West Europa Holding bedragen ultimo 2020
€495,6 miljoen (ultimo 2019: €645,6 miljoen). De looptijd van deze leningen eindigt op 31december 2022
en 2023. Met Gastransport Noord-West Europa Holding is voor alle leningen overeengekomen dat gehele
of gedeeltelijke tussentijdse aflossingen mogelijk zijn.
De verstrekte langlopende leningen aan Gasunie BBL bedragen ultimo 2020 €92,8 miljoen (ultimo 2019:
€120,7 miljoen). Dit betreft het saldo dat is opgenomen onder een leningfaciliteit van maximaal € 200
miljoen, welke ter beschikking is gesteld op 12december 2014. De looptijd van deze faciliteit eindigt op
1december 2024 en heeft een mogelijkheid tot verlenging. Met Gasunie BBL is overeengekomen dat
tussentijds op de faciliteit kan worden getrokken dan wel afgelost.
Leningen aan overige deelnemingen
De verstrekte leningen aan overige deelnemingen bedroegen ultimo 2020 gezamenlijk €23,9 miljoen
(ultimo 2019: €23,9 miljoen). De rentevoet over deze leningen varieert afhankelijk van het risicoprofiel
van de deelneming.
38. Vorderingen op groepsmaatschappijen
Intra-groepsposities ontstaan door dienstverlening van N.V. Nederlandse Gasunie aan
groepsmaatschappijen en vice versa, door uitkering van dividend binnen de groep en door de cashpool
transacties die door het groepshoofd worden uitgevoerd namens de groepsmaatschappijen in het kader
van de operationele bedrijfsactiviteiten.
Er is geen aflossingsschema overeengekomen ten aanzien van de vorderingen op
groepsmaatschappijen; de vorderingen hebben de kenmerken van een rekening-courantverhouding.
Over het saldo van de intra-groepsvorderingen betaalt de groepsmaatschappij een (zakelijke) rente die
is gebaseerd op een variabele rente plus een opslag, welke past bij het risicoprofiel van zowel Gasunie
als de betreffende groepsmaatschappij.
Voor verwachte kredietverliezen is geen voorziening gevormd, omdat op basis van historische
gegevens, alsmede de actuele toekomstverwachtingen voor de deelnemingen die het betreft, hiertoe
geen aanleiding bestaat.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
209
39. Geplaatst kapitaal
Het maatschappelijk kapitaal bedraagt €756.000 en is verdeeld in 7.560gewone aandelen van elk 100
nominaal. Hiervan zijn 1.513aandelen geplaatst en volgestort. In het boekjaar hebben geen mutaties
plaatsgevonden in het geplaatste en gestorte kapitaal (2019: idem).
Alle geplaatste aandelen worden gehouden door de Staat der Nederlanden.
40. Herwaarderingsreserve
De herwaarderingsreserve heeft betrekking op de herwaardering van de materiële vaste activa. Deze
herwaardering hield verband met de splitsing van Gasunie en aansluitend de invoering van IFRS in 2005
en is berekend naar de situatie per 1januari 2004. De uitgestelde belastingen over de herwaardering
zijn verwerkt in de verplichting voor uitgestelde belastingen, welke onderdeel is van de uitgestelde
belastingvorderingen voor de Nederlandse fiscale eenheid. De herwaarderingsreserve wordt
gerealiseerd naar rato van de afschrijving van de materiële vaste activa waar de herwaarderingsreserve
betrekking op heeft.
Voorts was tot ultimo 2020 een cash flow hedge gerelateerd aan een langlopende lening in de
herwaarderingsreserve opgenomen. Deze cash flow hedge is ultimo 2020 volledig afgewikkeld. Voor
een nadere toelichting hierop wordt verwezen naar de toelichting op de cash flow hedge reserve in
noot15 ‘Eigen vermogen van de geconsolideerde jaarrekening.
De specificatie van de herwaarderingsreserve is als volgt:
In miljoenen euros 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Herwaardering van de materiële vaste activa per 1
januari 2004
1.642,3 1.659,0
Cash flow hedge N.V. Nederlandse Gasunie, - 1,3
waarvan vennootschapsbelasting - 0,3
-
1,0
Totaal herwaarderingsreserve
1.642,3
1.660,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
210
De mutaties in de herwaarderingsreserve zijn als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Stand per 1 januari 1.660,0 1.745,1
Gerealiseerd deel van de ongerealiseerde herwaardering 47,8 57,3
Effect van terugname bijzondere waardevermindering op de
realisatie van de herwaarderingsreserve
99,0 -
Effect tariefswijziging op de uitgestelde belastingen 68,0 27,1
Overboeking cash flow hedge reserve naar de winst-en-
verliesrekening,
1,2 0,9
waarvan vennootschapsbelasting 0,3 0,2
Stand per 31 december
1.642,3 1.660,0
Nadere informatie over het terugnemen van een in het verleden verantwoorde bijzondere
waardevermindering is opgenomen in noot4Onderzoek naar bijzondere waardeverminderingen. Als
gevolg van deze terugname is ook een gedeelte van de in het verleden verantwoorde realisatie van de
herwaarderingsreserve teruggedraaid ten laste van de overige reserves.
41. Wettelijke reserve
De wettelijke reserve betreft de wettelijke reserve deelnemingen die betrekking heeft op het 9% belang
in Nord Stream. Dit belang is gewaardeerd tegen de reële waarde. Omdat Gasunie geen overheersende
zeggenschap heeft in dit belang en daarmee geen resultaatuitkeringen kan afdwingen, is een
wettelijke reserve gevormd voor het deel van de rle waarde waardering dat de oorspronkelijke
verkrijgingsprijs te boven gaat.
De mutaties in de wettelijke reserve zijn als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Stand per 1 januari 342,2 323,4
Mutatie van tegen reële waarde gewaardeerde overige
kapitaalbelangen
5,8 18,8
Stand per 31 december
336,6 342,2
Nadere informatie over de waardering van het belang in Nord Stream is opgenomen in noot 9‘Overige
deelnemingen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
211
42. Overige reserves
De mutaties in de overige reserve zijn als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Stand per 1 januari 3.521,0 3.313,5
Bestemming resultaat voorgaand boekjaar 123,6 97,2
Mutatie cashflow hedge joint ventures 5,7 2,6
Saldo van actuariële winsten en verliezen terzake van
personeelsbeloningen,
6,2 14,5
waarvan vennootschapsbelasting 1,9 4,3
Gerealiseerd deel van de ongerealiseerde herwaardering 47,8 57,3
Effect van terugname bijzondere waardevermindering op de
realisatie van de herwaarderingsreserve
99,0 -
Wijziging uitgestelde belastingen 167,4 66,1
Rechtstreekse vermogensmutaties joint ventures - 5,4
Stand per 31 december
3.762,2 3.521,0
Voor een toelichting op de mutaties wordt verwezen naar noot7 ‘Investeringen in joint ventures,
noot10 ‘Uitgestelde belastingvorderingen, noot20 ‘Personeelsbeloningen’, noot40
‘Herwaarderingsreserve en noot43 ‘Onverdeeld resultaat’.
De groepsmaatschappij GTS is de netbeheerder van het landelijk gastransportnet in Nederland in de zin
van de Gaswet. De minister van Economische Zaken en Klimaat heeft regels gesteld ten aanzien van
goed financieel beheer door netbeheerders in het ‘Besluit Financieel Beheer Netbeheerder’. Deze regels
bestaan uit een aantal financiële ratio’s, waaronder een eigenvermogensminimum. Dit kan leiden tot
restricties ten aanzien van de hoogte van de uitkeerbare reserves van GTS. Een dergelijke situatie kan
in voorkomende gevallen ook invloed hebben op de hoogte van de uitkeerbare reserves van N.V.
Nederlandse Gasunie. Ultimo 2020 was een dergelijke beperking niet aan de orde en is hiervoor geen
statutaire of wettelijke reserve opgenomen (ultimo 2019: idem).
43. Onverdeeld resultaat
De mutaties in het onverdeeld resultaat zijn als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Stand per 1 januari 412,0 325,2
Uitgekeerd dividend 288,4 228,0
Toegevoegd aan de overige reserves 123,6 97,2
Resultaat boekjaar 599,7 412,0
Stand per 31 december
599,7 412,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
212
Bestemming van het resultaat over het boekjaar 2019
De jaarrekening 2019 is vastgesteld in de algemene vergadering van aandeelhouders gehouden op
24maart 2020. De Algemene Vergadering heeft de bestemming van het resultaat vastgesteld conform
het voorstel van de Raad van Bestuur.
De winst over 2019 bedroeg €412,0 miljoen en hiervan is €288,4 miljoen als dividend uitgekeerd in
2020. Het restant van €123,6 miljoen is toegevoegd aan de overige reserves.
Voorstel tot resultaatbestemming over het boekjaar 2020
De Raad van Bestuur stelt voor om van de winst over 2020 een bedrag van €262,3 miljoen als dividend
aan de aandeelhouder uit te keren en €337,4 miljoen toe te voegen aan de overige reserve. Het dividend
per aandeel bedraagt €173,3 duizend.
Het voorstel tot resultaatbestemming is niet verwerkt in de balans per 31december 2020 en de
toelichting daarop.
44. Voorzieningen
De specificatie van de voorzieningen is als volgt:
In miljoenen euro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Voorziening voor uitgestelde belastingverplichtingen 88,5 79,1
Voorziening voor jubileumuitkeringen 9,6 8,9
Voorziening voor secundaire arbeidsvoorwaarden na pensionering 0,5 0,6
Reorganisatievoorziening 4,7 -
Totaal voorzieningen
103,3 88,6
De reorganisatievoorziening houdt verband met de geplande sluiting van twee regiokantoren in 2021 en
de daarmee samenhangende personele en materiële gevolgen. De reorganisatievoorziening heeft een
verwachte looptijd van korter dan een jaar.
Voor een nadere toelichting op de overige voorzieningen wordt verwezen naar noot10 ‘Uitgestelde
belastingvorderingen’, noot20 ‘Personeelsbeloningen en noot21 ‘Overige voorzieningen’ van de
toelichting op de geconsolideerde jaarrekening.
45. Handels- en overige schulden
De specificatie van de handels- en overige schulden is als volgt:
In miljoenen euro's 31 dec. 2020 31 dec. 2019
Handelsschulden 17,1 22,1
Belastingverplichtingen 6,6 6,0
Overige schulden en overlopende passiva 167,1 141,2
Totaal handels- en overige schulden
190,8 169,3
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
213
De belastingverplichtingen betreffen de te betalen loonheffing en premies sociale verzekeringen.
De overige schulden en overlopende passiva bestaan met name uit nog te betalen rente, nog te
ontvangen facturen en ontvangen security deposits. De ontvangen security deposits betreffen gestelde
zekerheden die door klanten van de vennootschap of haar groepsmaatschappijen aan N.V. Nederlandse
Gasunie zijn verstrekt ter afdekking van het debiteurenrisico. Over de security deposits wordt een
marktconforme rente berekend.
Vanwege het kortlopende karakter van de handelsschulden en overige te betalen posten benadert de
reële waarde de boekwaarde van deze verplichtingen.
46. Schulden aan groepsmaatschappijen
Intra-groepsposities ontstaan door dienstverlening van N.V. Nederlandse Gasunie aan
groepsmaatschappijen en vice versa, door uitkering van dividend binnen de groep en door de cashpool
transacties die door het groepshoofd worden uitgevoerd namens de groepsmaatschappijen in het kader
van de operationele bedrijfsactiviteiten.
Er is geen aflossingsschema overeengekomen ten aanzien van de schulden aan groepsmaatschappijen;
de schulden hebben de kenmerken van een rekening-courantverhouding.
Over het saldo van de intra-groepsschulden betaalt Gasunie een (zakelijke) rente die is gebaseerd op
een variabele rente plus een opslag welke past bij het risicoprofiel van zowel Gasunie als de betreffende
groepsmaatschappij.
47. Netto-omzet
N.V. Nederlandse Gasunie koopt externe diensten in ten behoeve van haar groepsmaatschappijen
en/of andere deelnemingen. Daarnaast is N.V. Nederlandse Gasunie de juridisch werkgever voor
medewerkers die werkzaam zijn voor Gasunie en haar groepsmaatschappijen. De netto-omzet van N.V.
Nederlandse Gasunie bestaat voor een groot deel uit bedragen die zij in rekening brengt bij haar
groepsmaatschappijen en/of andere deelnemingen inzake de inzet van eigen personeel dan wel de
levering van goederen en externe diensten. N.V. Nederlandse Gasunie treedt jegens haar
groepsmaatschappijen op als principaal.
48. Personeelskosten
De specificatie van de personeelskosten is als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Salariskosten 123,1 115,4
Sociale lasten 12,8 13,3
Pensioenkosten 24,9 24,5
Totaal personeelskosten
160,8 153,2
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
214
De gemiddelde personele bezetting in fulltime-equivalenten bedraagt voor 2020 1.277 (2019: 1.244),
waarvan 2 (2019: 3) buiten Nederland.
De toelichting op de bezoldiging van de bestuurders en de commissarissen van de vennootschap is
opgenomen in de toelichting op de geconsolideerde jaarrekening onder noot27 ‘Personeelskosten.
49. Overige kosten
De specificatie van de overige bedrijfskosten is als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Kosten uitbesteed werk en andere externe kosten 137,8 133,5
Kosten van netbeheer 135,9 113,6
Overige bedrijfskosten 29,0 21,8
Totaal overige kosten
302,7 268,9
De overige bedrijfskosten bestaan met name uit goederen en diensten die N.V. Nederlandse Gasunie
inkoopt ten behoeve van de dienstverlening aan haar groepsmaatschappijen, waaronder GTS als de
landelijk netbeheerder voor het gastransport in Nederland. De kosten van netbeheer omvatten met
name de inkoop van stikstofproductiecapaciteit, elektriciteit en gas voor eigen gebruik ten behoeve van
het gastransport.
50. Financiële baten en lasten
De specificatie van de financiële baten en lasten is als volgt:
In miljoenen euro's 2020 2019
Rentebaten en soortgelijke baten 115,3 118,8
Totaal financiële baten
115,3
118,8
Rentelasten en soortgelijke lasten 74,2 93,0
Overige financieringslasten 3,8 3,5
Totaal financiële lasten
78,0
96,5
Totaal financiële baten en lasten
37,3
22,3
Onder de rentebaten en soortgelijke baten zijn voornamelijk begrepen de rentes die berekend worden
over leningen aan groepsmaatschappijen en de rente op belastingaanslagen.
De rentelasten en soortgelijke lasten betreffen voornamelijk de rente over de langlopende leningen. De
daling van de rentelasten kan met name worden verklaard doordat in 2019 sprake was van een
eenmalige last van ongeveer €15,7 miljoen als gevolg van de voortijdige gedeeltelijke aflossing van twee
obligatieleningen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
215
51. Belastingen
N.V. Nederlandse Gasunie staat aan het hoofd van de fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting in
Nederland. De specificatie van de belastinglast in de winst-en-verliesrekening is als volgt:
In miljoenen euros 2020 2019
Belastinglast over het boekjaar 55,7 45,9
Belastinglast over voorgaande jaren 8,6 1,4
Belastinglast fiscale eenheid
47,1 47,3
Mutaties in uitgestelde belastingen 155,5 46,1
Totale belastinglast fiscale eenheid
202,7 93,4
Verantwoord bij Gasunie Transport Services B.V. 183,8 78,8
Totale belastinglast N.V. Nederlandse Gasunie
18,9 14,6
De mutaties in de uitgestelde belastingen houden zowel in 2019 als in 2020 mede verband met de
wijzigingen in het belastingtarief voor de vennootschapsbelasting in Nederland.Voorts had het
terugnemen van de in het verleden verantwoorde bijzondere waardevermindering gevolgen voor de
uitgestelde belastingen. Nadere informatie over het terugnemen van de in het verleden verantwoorde
bijzondere waardevermindering is opgenomen in noot4 ‘Onderzoek naar bijzondere
waardeverminderingen.
52. Overige posten
Voor een toelichting op de overige posten in de vennootschappelijke balans en winst-en-verliesrekening
wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde financiële overzichten.
53. Overzicht groepsmaatschappijen en deelnemingen
Onderstaand is een overzicht opgenomen van de groepsmaatschappijen en de andere deelnemingen.
Entiteit Zetel Financieel
belang op
31 dec. 2020 31 dec. 2019
Groepsmaatschappijen
Gasunie BBL B.V. Groningen 100% 100%
Gridwise Engineering & Services B.V.* Groningen 100% 100%
Gasunie New Energy B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Waterstof Holding B.V.** Groningen 100% -
Hynetwork Services B.V.*** Groningen 100% 100%
Gasunie LNG Holding B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Ambigo B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Transport Services B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Energy Information Services B.V Groningen 100% 100%
EnergyStock B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa Holding B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa Services 1 B.V. Groningen 100% 100%
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
216
Entiteit Zetel Financieel
belang op
Gastransport Noord-West Europa Services 2 B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa Services 3 B.V. Groningen 100% 100%
Gastransport Noord-West Europa Services 4 B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie Deutschland GmbH & Co. KG Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Deutschland Verwaltungs GmbH Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Deutschland Transport Services Holding
GmbH
Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Deutschland Transport Services GmbH Hannover, Duitsland 100% 100%
Gasunie Infrastruktur AG Zug, Zwitserland 100% 100%
Gasunie Warmte Holding B.V. Groningen 100% 100%
LdM Beheer B.V. Rotterdam 100% 100%
LdM C.V. Rotterdam 100% 100%
LdM 1 B.V. Rotterdam 100% 100%
LdM 2 B.V. Rotterdam 100% 100%
LdM 3 B.V. Rotterdam 100% 100%
LdM 4 B.V. Rotterdam 100% 100%
LdM 5 B.V. Rotterdam 100% 100%
LdM 6 B.V. Rotterdam 100% 100%
LdM 7 B.V. Rotterdam 100% 100%
Vertogas B.V. Groningen 100% 100%
Gasunie CC(U)S Holding B.V.** Groningen 100% -
Gasunie Rotterdam CC(U)S B.V.** Groningen 100% -
Joint operations
BBL Company V.o.f. Groningen 60,0% 60,0%
Arbeitsgemeinschaft GOAL/Fluxys NEL-
Projektphase****
Hannover, Duitsland - 51,3%
European Gas Pipeline Link (EUGAL) BTG Kessel, Duitsland 16,5% 16,5%
Ambigo V.o.f. Groningen 46,7% 46,7%
Joint ventures
Biogas Netwerk Twente B.V. Almelo 50,0% 50,0%
Demonstratie Faciliteit Super Kritische Water
Vergassing (SKW) Alkmaar B.V.
Alkmaar 50,0% 50,0%
DEUDAN - Deutsch/Dänische Erdgastransport
GmbH
Handewitt, Duitsland 75,0% 75,0%
DEUDAN - Deutsch/Dänische Erdgastransport
GmbH & Co. KG
Handewitt, Duitsland 33,4% 33,4%
Gate terminal C.V. Rotterdam 50,0% 50,0%
Gate terminal Management B.V. Rotterdam 50,0% 50,0%
German LNG Terminal GmbH Hamburg, Duitsland 33,3% 33,3%
NETRA GmbH Norddeutsche Erdgas Transversale Emstek/Schneiderkrug,
Duitsland
50,0% 50,0%
NETRA GmbH Norddeutsche Erdgas Transversale &
Co. KG
Emstek/Schneiderkrug,
Duitsland
44,1% 44,1%
Porthos Development C.V.** Rotterdam 33,3% -
Porthos Development Management GP B.V.** Rotterdam 33,3% -
Geassocieerde deelnemingen
GASPOOL Balancing Services GmbH Berlijn, Duitsland 20,0% 20,0%
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
217
Entiteit Zetel Financieel
belang op
31 dec. 2020 31 dec. 2019
Overige deelnemingen
Energie Data Services Nederland (EDSN) B.V. Arnhem 12,5% 12,5%
PRISMA European Capacity Platform GmbH Leipzig, Duitsland 12,7% 12,7%
Nord Stream AG Zug, Zwitserland 9,0% 9,0%
* Voorheen Gasunie Engineering B.V.
** Entiteit nieuw opgericht in 2020
*** Voorheen Gasunie Waterstof B.V.
**** Entiteit geliquideerd in 2020
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
218
15 Ondertekening
Ondertekening
De Raad van Bestuur,
Dhr. J.J. Fennema*, voorzitter
Mevr. J. Hermes*
Dhr. B.J. Hoevers
Dhr. U. Vermeulen
De Raad van Commissarissen,
Dhr. P.J. Duisenberg, voorzitter
Dhr. D.J. van den Berg
Mevr. M.M. Jonk
Dhr. W.J.A.H. Schoeber
Dhr. A.S. Visser
Mevr. C. Wielinga
Groningen, 4 maart 2021
*Statutair bestuurder
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
219
16 Overige gegevens
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
220
Statutaire regeling omtrent de winstbestemming
Overeenkomstig artikel39, lid2, van de statuten staat de winst over het boekjaar ter vrije beschikking
van de Algemene Vergadering.
De vennootschap kan aan de aandeelhouders en andere gerechtigden tot de voor uitkering vatbare
winst slechts uitkeringen doen voor zover haar eigen vermogen groter is dan het bedrag van het
geplaatste kapitaal vermeerderd met de reserves die krachtens de wet moeten worden aangehouden.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
221
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
Aan: de algemene vergadering en de raad van commissarissen van N.V.
Nederlandse Gasunie
Verklaring over de jaarrekening 2020
Ons oordeel
Naar ons oordeel:
geeft de geconsolideerde jaarrekening van N.V. Nederlandse Gasunie, samen met haar
dochtermaatschappijen (‘de groep’) een getrouw beeld van de grootte en samenstelling van het
vermogen van de groep op 31december2020 en van het resultaat en de kasstromen over 2020, in
overeenstemming met de International Financial Reporting Standards zoals aanvaard binnen de
Europese Unie (EU-IFRS) en met Titel 9 Boek 2 van het in Nederland geldende Burgerlijk Wetboek
(BW);
geeft de vennootschappelijke jaarrekening van N.V. Nederlandse Gasunie (‘de vennootschap’) een
getrouw beeld van de grootte en samenstelling van het vermogen van de vennootschap op
31december2020 en van het resultaat over 2020 in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 van het in
Nederland geldende Burgerlijk Wetboek (BW).
Wat we hebben gecontroleerd
Wij hebben de in dit jaarverslag opgenomen jaarrekening 2020 van N.V. Nederlandse Gasunie te
Groningen gecontroleerd. De jaarrekening omvat de geconsolideerde jaarrekening van de groep en de
vennootschappelijke jaarrekening.
De geconsolideerde jaarrekening bestaat uit:
De vennootschappelijke jaarrekening bestaat uit:
de geconsolideerde balans per 31december2020;
de volgende overzichten over 2020: de geconsolideerde winst-en-verliesrekening, het geconsolideerd
overzicht van het totaalresultaat, het geconsolideerd mutatieoverzicht eigen vermogen en het
geconsolideerd kasstroomoverzicht; en
de toelichting met de belangrijke grondslagen voor financiële verslaggeving en overige toelichtingen.
de vennootschappelijke balans per 31december2020;
de vennootschappelijke winst-en-verliesrekening over 2020; en
de toelichting met de gehanteerde grondslagen voor financiële verslaggeving en overige
toelichtingen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
222
Het stelsel voor financiële verslaggeving dat is gebruikt voor het opmaken van de geconsolideerde
jaarrekening is EU-IFRS en de relevante bepalingen uit Titel 9 Boek 2 BW en het stelsel dat is gebruikt
voor het opmaken van de vennootschappelijke jaarrekening is Titel 9 Boek 2 BW.
De basis voor ons oordeel
Wij hebben onze controle uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse
controlestandaarden vallen. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan zijn beschreven in de
paragraaf ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening’.
Wij vinden dat de door ons verkregen controle-informatie voldoende en geschikt is als basis voor ons
oordeel.
Onafhankelijkheid
Wij zijn onafhankelijk van N.V. Nederlandse Gasunie zoals vereist in de Europese verordening
betreffende specifieke eisen voor de wettelijke controles van financiële overzichten van organisaties van
openbaar belang, de Wet toezicht accountantsorganisaties (Wta), de Verordening inzake de
onafhankelijkheid van accountants bij assuranceopdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante
onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en
beroepsregels accountants (VGBA).
Onze controleaanpak
Samenvatting en context
N.V. Nederlandse Gasunie is een Europees energie-infrastructuur bedrijf. Gasunie biedt gereguleerde
transportdiensten aan in Nederland en in Duitsland. Voorts neemt Gasunie deel in
samenwerkingsverbanden voor pijpleidingen die het Gasunie-transportnet verbinden met buitenlandse
markten. Daarnaast biedt Gasunie ook andere diensten aan op het gebied van energie-infrastructuur,
waaronder gasopslag en de certificering van groen gas. Gasunie zet haar infrastructuur en kennis in
toenemende mate in voor verdere ontwikkeling en integratie van alternatieve energiebronnen, zoals
waterstof, warmte en groen gas alsmede de ontwikkeling van CC(U)S.
De opbrengstenstromen uit gereguleerde activiteiten staan onder toezicht van de ACM in Nederland en
de BNetZa in Duitsland. Daarnaast heeft N.V. Nederlandse Gasunie niet gereguleerde of van regulering
vrijgestelde activiteiten, onder andere gericht op het aanbieden van gasopslagcapaciteit aan de markt
en de BBLpijpleiding tussen Nederland en het Verenigd Koninkrijk. De groep bestaat uit verschillende
groepsonderdelen en daarom hebben wij de reikwijdte en aanpak van de groepscontrole overwogen
zoals uiteengezet in de paragraaf ‘De reikwijdte van onze groepscontrole’. We hebben in het bijzonder
aandacht besteed aan de gebieden die gerelateerd zijn aan de specifieke bedrijfsactiviteiten van de
groep.
Als onderdeel van het ontwerpen van onze controleaanpak hebben wij de materialiteit bepaald en het
risico van materiële afwijkingen in de jaarrekening geïdentificeerd en ingeschat. Wij besteden
bijzondere aandacht aan die gebieden waar de raad van bestuur belangrijke schattingen heeft gemaakt,
bijvoorbeeld bij significante schattingen waarbij veronderstellingen over toekomstige gebeurtenissen
worden gemaakt die inherent onzeker zijn. In hoofdstuk: ‘Toelichting op de geconsolideerde financiële
overzichtenen dan paragraaf: ‘Oordelen en schattingen door het management’ van de jaarrekening
heeft de vennootschap de schattingsposten en de belangrijkste bronnen van schattingsonzekerheid
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
223
uiteengezet. Vanwege de significante schattingsonzekerheid en het gerelateerde hogere inherente
risico verbonden aan de waardering van materiële vaste activa van Gasunie Transport Services (hierna:
GTS) hebben wij deze aangemerkt als kernpunt zoals uiteengezet in de paragraaf ‘De kernpunten van
onze controle’.
Andere aandachtsgebieden in onze controle, die niet als kernpunt zijn aangemerkt, waren de
levensduur van de materiële vaste activa, de betrouwbaarheid en continuïteit van de geautomatiseerde
gegevensverwerking welke ten grondslag ligt aan het opbrengstenproces, de verwerking van het effect
van de tariefswijziging van de Nederlandse vennootschapsbelasting op de uitgestelde belastingen, de
pensioenen en de waardering van de voorziening voor opruimingskosten en sanering.
Wij hebben ervoor gezorgd dat de controleteams, zowel op groepsniveau als op het niveau van de
groepsonderdelen, over voldoende specialistische kennis en expertise beschikten die nodig waren voor
de controle van een Europees energie-infrastructuurbedrijf. Wij hebben daarom experts en specialisten
op onder meer het gebied van waardering, IT en vennootschapsbelasting in ons team opgenomen.
Materialiteit
Reikwijdte van de controle
Kernpunt
Materialiteit:27.500.000.
We hebben controlewerkzaamheden van de significante
Nederlandse onderdelen uitgevoerd op één locatie en
gebruikgemaakt van een buitenlandse accountant voor de
controlewerkzaamheden bij Gasunie Deutschland en van een
Nederlandse accountant voor de controlewerkzaamheden bij
Gate terminal (joint venture).
We hebben in het bijzonder aandacht besteed aan de
waardering van de materle vaste activa.
Dekking controlewerkzaamheden: 96% van de geconsolideerde
netto omzet, 96% van het geconsolideerde balanstotaal en 95%
van het geconsolideerde resultaat voor belastingen.
Waardering van de materiële vaste activa van Gasunie
Transport Services B.V.
Materialiteit
De reikwijdte van onze controle wordt beïnvloed door het toepassen van materialiteit. Het begrip
‘materieel’ wordt toegelicht in de paragraaf ‘Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de
jaarrekening’.
Wij bepalen, op basis van ons professionele oordeel, kwantitatieve grenzen voor materialiteit waaronder
de materialiteit voor de jaarrekening als geheel, zoals uiteengezet in onderstaande tabel. Deze grenzen,
evenals de kwalitatieve overwegingen daarbij, helpen ons om de aard, timing en omvang van onze
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
224
controlewerkzaamheden voor de individuele posten en toelichtingen in de jaarrekening te bepalen en
om het effect van onderkende afwijkingen, zowel individueel als gezamenlijk, op de jaarrekening als
geheel en op ons oordeel, te evalueren.
Materialiteitvoordegroep 27,5 miljoen (2019:25,5 miljoen).
Hoe is de materialiteit
bepaald
Wij bepalen de materialiteit op basis van ons professionele oordeel. Als basis
voor deze oordeelsvorming gebruikten we 5% van het resultaat voor
belastingen genormaliseerd voor de terugname van een in het verleden
verantwoorde bijzondere waardevermindering op de gereguleerde
gastransportnetwerken in Nederland van €300 miljoen.
De overwegingen voor de
gekozen benchmark
We gebruikten het genormaliseerde resultaat voor belastingen als de
primaire benchmark, op basis van onze analyse van de gemeenschappelijke
informatiebehoeften van gebruikers van de jaarrekening. Op basis daarvan
zijn wij van mening dat het genormaliseerd resultaat voor belastingen een
belangrijk kengetal is voor de financiële prestaties van de vennootschap. Het
genormaliseerd resultaat betreft het resultaat voor belasting exclusief de
terugname van een in het verleden verantwoorde bijzondere
waardevermindering op de gereguleerde gastransportnetwerken in
Nederland van 300 miljoen, zoals toegelicht in punt 4 van de nadere
toelichting op de geconsolideerde balans.
Materialiteit voor
groepsonderdelen
Aan elk groepsonderdeel, binnen de reikwijdte van onze controle, is, op
basis van onze oordeelsvorming, een materialiteit toegerekend die lager ligt
dan de materialiteit voor de groep als geheel. De materialiteit die we
hebben toegerekend aan de groepsonderdelen lag tussen de €4 miljoen en
€27,5 miljoen. Enkele groepsonderdelen zijn gecontroleerd met de statutaire
materialiteit op basis van een verplichte lokale controle die ook lager was
dan de materialiteit voor de groep als geheel.
Wij houden ook rekening met afwijkingen en/of mogelijke afwijkingen die naar onze mening om
kwalitatieve redenen materieel zijn.
Wij zijn met de raad van commissarissen overeengekomen dat wij tijdens onze controle geconstateerde
afwijkingen met een impact op het resultaat voor belastingen boven de €1.375.000 (2019:1.275.000) en
balans reclassificaties boven de €5.000.000 (2019:5.000.000) aan hen rapporteren evenals kleinere
afwijkingen die naar onze mening om kwalitatieve redenen relevant zijn.
De reikwijdte van onze groepscontrole
N.V. Nederlandse Gasunie is de moedermaatschappij van een groep van entiteiten. De financiële
informatie van deze groep is opgenomen in de geconsolideerde jaarrekening van N.V. Nederlandse
Gasunie.
Wij hebben de reikwijdte van onze controle zodanig bepaald dat we voldoende controlewerkzaamheden
verrichten om in staat te zijn een oordeel te geven over de jaarrekening als geheel. Daarbij hebben wij,
onder meer, in aanmerking genomen de managementstructuur van de groep, de aard van de
activiteiten van de groepsonderdelen, de bedrijfsprocessen en interne beheersingsmaatregelen en de
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
225
bedrijfstak waarin de vennootschap opereert. Op grond hiervan hebben wij de aard en omvang van de
werkzaamheden bepaald op het niveau van de groepsonderdelen die noodzakelijk waren om door het
groepsteam en door de accountants van groepsonderdelen te worden uitgevoerd.
De groepscontrole heeft zich voornamelijk gericht op de significante onderdelen:
N.V.NederlandseGasunie, Gasunie Transport Services B.V., Gasunie Deutschland GmbH & Co KG
(hierna: Gasunie Deutschland), EnergyStock B.V. en Gate terminal C.V. (hierna: de joint venture Gate
terminal). Bij deze vijf groepsonderdelen zijn controles van de volledige financiële informatie uitgevoerd
omdat deze groepsonderdelen individueel een significante financiële omvang hebben.
Daarnaast zijn voor een additioneel groepsonderdeel specifieke controlewerkzaamheden verricht op
individuele posten om voldoende dekking te verkrijgen voor de controle van individuele posten van de
geconsolideerde jaarrekening.
In totaal hebben wij met het uitvoeren van deze werkzaamheden de volgende dekking over
onderstaande jaarrekeningposten verkregen:
Omzet 96%
Balanstotaal 96%
Resultaat voor belastingen 95%
De groepsonderdelen die niet onder de reikwijdte van de controle vallen vertegenwoordigen geen van
alle meer dan 5% van de geconsolideerde omzet of het geconsolideerde balanstotaal. Op de financiële
informatie van deze resterende groepsonderdelen hebben we op groepsniveau, onder meer,
cijferanalyses uitgevoerd om onze inschatting, dat deze onderdelen geen significante risico’s op
materiële fouten bevatten, te bevestigen.
Bij de groepsonderdelen N.V. Nederlandse Gasunie, Gasunie Transport Services B.V. en EnergyStock B.V.
hebben wij zelf controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben gebruikgemaakt van andere
accountants bij de controle van Gasunie Deutschland en de joint venture Gate terminal.
Waar controlewerkzaamheden zijn uitgevoerd door accountants van groepsonderdelen, hebben wij de
mate waarin onze betrokkenheid noodzakelijk was bepaald om in staat te zijn een conclusie te trekken
of voldoende en geschikte controle-informatie met betrekking tot deze onderdelen is verkregen als basis
voor ons oordeel bij de geconsolideerde jaarrekening als geheel.
Wij hebben de accountants van Gasunie Deutschland en de joint venture Gate terminal instructies
gestuurd. Wij hebben, als groepsaccountant, periodiek overleg gehad met de accountant van Gasunie
Deutschland en de joint venture Gate terminal, waarbij gesproken is over de risico’s, de controleaanpak,
de voortgang van de controle en, op basis van de van de accountant van Gasunie Deutschland en de joint
venture Gate terminal ontvangen rapportages, de bevindingen en conclusies. Wij hebben dit uitgebreid
met het uitvoeren van een dossierreview van de accountant van Gasunie Deutschland om de kwaliteit
van de uitgevoerde werkzaamheden te evalueren. Met het management en de accountant van Gasunie
Deutschland is afsluitend gesproken over de financiële resultaten, de gehanteerde (belangrijke)
schattingen en de bevindingen uit de controle.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
226
Het groepsteam heeft de consolidatie van de groep, de toelichtingen in de jaarrekening en een aantal
complexe aspecten gecontroleerd. Dit betreffen onder andere de opgestelde analyse(s) ten aanzien van
aanwijzingen voor waardeverminderingen en -vermeerderingen van vaste activa.
Door bovengenoemde werkzaamheden bij (groeps)onderdelen, gecombineerd met aanvullende
werkzaamheden op groepsniveau, zijn wij in staat geweest om voldoende en geschikte controle-
informatie met betrekking tot de financiële informatie van de groep te verkrijgen als basis voor ons
oordeel over de jaarrekening.
Onze focus op het risico op fraude en niet-naleving van wet- en regelgeving
Onze doelstellingen
De doelstellingen van onze controle zijn:
Met betrekking tot fraude:
Met betrekking tot de naleving van wet- en regelgeving:
De primaire verantwoordelijkheid voor de preventie en detectie van fraude of niet-naleving van wet- en
regelgeving ligt bij de raad van bestuur onder het toezicht van de raad van commissarissen.
het identificeren en inschatten van de risico's op een afwijking van materieel belang die het gevolg is
van fraude;
het verkrijgen van voldoende en geschikte controle-informatie over de ingeschatte risico's op een
afwijking van materieel belang die het gevolg is van fraude door middel van het opzetten en
implementeren van geschikte manieren om op die risico's in te spelen; en
het op passende wijze inspelen op fraude of vermoede fraude die tijdens de controle is
geïdentificeerd.
het identificeren en inschatten van de risico’s op een afwijking van materieel belang die het gevolg is
van niet-naleving van wet- en regelgeving; en
het verkrijgen van een redelijke mate van zekerheid dat de financiële overzichten als geheel vrij zijn
van afwijkingen van materieel belang die het gevolg zijn van fraude of van fouten, rekening houdend
met het van toepassing zijnde wet- en regelgevingskader.
Onze risicoanalyse
Als onderdeel van ons proces van het identificeren van frauderisico’s, evalueren wij frauderisicofactoren
met betrekking tot frauduleuze financiële verslaggeving, het oneigenlijk toe-eigenen van activa en
omkoping en corruptie. Wij hebben de frauderisicofactoren geëvalueerd om te overwegen of deze
factoren een indicatie vormen voor de aanwezigheid van het risico op afwijkingen van materieel belang
die het gevolg zijn van fraude.
Daarnaast hebben wij controlewerkzaamheden uitgevoerd om een algemeen inzicht te verwerven in
het wet- en regelgevingskader dat van toepassing is op de groep waarbij wij bepalingen hebben
geïdentificeerd van wet- en regelgeving die gewoonlijk wordt geacht van directe invloed te zijn op de
vaststelling van bedragen en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen die van materieel
belang zijn, zoals wet- en regelgeving op het gebied van belastingen en pensioenen alsmede de
opbrengsten (welke gereguleerd zijn).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
227
Bij al onze controles besteden wij aandacht aan het risico van het doorbreken van de interne
beheersingsmaatregelen door het management waaronder het evalueren van risico’s op mogelijke
afwijkingen als gevolg van fraude op basis van een analyse van mogelijke belangen van het
management. Wij verwijzen naar het kernpunt van de controle: ‘Waardering van de materiële vaste
activa van Gasunie Transport Services B.V.’, welke een voorbeeld is van onze controleaanpak gericht op
onderdelen waar er een hoger risico is geïdentificeerd door schattingen waar het management
significante oordeelsvormingen en veronderstellingen hanteert.
Onze controlewerkzaamheden op de geïdentificeerde risicos
Wij hebben de volgende controlewerkzaamheden uitgevoerd om in te spelen op de geïdentificeerde
risico’s:
Wij hebben de opzet, implementatie en, indien van toepassing, effectieve werking van de interne
beheersingsmaatregelen die het frauderisico mitigeren getest.
Wij hebben data-analyse uitgevoerd op hoger risico journaalboekingen en hebben de belangrijkste
oordeelsvormingen en veronderstellingen geëvalueerd voor een mogelijke tendentie door N.V.
Nederlandse Gasunie, inclusief retrospectieve beoordelingen met betrekking tot significante
schattingen van voorgaand boekjaar. Waar wij onverwachte journaalboekingen of overige risico’s
hebben geïdentificeerd, hebben wij additionele controlewerkzaamheden uitgevoerd om ieder risico
te adresseren. Deze werkzaamheden bevatte ook het testen van transacties door middel van
aansluiten met bronbescheiden.
Met betrekking tot het risico op fraude in de omzetverantwoording:
Wij hebben de opzet, implementatie en, indien van toepassing, effectieve werking van de
interne beheersingsmaatregelen ten aanzien van de opbrengstenstromen in Duitsland en
Nederland getest.
Wij hebben gegevensgerichte werkzaamheden uitgevoerd op de verantwoorde opbrengsten,
inclusief een aansluiting van de berekende tarieven op de goedkeuring door de ACM c.q.
BNetzA, en de afloop van de handelsvorderingen.
Wij hebben data-analyse uitgevoerd of er onverwachte boekingen zijn gemaakt ten aanzien
van de opbrengsten in het grootboek.
Met betrekking tot het frauderisico inzake handelsvorderingen ontstaan uit gasonbalans positie(s):
Wij hebben de opzet en het bestaan van de interne beheersingsmaatregelen vastgesteld ten
aanzien van dit risico.
Wij hebben deelwaarnemingen uitgevoerd ten aanzien van de afloop van de handels -
vorderingen.
Wij hebben een element van onvoorspelbaarheid ingebouwd in onze controlewerkzaamheden.
Wij hebben de uitkomsten van overige controlewerkzaamheden overwogen en geëvalueerd of
geconstateerde afwijkingen een aanwijzing vormen voor fraude. Indien een dergelijke aanwijzing
bestond, hebben wij de frauderisicoanalyse opnieuw geëvalueerd en de impact bepaald op onze
geplande controlewerkzaamheden.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
228
We hebben controle-informatie verkregen omtrent het naleven van de bepalingen van die wet- en
regelgeving die gewoonlijk wordt geacht van directe invloed te zijn op de vaststelling van bedragen
en in de financiële overzichten opgenomen toelichtingen die van materieel belang zijn. Voor wat
betreft overige wet- en regelgeving die geen directe invloed heeft op de vaststelling van de bedragen
en toelichtingen in de financiële overzichten hebben wij de raad van bestuur en de raad van
commissarissen gevraagd of de entiteit dergelijke wet- en regelgeving naleeft. Daarnaast hebben we
de correspondentie met relevante vergunningverlenende of regelgevende of toezichthoudende
instanties geïnspecteerd.
De kernpunten van onze controle
In de kernpunten van onze controle beschrijven wij zaken die naar ons professionele oordeel het meest
belangrijk waren tijdens de controle van de jaarrekening. Wij hebben de raad van commissarissen op de
hoogte gebracht van het kernpunt. Het kernpunt vormt geen volledige weergave van alle risico’s en
punten die wij tijdens onze controle hebben geïdentificeerd en hebben besproken. Wij hebben in deze
paragraaf het kernpunt beschreven met daarbij een samenvatting van de op dit punt door ons
uitgevoerde werkzaamheden.
Wij hebben onze controlewerkzaamheden met betrekking tot dit kernpunt bepaald in het kader van de
jaarrekeningcontrole als geheel. Onze bevindingen en observaties ten aanzien van een individueel
kernpunt moet in dat kader worden bezien en niet als afzonderlijke oordelen over dit kernpunt of over
specifiek(e) element(en) van de jaarrekening.
In 2019 was het kernpunt ‘Waardering van de vaste activa in BBL Company’. De door de raad van bestuur
gehanteerde schattingen en uitgangspunten zijn nog steeds actueel en leiden daarom niet opnieuw tot
een aanwijzing voor een bijzondere waardevermindering. Om die reden is de waardering van de vaste
activa in BBL Company niet opnieuw als een kernpunt opgenomen.
Kernpunt
Waardering van de materle vaste activa van Gasunie
Transport Services B.V.
Zie noot 4 en noot 5 van de nadere toelichting op de
geconsolideerde balans
Gasunie Transport Services B.V. heeft
gereguleerde gastransportnetwerken met een
totale waarde van 6,8 miljard verantwoord onder
de post materiële vaste activa in de jaarrekening.
In februari 2021 heeft de ACM het methodebesluit
voor de reguleringsperiode 2022-2026
gepubliceerd. Uit analyse van de raad van bestuur
is gebleken dat wijzigingen in het methodebesluit
alsmede de toe te passen disconteringsvoet
aanwijzingen bevatten voor bijzondere
waardeverminderingen van de materiële vaste
activa dan wel een terugname hiervan.
Onze controlewerkzaamheden en observaties
Wij hebben kennisgenomen van de door de raad
van bestuur uitgevoerde analyse ten aanzien van
de bijzondere waardevermindering in de
materiële vaste activa. Wij kunnen ons vinden in
de conclusie van de raad van bestuur dat er sprake
is van aanwijzingen om de realiseerbare waarde
van de gastransportnetwerken te toetsen.
Onze controlewerkzaamheden op de inschatting
van de realiseerbare waarde van de materiële
vaste activa van Gasunie Transport Services B.V.
bestonden onder meer uit:
Kennisnemen van het methodebesluit 2022-
2026 en de aanwezige documentatie
beschikbaar gesteld door de ACM;
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
229
De raad van bestuur heeft als gevolg van deze
aanwijzingen, onderzoek gedaan naar de
realiseerbare waarde van de materiële vaste activa
van Gasunie Transport Services B.V. en deze
ingeschat op basis van een value-in-use
benadering. De raad van bestuur bepaalt hierbij de
indirecte opbrengstwaarde van het
gastransportnetwerk op basis van de verwachte
kasstromen.
De raad van bestuur heeft de voornaamste
veronderstellingenbij het bepalen van de
realiseerbare waarde toegelicht in de
jaarrekening. De belangrijkste veronderstellingen
in deze value-in-use benadering betreffen:
Uit de uitgevoerde inschatting is gebleken dat er
sprake is van een terugname van €300 miljoen
van een eerder verantwoorde bijzondere
waardevermindering van deze materiële vaste
activa.
Vanwege de complexiteit van de berekeningen en
subjectiviteit in de veronderstellingen
onderliggend aan de realiseerbare waarde van de
materiële vaste activa en de daarmee
samenhangende schattingsonzekerheden en de
significante waarde hebben wij dit aangemerkt
als een kernpunt van onze controle.
Wij achten de veronderstellingen van de raad van
bestuur in het waarderingsmodel inzake de
materiële vaste activa van Gasunie Transport
Services B.V. redelijk en aanvaardbaar. Op basis
van de door ons uitgevoerde werkzaamheden en
verkregen controle informatie hebben wij geen
materiële bevindingen geconstateerd.
Tot slot hebben wij werkzaamheden inzake de
juistheid en toereikendheid van de toelichting,
inclusief de opgenomen sensitiviteitsanalyse,
uitgevoerd en hierbij geen materiële bevindingen
geconstateerd.
Efficiency na de reguleringsperiode 2022-2026;
Kapitaalskosten vergoeding – ACM WACC;
Disconteringsvoet.
Evalueren van de bruikbaarheid van het
gehanteerde waarderingsmodel en het
nagaan van de rekenkundige juistheid en
consistentie met voorgaande
waarderingsonderzoeken;
Het aansluiten van de gehanteerde statische
efficiency op het methodebesluit 2022-2026 en
het challengen van de raad van bestuur op de
gehanteerde veronderstellingen voor de
periode daarna;
Het toetsen van de aannames ten aanzien van
de gehanteerde kapitaalskosten vergoeding
ACM WACC met behulp van een
schaduwberekening op basis van marktdata;
Het toetsen van de aannames ten aanzien van
de gehanteerde disconteringsvoet met behulp
van schaduwberekeningen op basis van
marktdata;
Het challengen van de raad van bestuur op de
gehanteerde aannames ten aanzien van de
overige uitgangspunten, deze hebben wij
tevens aangesloten op onderliggende
begrotingen, (investerings)plannen en andere
rapportages van de raad van bestuur.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
230
Verklaring over de in het jaarverslag opgenomen andere informatie
Naast de jaarrekening en onze controleverklaring daarbij, omvat het jaarverslag andere informatie, die
bestaat uit:
Op grond van onderstaande werkzaamheden zijn wij van mening dat de andere informatie:
Wij hebben de andere informatie gelezen en hebben op basis van onze kennis en ons begrip, verkregen
vanuit de jaarrekeningcontrole of anderszins, overwogen of de andere informatie materiële afwijkingen
bevat.
Met onze werkzaamheden hebben wij voldaan aan de vereisten in Titel 9 Boek 2 BW en de Nederlandse
Standaard 720. Deze werkzaamheden hebben niet dezelfde diepgang als onze controlewerkzaamheden
bij de jaarrekening.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van de andere informatie, waaronder het
bestuursverslag en de overige gegevens in overeenstemming met Titel 9 Boek 2 BW.
het bestuursverslag (zoals gedefinieerd in toelichting op de geconsolideerde financiële overzichten,
paragraaf Algemeen);
verslag Raad van Commissarissen;
verslag van de OR;
de overige gegevens.
met de jaarrekening verenigbaar is en geen materiële afwijkingen bevat;
alle informatie bevat die op grond van Titel 9 Boek 2 BW is vereist.
Verklaring betreffende overige door wet- en regelgeving gestelde vereisten
Onze benoeming
Wij zijn op 12december2013 benoemd als externe accountant van N.V. Nederlandse Gasunie door de raad
van commissarissen volgend een besluit van de algemene vergadering op 17december2013 dat jaarlijks is
herbevestigd door de aandeelhouder. Wij zijn nu voor een onafgebroken periode van zes jaar accountant
van de vennootschap.
Geen verboden diensten
Wij hebben, naar ons beste weten en overtuiging, geen verboden diensten, als bedoeld in artikel 5, lid 1
van de Europese verordening betreffende specifieke eisen voor de wettelijke controles van financiële
overzichten van organisaties van openbaar belang, geleverd.
Geleverde diensten
De diensten die wij, in aanvulling op de controle van de jaarrekening, hebben geleverd aan de
vennootschap en haar dochtermaatschappijen, in de periode waarop onze wettelijke controle
betrekking heeft, zijn toegelicht in punt 34 van de toelichting van de geconsolideerde jaarrekening.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
231
Europees uniform elektronisch formaat (ESEF)
N.V. Nederlandse Gasunieheeft haar jaarverslag, inclusief de jaarrekening, opgesteld in ESEF. De
vereisten waaraan dit format moet voldoen zijn vastgelegd in de Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/815
met technische reguleringsnormen voor de specificatie van een uniform elektronisch
verslagleggingsformaat (deze vereisten worden hierna aangeduid met: de RTS voor ESEF).
Naar ons oordeel is het jaarverslag, opgesteld in het XHTML-formaat, met daarin opgenomen de deels
getagde geconsolideerde jaarrekening zoals door N.V. Nederlandse Gasunie opgenomen in de
rapportageset, in alle van materieel belang zijnde aspecten opgesteld in overeenstemming met de RTS
voor ESEF.
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor het opstellen van het jaarverslag inclusief de jaarrekening
in overeenstemming met de RTS voor ESEF, waarbij zij de verschillende onderdelen samenvoegt in een
enkele rapportageset. Het is onze verantwoordelijkheid een redelijke mate van zekerheid voor ons
oordeel te krijgen dat het jaarverslag in deze rapportageset in overeenstemming is met de RTS voor
ESEF.
Onze werkzaamheden bestonden met inachtneming van NBA Alert 43 (Koninklijke Nederlandse
Beroepsorganisatie van Accountants), onder andere uit:
het verkrijgen van inzicht in het financiële rapportageproces van de entiteit, waaronder het
opstellen van de rapportageset;
het verkrijgen van de rapportageset en het uitvoeren van validaties om vast te stellen of de
rapportageset met daarin opgenomen het Inline XBRL-instancedocument en de XBRL- extensie
taxonomiebestanden, in alle van materieel belang zijnde aspecten, in overeenstemming met de
technische specificaties zoals opgenomen in de RTS voor ESEF is opgesteld;
het onderzoeken van de informatie met betrekking tot de geconsolideerde jaarrekening in de
rapportageset om vast te stellen of alle vereiste taggings zijn toegepast en of deze in
overeenstemming zijn met de RTS voor ESEF.
Verantwoordelijkheden met betrekking tot de jaarrekening en de
accountantscontrole
Verantwoordelijkheden van de raad van bestuur en de raad van commissarissen voor de
jaarrekening
De raad van bestuur is verantwoordelijk voor:
Bij het opmaken van de jaarrekening moet de raad van bestuur afwegen of de vennootschap in staat is
om haar werkzaamheden in continuïteit voort te zetten. Op grond van het genoemde
verslaggevingsstelsel moet de raad van bestuur de jaarrekening opmaken op basis van de
continuïteitsveronderstelling, tenzij de raad van bestuur het voornemen heeft om de vennootschap te
het opmaken en het getrouw weergeven van de jaarrekening in overeenstemming met EU-IFRS en
met Titel 9 Boek 2 BW; en voor
een zodanige interne beheersing die de raad van bestuur noodzakelijk acht om het opmaken van de
jaarrekening mogelijk te maken zonder afwijkingen van materieel belang als gevolg van fouten of
fraude.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
232
liquideren of de bedrijfsactiviteiten te beëindigen of als beëindiging het enige realistische alternatief is.
De raad van bestuur moet gebeurtenissen en omstandigheden waardoor gerede twijfel zou kunnen
bestaan of de vennootschap haar bedrijfsactiviteiten kan voortzetten, toelichten in de jaarrekening.
De raad van commissarissen is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het proces van
financiële verslaggeving van de vennootschap.
Onze verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening
Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een controleopdracht dat wij
daarmee voldoende en geschikte controle-informatie verkrijgen voor het door ons af te geven oordeel.
Onze doelstellingen zijn een redelijke mate van zekerheid te verkrijgen over de vraag of de jaarrekening
als geheel geen afwijking van materieel belang bevat als gevolg van fraude of van fouten en een
controleverklaring uit te brengen waarin ons oordeel is opgenomen. Een redelijke mate van zekerheid is
een hoge mate maar geen absolute mate van zekerheid waardoor het mogelijk is dat wij tijdens onze
controle niet alle afwijkingen van materieel belang ontdekken.
Afwijkingen kunnen ontstaan als gevolg van fraude of fouten en zijn materieel indien redelijkerwijs kan
worden verwacht dat deze, afzonderlijk of gezamenlijk, van invloed kunnen zijn op de economische
beslissingen die gebruikers op basis van deze jaarrekening nemen. De materialiteit beïnvloedt de aard,
timing en omvang van onze controlewerkzaamheden en de evaluatie van het effect van onderkende
afwijkingen op ons oordeel.
Een meer gedetailleerde beschrijving van onze verantwoordelijkheden is opgenomen in de bijlage bij
onze controleverklaring.
Groningen, 4 maart 2021
PricewaterhouseCoopers Accountants N.V.
drs. W.A. Schouten RA
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
233
Bijlage bij onze controleverklaring over de jaarrekening 2020 van N.V.
Nederlandse Gasunie
In aanvulling op wat is vermeld in onze controleverklaring hebben wij in deze bijlage onze
verantwoordelijkheden voor de controle van de jaarrekening nader uiteengezet en toegelicht wat een
controle inhoudt.
De verantwoordelijkheden van de accountant voor de controle van de jaarrekening
Wij hebben deze accountantscontrole professioneel-kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant
professionele oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse
controlestandaarden, ethische voorschriften en de onafhankelijkheidseisen. Onze controle bestond
onder andere uit:
Gegeven onze eindverantwoordelijkheid voor het oordeel zijn wij verantwoordelijk voor de aansturing
van, het toezicht op en de uitvoering van de groepscontrole. In dit kader hebben wij de aard en omvang
van de uit te voeren werkzaamheden voor de groepsonderdelen bepaald om te waarborgen dat we
voldoende controlewerkzaamheden verrichten om in staat te zijn een oordeel te geven over de
jaarrekening als geheel. Bepalend hierbij zijn de geografische structuur van de groep, de omvang en/of
het risicoprofiel van de groepsonderdelen of de activiteiten, de bedrijfsprocessen en interne
Het identificeren en inschatten van de risico’s dat de jaarrekening afwijkingen van materieel belang
bevat als gevolg van fouten of fraude, het in reactie op deze risico’s bepalen en uitvoeren van
controlewerkzaamheden en het verkrijgen van controle-informatie die voldoende en geschikt is als
basis voor ons oordeel. Bij fraude is het risico dat een afwijking van materieel belang niet ontdekt
wordt groter dan bij fouten. Bij fraude kan sprake zijn van samenspanning, valsheid in geschrifte,
het opzettelijk nalaten transacties vast te leggen, het opzettelijk verkeerd voorstellen van zaken of
het doorbreken van de interne beheersing.
Het verkrijgen van inzicht in de interne beheersing die relevant is voor de controle met als doel
controlewerkzaamheden te selecteren die passend zijn in de omstandigheden. Deze
werkzaamheden hebben niet als doel om een oordeel uit te spreken over de effectiviteit van de
interne beheersing van de vennootschap.
Het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte grondslagen voor financiële verslaggeving en het
evalueren van de redelijkheid van schattingen door de raad van bestuur en de toelichtingen die
daarover in de jaarrekening staan.
Het vaststellen dat de door de raad van bestuur gehanteerde continuïteitsveronderstelling
aanvaardbaar is. Ook op basis van de verkregen controle-informatie vaststellen of er gebeurtenissen
en omstandigheden zijn waardoor gerede twijfel zou kunnen bestaan of de vennootschap haar
bedrijfsactiviteiten in continuïteit kan voortzetten. Als wij concluderen dat er een onzekerheid van
materieel belang bestaat, zijn wij verplicht om aandacht in onze controleverklaring te vestigen op de
relevante gerelateerde toelichtingen in de jaarrekening. Als de toelichtingen inadequaat zijn,
moeten wij onze verklaring aanpassen. Onze conclusies zijn gebaseerd op de controle-informatie die
verkregen is tot de datum van onze controleverklaring. Toekomstige gebeurtenissen of
omstandigheden kunnen er echter toe leiden dat een onderneming haar continuïteit niet langer kan
handhaven.
Het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud van de jaarrekening en de daarin opgenomen
toelichtingen en het evalueren of de jaarrekening een getrouw beeld geeft van de onderliggende
transacties en gebeurtenissen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
234
beheersingsmaatregelen en de bedrijfstak waarin de vennootschap opereert. Op grond hiervan hebben
wij de groepsonderdelen geselecteerd waarbij een controle of beoordeling van de financiële informatie of
specifieke posten noodzakelijk was.
Wij communiceren met de raad van commissarissen onder andere over de geplande reikwijdte en
timing van de controle en over de significante bevindingen die uit onze controle naar voren zijn
gekomen, waaronder eventuele significante tekortkomingen in de interne beheersing. In dit kader
geven wij ook een verklaring aan de auditcommissie op grond van artikel 11 van de Europese verordening
betreffende specifieke eisen voor de wettelijke controles van financiële overzichten van organisaties van
openbaar belang. De in die aanvullende verklaring verstrekte informatie is consistent met ons oordeel in
deze controleverklaring.
Wij bevestigen aan de raad van commissarissen dat wij de relevante ethische voorschriften over
onafhankelijkheid hebben nageleefd. Wij communiceren ook met hen over alle relaties en andere zaken
die redelijkerwijs onze onafhankelijkheid kunnen beïnvloeden en over de daarmee verband houdende
maatregelen om onze onafhankelijkheid te waarborgen.
Wij bepalen de kernpunten van onze controle van de jaarrekening vanuit alle zaken die wij met de raad
van commissarissen hebben besproken. Wij beschrijven deze zaken in onze controleverklaring, tenzij dit
is verboden door wet- of regelgeving of in buitengewoon zeldzame omstandigheden wanneer het niet
vermelden in het belang is van het maatschappelijk verkeer.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
235
Assurancerapport van de onafhankelijke accountant
Aan: de algemene vergadering en de raad van commissarissen van N.V.
Nederlandse Gasunie
Assurancerapport bij de duurzaamheidsinformatie 2020
Onze conclusie
Op grond van onze werkzaamheden is ons niets gebleken op basis waarvan wij zouden moeten
concluderen dat de duurzaamheidsinformatie opgenomen in het jaarverslag 2020 van N.V. Nederlandse
Gasunie, niet in alle van materieel belang zijnde aspecten, een betrouwbare en toereikende weergave
geeft van:
in overeenstemming met de Sustainability Reporting Standards van het Global Reporting Initiative (GRI)
en de aanvullendgehanteerde verslaggevingscriteria zoals toegelicht in de paragraaf
‘verslaggevingscriteria’.
het beleid en de bedrijfsvoering ten aanzien van maatschappelijk verantwoord ondernemen; en
de gebeurtenissen en de prestaties op dat gebied voor het jaar geëindigd op 31 december 2020,
Wat we hebben beoordeeld
Wij hebben de duurzaamheidsinformatie opgenomen in het jaarverslag 2020 beoordeeld voor het jaar
geëindigd op 31december 2020, zoals opgenomen in de volgende secties in het jaarverslag (hierna: “de
duurzaamheidsinformatie”):
De duurzaamheidsinformatie omvat een weergave van het beleid en de bedrijfsvoering van N.V.
Nederlandse Gasunie, Groningen (hierna: N.V. Nederlandse Gasunie”) ten aanzien van maatschappelijk
verantwoord ondernemen en van de gebeurtenissen en de prestaties op dat gebied gedurende 2020.
Van gastransportbedrijf naar energie-infrastructuuronderneming
Over Gasunie
Optimaliseren infrastructuur
Europees verbindend
Versnellen van de energietransitie
Organisatiefundament
Onze dilemma’s
Overige informatie medewerkers
Overige data veiligheid en milieu
Verslaggevingsprincipes
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
236
De basis voor onze conclusie
Wij hebben onze beoordeling uitgevoerd volgens Nederlands recht, waaronder de Nederlandse
Standaard 3810N ‘Assuranceopdrachten inzake maatschappelijke verslagen’. Deze beoordeling is gericht
op het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid. Onze verantwoordelijkheden op grond hiervan
zijn beschreven in de paragraaf 'Onze verantwoordelijkheden voor de beoordeling van de
duurzaamheidsinformatie’.
Wij vinden dat de door ons verkregen assurance-informatie voldoende en geschikt is als basis voor onze
conclusie.
Onafhankelijkheid en kwaliteitsbeheersing
Wij zijn onafhankelijk van N.V. Nederlandse Gasunie zoals vereist in de Verordening inzake de
onafhankelijkheid van accountants bij assuranceopdrachten (ViO) en andere voor de opdracht relevante
onafhankelijkheidsregels in Nederland. Verder hebben wij voldaan aan de Verordening gedrags- en
beroepsregels accountants (VGBA).
Wij passen de Nadere voorschriften kwaliteitssystemen (NVKS) toe. Op grond daarvan beschikken wij
over een samenhangend stelsel van kwaliteitsbeheersing inclusief vastgelegde richtlijnen en procedures
inzake de naleving van ethische voorschriften, professionele standaarden en andere relevante wet- en
regelgeving.
Verslaggevingscriteria
De duurzaamheidsinformatie dient gelezen en begrepen te worden in de context van de
verslaggevingscriteria. Het bestuur van N.V. Nederlandse Gasunie is verantwoordelijk voor het
selecteren en toepassen van deze verslaggevingscriteria, rekening houdend met de van toepassing
zijnde wet- en regelgeving met betrekking tot verslaggeving.
De gehanteerde verslaggevingscriteria voor het opstellen van de duurzaamheidsinformatie zijn de
Sustainability Reporting Standards van Global Reporting Initiative (GRI) en de aanvullendgehanteerde
verslaggevingscriteria zoals toegelicht in het hoofdstuk ‘Verslaggevingsprincipes’ van het jaarverslag. Het
ontbreken van gevestigde praktijken ter beoordeling en meting van niet-financiële informatie biedt de
mogelijkheid verscheidene, acceptabele meettechnieken toe te passen. Hierdoor kan de
vergelijkbaarheid tussen entiteiten onderling en in de tijd beïnvloed worden.
Beperkingen in de reikwijdte van onze beoordeling
In de duurzaamheidsinformatie is toekomstgerichte informatie opgenomen zoals verwachtingen ten
aanzien van ambities, strategie, plannen en ramingen en risico-inschattingen. Inherent aan
toekomstgerichte informatie is dat de werkelijke uitkomsten in de toekomst waarschijnlijk zullen
afwijken van deze verwachtingen. De hieruit voortvloeiende afwijkingen kunnen van materieel belang
zijn. Wij geven geen zekerheid bij de veronderstellingen en de haalbaarheid van toekomstgerichte
informatie in de duurzaamheidsinformatie.
De verwijzingen naar externe bronnen of websites in de duurzaamheidsinformatie maken geen
onderdeel uit van de duurzaamheidsinformatie die door ons is beoordeeld. Wij verstrekken derhalve
geen zekerheid over deze informatie buiten het jaarverslag.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
237
Verantwoordelijkheden voor de duurzaamheidsinformatie en de beoordeling
Verantwoordelijkheden van het bestuur en de raad van commissarissen
Het bestuur van N.V. Nederlandse Gasunieis verantwoordelijk voor het opstellen van betrouwbare en
toereikende duurzaamheidsinformatie in overeenstemming met de verslaggevingscriteria zoals
toegelicht in de paragraaf ‘verslaggevingscriteria’, inclusief het identificeren van de beoogde gebruikers
en het bepalen van materiële onderwerpen. De door het bestuur gemaakte keuzes ten aanzien van de
reikwijdte van de duurzaamheidsinformatie en het verslaggevingsbeleid zijn uiteengezet in het
hoofdstuk ‘Verslaggevingsprincipes’ van het jaarverslag 2020.
Het bestuur is ook verantwoordelijk voor een zodanige interne beheersing die het bestuur noodzakelijk
acht om het opstellen van de duurzaamheidsinformatie mogelijk te maken zonder afwijkingen van
materieel belang als gevolg van fraude of fouten.
De raad van commissarissen is verantwoordelijk voor het uitoefenen van toezicht op het
rapportageproces van de vennootschap ten aanzien van de duurzaamheidsinformatie.
Onze verantwoordelijkheden voor de beoordeling van de duurzaamheidsinformatie
Onze verantwoordelijkheid is het zodanig plannen en uitvoeren van een beoordelingsopdracht dat wij
daarmee voldoende en geschikte assurance-informatie verkrijgen voor de door ons af te geven conclusie.
De werkzaamheden die worden verricht bij het verkrijgen van een beperkte mate van zekerheid zijn
gericht op het vaststellen van de plausibiliteit van informatie en variëren in aard en timing van, en zijn
geringer in omvang, dan die bij een controleopdracht gericht op het verkrijgen van een redelijke mate
van zekerheid. De mate van zekerheid die wordt verkregen bij beoordelingsopdrachten is daarom ook
aanzienlijk lager dan de zekerheid die wordt verkregen bij controleopdrachten.
Uitgevoerde werkzaamheden
Wij hebben deze beoordeling professioneel-kritisch uitgevoerd en hebben waar relevant professionele
oordeelsvorming toegepast in overeenstemming met de Nederlandse Standaard 3810N, ethische
voorschriften en de onafhankelijkheidseisen.
Onze werkzaamheden bestonden onder andere uit:
Het uitvoeren van een omgevingsanalyse en het verkrijgen van inzicht in de relevante
maatschappelijke thema’s en kwesties en de kenmerken van de entiteit.
Het evalueren van de geschiktheid van de gebruikte verslaggevingscriteria, de consistente
toepassing hiervan en de toelichtingen die daarover in de duurzaamheidsinformatie staan. Dit
omvat het evalueren van de uitkomsten van de dialoog met belanghebbenden en het evalueren van
de redelijkheid van schattingen door het bestuur.
Het verkrijgen van inzicht in de verslaggevingsprocessen die ten grondslag liggen aan de
duurzaamheidsinformatie inclusief het op hoofdlijnen kennisnemen van de interne beheersing, voor
zover relevant is voor onze beoordeling.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
238
Wij communiceren met de raad van commissarissen onder andere over de geplande reikwijdte en
timing van de beoordeling en over de significante bevindingen die uit onze beoordeling naar voren zijn
gekomen.
Groningen, 4 maart 2021
PricewaterhouseCoopers Accountants N.V.
drs. W.A. Schouten RA
Het identificeren van gebieden in de duurzaamheidsinformatie met een hoger risico op misleidende
of onevenwichtige informatie of afwijkingen van materieel belang als gevolg van fraude of fouten.
Het op basis van deze risico-inschatting bepalen en uitvoeren van werkzaamheden gericht op het
vaststellen van de plausibiliteit van de duurzaamheidsinformatie. Deze werkzaamheden bestonden
onder meer uit:
Het afnemen van interviews met het management (en/of relevante medewerkers) op groeps-
(en bedrijfs-/divisie-/cluster-/lokaal) niveau verantwoordelijk voor de
(duurzaamheids)strategie en het -beleid en de -prestaties;
Het afnemen van interviews met relevante medewerkers verantwoordelijk voor het
aanleveren van informatie voor, het uitvoeren van interne controles op, en de consolidatie van
gegevens in de duurzaamheidsinformatie;
Het bepalen van de aard en omvang van de uit te voeren beoordelingswerkzaamheden voor de
groepsonderdelen en locaties. Bepalend hierbij zijn de aard, omvang en/of het risicoprofiel van
de groepsonderdelen, locaties of de activiteiten;
Het verkrijgen van assurance-informatie dat de duurzaamheidsinformatie aansluit op de
onderliggende administraties van de entiteit;
Het op basis van beperkte deelwaarnemingen beoordelen van relevante interne en externe
documentatie;
Het analytisch evalueren van data en trends.
Het aansluiten van de relevante financiële informatie met de jaarrekening.
Het evalueren van de consistentie van de duurzaamheidsinformatie met de overige informatie in het
jaarverslag buiten de reikwijdte van onze beoordeling.
Het evalueren van de presentatie, structuur en inhoud vande duurzaamheidsinformatie.
Het overwegen of de duurzaamheidsinformatie als geheel het beeld weergeeft in relatie tot het doel
van de gehanteerde verslaggevingscriteria.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
239
17 Bijlagen
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
240
Verslag van de OR
Als ondernemingsraad staan we voor een goede balans tussen de belangen van de organisatie en
die van de medewerkers.*We denken actief mee met de Raad van Bestuur om plannen die
noodzakelijk zijn voor het voortbestaan van onze organisatie te verwezenlijken en verlangen van
onze Raad van Bestuur dat hij onze medewerkers in de gelegenheid stelt mee te groeien met de
veranderingen die noodzakelijk zijn binnen het bedrijf.
*De ondernemingsraad vertegenwoordigt de belangen van de werknemers in Nederland. Voor onze werknemers in
Duitsland is er een Betriebsrat. Deze houdt zich bezig met individuele personeelszaken en niet zoals in Nederland
met onderwerpen die het personeel in het algemeen aangaan.
Totstandkoming van een sociaal statuut
Met de adviesaanvraag voor het opheffen van de regiokantoren Deventer en Waddinxveen ultimo 2021
werd het afgelopen jaar pas echt duidelijk welke impact dit voorgenomen besluit heeft op een groot
aantal Gasunie-medewerkers. Locatiegebonden functies houden op te bestaan bij de sluiting eind 2021,
ambulante medewerkers hebben andere standplaatsen gekregen en kantoormedewerkers op de
locaties hebben te horen gekregen dat hun standplaats Groningen gaat worden. Als ze hun baan willen
behouden, moeten ze meeverhuizen. Niet iedere medewerker kan of wil dat. Kortom: baanverlies
dreigt voor een aantal medewerkers. We hebben daarom samen met de Raad van Bestuur en de
vakbonden hard gewerkt aan de totstandkoming van een degelijk sociaal statuut, waarbij de focus ligt
op medewerkers begeleiden van werk naar werk – aangevuld met een financiële vergoeding. We zijn
tevreden over het resultaat: in april heeft Gasunie het sociaal statuut vastgesteld voor collega’s die
boventallig worden.
Een organisatie in beweging
In het kader van de verdere optimalisatie van de organisatie hebben we afgelopen jaar een aantal
adviesaanvragen behandeld. Zo is mede dankzij onze adviezen de ICT-afdeling platter geworden. Ook is
er een afdeling Business Development Waterstof opgericht om onze ambities op dat vlak krachtiger en
sneller te realiseren.
We hebben ook afscheid genomen van een verouderde beoordelingssystematiek. Wegaan vanaf 2021
met goede gesprekken tussen leidinggevende en medewerker voornamelijk vooruitkijken en
nauwelijks terug. Met de focus op ontwikkeling en leren. Dat past bij de lerende organisatie die
Gasunie wil zijn, en is ook nodig om de doelen uit onze Visie 2030 te kunnen realiseren. Het nieuwe
beoordelingssysteem heeft de naam FLOW meegekregen: Focus op Leren, Ontwikkeling en
Wendbaarheid. De bijdrage die de individuele medewerker kan leveren aan de visie van Gasunie staat
daarbij centraal, er wordt per medewerker gekeken naar het gewenste ontwikkelpad.
Samen met de Raad van Commissarissen (RvC) zijn we begonnen met de zoektocht naar twee nieuwe
RvC-leden die Martika Jonk en Willem Schoeber bij de aandeelhoudersvergadering van 2022 gaan
vervangen. In het opgestelde profiel kijken we nadrukkelijk naar de toegevoegde waarde voor ons totale
werkgebied. De nieuwe leden moeten kunnen bijdragen aan de rol die we willen gaan invullen bij de
energietransitie in het Europese speelveld. Ook is ervaring gewenst met een organisatie die in
beweging is.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
241
De impact van COVID-19
Net als de rest van onze organisatie heeft ook de
ondernemingsraad hinder ondervonden van de wereldwijde
uitbraak van COVID-19. Onze fysieke vergaderingen werden
Teams-vergaderingen. Met vijftien leden, onze ambtelijk
secretaris en de gastsprekers die we hebben mogen
ontvangen, is dit een uitdaging gebleken. Ook hebben we
abrupt moeten breken met de goede gewoonte om
regelmatig op diverse locaties in het land te vergaderen, in
combinatie met de achterbanlunches waarbij we konden
ophalen wat er speelt in de organisatie. Voor deze
afstemmomenten met de medewerkers door het hele land gaan we in 2021 virtuele
ontmoetingen organiseren. Net zo lang tot we elkaar weer veilig fysiek kunnen ontmoeten.
Uitdagingen waar we de komende jaren voor staan
Als ondernemingsraad staan we achter de Visie 2030 die in het verslagjaar is opgesteld en waaraan vele
collega’s hebben meegewerkt. We begrijpen dat we als organisatie voor een grote uitdaging staan.
Deze gaat gepaard met de nodige veranderingen en verlangt in toenemende mate van ons dat we
wendbaar worden. Samenwerkingsvormen gaan veranderen en nieuwe competenties worden
noodzakelijk. Daarvoor moeten we goed in beeld krijgen welke veranderingen er op ons afkomen en
wat dit betekent voor onze medewerkers, zodat zoveel mogelijk van hen die toekomst kunnen helpen
vormgeven.
Afsluitend
We blijven ons inzetten om snel en zorgvuldig adviesaanvragen en instemmingsverzoeken te
behandelen. Organisatiewijzigingen met een kleine impact zullen wenet als het afgelopen jaar na
enkele zorgvuldige checks zonder formeel traject afhandelen. Ook dat hoort bij een flexibele
organisatie.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
242
Overige informatie medewerkers
1. Totaal aantal medewerkers
Voltijds-
equivalenten
Aantal
personen
Contractvorm, geslacht GU GU-NL GU-D GU GU-NL GU-D
Vaste arbeidsovereenkomst,vrouw 213 163 50 239 184 55
Vaste arbeidsovereenkomst,man 1267 1086 181 1288 1106 182
Tijdelijke arbeidsovereenkomst, vrouw 29 28 1 33 32 1
Tijdelijke arbeidsovereenkomst, man 49 39 10 50 40 10
Totaal 1558 1316 242 1610 1362 248
Voltijds-
equivalenten
Aantal
personen
Dienstverband, geslacht GU GU-NL GU-D GU GU-NL GU-D
Voltijds,vrouw 136 99 37 136 99 37
Voltijds, man 1187 999 188 1188 999 189
Deeltijd, vrouw 106 92 14 136 117 19
Deeltijd, Man 129 126 3 151 147 4
Total 1558 1316 242 1611 1362 249
2. Totaal aantal tijdelijke medewerkers
Voltijds-
equivalenten
Aantal
personen
Geslacht GU GU-NL GU-D GU GU-NL GU-D
Vrouw 52 52 0 61 61 0
Man 327 327 1 363 361 2
Totaal 379 378 1 424 422 2
Overige informatie stakeholders
Wij identificeren onze stakeholders aan de hand van de mate waarin onze activiteiten hen beïnvloeden
en de mate waarin zij invloed kunnen uitoefenen op onze organisatie of bedrijfsvoering.
De feedback van onze stakeholders is waardevol voor ons. Het helpt ons onze dienstverlening nog beter
af te kunnen stemmen op hun behoeften. Feedback halen wij op in alle contactmomenten. Hieronder
geven wij een beknopt overzicht van onze verschillende stakeholders, hun belangen en de manier
waarop wij daarmee rekening houden bij de uitvoering van onze strategie, ons beleid en onze
activiteiten:
Stakeholder Belangen
/ verwachtinge n
van stakeholders
Manier van betrekken & frequentie Bespreekpunten & uitkomsten
2020
Medewerkers Goed
werkgeverschap
Intranet (dagelijk s)  Ontwik kelen nieuwe
business m et nieuwe kansen en
mogelijkheden 
Dynamo-teams (thematische inspraak teams / denk tank s) (frequentie naar
behoefte)
Rondje Land (RvB) (jaarlijks) 
Koers (personeelsmagazine over o.a. businessplan en Green Deals) (jaa rlijks)
Medewerkers mogen lid zijn van een vak bond
Veilige en gezonde
werkomgeving
Medewerkersonderzoek (tweejaa rlijks), Safe@Gasunie Veiligheidsdag (ja arlijks) Sa fe@Gasunie Veiligheidsdag,
wa arbij rekening is gehouden
met belang van de m aatschappij
die baat heeft bij betrouwbaa r,
veilig en betaalbaar
gastra nsport en een veilige
werkomgeving voor
medewerkers
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
243
Stakeholder Belangen
/ verwachtinge n
van stakeholders
Manier van betrekken & frequentie Bespreekpunten & uitkomsten
2020
Ontwikkelings-
mogelijkheden 
Via ondernemingsraad (maandelijks), Intranet Veilige en gezonde
werkomgeving, programm a
voor duurzame inzetba arheid
voor 2020, dat door
medewerkers zelf wordt
ontwikk eld 
Ondernemingsraad
(OR)
Helderheid om trent
voorgenomen
plannen en
activiteiten
Overleg met bestuur (tweemaandelijk s) 
Belang medewerkers
goed
vertegenwoordigd
Commissies (ma andelijks) Nieuw businessplan 
Werkgroepen t.b.v. Adviesaanvragen (periodiek) Sluiting regiok antoren Deventer
en Waddinxveen
Unit overleggen (k wartaalbasis)
Omwonenden Veilige omgeving Open dagen (variërend) Tijdige voorlichting over
activiteiten die impact hebben
op omgeving
Informatie over
werkza amheden
Nieuwsbrieven & brieven (periodiek) Strenge veiligheidsmaatregelen
tijdens werkzaamheden 
Vooraf betrekken bij
nieuwe plannen
/ projecten
Voorlichtingsavonden (variërend) Bij het begin van het project
bespreken wij de impact van het
project op de omwonenden en
zoeken zo nodig naa r op maat
gesneden oplossingen voor
tijdelijk e overlast
Scholenpakket voorlichtingsmateriaal
Websites & sociale media (dagelijks)
Aandeelhouder (de
Staat)
Solide rendement Periodiek overleg en rapportage Solide resultaten, goedkeurng
investeringen
Veilige, betrouwbare
en duurzame
energievoorziening 
Jaarlijkse aandeelhoudersvergadering R emuneratiebeleid, goedkeuring
benoem ingen
Strategie G asunie Periodiek overleg Goedkeuring herijkte strategie
Klanten e n
aangeslotenen
Producten en
diensten die
beantwoorden aan
mark tvraag en/of
Europese wet- en
regelgeving
Persoonlijke contacten (dagelijks) Hoge transportzekerheid
Transportzekerheid Customer desk (dagelijks) O p basis va n onder a ndere
mark tvraag en wet- en
regelgeving ontwikkelde
producten en diensten
Shippermeetings (2x per jaar) 
Website (da gelijks)
Stakeholderevenement (jaarlijk s)
Investeerders
enobligatie-
houders
Solide rendement,
financiering 
Roadshow, verstrekken investor relations inform atie bij livegang jaarverslag
Leve ranciers Langeterm ijnrelatie Persoonlijk e contacten (dagelijk s)  Langetermijncontracten
Goede prijs en
meeste waa rde
toevoegend 
Audits (varieert, gemiddeld 10x per jaar) O fferteaanvragen in
concurrentie
Website (da gelijks) O nafhank elijk e audits
Verbeterplannen leveranciers op
basis van uitkomsten audits
Ministe ries (o.a.
EZK) / Tweede
Kamer
Veilige, betrouwbare
en duurzame
energievoorziening 
Periodiek overleg en Werkbezoeken Informatievoorziening (in het
bijzonder ten behoeve van het
Groningendossier en
energietransitie)
Goed functionerende
energiem ark t
Regulier overleg Informatievoorziening en
kennisuitwisseling
Betaalba re
energievoorziening 
Periodiek overleg  Informa tievoorziening en
kennisuitwisseling
Deelname beleidsconsultaties (periodiek)
Energietra nsitie Periodiek overleg, adviezen over a fbouw ga sproductie Groningenveld
Klima atakkoord Deelname aan de tafel Elektriciteit en aan de werkgroepen duurzame ga ssen,
wa terstof en systeemintegratie
Kennisuitwisseling en inbedding
van onze activiteiten op het
gebied van de energietransitie in
het Klimaatakk oord.
Ondertekening Klimaatakk oord
door Gasunie.
Maatschappe-
lijkeorganisaties
Veilige, betrouwbare
en duurzame
energievoorziening 
O verleg  Duurzame initiatieven zoals op
het gebied van groen gas, CO2,
wa terstof en warmte
Zo min m ogelijk
milieu-im pact
Maatschappelijk e podia zoals Springtij (jaarlijk s)  Samenwerking en aangaan
nieuwe initiatieven gericht op
verduurzaming
energievoorziening 
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
244
Stakeholder Belangen
/ verwachtinge n
van stakeholders
Manier van betrekken & frequentie Bespreekpunten & uitkomsten
2020
Werkbezoek en en overleg (periodiek)  Samenwerking en aangaan
nieuwe initiatieven gericht op
verduurzaming
energievoorziening 
Coalitievorming zoals Waterstof Coalitie, NVDE, Transitiecoalitie Agenderen van knelpunten in het
beleid m et a ls doel de versnelling
van de energietransitie
Toezichthou-ders Goed functionerende
gasmarkt
Overleg (periodiek) Nieuw methodebesluit ACM
Marktconforme
tarieven 
Klankbordgroepen (periodiek) BNetzA besluit kostenallocatie
Doorvoering ta riefregulering
Efficiencymaatregelen
Overige data veiligheid en milieu
Reportable ongevallen
Hieronder is het overzicht weergegeven van het aantal ongevallen dat plaatsvond bij Gasunie-
medewerkers en bij onze aannemers tijdens werkzaamheden voor Gasunie.
2019 2019 2019 2020 2020 2020
NL DU Totaal NL DU Totaal
Aantal reportable ongevallen
Reportable ongevallen met verzuim
- Gasunie-medewerkers 0 1 1 1 0 1
- Derden 3 1 4 1 3 4
Reportable ongevallen zonder verzuim
- Gasunie-medewerkers 2 0 2 2 0 2
- Derden 2 0 2 3 0 3
Totaal reportable ongevallen 7 2 9 7 3 10
Frequentie-index reportable ongevallen
(aantal ongevallen per 1 miljoen werkuren)
Reportable ongevallen met verzuim
- Gasunie-medewerkers 0,0 2,6 0,4 0,5 0,0 0,4
- Derden 1,2 4,4 1,5 0,5 10,1 1,7
Reportable ongevallen zonder verzuim
- Gasunie-medewerkers 0,9 0,0 0,8 0,9 0,0 0,8
- Derden 0,8 0,0 0,7 1,4 0,0 1,3
Totaal frequentie-index 1,5 3,3 1,7 1,7 4,4 2,0
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
245
Te melden reportable ongevallen bevatten de volgende categorieën:
Dodelijke ongelukken
In 2020 waren er geen werkgerelateerde sterfgevallen, zowel voor werknemers van Gasunie als voor
externe medewerkers.
Reportables met verzuim
Een ongeval gepaard gaand met letsel waarbij de betrokkene met letsel niet binnen een werkdag
(24uur) het werk heeft hervat en waarbij het niet een ongeval met vervangend werk betreft.
Reportables zonder verzuim
Dat zijn:
Ongeval met vervangend werk
Een ongeval waarbij betrokkene met letsel niet binnen een werkdag (24uur) het normale
werk kan hervatten, maar wel binnen 24uur vervangend werk kan uitvoeren.
Medische behandeling
Een ongeval waarbij sprake is geweest van een medische behandeling (= behandeling door
een huisarts of medisch specialist).
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
246
CO–emissies volgens het GHG Protocol
Emissiebron 2016 2017 2018 2019 2020
(inkiloton CO2-equivalenten)
Scope 1
Lease- en dienstauto's 5 4 4 3 2
Gasverbruik gebouwen 2 2 2 3 3
Methaan (Netwerkverliezen) 181 124 129 115 111
SF6 - - - - -
Gasverbruik installaties 119 124 119 128 169
Noodaggregaten - 0 0 - 0
Koelmiddelen - 6 1 - 1
Totaal scope 1 307 260 255 249 286
Scope 2
Warmtegebruik gebouwen - - - - -
Elektriciteitsverbruik gebouwen 4 3 2 1 0
Elektriciteitsverbruik installaties 313 267 163 78 0
Totaal scope 2 317 270 165 79 0
Scope 3
Dienst-, vlieg- en treinreizen 1 1 1 1 0
Woon-/werkverkeer 1 2 1 1 0
Inkoop N2 113 112 108 92 42
Totaal scope 3 115 115 110 94 42
Totaal netto scope 1 + 2 + 3 739 645 530 421 328
Vergroening doorGvO's 78 247 358 521 728
Totaal bruto scope 1 + 2 + 3 817 892 888 942 1056
Scope 1
Hieronder vallen alle emissies die direct het gevolg zijn van onze eigen activiteiten, zoals deCO-
uitstoot van gasgestookte compressoren en motoren die voor de compressie worden ingezet, eigen
gasverbruik voor verwarming van gebouwen en eigen gasverbruik voor de verwarmingsketels op
gasontvangstations. In deze categorie worden ook deCO-equivalenten door methaanuitstoot
meegenomen en vallen ook de emissies van fluorkoolwaterstoffen (HFK’s) die worden gebruikt bij
koelingsprocessen.
Scope 2
Onder scope2 vallen de indirecte emissies van de energie die is ingekocht, bijvoorbeeld van een
elektriciteitsbedrijf. Voor ons bedrijf worden deze scope2 CO-equivalenten met name bepaald door het
gebruik van elektriciteit voor onze elektrische compressoren en voor de productie van stikstof. Ook de
elektriciteit die we verbruiken op onze kantoren en installatiegebouwen valt binnen deze categorie.
Scope 3
Hieronder vallen alle overige indirecte emissies die het gevolg zijn van onze bedrijfsactiviteiten,
bijvoorbeeld emissies als gevolg van autorijden, vliegreizen en treinreizen en ook de benodigde energie
voor de productie van de door ons ingekochte stikstof.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
247
Van verbruik naar CO-equivalenten
In onderstaande tabel geven wij van de grootste emissiebronnen de berekening van deCO-
equivalenten voor 2019 weer, uitgesplitst naar Nederland en Duitsland. De conversiefactor voor het
elektriciteitsverbruik is gebaseerd op de opgave van de energieleverancier (brandstofmix 2019). De
conversiefactor voor de netwerkverliezen is ontleend aan het IPCC Fourth Assessment Report 'Climate
Change 2007' (Direct Global Warming Potential, Methaan, tijdshorizon 100jaar = 25).
Van verbruik Eenheid Verbruik CO2-
equivalenten
Vergroendmet kiloton CO2-equivalenten
(nettoscope)
naarCO2-equivalenten
NL DU conversiefactor certificaten NL DU
kilotonCO2e
Scope 1
Netwerkverliezen tonmethaan 4.000 433 25 kg
CO2/kg CH4
- 100,0 10,8
Gasverbruik gebouwen en
installaties
miljoenkWh 485 484 circa1,8 kg
CO2/m3
- 89,0 82,9
Mobiliteit (eigen) brandstof 1,7 0,1
Overig 1,5 -
Subtotaal 192,2 93,8
Scope 2
Elektriciteitsverbruik
NL GTS /Deelneming
miljoenkWh 557/148 0,57 kg
CO2/kWh
313,8/83,7 -
Elektriciteitsverbruik DU miljoenkWh 9 0 kg CO2/kWh geen -
Subtotaal - -
Scope 3
Inkoop N2 miljoenkWh 657 - 0,57 kg
CO2/kWh
330,4 41,7
Mobiliteit (derden) brandstof 0,1 0,6 0,2
Subtotaal 42,3 0,2
Scope 1+2+3 234,5 94,0
Aardgasverbruik
Ons aardgasverbruik over de afgelopen vijf jaar ziet er als volgt uit:
Aardgasverbruik 2016 2017 2018 2019 2020
(inmiljoenen kWh; conversiefactor 9,77
kWh=1m3)
Nederland 492,4 518,8 485,6 458,8 485,0
Duitsland 229,6 215,9 210,1 284,5 483,8
Totaal 722,0 734,7 695,7 743,3 968,7
Ons aardgasverbruik is met name afhankelijk van de vraag naar aardgas en de weersomstandigheden
gedurende het jaar.De toename van het aardgasverbruikin het afgelopen jaar wordt met name
veroorzaakt door een verhoogde inzet van compressorstation Wieringermeer. Wieringermeer wordt
ingezet voor het transport en de kwaliteitsconversie van hoogcalorisch gas naar Groningen-kwaliteit
gas.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
248
Elektriciteitsverbruik
Ons elektriciteitsverbruik over de afgelopen vijf jaar ziet er als volgt uit:
Elektriciteitsverbruik 2016 2017 2018 2019 2020
(inmiljoenen kWh)
Nederland 685,9 690,2 763,9 656,2 704,9
Duitsland 7,3 7,5 8,5 8,4 8,5
Totaal 693,2 697,7 772,4 664,6 713,4
Ons elektriciteitsverbruik is afhankelijk van de inzet van onze elektrisch aangedreven compressoren en
de benodigde energie voor de productie van stikstof die we zelf produceren. Een klein deel van het
elektriciteitsverbruik is benodigd binnen onze kantoren.Het elektriciteitsverbruik is in 2020 iets
gestegen ten opzichte van 2019. Deze stijging wordt veroorzaakt doordat vanuit het compressorstation
Noord-Holland nu gas van en naar Groot-Brittann wordt getransporteerd.
NO-emissies
Onze NO -emissies over de afgelopen vijf jaar zijn als volgt:
x
NOx-emissies 2016 2017 2018 2019 2020
(inton)
Nederland 70 83 95 59 71
Duitsland 29 29 29 42 79
Totaal 99 112 124 101 149
Onze NO -emissies zijn in 2020 toegenomen ten opzichte van 2019. Dit wordt veroorzaakt doordat in
Nederland het compressorstation Wieringermeer meer is ingezet. In Duitsland is in 2020 meer gas
getransporteerd waardoor de compressorstations meer zijn ingezet.
x
Veiligheid, Gezondheid en Milieu
Ons doel op het gebied van Veiligheid, Gezondheid en Milieu (VGM) is ervoor te zorgen dat iedereen die
werkt aan onze infrastructuur dat veilig kan doen en dat dit geen risico’s oplevert voor de gezondheid op
de lange termijn. Daarbij is het ook belangrijk dat mensen en dieren veilig kunnen leven in de buurt
van onze infrastructuur en het milieu beschermd wordt. Wij hebben onze VGM-processen ingericht
volgens de hoogste standaarden binnen de industrie.
Bij Gasunie kiezen we voor een proactieve benadering om ongevallen en incidenten tijdens
werkzaamheden te voorkomen, zowel wat betreft onze eigen medewerkers als medewerkers van
derden. Iedereen die voor ons werkt, is verplicht dit volgens wet- en regelgeving én onze aanvullende
eisen te doen.
Bij meldingen van ongevallen, incidenten en gevaarlijke situaties worden deze onderzocht om te
bepalen welke maatregelen noodzakelijk zijn om vergelijkbare voorvallen in de toekomst te voorkomen.
We leren door het verspreiden en bespreken van Leerzaam Incident-bulletins en van gebeurtenissen bij
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
249
bedrijven met vergelijkbare activiteiten. Hiermee versterken we het bewustzijn en draagvlak om
verbetermaatregelen te realiseren.
We besteden veel aandacht aan het creëren van een gezonde en veilige werkplek, zowel op kantoor als
in het veld. In onze instructies hebben we daarvoor voorschriften opgenomen. Die hebben bijvoorbeeld
betrekking op arbeidsplaatsen voor kantoorpersoneel die ergonomisch verantwoord zijn en het
handelen door medewerkers in het veld.
Arbeidshygiëne
Het doel van het arbeidshygiënische beleid van Gasunie is om medewerkers te beschermen tegen
werkgerelateerde gevaren die op langere termijn gezondheidsschade kunnen veroorzaken. Artikel 5 van
de Nederlandse Arbo-wet verplicht de werkgever tot het (laten) uitvoeren van een Risico-inventarisatie
& evaluatie (RI&E). Hierin legt het bedrijf schriftelijk vast welke risico’s de arbeid voor de werknemers
met zich meebrengt. De RI&E vormt het fundament van het arbobeleid. De Gasunie RI&E stamt uit 2017
en wordt in 2021 vernieuwd.
Blootstelling aan gevaarlijke stoffen
Het beleid vanuit de Nederlandse overheid is om het gebruik van carcinogene, mutagene en
reprotoxische stoffen (CMR-stoffen) te minimaliseren. Gasunie probeert het aantal CMR-stoffen te
beperken door waar mogelijk over te schakelen naar alternatieve niet-CMR-stoffen. Waar een
alternatief niet voorhanden is, zijn werkwijzen opgesteld die de blootstelling van medewerkers aan
deze stoffen minimaliseren. Eind 2020 is het aantal CMR-stoffen in gebruik bij Gasunie minder dan 20.
Twee jaar geleden waren dit er nog meer dan 100. De volgende stap is te kijken of alternatieven
gevonden kunnen worden voor de resterende gevaarlijke stoffen (ruim 800) die we nog in gebruik
hebben.
Chroom-6
In de wetenschap dat de coating die in het verleden op Gasunie-assets gebruikt is chroom-6 kan
bevatten, laat Gasunie werkzaamheden aan haar infrastructuur uitvoeren conform het beheersregime
zoals opgesteld door de overheid. Daarnaast heeft Gasunie, samen met andere netbeheerders,
blootstellingsmetingen bij gangbare werkzaamheden uitgevoerd. De resultaten worden verwerkt in
werkwijzen waarbij er veilig en gezond kan worden gewerkt.
Dieselmotorenemissie
Eind 2020 zijn de eerste blootstellingsmetingen aan Dieselmotorenemissie (DME) uitgevoerd. De
bewustwording over de risico’s van DME als kankerverwekkende stof is in Nederland de laatste jaren
gegroeid. Reden voor Gasunie om ook hier blootstellingsmetingen uit te voeren. In 2020 zijn bij diverse
klussen metingen verricht die in 2021 een vervolg zullen krijgen.
Asbest
Asbest is een natuurlijk product dat vanwege zijn goede eigenschappen (sterk, slijtvast, brandwerend,
isolerend en goedkoop) in het verleden in allerlei toepassingen werd gebruikt. Vanaf medio 1993 is deze
grondstof verboden, wat niet betekent dat alle asbest vanaf die datum verwijderd is of niet meer is
toegepast. De toepassing van asbest was zeer divers en varieert van pakkingen tot aan
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
250
constructiedelen van gebouwen van Gasunie of van derden (gasontvangstations). Gasunie heeft in de
periode van 2013 tot 2017 alle bovengrondse assets onderzocht op de aanwezigheid van asbest en daar
waar nodig asbestveilig gemaakt. In ondergrondse assets kan evenwel nog asbest voorkomen.
Fysieke belasting
In 2020 zijn enkele metingen verricht bij werkzaamheden waarbij fysieke belasting een risico kan
vormen. Vanwege de pandemie konden deze niet afgerond worden in 2020.
Onder fysieke belasting valt ook een ergonomische werkplek op kantoor of achter het stuur. Gasunie
hanteert een beleid waarbij medewerkers middels werkplekcontroles adviezen en middelen ter
beschikking gesteld krijgen voor een gezonde werkplek. Dergelijke controles zijn ook van toepassing op
de houding als bestuurder in de auto. Bij aanbestedingen van bedrijfsvoertuigen is ergonomie een
criterium dat in toenemende mate meeweegt in de keuze.
Vanwege COVID-19 wordt er nu veel meer thuis gewerkt dan voor de pandemie. In 2020 heeft Gasunie
als eerste aanzet om ook thuis een ergonomisch verantwoorde werkplek in te kunnen richten een
regeling voor een thuiswerkplekvergoeding in het leven geroepen voor alle medewerkers.
Biologische agentia
Naast legionella zijn er, vooral in de veldsituatie, risico’s die nog niet geïnventariseerd waren. Hierbij
kan gedacht worden aan virussen en andere ziekteverwekkers die bijvoorbeeld in de ontlasting van
dieren kunnen zitten. Deze inventarisatie is in 2020 afgerond.
Het jaar 2020 bracht een onverwachte ziekteverwekker in
beeld die een risico voor iedereen op elke werkplek vormde:
COVID-19. Vanuit Veiligheid is de aandacht uitgegaan naar:
desinfectie van werkplekken en handen: hierbij zijn
bewust middelen zonder alcohol (een kankerverwekkende
stof) geadviseerd.
toetsing van het ventilatiesysteem op de kantoren en
locaties om mogelijke besmetting via aerosolen te
verhinderen.
het veilig werken binnen 1,5m afstand door gebruik te
maken van passende persoonlijke bescherming.
Veiligheidsdag
Onder de naam Safe@Gasunie organiseert Gasunie jaarlijks een veiligheidsdag voor het gehele
personeel. Het thema van de veiligheidsdag van 2020 was Veilig & Verbonden. Vanwege de COVID-19
restricties kozen we dit jaar voor een onlineprogramma.
De thema’s waren onze samenwerking in de procesketen en professionele discipline: de eigen
verantwoordelijkheid van iedere medewerker voor veiligheid.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
251
Uit de sessies kwam veel waardering naar voren voor de mogelijkheden om online medewerkers van
verschillende afdelingen met elkaar in gesprek te laten gaan over de thema’s. De uitkomsten waren een
gedeelde positieve blik op het doorgaan van het werk tijdens een pandemie en een beter begrip van de
“veiligheidsbuffer”: een door Gasunie ontwikkeld concept voor het verbeteren van risicobewustzijn.
Aan de workshops hebben ruim 1.150medewerkers van Gasunie deelgenomen in 115sessies. De
resultaten van de workshops zijn samengevat en aan de leidinggevenden ter beschikking gesteld zodat
zij binnen het eigen team vervolg konden geven aan de veiligheidsdag.
Product- en leveranciersinformatie + MVI
Afzetmarkt en afnemers
Onze belangrijkste afzetmarkten zijn Nederland en Duitsland. Onze klanten en afnemers bestaan uit
shippers, traders en direct aangeslotenen (industrieën, regionale netbeheerders, private
netbeheerders, buitenlandse netbeheerders, gasproducenten, operators van gasbergingen en operators
van LNG-installaties).
Productiefactoren
De belangrijkste producten en diensten die we inkopen zijn:
werkzaamheden voor bouw, beheer en onderhoud van leidingnetwerken en installaties;
materialen voor bouw, beheer en onderhoud van leidingnetwerken en installaties;
gas, elektriciteit en stikstof;
ICT;
facilitaire diensten en tijdelijke medewerkers.
Herkomst grondstoffen, materialen, producten en diensten
Van wat we inkopen komt het merendeel uit de Europese Unie. Globaal onderverdeeld naar land komt
69% uit Nederland, 27% uit Duitsland, 2% uit Belg en 2% uit overige landen.
Transparantie en integriteit bij leveranciersselectie
We besteden onze contracten aan conform de regelgeving voor Europese aanbestedingen. Op deze
aanbestedingen zijn de Aanbestedingswet 2012 (speciale-sectoropdrachten), het
Aanbestedingsreglement Nutssectoren 2016 en het Gasunie Aanbestedingsreglement van toepassing.
Het proces dat we doorlopen omvat meestal een selectie van potentiële leveranciers gevolgd door een
gunning van de opdracht aan de leverancier met de meest aantrekkelijke aanbieding.
Bij de selectiefase verzoeken we potentiële leveranciers om een Eigen Verklaring in te vullen en
rechtsgeldig te ondertekenen. Hierin verklaart de leverancier onder andere niet deel te nemen aan
criminele organisaties, corruptie, fraude, terroristische misdrijven, witwassen van geld, kinderarbeid
en andere vormen van mensenhandel. Wij maken hiervoor gebruik van een standaard Uniform
Europees Aanbestedingsdocument van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Aanvullend
moet de inschrijver de Gedragsverklaring Aanbesteden kunnen overleggen. Dat is de verklaring van de
minister van Justitie en Veiligheid dat uit een onderzoek naar de betrokken natuurlijke persoon of
rechtspersoon geen bezwaren bestaan in verband met inschrijving op overheidsopdrachten.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
252
Daarnaast doen we onderzoek naar de solvabiliteit en de samenstelling vanhet klantenportfolio van de
leverancier. Dit laatste om een te grote klantafhankelijkheid te voorkomen en mogelijke risico’s te
verkleinen.
We hanteren een Code of Conduct voor leveranciers. In deze gedragscode is onder andere aandacht voor
veiligheid, gezondheid en milieuaspecten. In 2020 hebben we deze code aangevuld met aanvullende
aspecten uit de OESO-richtlijnen. Deze Code of Conduct is in lijn met de gedragscode die voor eigen
medewerkers geldt en is een onderdeel van het selecteren van nieuwe leveranciers. Om de
mogelijkheid te hebben om een aantal aspecten hiervan te verifiëren vragen we ook een referentielijst
op.
Nadat we de potentiële leverancier hebben geselecteerd voeren we in (veel) voorkomende gevallen
audits uit om hun veiligheids- en kwaliteitsperformance te toetsen. Hierbij komen in sommige
gevallen ook integriteitsaspecten aan de orde.
De informatie-uitwisseling voor de aanbestedingen gebeurt op een transparante en traceerbare wijze
geheel elektronisch via Tenderned en Ariba eSourcing.
Na het tot stand komen van een contract houden we op regelmatige basis Business Review Meetings
en, indien er aanleiding voor is, specifieke audits. Bij aanhoudend onderpresteren kunnen we de
samenwerking met een leverancier beëindigen.
Categorieën leveranciers
We classificeren onze product- en dienstgroepen in de volgende categorieën:
Strategisch: Een product en/of dienst waarbij zware eisen worden gesteld aan de leverancier van
het product en/of dienst in verband met afbreukrisico en anderzijds met de kosten die verbonden
zijn aan het overgaan naar een andere leverancier.
Kritisch: Een product en/of dienst waarbij lichte eisen worden gesteld aan de leverancier van het
product en/of dienst vanwege het afbreukrisico.
Niet-strategisch/niet-kritisch: Hierin vallen de product-/dienstgroepen die niet behoren tot de
categorieën strategisch en kritisch.
Maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI)
Beleid
MVI adresseert vragen over een duurzame leveringsketen: Wat speelt er bij onze toeleveranciers? Waar
komen onze grondstoffen vandaan? Wie vervaardigt onze producten en hoe?
Onderdeel van aanbesteden en contractmanagement is te bepalen op welke wijze de MVI-
doelstellingen worden behaald. Dit kan op velerlei manieren en verschilt sterk per goederencategorie.
Ons overkoepelende thema binnen MVI is verantwoordelijkheid in de (internationale) leverketen. Om
het begrip ketenverantwoordelijkheid in te vullen hebben wij de volgende drie MVI-thema’s
gedefinieerd waarop ingekochte producten en/of diensten worden beoordeeld:
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
253
Milieu- en energieaspecten bij derden
Hieronder valt het energieverbruik bij de productie, maar ook de milieubelasting (CO-uitstoot,
aantasting en verontreiniging bodem/water/lucht, waterverbruik, etcetera). Bij de inkoop van
producten en diensten kunnen we aanbestedingsinstrumenten zoals de CO-prestatieladder gebruiken
om toeleveranciers van producten en diensten te beoordelen op energieverbruik en milieubelasting.
Sociale aspecten
Onze inkopers nemen, waar mogelijk, social return (meer werkgelegenheid creëren voor mensen met
een afstand tot de arbeidsmarkt conform de Participatiewet) en sociale voorwaarden (mensenrechten,
goede arbeidsomstandigheden en een leefbaar loon) mee in het verstrekken van een opdracht.
Circulariteit en recycling
In een circulaire economie wordt verspilling van grondstoffen tegengegaan door de herbruikbaarheid
van producten en materialen te maximaliseren en waardevernietiging te minimaliseren. De essentie
van een circulaire economie is waardebehoud, zowel de ecologische waarde (geen verspilling van
grondstoffen) als financiële waarde (terugdringen verlies).
De afdeling Inkoop borgt dat de producten en diensten die worden afgenomen hoogwaardig
herbruikbaar zijn door hierover afspraken te maken met de leverancier. Cruciaal hierbij is het
waardebehoud van de producten en materialen.
Als pilotproject hebben we twee verdiepingen van ons hoofdkantoor circulair laten herinrichten. In
totaal is 3.862 kilo aan houten bureaubladen, kasten en kozijnen ‘geoogst’ en verwerkt. In de
stiltecabines zijn bijvoorbeeld deurkozijnen verwerkt. Andere meubels zijn geschonken aan non-
profitorganisaties en het tapijt is door de fabrikant als grondstof teruggenomen. De pilot haalde in 2020
de top-10 van beste interieurprojecten van vakblad De Architect.
Door proactief om te gaan met situaties wanneer technische levensduur de economische overschrijdt
door bijvoorbeeld voor te sorteren op een eventueel tweede leven van assets kunnen we
waardevernietiging tegengaan. Onze doelstelling is zo min mogelijk afval te produceren bij einde
levensduur en zo veel mogelijk te hergebruiken.
Ambitie
Het is onze ambitie om wat MVI betreft tot het eerste kwartiel van de Europese TSO’s te behoren. We
willen ons MVI-beleid aan laten sluiten bij ons MVO-beleid en onze strategie. Een concreet voorbeeld
hiervan is dat we in 2020 100% van ons elektriciteitsgebruik hebben vergroend met Garanties van
Oorsprong. De komende jaren willen we in plaats hiervan rechtstreeks groen opgewekte elektriciteit
gaan aankopen. Het energieverbruik van pompen en compressoren wordt steeds zwaarder
meegewogen in nieuwe aanbestedingen, zoals voor WarmtelinQ. We vragen de aannemers op onze
bouwplaatsen in toenemende mate om niet alleen hun CO-emissies, maar ook hun stikstofuitstoot te
reduceren.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
254
Verslaggevingsprincipes
Materiële thema’s
Doel van de materialiteitsanalyse
Een materialiteitsanalyse heeft als doel het afbakenen van de inhoud van het jaarverslag tot de thema’s
die voor stakeholders het meest relevant zijn, in relatie tot de impact die wij als organisatie op deze
thema’s hebben. Dit zijn de ‘materiële’ thema’s. Het bepalen van de materiële thema’s is het
uitgangspunt van de bekende rapportagerichtlijnen GRI Standards en Integrated Reporting.
Achtergrond
In 2019 hebben wij onze nieuwste tweejaarlijkse analyse uitgevoerd. De groep interne stakeholders is
hierbij uitgebreid, waarbij de Raad van Bestuur, de Raad van Commissarissen en een
vertegenwoordiging vanuit het hoger management gevraagd is de enquête in te vullen. Op deze
manier zijn onze bestuurders nauw betrokken bij het vaststellen van de materiële onderwerpen en de
sturing en beheersing daarvan.
Opzet van het onderzoek
Als startpunt van deze analyse hebben we een nieuweshortlist’ met relevante onderwerpen opgesteld
die via een enquête is voorgelegd aan externe en interne stakeholders. Deze shortlist is ontstaan vanuit
een longlist. De longlist bevat alle mogelijke onderwerpen waarover we kunnen rapporteren en hebben
we opgesteld aan de hand van diverse in- en externe rapportages, jaarverslagen van een aantal
vergelijkbare ondernemingen, uitingen in de media en trends en ontwikkelingen binnen onze sector.
Deze lijst van 11onderwerpen is aanzienlijk korter dan de voorgaande lijst die bestond uit
22onderwerpen. Dit is gedaan door onderwerpen te kiezen met eenzelfde abstractieniveau, namelijk
onderwerpen waarop door Gasunie gestuurd kan worden (dus geen externe macro-ontwikkelingen).
Daarnaast zijn onderwerpen die op voorhand als niet-materieel beschouwd werden (zoals
maatschappelijk verantwoord inkopen) en onderwerpen die in de basis al verplicht zijn (zoals
governance en risicomanagement) uit de lijst gelaten. Op deze manier is een bondige lijst ontstaan, die
ons in staat stelt focus aan te brengen in het jaarverslag.
Om recente ontwikkelingen mee te nemen zijn naast de scores uit de enquête, de recente
Sustainalytics ESG Risk Rating en de onderwerpen uit de OESO-richtlijnen verwerkt in de externe
beoordeling van de thema’s.
Opzet van het materialiteitsonderzoek
Voor het selecteren van de materle onderwerpen door stakeholders is gebruik gemaakt van een
online enquête via SurveyMonkey. Externe respondenten werd gevraagd om vijf onderwerpen te
selecteren en deze onderwerpen vervolgens te rangschikken op basis van relevantie voor Gasunie. Om
de interne prioritering te bepalen hebben wij vervolgens ons management gevraagd de enquête vanuit
dit oogpunt in te vullen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
255
Verslaggevingsbeleid
Transparantiebenchmark / GRI / Integrated Reporting
Bij dit verslag hebben we zoveel mogelijk de Transparantiebenchmark-criteria van het ministerie van
Economische Zaken en Klimaat gevolgd. Daarnaast is het verslag opgesteld in overeenstemming met de
GRI Standards, toepassingsniveau Core en hanteren we de principes van Integrated Reporting van de
International Integrated Reporting Council.
OESO-richtlijnen
Het kabinet heeft als doelstelling dat 90procent van de 700grote bedrijven in 2023 de OESO-richtlijnen
voor multinationale ondernemingen onderschrijft. Daarom hebben ook wij in 2019 een verzoek
ontvangen van onder andere de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking en
de minister van Financiën om aan te geven wat er precies van ons verwacht wordt als wij de OESO-
richtlijnen willen onderschrijven.
Na een eerste analyse kunnen wij concluderen dat we al een aantal van de OESO-richtlijnen
onderschrijven. Wij zullen komend jaar de richtlijnen nader bestuderen en waar nodig actie
ondernemen om in 2023 aan dit verzoek te voldoen.
EU directive niet-financiële verslaggeving
Om verdere non-financiële verslaggeving te stimuleren heeft de EU in 2014 de EU-richtlijn op niet-
financiële verslaggeving (EU NFRD – 2014/95/EU) gepubliceerd. Deze richtlijn is in de Nederlandse
wetgeving verankerd in twee losse regelgevingen: bekendmaking niet-financiële informatie en
bekendmaking diversiteitsbeleid. De eerstgenoemde bekendmaking vraagt organisaties groter dan
500medewerkers en van openbaar belang inzicht te geven in hoe zij in hun eigen bedrijfsvoering en
waardeketen omgaan met milieu-, sociale en personeelsaangelegenheden, eerbiediging van
mensenrechten en bestrijding van corruptie en omkoping. Daarbij moet worden ingegaan op beleid,
resultaten, voornaamste risico’s en beheersmaatregelen, en niet-financiële KPI’s ten aanzien van deze
gebieden. De tweede bekendmaking vraagt om toelichting ten aanzien van het diversiteitsbeleid voor
de Raad van Bestuur en Raad van Commissarissen.
Uit de onderstaande tabel blijkthoe wij aan beide genoemde bekendmakingen voldoen.
Thema Materieel
onderwerpGasunie
Verwijzing
Milieu Energietransitie Het gevoerde beleid: Strategie – MVO- managementagenda
korte en lange termijn
De resultaten van het gevoerde beleid: Resultaten
Energietransitie, Resultaten Milieu en MVO
De voornaamste risico’s en beheersing van deze risico’s;
Riskmanagement en compliance, Connectiviteitsmatrix,
milieuafwijkingen
Essentiële niet-financiële prestatie-indicatoren:
Connectiviteitsmatrix
Sociale en
personeelsaangelegenheden
Veiligheid van het
netwerk
Het gevoerde beleid: Strategie – MVO- managementagenda
korte en lange termijn; Gezondheid, veiligheid en
ontwikkeling van medewerkers, Resultaten Veiligheid
Gezondheid,
veiligheid en
ontwikkeling van
medewerkers
De resultaten van het gevoerde beleid: Resultaten
Gezondheid, veiligheid en ontwikkeling van medewerkers,
Resultaten Veiligheid, Bijlagen
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
256
Thema Materieel
onderwerpGasunie
Verwijzing
De voornaamste risico’s en beheersing van deze risico’s;
Overzicht risico’s in riskmanagement,
Connectiviteitsmatrix
Essentiële niet-financiële prestatie-indicatoren;
Connectiviteitsmatrix
Eerbiediging van
mensenrechten
Maatschappelijk
verantwoord inkopen
Het gevoerde beleid: Bijlage Product- en
Leveranciersinformatie & MVI
De resultaten van het gevoerde beleid: Bijlage Product- en
Leveranciersinformatie & MVI
De voornaamste risico’s en beheersing van deze risico’s: Op
dit moment heeftGasunienog geen inzicht in de specifieke
risico’s ten aanzien van mensenrechten.
Essentiële niet-financiële prestatie-indicatoren: Op dit
moment hanteertGasunienog geen specifieke KPI op het
gebied van mensenrechten.
Bestrijding van omkoping
en corruptie
Gezondheid,
veiligheid en
ontwikkeling van
medewerkers
Het gevoerde beleid: Medewerkers (paragraaf
Gedragswijzer); Bijlage Product- en Leveranciersinformatie
& MVI
CorporateGovernance De resultaten van het gevoerde beleid: Resultaten
Energietransitie, Resultaten Milieu en VMO
De voornaamste risico’s en beheersing van deze risico’s; Ons
risicoprofiel
Essentiële niet-financiële prestatie-indicatoren:
Corporategovernance(paragraaf Gedragswijzer, paragraaf
Melden van Aantal gevallen van omkoping en corruptie,
meldingen van een ‘vermoeden van een misstand”
Diversiteit Raad van Bestuur
en Raad van
Commissarissen
CorporateGovernance Het gevoerde beleid: Overigeinformatie
medewerkersparagraaf – Diversiteit, CorporateGovernance
Doelstellingen en resultaten: Overigeinformatie
medewerkersparagraaf – Diversiteit, CorporateGovernance
We rapporteren over de meest relevante prestatie-indicatoren (KPI's) die voortvloeien uit onze strategie.
Daaronder vallen indicatoren op het gebied van financiën, gezondheid, veiligheid en milieu, zoals
zichtbaar in de managementaanpak van de materiële thema’s.
Transparantie
We willen transparant zijn over onze doelen en de weg daarnaartoe. In ons jaarverslag vertellen we
daarom over onze activiteiten en resultaten, waarbij we niet alleen toelichten wat er goed ging, maar
ook vertellen wat er minder goed ging en wat we eraan doen om dit te verbeteren. Wij toetsen ons
jaarverslag aan de criteria van de Transparantiebenchmark (TB). Hier hebben we de ambitie om in de
kopgroep te blijven. De criteria in de TB zijn geïnspireerd door onder andere de SDG’s, de TCFD (Task
Force on Climate-related Financial Disclosures), de Corporate Governance Code en de EU Directive niet-
financiële informatie.
Ons jaarverslag komt elk jaar uit. Ons meest recente jaarverslag is opgesteld over 2020 en is
gepubliceerd op 5maart 2021. Dit verslag betreft verslagjaar 2020, dat loopt van 1januari 2020 tot en met
31december 2020. Relevante ontwikkelingen in 2021 die plaatsvinden voor het uitkomen van het verslag
worden hierin ook vermeld.
Reikwijdte & afbakening
Met de materialiteitsanalyse selecteren we onderwerpen die relevant zijn voor onze stakeholders, en
waarop wij als bedrijf impact hebben. Dit bepaalt mede de reikwijdte van dit verslag.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
257
Dit betekent echter niet dat het jaarverslag volledig tot deze onderwerpen beperkt wordt.
Rapportageverplichtingen zoals het Besluit Bekendmaking niet-financiële informatie en Diversiteit,
vragen bijvoorbeeld om informatie over onder andere mensenrechten, anti-corruptie en diversiteit.
Daarnaast wordt vanuit de beleggingswereld in toenemende mate gekeken naar duurzaamheidsrisico’s
en in het bijzonder klimaatrisico’s. Risico-aspecten behorend bij al deze thema’s dienen dan ook
behandeld te worden.
We rapporteren in dit verslag over Gasunie in Nederland, Gasunie in Duitsland, GTS en deelnemingen
waarin Gasunie een meerderheidsdeelname heeft van minimaal 60% ten aanzien van de
kapitaalverschaffing. De gegevens van deze bedrijfsonderdelen zijn, voor zover beschikbaar, in de totale
cijfers en resultaten meegenomen.
Ten aanzien van onderwerpen op het gebied van veiligheid, gezondheid en milieu worden in Nederland
en Duitsland niet dezelfde gegevens bijgehouden, wat soms wordt veroorzaakt door verschillen in
wetgeving. Daar waar mogelijk zijn de gegevens uit Nederland en Duitsland gecombineerd
weergegeven. Als dit niet mogelijk is, dan zijn de gegevens separaat gepresenteerd. Deelnemingen
waarin we een minderheidsdeelname hebben ten aanzien van de kapitaalverschaffing, zijn met
betrekking tot deze onderwerpen buiten beschouwing gelaten. Dochteronderneming GTS publiceert
ook een eigen jaarverslag, waarin uitgebreider over haar specifieke resultaten wordt gerapporteerd.
We rapporteren over onze rol als aardgastransporteur en aanbieder van aanverwante diensten en als
eigenaar en operator van het landelijke gastransportnet, alsook relevante interne en externe
ontwikkelingen die op onze organisatie van invloed zijn. Ook rapporteren we over onze rol bij
energietransitieprojecten en de resultaten van onze deelnemingen. Daarnaast hebben we in dit verslag
onderwerpen opgenomen die van belang zijn in onze waardeketen, maar waarop we niet rechtstreeks
invloed hebben, zoals de afname van de Groningenproductie en veranderende gassamenstelling.
Veiligheid is een van onze belangrijkste prioriteiten, daarom hebben we in dit verslag ook in beperkte
mate de veiligheidsprestaties van onze aannemers opgenomen.
Gegevens over acquisities en desinvesteringen worden conform wettelijke verplichtingen
meegenomen in het verslag over het jaar waarin deze hebben plaatsgevonden.
Proces van dataverzameling
Bij het proces van dataverzameling worden zowel interne als externe bronnen geraadpleegd,
waaronder handboeken, managementinformatiesystemen en gegevens van derden. Bij het verkrijgen
van de niet-financiële gegevens voor dit verslag worden de afdelingen betrokken die
eindverantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de speerpunten van ons beleid. Dat betreft globaal de
afdelingen Veiligheid, Financiën, Personeelszaken, Communicatie en Public Affairs, zowel in Nederland
als in Duitsland. Zij leveren gegevens aan die door onze afdeling control worden geverifieerd als
onderdeel van de interne controlewerkzaamheden.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
258
Meet- en registratiesystemen
Het meten en registreren van de milieugegevens van Gasunie in Nederland vindt in hoofdlijnen als
volgt plaats:
In Duitsland worden de milieugegevens van GUD op verschillende manieren verzameld:
De energie- en waterverbruiksgegevens zijn ontleend aan opgaven van de energie- en
waterleveranciers van onze grootste locaties. De gegevens van de overige locaties zijn geschat aan
de hand van normverbruik en/of ontleend aan rekeningen van derden.
Emissies worden grotendeels geregistreerd met behulp van het computersysteem Olympus. Dit
registratiesysteem is ontwikkeld voor het vastleggen van compressorgegevens. Op basis van het
continu gemeten brandstofverbruik van de machines worden de CO-, CH - en NO -emissies
berekend. Elke machine heeft zijn eigen emissiekarakteristiek die in Olympus is vastgelegd.
4 x
Sluipende emissies zijn verkregen uit recente metingen volgens de NEN-EN 15446 methode en
historisch onderzoek naar de emissies op bepaalde type locaties.
De HFK-emissies worden berekend op basis van de hoeveelheidsregistratie (in kg) die in de
logboeken op de desbetreffende locaties wordt bijgehouden.
Alle milieuafwijkingen worden per oorzaak geregistreerd in databasesysteem Accident. De
gerapporteerde gegevens zijn hieraan ontleend.
Opgaven van stikstof zijn gebaseerd op inkoopgegevens en op eigen registratie. We produceren en
nemen stikstof in op de locaties Ommen, Wieringermeer, Zuidbroek, Kootstertille, Pernis en LNG
PeakShaver.
Data ten aanzien van onze KPI’s op het gebied van Veiligheid komen uit ons rapportagesysteem
Accident.
Algemene HR-data (zoals aantal fte’s) worden verkregen uit SAP.
Door directe metingen (elektriciteit, waterconsumptie en emissies), indirecte metingen
(berekeningen van onder meer CO- en NO -emissies van brandstofgas) en registratie (afval van een
externe dienstverlener). Alle gegevens zijn opgenomen in onze milieu-database. Deze database is
de bron van alle vormen van milieurapportage, inclusief de emissiehandel die jaarlijks wordt
gecontroleerd en gecertificeerd door een onafhankelijke derde (controle en certificering geldt alleen
voor het onderdeel emissiehandel). Alhoewel we zorgvuldig omgaan met onze meet- en
registratiesystemen, erkennen we dat onderdelen van de informatie onderworpen zijn aan een
element van onzekerheid, wat inherent is aan beperkingen bij meetplaats en
berekeningstermijnen.
X
Wijzigingen in definities en meetmethodes
In het afgelopen verslagjaar hebben wij de KPI Leidingbeschadigingen vervangen door de nieuwe KPI
Uncontrolled events. Ten aanzien van emissiemetingen van sluipende lekkages zijn we bezig om de
metingen nauwkeuriger te maken. We vergelijken daarom de gemeten emissies van de huidige
(wettelijk) voorgeschreven methode, de NEN-EN 15446, met meer nauwkeurige meetmethoden.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
259
Verificatie
Onze jaarrekening wordt in overeenstemming met wettelijke bepalingen door een externe accountant
gecontroleerd. Daarnaast wordt de duurzaamheidsinformatie in het jaarverslag beoordeeld door een
externe accountant. We laten deze duurzaamheidsinformatie beoordelen omdat we het belangrijk
vinden dat er een beperkte mate van zekerheid aan deze informatie wordt toegevoegd voor de
gebruiker van deze informatie. Hierbij wordt beoordeeld of de duurzaamheidsinformatie is opgesteld in
overeenstemming met de GRI Standards, toepassingsniveau Core. De externe accountant rapporteert
zijn bevindingen middels een accountantsverslag en een assurance-rapport aan de Raad van
Commissarissen. Waar nodig neemt de Raad van Bestuur maatregelen om de rapportageprocessen
omtrent niet-financiële informatie en de duurzaamheidsverslaggeving te verbeteren.
Het jaarverslag wordt opgesteld door de Raad van Bestuur en de daarin opgenomen jaarrekening wordt
gecontroleerd door de externe accountant. Na kennisneming van het oordeel van de externe
accountant en het advies van de Auditcommissie adviseert de Raad van Commissarissen de Algemene
Vergadering van Aandeelhouders (AvA) de opgemaakte jaarrekening ongewijzigd vast te stellen. Het
jaarverslag inclusief de jaarrekening wordt gepubliceerd binnen enkele dagen na behandeling in de
AvA.
Managementsystemen
We volgen de (inter)nationale wetgeving die op ons bedrijf van toepassing is. Daarnaast hanteren we
eigen strenge eisen: in de Gasunie Technische Standaards zijn onze technische standaarden vastgelegd
(in Duitsland noemen we die Technische Standards), in onze VGM-standaarden en in onze
Gedragswijzer staat wat we van onze medewerkers verwachten ten aanzien van integer, veilig en
verantwoord handelen. Op onze website zijn verschillende brochures en documenten te vinden met
betrekking tot deze onderwerpen.
We beschikken over een klokkenluidersregeling en hebben hiervoor zeven interne
vertrouwenspersonen en een externe vertrouwenspersoon aangesteld. Zij behandelen niet alleen
eventuele integriteitsklachten maar ook klachten over ongewenste omgangsvormen. Daarnaast
hebben we een klachtencommissie waar medewerkers terecht kunnen. Ook met de afhandeling van
klachten uit onze omgeving gaan we zorgvuldig om.
Om ervoor te zorgen dat we in relevante bedrijfsprocessen rekening houden met het milieu, hebben
we ons milieuzorgsysteem ingericht volgens de internationale standaard, de ISO 14001-norm. Elk jaar
wordt de werking van ons milieumanagementsysteem in Nederland door een extern auditbureau
gecontroleerd. In 2020 leidde de externe audit van de ISO 14001:2015 tot continuering van het
certificaat.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
260
Managementagenda 2020
Voortvloeiend uit onze strategie hebben we ons doelen gesteld voor de lange en korte termijn en deze
verwerkt in onze managementagenda. Deze doelstellingen bevatten onderliggende mijlpalen. In
onderstaand overzicht geven wij weer in hoeverre we per doelstelling de mijlpalen voor 2020bereikt
hebben.
Gerealiseerd
Gedeeltelijk gerealiseerd
Niet gerealiseerd
II, III
I, V
II
I, II
III
II, V
II, V
I, V
I, V
I, V
Materieel thema *
Strategische pijler
Pijler I: Optimale infrastructuur
Strategische pijler
Pijler II: Europees verbindend
Strategische pijler
Pijler III: Energie in transitie
Optimaliseren van risico gestuurd asset
management met als oogmerk het realiseren
van kostenverlaging binnen de grenzen van de
'Licence to Operate'.
Optimaliseren van de positie van gas en
Gasunie en het behouden van de waarde van het
bedrijf door middel van een optimaal
reguleringskader en tariefstructuur.
Participeren in het afbouwen van de productie
uit het Groningenveld.
Het sneller en goedkoper mogelijk maken van
groen gas invoeding in het Nederlandse
transportsysteem.
Realiseren van onze veiligheidsdoelstellingen.
Het onderzoeken naar de mogelijkheden van
een integratie tussen de Nederlandse en Duitse
gasmarkt.
Onze internationale positie in Noordwest-
Europa versterken, met name in Duitsland. Wij
doen dit via samenwerkingsverbanden en
‘greenfield’ projecten.
Een leidende positie verkrijgen op het gebied
van hernieuwbaar gas (groen gas en waterstof).
Een actieve rol nemen bij de ontwikkeling van
warmtetransport-infrastructuur en CO-
transport en opslag.
Het maximaal mogelijk maken van het
hergebruik van bestaande infrastructuur voor
transport van hernieuwbaar gas.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
261
Gerealiseerd
Gedeeltelijk gerealiseerd
Niet gerealiseerd
I, II,
III
I, II,
III
Materieel thema *
Strategische pijler
Pijler I: Optimale infrastructuur
Strategische pijler
Pijler II: Europees verbindend
Strategische pijler
Pijler III: Energie in transitie
Creëren van een toekomstbestendige
organisatie door het verbeteren van onze
flexibiliteit en wendbaarheid.
Realiseren van onze MVO-doelstellingen.
Onderdeel hiervan vormen de doelstellingen op
het gebied van CO-footprint reductie.
*Materiële thema’s
I.Energietransitie
II. Leveringszekerheid
III. Veiligheid van het netwerk
IV. Relatie met stakeholders en onze omgeving : dit thema komt in alle onderwerpen terug
V. Sterke marktpositie
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
262
Connectiviteitstabel
Trends en
marktontwikkelingen
Strategische pijler Strategische doelen Materiële thema's Stakeholders
Veranderende rol van
aardgas
Optimaliseren
infrastructuur
Minimaliseren kosten met behoud van
licence to operate
Financiële prestaties
Veiligheid van het
netwerk
Klantgerichte en
transparante
samenwerking
Klanten
Toezichthouders
Omwonenden
Veranderende rol van
aardgas
Optimaliseren
infrastructuur
Maximaal faciliteren van klanten met
onze infrastructuur
Financiële prestaties
Leveringszekerheid
Sterke marktpositie
Klanten
Toezichthouders
Aandeelhouder
Investeerders
Groningen eerder dan
verwacht op stand-by
Europees verbindend Versterken positie in kerngebied via
partnering en greenfield projecten
Financiële prestaties
Leveringszekerheid
Sterke marktpositie
Klanten
Aandeelhouder
Investeerders
Groningen eerder dan
verwacht op stand-by
Europees verbindend Adviseren leveringszekerheid en liquide
gasmarkt en faciliteren afbouw
Groningen gasproductie
Leveringszekerheid
Sterke marktpositie
Klanten
Maatschappelijke
organisaties
Aandeelhouder
Investeerders
Erkenning voor het
belang van moleculen
Aanscherping CO2-
reductiedoelen
Versnellen
energietransitie
Leidende positie in waterstof en groen gas Energietransitie
Relatie met stakeholders
en omgeving
Naleven en beïnvloeden
van wet- en regelgeving
Klanten
Aandeelhouder
Investeerders
Erkenning voor het
belang van moleculen
Aanscherping CO2-
reductiedoelen
Versnellen
energietransitie
Actieve rol in ontwikkelen infrastructuur
voor warmte en CCUS
Energietransitie
Relatie met stakeholders
en omgeving
Naleven en beïnvloeden
van wet- en regelgeving
Klanten
Aandeelhouder
Investeerders
Ministeries (o.a.
EZK) / Tweede
Kamer
Inclusiviteit en
diversiteit
Andere competenties
Organisatiefundament Medewerkersbestand met de juiste
omvang en vaardigheden
Sterke marktpositie
Gezondheid, veiligheid en
ontwikkeling van
medewerkers
Medewerkers
Klanten
Leveranciers
Duurzame
inzetbaarheid
Hybride organisaties
Organisatiefundament Verhogen van focus, prestaties, zingeving
en werkplezier
Gezondheid, veiligheid en
ontwikkeling van
medewerkers
Medewerkers
Klanten
Ondernemingsraad
Digitalisering
MVO wordt
belangrijker
Organisatiefundament Continu verbeteren van besturing,
processen en samenwerking
Klantgerichte en
transparante
samenwerking
Cyber security
Milieu-impact eigen
organisatie
Medewerkers
Klanten
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
263
Tre nds en
marktontwikke lingen
Doelstellingen 20 21 Resultaat 2020 Impact SDG's Risico's
Veranderende rol van
aardgas
TRF I 2,7
Uncontrolled events 3
Transportonderbrekingen 6
TRF I 2,0
Uncontrolled events 0
Transportonderbrekingen
0
Leveringszekerheid
Betaalba ar
Dividend voor de
Nederlandse staat
SDG 7
SDG 9
Robuustheid van regulering in
gastra nsmissie
Veranderende rol van
aardgas
n.t.b. Omzet GTS € 946 mln
Om zet GUD189 m ln
Om zet Participations
147 mln
Leveringszekerheid
Dividend voor de
Nederlandse staat
SDG 7
SDG 9
Afnemende langetermijn-
terugverdiencapaciteit in
gastra nsmissie
Groningen eerder dan
verwa cht op stand-by
LNG-terminal Duitsland
1 nieuwe transitroute
1 nieuwe positie in cavernes
1e leiding EUGAL in
bedrijf
6e caverne Zuidwending
actief
Leveringszekerheid
Dividend voor de
Nederlandse staat
SDG 7
SDG 9
SDG 17
Geringe beschikbaarheid van,
en competitie bij,
investeringsmogelijkheden in
gas assets
Groningen eerder dan
verwa cht op stand-by
Realiseren samenwerking met
Duitse TSO 's om
mark tintegratie te realiseren
TTF grootste en meest liquide
Europese hub
Sam enwerking m et
Duitse TSO 's om
mark tintegratie te
realiseren
TTF grootste en meest
liquide Europese hub
Leveringszekerheid
Expertise in
energietransitie
SDG 7
SDG 9
SDG 17
Geopolitiek+D3I7E4:J6B3:J6A3:J6
Erkenning voor het
bela ng van moleculen
Aanscherping CO 2-
reductiedoelen
3 biogasinstallaties
4 H2-projecten (2 elektrolyse
en 2 transport)
Realiseren10
groengasprojecten
(aansluitingen, boosters)
SCW voorbereid op
opening
Torrgas: duurtest
voltooid
Lancering NortH2 en
NSWPH, netto uitstoot
CO 2 equivalenten 328
kiloton
Toetreding tot
AquaVentus
Sam enwerking m et EWE
Studie naar
wa terstofbeurs
In toenemende mate
duurzaam
Expertise in
energietransitie
Bijdra ge aan de
werkgelegenheid
SDG 7
SDG 8
SDG 9, SDG
11
SDG 13
SDG 17
Achterblijvende ontwik keling
van upstream en downstream
mark ten in energietransitie-
investeringen, Het niet
realiseren van een juridisch
manda at en regulering in
energietransitie-investeringen
Erkenning voor het
bela ng van moleculen
Aanscherping CO 2-
reductiedoelen
2
wa rmteinfrastructuurprojecten
2 CO2-projecten
WarmtelinQ:
vergunningen
aangevraa gd
Porthos: tarieven klanten
vastgesteld
Athos: start
vergunningtrajecten
In toenemende mate
duurzaam
Expertise in
energietransitie
Bijdra ge aan de
werkgelegenheid
SDG 7
SDG 8
SDG 9, SDG
11
SDG 13
SDG 17
Reputatieschade in relatie tot
de uitvoering van grote en
complexe projecten , Afnemend
maatschappelijk draagvlak
voor investeringen in warmte en
CCUS
Inclusiviteit en
diversiteit
Andere com petenties
Nieuw inclusiviteitsbeleid
Strategische
personeelsplanning voor alle
units
Update management
development programma
Sociaal sta tuut Deventer
en Waddinxveen
Preventief Medisch
Onderzoek
Goed werk geverschap
Bijdra ge aan de
werkgelegenheid
SDG 5
SDG 8
Personeel en organisatorische
veranderingen
Duurzame
inzetbaarheid
Hybride orga nisaties
Ziekteverzuim <4,1%
Visie op hybride organisatie
Nieuwe CAO en tijdelijke
pensioenregeling
Ziekteverzuim 3,6%
Aantal gerapporteerde
misstanden: 0
Goed werk geverschap
Betrokk en bij de
samenleving
SDG 5
SDG 8
Personeel en organisatorische
veranderingen
Digitalisering
MVO wordt belangrijk er
Uitvoeren Digitale Ambitie
2030
Uitwerken Gasunie Green
Deals
Vaststellen Digitale Visie
2030
Introductie Ga sunie
Green Deals
Leveringszekerheid
Betaalba ar
SDG 7
SDG12
SDG 13
SDG 15
SDG 17
ICT-verstoringen en -m isbruik
Calam iteiten op het vlak van
VGM
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
264
GRI index
GRI Content Index Gasunie – Core
Standard Disclosure Reference 2020
Page
number
GRI 102: GENERAL DISCLOSURES 2016
1. Organizational profile
102-1 Name of the organization NV Nederlandse Gasunie
102-2
Activities, brands,
products, and services
Onze rol in de energieketen
Hoe we georganiseerd zijn
17
18
102-3
Location of the
organization's
headquarters
Onze rol in de energieketen 17
102-4
Number of countries
operating
Onze rol in de energieketen
Hoe we georganiseerd zijn
17
18
102-5
Nature of ownership and
legal form
Governance 89
102-6 Markets served
Onze rol in de energieketen
Hoe we georganiseerd zijn
Visie 2030
Product- en
leveranciersinformatie + MVI
17
18
20
251
102-7
Scale of the reporting
organization
Onze rol in de energieketen
Hoe we georganiseerd zijn
Financiële resultaten
Verslaggevingsprincipes
Geconsolideerde jaarrekening
Overige informatie
medewerkers
17
18
11
254
128
242
102-8
Information on employees
and other workers
Organisatiefundament
Overige informatie
medewerkers
74
242
102-9 Supply chain
Onze rol in de energieketen
Product- en
leveranciersinformatie + MVI
17
251
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
265
102-10
Significant changes to the
organization and its supply
chain
Visie 2030
Versnellen van de
energietransitie
Organisatiefundament
20
60
74
102-11
Precautionary Principle or
approach
Versnellen van de
energietransitie
Governance
Verslaggevingsprincipes
60
89
254
102-12 External initiatives
Versnellen van de
energietransitie
Governance
60
89
102-13
Memberships of
associations
Optimaliseren infrastructuur
Europees verbindend
Versnellen van de
energietransitie
Overige informatie
stakeholders
34
53
60
242
2. Strategy
102-14
Statement from senior
decision-maker
Van gastransportbedrijf naar
energie-
infrastructuuronderneming
7
3. Ethics and integrity
102-16
Values, principles,
standards, and norms of
behavior
Over Gasunie
Governance
Product- en
leveranciersinformatie + MVI
Verslaggevingsprincipes
17
89
251
254
4. Governance
102-18 Governance structure
Governance
Verslag van de Raad van
Commissarissen
Verslaggevingsprincipes
89
99
254
5. Stakeholder Engagement
102-40 List of stakeholder groups
Overige informatie
stakeholders
242
102-41
Collective bargaining
agreements
Organisatiefundament 74
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
266
102-42
Identifying and selecting
stakeholders
Wat vinden onze stakeholders
belangrijk?
Overige informatie
stakeholders
32
242
102-43
Approach to stakeholder
engagement
Wat vinden onze stakeholders
belangrijk?
Overige informatie
stakeholders
32
242
102-44
Key topics and concerns
raised
Van gastransportbedrijf naar
energie-
infrastructuuronderneming
Wat vinden onze stakeholders
belangrijk?
Onze dilemma's
Governance
7
32
88
89
6. Reporting practice
102-45
Entities included in the
consolidated financial
statements
Geconsolideerde jaarrekening 128
102-46
Defining report content
and topic Boundaries
Wat vinden onze stakeholders
belangrijk?
Verslaggevingsprincipes
32
254
102-47 List of material topics
Wat vinden onze stakeholders
belangrijk?
32
102-48
Restatements of
information
Optimaliseren infrastructuur
Governance
Verslaggevingsprincipes
34
89
254
102-49 Changes in reporting
Wat vinden onze stakeholders
belangrijk?
Verslaggevingsprincipes
32
254
102-50 Reporting period Verslaggevingsprincipes 254
102-51 Date of most recent report Verslaggevingsprincipes 254
102-52 Reporting cycle Verslaggevingsprincipes 254
102-53
Contact point for questions
regarding the report
Contact 275
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
267
102-54
Claims of reporting in
accordance with the GRI
Standards
Verslaggevingsprincipes 254
102-55 GRI content index GRI Index 264
102-56 External assurance
Overige gegevens
Verslaggevingsprincipes
219
254
103-1/2/3 Topic Specific Standards
Energietransitie
KPI: Afgegeven Garanties van
Oorsprong
Versnellen van de
energietransitie
60
Leveringszekerheid KPI: Getransporteerd volume
Van gastransportbedrijf naar
energie-
infrastructuuronderneming
Optimaliseren infrastructuur
7
34
Leveringszekerheid
KPI: Aantal
transportonderbrekingen
Van gastransportbedrijf naar
energie-
infrastructuuronderneming
Optimaliseren infrastructuur
7
34
Veiligheid van het
netwerk
KPI: Total Reportable
Frequency Index (TRFI)
Van gastransportbedrijf naar
energie-
infrastructuuronderneming
Optimaliseren infrastructuur
7
34
Veiligheid van het
netwerk
KPI: Reportable ongevallen met
verzuim/zonder verzuim
Van gastransportbedrijf naar
energie-
infrastructuuronderneming
7
Veiligheid van het
netwerk
KPI: Uncontrolled events
(incidenten die leidden tot
gasuitstroom)
Van gastransportbedrijf naar
energie-
infrastructuuronderneming
Optimaliseren infrastructuur
7
34
Veiligheid van het
netwerk
KPI: Kilometers geïnspecteerde
pijpleidingen
Optimaliseren infrastructuur
34
Milieu-impact van de
eigen organisatie
KPI: CO2-emissies en -
equivalenten &
methaanemissies
Van gastransportbedrijf naar
energie-
infrastructuuronderneming
Optimaliseren infrastructuur
Overige data veiligheid en
milieu
7
34
244
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
268
Gezondheid, veiligheid en
ontwikkeling van
medewerkers
KPI: Ziekteverzuim (percentage,
frequentie)
Organisatiefundament 74
Gezondheid, veiligheid en
ontwikkeling van
medewerkers
KPI: Aantal gerapporteerde
misstanden
Verslaggevingsprincipes 254
Begrippenlijst
Arbo
Arbeidsomstandigheden.
bcm
miljard kubieke meter
Benuttingsgraad
Minimum (maximum) flow per maand gedeeld door de maandgemiddelde waarde van firm totaal.
Broeikasgas
Gas dat bijdraagt aan de vorming van een isolerende laag om de aarde, waardoor deze opwarmt. De
belangrijkste broeikasgassen zijn: waterdamp, koolzuurgas, methaan, distikstofoxide en gechloreerde
koolwaterstoffen.
Business development
Het ontwikkelen van nieuwe producten/diensten en/of het betreden van nieuwe markten.
CCUS
Opslag en hergebruik van CO noemt men ook wel CCUS (Carbon Capture, Utilization and Storage: het
afvangen, hergebruiken en opslaan van CO ).
CH
Methaan; de belangrijkste component van aardgas.
Churn factor
De churn factor drukt uit hoe vaak wordt een standaard hoeveelheid gas gemiddeld verhandeld wordt in
de periode tussen initiële productie en het verbruik door de afnemer. Een hogere churn factor betekent
een meer liquide gasmarkt.
CO
Koolmonoxide; komt vrij bij onvolledige verbranding.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
269
CO
Kooldioxide of koolzuurgas; komt vrij bij volledige verbranding van brandstoffen.
CO-equivalentemissie
CO- en CH-emissies kunnen met behulp van de zogeheten Global Warming Potential (GWP) worden
omgezet in een maat voor het versterkte broeikaseffect, de zogenaamde CO-equivalentemissie. De
GWP voor CO wordt op 1 gesteld en de GWP voor CH op 23.
Controllable cost
Genormaliseerd totaal van personeelskosten en overige bedrijfslasten, verminderd met aan
investeringen toegerekende kosten en niet-beïnvloedbare energiekosten.
EBIT
Het resultaat voor aftrek van rente en belastingen.
EBITDA
Het resultaat voor aftrek van rente, belastingen, afschrijvingen en amortisaties.
Effectieve temperatuur
De ‘effectieve temperatuur’ betreft de werkelijke temperatuur, aangevuld met een bijstelling voor
windsnelheid.
Employer branding
Employer branding is het promoten van de organisatie als een voorkeurswerkgever bij een specifieke
doelgroep (potentiële) medewerkers. Hoe beter het imago van Gasunie als werkgever, hoe liever
mensen bij het bedrijf willen werken.
ENTSOG
ENTSOG, de European Network of Transmission System Operators for Gas, heeft tot doel om
samenwerking tussen landelijke transmission system operators (TSO’s) in Europa te bevorderen en te
faciliteren.
Expression of interest
Het geven van een formele blijk van belangstelling, bijvoorbeeld voor deelname aan een
subsidieregeling.
FFO
Funds From Operations is de som van het resultaat na belastingen uit gewone bedrijfsuitoefening,
afschrijvingen, amortisatie en bijzondere waardeveranderingen.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
270
FFO/interest ratio
Deze ratio geeft inzage in de ontwikkeling van de Funds From Operations ten opzichte van de
financieringslasten.
Flaren
Het gecontroleerd laten ontsnappen van gas door middel van verbranding.
Geïnvesteerd kapitaal
Totaal van materiële vaste activa, investeringen in joint ventures, investeringen in geassocieerde
deelnemingen en overige kapitaalbelangen gecorrigeerd voor activa onderhanden werk waarover nog
geen vergoeding wordt ontvangen.
GHG Scope 1, 2 en 3
Het Greenhouse Gas Protocol, de geldende standaard voor rapportage over CO-emissies, hanteert een
onderverdeling van emissies naar bron. Deze is opgedeeld in scope1 (directe emissies als gevolg van
onze eigen activiteiten), scope2 (indirecte emissies van de energie die is ingekocht) en scope3 (alle
overige indirecte emissies die het gevolg zijn van onze bedrijfsactiviteiten).
Groen gas
Groen gas is biogas dat is opgewerkt tot aardgaskwaliteit.
GTS
Gasunie Transport Services
GUD
Gasunie Deutschland
GW
Een gigawatt (GW) is een eenheid voor elektrisch vermogen. Een megawatt is gelijk aan de
jaarproductie van 4.444zonnepanelen, de productie van één offshore windmolen gedurende
19minuten en de energievoorziening van één huis voor 55jaar lang.
GWP
Global Warming Potential (GWP). Het Intergovernmental Panel on Climate Change geeft relmatige een
update van het GWP op basis van nieuwe wetenschappelijke inzichten.
H
Waterstof.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
271
Handhavingsconvenant
Een handhavingsconvenant is een overeenkomst met de Nederlandse Belastingdienst waarin de
uitgangspunten en de wijze waarop partijen met elkaar wensen om te gaan zijn vastgelegd.
Implicit Allocation Mechanism
Implicit Allocation Mechanism (IAM) is een methode om ontbundelde transmissiecapaciteit te
verkopen die wordt gecombineerd met een equivalente hoeveelheid gas buiten de PRISMA-
veilingkalender.
IPPC
De Integrated Pollution Prevention and Control (IPPC)-richtlijn is gericht op geïntegreerde preventie en
bestrijding van milieuverontreiniging. De IPPC-richtlijn verplicht de EU-lidstaten om emissies naar
water, lucht en bodem (inclusief maatregelen voor afvalstoffen) van grote bedrijven en van de
intensieve veehouderij te reguleren.
ISO
International Standardisation Organisation; een organisatie die internationale normen vaststelt.
Kohleausstieg
Het besluit van de Duitse regering om de exploitatie van kolengestookte elektriciteitscentrales op
termijn te verbieden.
Koolwaterstoffen
Groep chemische stoffen die bestaan uit koolstof en waterstof.
Leveringszekerheid
In Nederland verstaan we hieronder: het aantal keren dat het gastransport werd onderbroken omdat
geen of onvoldoende gas door onze infrastructuur kon stromen, ongeacht of GTS in Nederland de klant
voldoende gas kon leveren. In Duitsland verstaan we hieronder: het aantal keren dat onze
infrastructuur niet in staat was om voldoende gas te leveren aan een klant. De scores van Gasunie in
Nederland en Duitsland worden opgeteld om de totale target-score te bepalen.
Licence to operate
Het mandaat dat een bedrijf (van de overheid en/of de samenleving) krijgt om zijn taken uit te voeren.
LNG
Liquefied Natural Gas (vloeibaar aardgas).
miljard m³
Miljard kubieke meter.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
272
MW
Een megawatt (MW) is een eenheid voor elektrisch vermogen. Een megawatt is gelijk aan de
jaarproductie van 4zonnepanelen, de productie van één offshore windmolen gedurende 28minuten en
de energievoorziening van één huis voor 20dagen lang. Deze MW-eenheid wordt veel gebruikt voor
grote vermogens.
NC TAR
Netcode betreffende geharmoniseerde transmissietariefstructuren voor gas (NC TAR). NC TAR
beschrijft een manier waarop op basis van de inkomsten van de netbeheerder van het landelijk
gastransportnet de tarieven voor het landelijk transport van gas berekend kunnen worden. De ACM
stelt hiervoor o.a. een referentieprijsmethodologie, bepaalde kortingen, de multipliers en de
seizoensfactoren vast. De inkomsten zijn al vastgesteld in het methodebesluit.
Netto schuld inclusief garantiestellingen / materiële vaste activa
Deze ratio geeft inzage in de mate waarin de materiële vaste activa gefinancierd zijn met schuld.
NOPLAT
Net Operating Profit Less Adjusted Taxes genormaliseerd is het totaal van genormaliseerde EBIT en
resultaat deelnemingen onder aftrek van belastingen.
Normaliseren
Normaliseren is het corrigeren van het effect van kosten en opbrengsten die geen deel hebben
uitgemaakt van de feitelijke bedrijfsvoering op de nettowinst.
NO
Verzamelnaam voor stikstofoxidegassen. Deze gassen komen vrij bij alle verbrandingsprocessen en
dragen bij tot verzuring van de atmosfeer.
Odorant
Geurstof die uit veiligheidsoogpunt aan het van nature reukloze aardgas wordt toegevoegd.
Olympus
Registratiesysteem voor het vastleggen van compressorgegevens.
Ongevallen (met/zonder verzuim)
Ongevallen die gepaard gaan met letsel van één of meer werknemers van Gasunie en/of van derden als
gevolg van het verrichten van arbeid. In geval van verzuim wordt niet binnen 1werkdag (24uur) het
werk hervat danwel vervangend werk aangeboden.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
273
Pay out ratio
De pay out ratio geeft aan welk deel van de nettowinst als dividend wordt uitgekeerd aan de
aandeelhouder.
Power-to-gas
Een energieopslagtechniek waarbij elektrische energie omgezet wordt in chemische energie in de
vorm van gas. Gas is immers gemakkelijker op te slaan dan elektriciteit. Er zijn verschillende methoden
te onderscheiden, waarbij de belangrijkste verschillen te zien zijn aan wat er geproduceerd wordt. Het
gas dat gemaakt wordt kan namelijk waterstof of methaan zijn.
Pseudo G-gas
Pseudo G-gas is laagcalorisch gas gemaakt uit hoogcalorisch gas. Dit gas heeft dezelfde kwaliteit als
Groningengas.
Reportables
Ongevallen gevolgd door verzuim, medische handelingen, vervangend werk of dodelijke slachtoffers.
ROE genormaliseerd
Rentabiliteit op eigen vermogen genormaliseerd wordt berekend door het genormaliseerde resultaat na
belastingen te delen door het genormaliseerde eigen vermogen.
ROIC genormaliseerd
Return On Invested Capital genormaliseerd wordt berekend door de genormaliseerde NOPLAT te delen
door het geïnvesteerd kapitaal. Deze ratio geeft inzage in de mate waarin Gasunie kasstromen
genereert ten opzichte van de kasstroom welke zij heeft geïnvesteerd in de business.
Scope 1, 2 en 3
Het Greenhouse Gas Protocol, de geldende standaard voor rapportage over CO-emissies, hanteert een
onderverdeling van emissies naar bron. Deze is opgedeeld in scope1 (directe emissies als gevolg van
onze eigen activiteiten), scope2 (indirecte emissies van de energie die is ingekocht) en scope3 (alle
overige indirecte emissies die het gevolg zijn van onze bedrijfsactiviteiten).
SF
Zwavelhexafluoride (SF) is een anorganische verbinding van zwavel met fluor. Het is een sterk
broeikasgas.
Stakeholders
Belanghebbenden; organisaties of personen die een bepaald belang hebben bij de onderneming.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
274
Total Reportable Frequency Index
Maat voor de veiligheid; het aantal ‘reportable’ ongevallen (ongevallen gevolgd door verzuim, medische
handelingen, vervangend werk of fataliteit) met verzuim per 1miljoen werkuren, waarbij wij uitgaan
van 1.600werkuren per FTE per jaar.
TSO (NL) en TBN (DU)
Transmissienetbeheerder: ('Transmission System Operator', afgekort tot TSO) is een entiteit die is
belast met het transport van energie in de vorm van aardgas of elektriciteit op nationaal of regionaal
niveau, met behulp van vaste infrastructuur.
Venten
Het gecontroleerd laten ontsnappen van gas.
Voorbelasting
Voorbelasting is een ‘omzetbelasting op onze kosten’, oftewel omzetbelasting die onze leveranciers aan
ons in rekening hebben gebracht.
WACC
De Weighted average cost of capital, vaak afgekort als WACC is de Engelstalige benaming voor de
gewogen gemiddelde kosten van het vermogen van een bedrijf.
Jaarverslag 2020 - N.V. Nederlandse Gasunie
275
Disclaimer
Daar waar in dit verslag wordt gesproken over we of wij”, refereert dit aan activiteiten van de N.V.
NederlandseGasunie, tenzij expliciet anders vermeld. Activiteiten van de beide segmenten van Gasunie
worden altijd benoemd met Gasunie Deutschland en Gasunie Transport Services (GTS).
Contact
Heeft u vragen of opmerkingen over ons jaarverslag dan kunt u contact opnemen door een e-mail te
sturen naar info@gasunie.nl.
N.V. Nederlandse Gasunie
Bezoekadres
Concourslaan 17
9727 KC Groningen
Postadres
Postbus 19
9700 MA Groningen
Tel. (050) 521 91 11
Fax (050) 521 19 99
Handelsregister Groningen 02029700
E-mail: info@gasunie.nl
Website: www.gasunie.nl
724500MQFZSYSBC5H1782020-01-012020-12-31724500MQFZSYSBC5H1782020-12-31724500MQFZSYSBC5H1782019-12-31724500MQFZSYSBC5H1782019-01-012019-12-31724500MQFZSYSBC5H1782020-01-01ifrs-full:IssuedCapitalMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-012020-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember724500MQFZSYSBC5H1782020-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-01ifrs-full:ReserveOfCashFlowHedgesMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-012020-12-31ifrs-full:ReserveOfCashFlowHedgesMember724500MQFZSYSBC5H1782020-12-31ifrs-full:ReserveOfCashFlowHedgesMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-01ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesOnFinancialAssetsMeasuredAtFairValueThroughOtherComprehensiveIncomeMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-012020-12-31ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesOnFinancialAssetsMeasuredAtFairValueThroughOtherComprehensiveIncomeMember724500MQFZSYSBC5H1782020-12-31ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesOnFinancialAssetsMeasuredAtFairValueThroughOtherComprehensiveIncomeMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-01ifrs-full:OtherReservesMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-012020-12-31ifrs-full:OtherReservesMember724500MQFZSYSBC5H1782020-12-31ifrs-full:OtherReservesMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-01GUN:ProfitLossAttributableToOwnersOfParentMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-012020-12-31GUN:ProfitLossAttributableToOwnersOfParentMember724500MQFZSYSBC5H1782020-12-31GUN:ProfitLossAttributableToOwnersOfParentMember724500MQFZSYSBC5H1782020-01-01724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01ifrs-full:IssuedCapitalMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-012019-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01GUN:IncreaseDecreaseDueToApplicationOfIfrs16Memberifrs-full:IssuedCapitalMember724500MQFZSYSBC5H1782019-12-31ifrs-full:IssuedCapitalMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01ifrs-full:ReserveOfCashFlowHedgesMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-012019-12-31ifrs-full:ReserveOfCashFlowHedgesMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01GUN:IncreaseDecreaseDueToApplicationOfIfrs16Memberifrs-full:ReserveOfCashFlowHedgesMember724500MQFZSYSBC5H1782019-12-31ifrs-full:ReserveOfCashFlowHedgesMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesOnFinancialAssetsMeasuredAtFairValueThroughOtherComprehensiveIncomeMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-012019-12-31ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesOnFinancialAssetsMeasuredAtFairValueThroughOtherComprehensiveIncomeMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01GUN:IncreaseDecreaseDueToApplicationOfIfrs16Memberifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesOnFinancialAssetsMeasuredAtFairValueThroughOtherComprehensiveIncomeMember724500MQFZSYSBC5H1782019-12-31ifrs-full:ReserveOfGainsAndLossesOnFinancialAssetsMeasuredAtFairValueThroughOtherComprehensiveIncomeMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01ifrs-full:OtherReservesMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-012019-12-31ifrs-full:OtherReservesMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01GUN:IncreaseDecreaseDueToApplicationOfIfrs16Memberifrs-full:OtherReservesMember724500MQFZSYSBC5H1782019-12-31ifrs-full:OtherReservesMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01GUN:ProfitLossAttributableToOwnersOfParentMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-012019-12-31GUN:ProfitLossAttributableToOwnersOfParentMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01GUN:IncreaseDecreaseDueToApplicationOfIfrs16MemberGUN:ProfitLossAttributableToOwnersOfParentMember724500MQFZSYSBC5H1782019-12-31GUN:ProfitLossAttributableToOwnersOfParentMember724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01724500MQFZSYSBC5H1782019-01-01GUN:IncreaseDecreaseDueToApplicationOfIfrs16Memberiso4217:EURN.V. Nederlandse GasunieGroningen, the NetherlandsNaamloze VennootschapNetherlandsConcourslaan 17GroningenGasunie manages and maintains the infrastructure for large-scale transport and storage of gas in the Netherlands and the northern part of Germany. Safety, reliability, sustainability and cost-effectiveness are central in everything we do. Our company was founded in 1963, four years after the discovery of natural gas in the northern Dutch province of Groningen. We are a public limited company under Dutch law and fully owned by the State of the Netherlands. Gasunie has two subsidiaries that manage the gas transport network: Gasunie Deutschland in Germany, and Gasunie Transport Services (GTS) in the Netherlands.N.V. Nederlandse GasunieN.V. Nederlandse GasunieN/A